Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Rapportage 'Van beleidsbegroting tot beleidsverantwoording'

Datum nieuwsfeit: 08-05-2000
Vindplaats van dit bericht
Vindplaats 2
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Financien

Titel: Voortgangsrapportage "Van beleidsbegroting tot


Directie Begrotingszaken

De voorzitter van de Tweede Kamer

der Staten-Generaal

Uw brief van/kenmerk

Ons kenmerk

Den Haag

BZ 2000-469 M

8 mei 2000

Onderwerp

Voortgangsrapportage "Van beleidsbegroting tot beleidsverantwoording"


1. Inleiding

In mei 1999 werd u de nota Van beleidsbegroting tot beleidsverantwoording aangeboden. Deze nota bevatte voorstellen gericht op het vergroten van de informatiewaarde en de toegankelijkheid van de begrotings- en verantwoordingsstukken. Een aantal onderwerpen werd voor nadere uitwerking aangeduid. Toegezegd werd om u in mei 2000 een rapportage toe te sturen over de voortgang van de interdepartementale voorbereidingen. Tevens zou deze voortgangsrapportage worden gebruikt als een evaluatiemoment, gericht op de haalbaarheid van het implementatietraject.


2. De stukken

Tegelijk met de voortgangsrapportage Van beleidsbegroting tot beleidsverantwoording worden u de voorbeeldbegrotingen van de verschillende ministeries aangeboden. Deze voorbeeldbegrotingen zijn bewerkingen van de eerder aan u aangeboden en inmiddels door u vastgestelde ontwerpbegrotingen 2000. Het zijn voorbeelden die de Staten-Generaal een indruk moeten geven van de begroting nieuwe stijl en die de basis vormen voor het overleg tussen de afzonderlijke vakministers en de Staten-Generaal. De voorbeeldbegrotingen bevatten geen nieuw beleid en worden u niet ter autorisatie voorgelegd.

Op de derde woensdag in mei ontvangt u nog een voorbeeld Financieel Jaarverslag van het Rijk. In de nota Van beleidsbegroting tot beleidsverantwoording is het Financieel Jaarverslag van het Rijk geïntroduceerd als een nieuw rijksbreed financieel verantwoordingsdocument. In mei 2001 wordt dit voor het eerst formeel uitgebracht. Het voorbeeld heeft tot doel over de inhoud van een dergelijk nieuw document van gedachten te wisselen. Dit voorbeeld heeft betrekking op het begrotingsjaar 1999.


3. Haalbaarheid van het tijdschema

Het streven blijft er op gericht het in de nota Van beleidsbegroting tot beleidsverantwoording beschreven tijdpad voor de implementatie te realiseren. Dit betekent onder meer dat de regering voornemens is de eerste begroting nieuwe stijl uit te brengen op de derde dinsdag in september 2001. Voor het welslagen daarvan, moet de infrastructuur daarop toegerust zijn.

Dit houdt onder meer in dat de departementale informatiesystemen tijdig aangepast moeten zijn. In dat kader is het van belang op te merken dat de begrotingsvoorbereiding 2002 reeds in het najaar van 2000 start. Hoewel een intensief traject doorlopen moet worden, lijkt het implementatietraject haalbaar. Dit is echter mede afhankelijk van de uitkomsten van de dialoog tussen de afzonderlijke vakministers en de Staten-Generaal. Wanneer deze dialoog tot majeure wijzigingen leidt, zal het niet zonder meer mogelijk zijn deze tijdig te verwerken, vooral wanneer die pas in het najaar naar voren komen. In dat geval zullen in het overleg met u de mogelijkheden voor aanpassing voor de ontwerpbegroting 2002 dan wel een latere ontwerpbegroting aan de orde moeten komen.

Verder is het noodzakelijk een wettelijke grondslag te creëren voor de voorstellen uit Van beleidsbegroting tot beleidsverantwoording. Dit betekent een, negende, wijziging van de Comptabiliteitswet1. Het wijzigen van deze wet kent normaliter een doorlooptijd die meer dan een kalenderjaar beslaat. De regering is voornemens direct na het overleg met u over de voortgangsrapportage het conceptwetsvoorstel aan in eerste aanleg de Algemene Rekenkamer en in tweede aanleg de Raad van State voor advies voor te leggen. Om de ontwerpbegrotingen 2002 een wettelijke grondslag te geven, is het noodzakelijk om voor 1 januari 2002 de goedkeuring van de Staten-Generaal te hebben.


4. Verwachtingen omtrent de implementatie

Met de nu voorliggende voorbeeldbegrotingen is naar de mening van de regering een eerste stap in de goede richting gezet om de informatiewaarde en toegankelijkheid van de begroting te vergroten. Een verder groeitraject richting de ontwerpbegroting 2002 en daarna is evenwel noodzakelijk. De ambities van de regering zijn hoog. De verwachtingen moeten echter wel reëel blijven. Zo is het niet

in alle gevallen mogelijk om voor beleidsartikelen volgens het boekje kwantificeerbare doelen en daarop aansluitende prestatiegegevens te formuleren die inzicht bieden in de nagestreefde effecten van beleid. In de voortgangsrapportage ga ik hier nader op in. De dialoog tussen de afzonderlijke vakministers en de Staten-Generaal heeft voor het groeitraject een belangrijke betekenis. Veel van de wijzigingen werken diep in de organisatie van ministeries door. Dat heeft tijd nodig. De idee is vanaf september 2001 een tweetal jaren ervaring op te doen met de nieuwe begrotingsstructuur, alvorens een eventuele structuurverfijning aan te brengen. Resultaatgericht begroten en verantwoorden is overigens meer dan structuur. Het is vooral een manier van denken en doen. Een denken en doen waarin steeds samenhang bestaat tussen beleid, prestaties en middelen en waar mensen aanspreekbaar zijn op resultaten. Daartoe is het van groot belang dat verantwoordelijkheden helder zijn. In dit kader wordt in veel voorbeeldbegrotingen een onderscheid gemaakt tussen resultaatverantwoordelijkheid en verantwoordelijkheid voor het creëren en instandhouden van systemen die anderen (lagere overheden of zelfstandige bestuursorganen bijvoorbeeld) in staat moeten stellen effectieve beleidsprestaties te leveren.

Hier ligt niet alleen voor de ministeries en binnen de regering, maar ook in het verkeer tussen de regering en de Staten-Generaal de grootste uitdaging van "Van beleidsbegroting tot beleidsverantwoording". In de departementale ontwerpbegrotingen en de departementale financiële verantwoordingen (en vanaf 2002 de jaarverslagen) zullen de afzonderlijke vakministers u steeds informeren over de voortgang van de verdere implementatie. In het Financieel Jaarverslag van het Rijk wordt u vanaf volgend jaar over de rijksbrede voortgang geïnformeerd.


5. Werkgroep Financiële Verantwoordingen

De Tweede Kamerwerkgroep Financiële Verantwoordingen heeft nog één rijksbrede vraag gesteld: de monitoring van de taakstellingen uit hoofde van de verbetering van de doelmatigheid van de ministeries, zoals afgesproken in het Regeerakkoord. Deze taakstelling is van de departementale begrotingen afgeboekt; de concrete invulling ervan wordt door de afzonderlijke ministeries bepaald. In lijn met het gedachtegoed van "Van beleidsbegroting tot beleidsverantwoording" is er voor gekozen om de invulling van deze taakstelling voor ieder ministerie afzonderlijk niet te monitoren.


6. Sociale zekerheid & arbeidsmarkt en zorg
In de nota Van beleidsbegroting tot beleidsverantwoording werd aangegeven dat het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) het gedachtegoed van Van beleidsbegroting tot beleidsverantwoording trachten te vertalen naar de Zorgnota en de Sociale Nota. Vanwege het specifieke karakter van beide notas is het één op één kopiëren van de gekozen aanpak voor de rijksbegroting echter niet mogelijk; de sturing in de premiegefinancierde sectoren zorg en sociale zekerheid is immers wezenlijk anders dan in de begrotingsgefinancierde sectoren.

Dat laat echter onverlet, dat zowel bij de Zorgnota als bij de Sociale Nota wordt gewerkt aan :DEL] het meer expliciet beschrijven van de relatie tussen doelen en prestaties die met de inzet van middelen wordt beoogd, of deze nu begrotings- of premiegefinancierd zijn. Zoals in de voorbeeldbegrotingen van de ministeries van VWS en SZW is te lezen, wordt er daarbij voor gekozen om in de begroting een integrale beleidsagenda op te nemen. Deze beleidsagenda schetst de prioriteiten voor het totaal van het beleidsdomein van het ministerie van VWS respectievelijk SZW.

Zowel het ministerie van VWS in de Zorgnota als het ministerie van SZW in de Sociale Nota zullen de samenhang in het beleid blijven beschrijven en daarbij de doelstellingen van beleidsvoornemens zo concreet mogelijk formuleren, in lijn met de aanpak bij de begroting. De ministeries van VWS en SZW zullen dit bij het opstellen van de notas en de ontwerpbegroting 2002 verder uitwerken.

DE MINISTER VAN FINANCIËN

U vindt de Voortgangsrapportage op de speciale VBTB-site.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie