Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord kamervragen over arbeidsmarkt in de zorg

Datum nieuwsfeit: 03-05-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Antwoord Kamervragen over arbeidsmarkt in de zorg
Gemaakt: 8-5-2000 tijd: 16:5

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal


3 mei 2000

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen, gesteld door het lid van uw Kamer Van Gent (GroenLinks) over de arbeidsmarkt in de zorg (2990010210).

De Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,

dr. E. Borst-Eilers


3

Antwoorden op kamervragen van Van Gent over de arbeidsmarkt in de zorg.

(2990010210)


1.

Heeft u kennisgenomen van het artikel 'Ziekenhuizen kopen vaker je beste mensen weg?


1.

Ja


2.

Wat is u oordeel over het afkondigen van opnamestops door verpleeghuizen in de zomer als gevolg van het tekort aan personeel?


2.

Ik acht dit zeer onwenselijk en bovendien onnodig. Het is aan de instellingen om hun planning, zowel qua personeel als qua werkzaamheden, tijdig af te stemmen op de vakantieperiode. Eventuele problemen in deze periode zijn bijvoorbeeld op te vangen door een beroep te doen op tijdelijke krachten en vrijwilligers. Het blijkt dan ook dat het bij een heleboel instellingen wel goed gaat. Uiteraard is het mogelijk dat door min of meer onvoorziene omstandigheden problemen kunnen ontstaan en dat de problematiek op de arbeidsmarkt reëel is. Om die problematiek aan te pakken hebben overheid en sociale partners het Convenant Arbeidsmarktbeleid Zorgsector afgesloten. De afspraken uit dit convenant zijn inmiddels vertaald in concrete acties die nu worden uitgevoerd. Bij de begroting en Zorgnota zal ik rapporteren over de resultaten.


3.

Wat is uw oordeel over het weglekken van geld naar loonkosten dat bestemd is voor werkdrukverlaging? Kunt u aangeven hoe vaak dit voorkomt?


3.

Het loongevoelig deel van de instellingsbudgetten wordt jaarlijks bijgesteld met de overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling (ova). Die ova wordt vastgesteld op basis van een referentiebegrip. Het gaat hier om CPB-ramingen van de marktgemiddelde loonkostenontwikkeling. De ova is daarmee marktconform. Bovendien is met de in 1999 ingevoerde nieuwe aanpak voor de vaststelling van de ova in de VWS-sectoren de aftrekpost voor de trendmatige productiviteitsontwikkeling geschrapt en dat levert op instellingsniveau extra budgettaire ruimte op. Het is aan werkgevers om zonder het volume aan te tasten in het CAO-overleg uit te komen met de budgetten die zij voor de arbeidskostenontwikkeling ter beschikking hebben. En die budgetten maken het hen in principe ook mogelijk. Van het weglekken van geld dat bestemd is voor werkdrukverlaging naar loonkosten hoeft dan ook geen sprake te zijn. Wanneer sectorale loonkostenontwikkelingen toch onverhoopt in negatieve zin afwijken van het marktgemiddelde waarop de ova is gebaseerd, dan kan dit op grond van het door werkgevers en overheid gesloten convenant over de nieuwe aanpak aan de orde komen in het overleg over de meerjarenafspraken. De analyses van de sectorale loonkostenontwikkeling kunnen dan worden bezien in het licht van de integrale discussie over volume, kostenreductie en werkdrukverlichting.


4.

Wat is uw oordeel over de opdrijvende werking van de lonen in de zorg als gevolg van het arbeidsmarkttekort in de zorg? Kunt u aangeven of dit een algemeen verschijnsel in de zorg is?


5.

Wat is uw oordeel over een algehele loonsverhoging voor verplegenden en verzorgenden, gezien bovenstaande ontwikkelingen?


4 en 5.

In mijn brief aan de Tweede Kamer van 10 november 1999 (MEVA\ABA2016474) heb ik een aantal onderzoeken op het terrein van de salarissen in de zorgsector op een rijtje gezet. De resultaten geven mij geen aanleiding te concluderen dat de salarissen in de zorg- en welzijnssector gemiddeld slechter zijn dan in de markt. Uit onderzoek blijkt ook dat het salaris onder verpleegkundigen en verzorgenden niet als grootste knelpunt wordt gezien in de zorg. Een plezierige werksfeer en intrinsieke aspecten van het werk scoren veel hoger bij de keuze van een beroep. Als oorzaak van vertrek staat salaris laag in de top tien. Verpleegkundigen en verzorgenden blijken vaker te vertrekken uit onvrede met de geboden loopbaanperspectieven, de mogelijkheden om werk en zorg te combineren en de arbeidsomstandigheden.

Dit geeft aan dat het beperken van de uitstroom van personeel en het aantrekken van nieuw personeel zeker niet alleen een kwestie van 'de geldkraan opendraaien is'. Het opdrijven van de lonen in de zorg uiteindelijk uitmondend in een algehele salarisverhoging voor verpleegkundigen en verzorgenden biedt mijns inziens dan ook geen oplossing voor de daadwerkelijke knelpunten. Daarvoor is een pakket van maatregelen nodig, waarvan een goed salaris 1 element is. Dit pakket van maatregelen, onder meer bestaande uit het uitbreiden van kinderopvangmogelijkheden en het aanpakken van de fysieke belasting en de werkdruk is in de jaarplannen en de activiteitenplannen van de sectorfondsen vertaald in concrete acties die nu worden uitgevoerd.


1) Volkskrant, 19 april jl.

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie