Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Kamervragen over onterecht afgeven verklaringen overlijden

Datum nieuwsfeit: 11-05-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal


2990010870

Vragen van de leden Buijs en Ross-Van Dorp (beiden CDA) aan de ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Justitie over het ten onrechte afgeven van verklaringen van overlijden. (Ingezonden 11 mei 2000)


1

Kent u het bericht dat een gynaecoloog ten onrechte een verklaring van natuurlijk overlijden heeft afgegeven, terwijl daarvan geen sprake zou zijn geweest? 1)


2

Kunt u bevestigen dat het Medisch Tuchtcollege in Eindhoven «de arts het invullen van een natuurlijke doodverklaring» niet heeft aangerekend?


3

Wat is uw oordeel over het standpunt van het tuchtcollege «dat het in de verloskundige praktijk gangbaar is (...) dat de belemmering tijdens de bevalling wordt gezien als de natuurlijke oorzaak van het overlijden van het kind»?


4

Acht u dit oordeel van het desbetreffende Medisch Tuchtcollege in overeenstemming met de letter en de geest van de Wet op de lijkbezorging?


5

Is in geval van het ten onrechte afgeven van een verklaring van overlijden, zoals in het onderhavige, sprake van valsheid in geschifte van de zijde van de desbetreffende gynaecoloog? Waarom is zulks dan niet geïndiceerd?


6

Deelt u de opvatting van de forensisch-geneeskundige mr. C. Das van de GG&GD Amsterdam dat «de gang van zaken rond overlijdensverklaringen in de verloskunde een «fout in het systeem» is? Waarop wordt hier door betrokkene precies gedoeld?


7

Geldt deze «fout in het systeem» alleen voor verloskunde, of heeft de problematiek een grotere reikwijdte?


8

Kan worden bevestigd dat over de klacht over het ten onrechte invullen van de verklaring van natuurlijk overlijden «al was geoordeeld in de spoedprocedure van de inspectie»?


9

Hoe heeft de Inspectie op de in de vorige vraag bedoelde klacht geoordeeld, en wat is uw opvatting daarover?


10

Deelt u de opvatting van genoemde forensisch-geneeskundige dat «als een fout leidt tot het overlijden van een patiënt, dat een niet-natuurlijke dood is «en dat «de arts dan geen verklaring van natuurlijke dood mag invullen»? Zo neen, waarom niet?


11

Beschikt u over gegevens dat «jaarlijks minstens 450 medische fouten met dodelijke afloop niet worden gemeld» en wilt u die cijfers aan de Kamer overleggen?


12

Indien u niet over dit cijfermateriaal beschikt, is het u dan bekend waarop genoemde forensisch-geneeskundige zijn oordeel baseert, en bent u bereid dit cijfermateriaal bij betrokkene op te vragen en aan de Kamer te overleggen?


13

Ziet u in deze gang van zaken aanleiding om over te gaan tot het nemen van (beleids)maatregelen, zodanig dat in het vervolg door artsen bij niet-natuurlijk overlijden in overeenstemming met de desbetreffende bepalingen wordt gehandeld c.q. aangifte wordt gedaan van valsheid in geschrifte? Wilt u uw antwoord motiveren?

Trouw, 9 mei jl.

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie