Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord kamervragen over vracht tanker Erika

Datum nieuwsfeit: 28-04-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Antwoord Kamervragen over inhoud van de gezonden tanker erika
Gemaakt: 2-5-2000 tijd: 15:2

Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
28 april 2000

Hierbij bied ik u, mede namens de Ministers van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, van Economische Zaken, van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en mede namens de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, de antwoorden aan op de vragen van mevrouw Witteveen-Hevinga en de heer Feenstra, gesteld in aanvulling op terzake door de heer Van der Steenhoven gestelde vragen, over de inhoud van de tanker ERIKA.


1. Heeft u kennis genomen van het onderzoek van vogelopvangcentrum «de Fûgelpits» met betrekking tot de lading van de tanker ERIKA, die in december op de Franse Westkust belandde?

Ja.


2. Deelt u de bevindingen en conclusies van dat onderzoek? Zo nee, waarom niet, en wat zijn dan uw conclusies?

Volgens het vogelopvangcentrum "De Fûgelpits" zou de olie in de ERIKA restafval van raffinaderijen hebben bevat en zou het niet zijn toegestaan deze kankerverwekkende slurry te vervoeren. Deze bevindingen en conclusies van "De Fûgelpits" onderschrijf ik ten dele. De tanker ERIKA vervoerde zware stookolie, geen restafval of slurry. Vervoer was derhalve toegestaan. Inderdaad bevat zware stookolie kankerverwekkende componenten die speciale voorzorgsmaatregelen ervan noodzakelijk maken.
3. Bent u bereid in overleg te treden met de maatschappij Elf Petroland met het doel volledig inzicht te krijgen in de gang van zaken?
Niet de maatschappij Elf Petroland is eigenaar van de olie, maar de oliemaatschappij Total Fina. De Franse autoriteiten onderzoeken diverse aspecten van de olieramp. De resultaten van deze onderzoeken zullen in diverse internationale gremia, waarin ook Nederland is vertegenwoordigd, worden behandeld. Ik zie op dit moment geen redenen om daarnaast vanuit Nederland direct in overleg te treden met de betreffende oliemaatschappij.


4. Kunt u een inzicht geven in de vraag waar de lading oorspronkelijk vandaan kwam, en wat de eindbestemming van de lading was?
De ERIKA heeft de lading in Duinkerken aan boord genomen en was onderweg naar Livorno in Italië.


5. Betrof de lading een «normaal» bijprodukt van olie- en/of gaswinning?

Nee. Zware stookolie is een product dat wordt verkregen door menging van halfproducten van diverse destillatie- en kraakprocessen in een raffinaderij. Het is derhalve noch een bijproduct noch een product dat vrijkomt bij olie- en/of gaswinning.


6. Wat is de gebruikelijke manier om dergelijke afvalprodukten te verwerken, of op te slaan? Is het waar dat dergelijke afvalprodukten in sommige gevallen hun bestemming buiten Europa vinden, om tegen betaling op een niet-hoogwaardige wijze te worden opgeslagen?

Zoals uit de antwoorden uit vorige vragen blijkt, was er geen sprake van een afvalproduct. Zware stookolie wordt toegepast als brandstof voor scheepsmotoren en voor elektriciteitscentrales en in de industrie.


7. Kunt u uitsluiten dat vrijwilligers die in aanraking zijn geweest met de besmeurde vogels gezondheidsrisico lopen? Zo niet, bent u bereid daartoe onderzoek te verrichten en/of maatregelen te nemen?
In opdracht van de Inspectie Milieuhygiëne Zuid-West is door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) nader onderzoek verricht naar de kwaliteit en samenstelling van de olie, zoals die aanwezig was op de veren van besmeurde vogels en naar de daarmee samenhangende gezondheidsrisico's.
Intensief huidcontact met zware stookolie kan leiden tot huidirritatie. Daarnaast bestaat er bij langdurig huidcontact een verhoogde kans op het ontstaan van huid-kanker. Ook de gebruikte schoonmaakmiddelen kunnen zichtbare effecten, zoals
rode plekken op de huid, veroorzaken indien het schoonmaken met onbeschermde handen plaatsvindt.
Indien passende voorzorgsmaatregelen worden getroffen zoals omschreven in openbare publicaties, dat wil zeggen een beschermende overall, laarzen, handschoenen en een veiligheidsbril, is het risico voor huidaandoeningen gering.
Ik kan niet uitsluiten dat dergelijke voorzorgsmaatregelen soms te laat zijn genomen bijvoorbeeld omdat er in het begin van de ramp onduidelijkheden waren over de aard van de ontsnapte olie.

8. Bent u van mening dat indien betreffende lading inderdaad giftige stoffen bevatte, de Franse autoriteiten toeristen moeten voorlichten over eventuele gezondheids-
risico's aan de Franse Atlantische stranden?

Zoals in het vorige antwoord is aangegeven kan huidcontact met zware stookolie leiden tot eventuele gezondheidsrisico's. Indien de kust is gereinigd en is vrijgegeven door de autoriteiten ter plaatse leveren de stranden geen groter gezondheidsrisico op dan andere stranden. Mijn Franse collega heeft mij verzekerd dat zij er alles aan zal doen om de reinigingsactie te doen slagen en de noodzakelijke informatie te verschaffen.


9. Bent u bereid in het kader van de EU, eventueel samen met de door de Franse regering aangekondigde initiatieven, tot een meer Europese aanpak te komen met betrekking tot het stellen van eisen voor het vervoer en de volgen route voor giftige stoffen om, zowel in Europees als in mondiaal verband, de kans op dit soort rampen in de toekomst te minimaliseren?
Ja, onder de kanttekening dat besluitvorming over mogelijke aanscherping van regelgeving niet alleen op Europees, maar ook mondiaal niveau dient plaats te vinden. Ik denk daarbij vooral aan de Internationale Maritieme Organisatie (IMO).
Momenteel wordt in EU verband naar aanleiding van de ramp met de "ERIKA", op initiatief van de Europese Commissie, overleg gevoerd over mogelijke aanscherping van Europese regelgeving. De door de Commissie recent ontwikkelde voorstellen voor aanscherping van havenstaatcontrole en het toezicht op klassebureaus worden door mij gesteund. Het Ministerie van Verkeer en Waterstaat zal initiatieven nemen om de Europese voornemens in IMO-kader te bespreken, zodat de Europese Unie en de IMO, uiterlijk 2002, tegelijkertijd de nodige beslissingen kunnen nemen.
DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

T. Netelenbos

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie