Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief VenW inzake aanpak wachtlijsten gehandicaptenzorg

Datum nieuwsfeit: 12-05-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Brief VenWs aanpak wachtlijsten gehandicaptenzorg
Gemaakt: 16-5-2000 tijd: 15:12


5


24170 Gehandicaptenbeleid

Nr. 54 Brief van de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 12 mei 2000


1. Inleiding

In mijn brief van 31 maart 2000 (Tweede Kamer, vergaderjaar 1999-2000,
24 170, nr. 52) over een versnelde aanpak van de wachtlijsten in de gehandicaptenzorg heb ik uw Kamer toegezegd u begin mei nader te berichten over de actuele wachtlijstgegevens, de resultaten van de Quick Scan wachtlijsten in de gehandicaptenzorg en de verbeterde resultaten van het RIVM onderzoek naar de ontwikkeling van de wachtlijst voor ondersteund wonen. Ik heb van deze gegevens goed gebruik kunnen maken bij het opstellen van het plan van aanpak dat in nauwe betrokkenheid met de MJA-partijen tot stand is gekomen. 1) Het plan van aanpak wordt breed gedragen binnen de gehandicaptensector en biedt een goede basis voor een daadkrachtige aanpak van de wachtlijsten.


2. Wachtlijsten in de zorg voor gehandicapten
De wachtlijsten in de zorg voor verstandelijk gehandicapten worden bijgehouden door het Zorgregistratiesysteem (ZRS). Onlangs zijn de wachtlijstcijfers van 1 januari 2000 door de landelijk houder van het ZRS, het CVZ, aan mij gerapporteerd. Daaruit blijkt dat de wachtlijsten over het jaar 1999 voor urgent wachtenden licht zijn toegenomen. De lichte toename van de wachtlijsten is een tendens die zich, na een aanvankelijk sterke toename in 1997, vanaf 1998 heeft ingezet. Dit geldt zowel voor het aantal wachtenden als voor de wachttijden. Ook de wachttijden zijn in 1999 toegenomen.

Tabel 1. Overzicht aantal urgent wachtenden verstandelijk gehandicapten

Peildatum

Urgent wachtenden

Wonen

Urgent wachtenden

Dagbesteding


1-1-1997


6.410

gem. wachttijd 574 dagen


3.051

gem.wachttijd 316 dagen


1-1-1998


7.072 (+10%)

gem. wachttijd 602 dagen


3.605 (18%)

gem. wachttijd 397 dagen


1-1-1999


7.116 (+0.6%)

gem. wachttijd 622 dagen


3.708 (+3%)

gem.wachttijd 472 dagen


1-7-1999


7.307 (+2.6%)

gem. wachttijd 618 dagen


3.721 (+0%)

gem.wachttijd 472 dagen


1-1-2000


7.707 (+5,5%)

gem. wachttijd 625 dagen


3.856 (+3,6%)

gem. wachttijd 496 dagen

In de cijfers van 1999 (peildatum 1 januari 2000) is de wachtlijst voor dagbesteding ten opzichte van het niveau van 1 juli 1999 licht toegenomen van 3.721 wachtenden tot 3.856 wachtenden, terwijl de wachtlijst voor ondersteund wonen is gestegen met 5,5% van 7.307 wachtenden tot 7.707 wachtenden. Het betreft urgent wachtenden waarvan volgens de indicatie de zorg direct of op korte termijn geleverd moet worden.

De toename van de wachtlijst voor wonen in 1999 kan niet verklaard worden uit een toename van de geïndiceerde vraag. Ten opzichte van
1998 is het aantal indicaties vrijwel gelijk gebleven. De toename van de wachtlijst moet daarom verklaard worden uit een daling van het aantal geregistreerde realisaties in 1999. Het is niet duidelijk in hoeverre dit terug te voeren is op onvolkomenheden in de registratie of dat er werkelijk sprake is van een sterke daling van het aantal cliënten dat geplaatst is. Uit de door Research voor Beleid uitgevoerde quick scan naar de wachtlijsten in de gehandicaptenzorg blijkt een forse onderrapportage van de realiseerde zorg in het Zorgregistratiesysteem.

Ondanks de onvolkomenheden in de registratie geven de wachtlijstcijfers een dermate hoog niveau te zien, dat een effectieve aanpak van de wachtlijsten de hoogste prioriteit heeft.

De in MJA kader overeengekomen productieafspraken over 1999 blijken overigens grotendeels gerealiseerd te zijn. Voor een aantal maatregelen geldt, dat de feitelijke realisatie de raming overtreft (zie tabel 2). Deze informatie is ook opgenomen in de u toegezegde voorjaarsrapportage MJA.

Tabel 2. Overzicht realisaties productieafspraken 1999

Maatregel


1999

(in mln)

Afgesproken prestatie

Realisatie 1999

(in mln)

Feitelijk resultaat/stand van zaken 1999

PGB verstandelijk gehandicapten


17,0

630 budgethouders

21,3

540 budgethouders
Uitbreiding semimurale zorg


7,9

197 plaatsen

7,9

229 plaatsen
Uitbreiding intramurale zorg


24,4

271 plaatsen

16,3

156 plaatsen
Bijzondere zorgfuncties (SGLVG)


6,0
Ca. 74 plaatsen


7,1

257 plaatsen
SPDen: Begeleid Zelfstandig wonen


2,3

293 clienten

2,8

351 clienten
SPDen: Ambulante hulpverlening: ppg/vroeghulp


3,7

439 clienten

2,4

549 clienten
SPDen: Zorgconsulenten verstandelijk gehandicapten


3,0

600 clienten

5 à 6 mln

1.670 clienten
SPDen: Zorg consulenten lichamelijk gehandicapten


3,0

30 consulenten

3,0

35 fte
Totaal wachtlijsten


67,3

2.534

66,8

3.787

3. Resultaten quick scan wachtlijsten

Zoals toegezegd in het Algemeen Overleg van 2 december 1999 heb ik een quick scan naar de wachtlijsten in de gehandicaptenzorg laten uitvoeren. Research voor Beleid heeft in opdracht van het ministerie van VWS een onderzoek uitgevoerd naar de situatie van de urgent wachtenden op de wachtlijst en de betrouwbaarheid van de huidige wachtlijstregistratie.

1)

In drie regio's zijn met 82 wachtenden van verschillende wachtlijsten (de wachtlijsten voor verstandelijke gehandicaptenzorg, lichamelijke gehandicaptenzorg en PGB-VG) persoonlijke interviews afgenomen, waarin een aantal wachtlijstgegevens zijn gecontroleerd, de thans aanwezige zorg in kaart is gebracht en een beeld is geschetst van de ernst van de situatie van de wachtenden. Gelet op het korte tijdsbestek waarin het onderzoek uitgevoerd moest worden, is er slechts een beperkt aantal cliënten geïnterviewd. Hierdoor is het niet mogelijk op basis van het onderzoek algemeen geldende uitspraken te doen over de betrouwbaarheid van alle wachtlijstregistraties en de situatie van alle wachtenden in de gehandicaptenzorg.

Uit het onderzoek blijkt wel dat de betrouwbaarheid van de huidige registraties te wensen overlaat. Vijfentwintig procent van de benaderde wachtenden geeft aan dat de geïndiceerde zorg al gerealiseerd is. De belangrijkste reden hiervoor is de inadequate terugkoppeling van de gerealiseerde zorg aan de wachtlijstbeheerders.

In de quick scan is ook de situatie van de wachtenden ingeschat. Voor
11% van de cliënten op de wachtlijst wordt de situatie op dit moment als onhoudbaar getypeerd. Bij deze wachtenden zou de aangevraagde zorg direct geleverd moeten worden. Bij 27% van de wachtenden is de situatie urgent, omdat de mantelzorg en/of alternatieve professionele zorg slechts ten dele de problemen kan oplossen.
Een kleine meerderheid van de wachtenden, 52%, heeft op dit moment voldoende zorg. Volgens deze wachtenden zelf, de bestaande richtlijnen en de inschatting van de onderzoekers is de situatie stabiel.

Echter, de wetenschap dat deze situatie in de nabije toekomst zal veranderen ten nadele van de wachtenden, maakt dat ze op dit moment als urgent op de wachtlijsten geregistreerd staan. Bij de overige 10% van de wachtenden is om uiteenlopende redenen de ernst van de situatie op dit moment moeilijk in te schatten.

Om het reeds bekende probleem van de onderrapportage van de gerealiseerde zorg in het Zorgregistratiesysteem (ZRS) op te lossen, is vorig jaar het traject van de bestuurlijke verankering van de registratie ingezet. Sinds 1 juli 1999 is het CVZ Landelijk Houder geworden, ter voorbereiding van de overdracht van het ZRS naar de zorgkantoren per


1 januari 2001. Doordat de zorgkantoren in de regio verantwoordelijk worden voor het ZRS kunnen de informatieverplichtingen van partijen in de regio, onder andere de melding van gerealiseerde zorg door zorgaanbieders, beter geëffectueerd worden.

De uitkomsten van de quick scan geven aanleiding in versneld tempo te werken aan verbetering van de kwaliteit van het Zorgregistratiesysteem. Er zal een opschoning plaatsvinden van de huidige wachtlijstgegevens. De regionale wachtlijstbeheerders worden landelijk ondersteund in de uitvoering van de opschoning van de wachtlijstregistraties. De opschoning zal voor 1 september 2000 zijn afgerond.

Ten slotte zal het ZRS de komende maanden aangepast worden om registratie van PVB (Persoonsvolgend Budget) en PGB-VG als gerealiseerde zorg mogelijk te maken. Hierbij is ook de integratie van de wachtlijstregistratie voor zorg in natura en PGB-VG aan de orde. Door deze aanpassingen kan het ZRS goed gebruikt worden als monitoringsinstrument voor de aanpak van de wachtlijsten.

Het onderzoek van Research voor Beleid bevestigt de reeds bekende tekortkomingen in de huidige wachtlijstregistraties. Daarnaast blijkt er een harde kern van cliënten op de wachtlijst te zijn, die als zeer urgent kan worden aangemerkt. Het onderzoek is goed bruikbaar geweest voor het opstellen van het plan van aanpak. Over de verbetering van het ZRS en de opschoning van de wachtlijsten zijn afspraken gemaakt met de betrokken partijen. Deze afspraken zijn neergelegd in het plan van aanpak wachtlijsten.


4. RIVM rapportage wachtlijsten

Om meer inzicht te krijgen in de ontwikkeling van de wachtlijsten in de gehandicaptensector heeft het RIVM op verzoek van het ministerie van VWS een model ontwikkeld. Vanwege de beschikbare gegevens kon alleen een model worden ontwikkeld voor ondersteund wonen in de verstandelijk gehandicaptensector. De eerste resultaten zijn door het RIVM in november 1999 gepubliceerd. Onlangs heeft het RIVM aangepaste resultaten gepubliceerd.

1)

Ten opzichte van het eerste rapport van het RIVM van november 1999 zijn een aantal bronnen van onzekerheid nu accurater gedefinieerd. Desondanks kunnen de uitkomsten niet gezien worden als exacte voorspellingen van de ontwikkeling van de wachtlijst.

De conclusie van het eerste rapport van het RIVM blijft gehandhaafd. De komende jaren moet door de sterke vergrijzing in de gehandicaptensector rekening worden gehouden met extra druk op de wachtlijst.

Het RIVM verwacht echter op basis van de nieuwe resultaten bij een scenario 'ongewijzigd beleid', dat wil zeggen zonder rekening te houden met de extra middelen die nu voor de resterende regeerperiode voor de aanpak van de wachtlijsten beschikbaar komen, een aanzienlijk sterkere groei van de wachtlijst dan in de rapportage van november
1999.

Onder het 'demografische groei'-scenario is de groei van de wachtlijst in de periode 2000-2009 gemiddeld 3,2% per jaar. In 2010 is de wachtlijst 77% groter dan in 1996. Na 2013 neemt de wachtlijst in omvang af. De recente RIVM-rapportage benadrukt nog eens de noodzaak om middels een geïntensiveerde aanpak van de wachtlijsten te anticiperen op de komende demografische ontwikkelingen in de gehandicaptenzorg.


5. Plan van aanpak wachtlijsten in de gehandicaptenzorg
De recente wachtlijstgegevens, de uitkomsten van de quick scan wachtlijsten en de geactualiseerde resultaten van het RIVM, laten zien dat de wachtlijsten in alle sectoren van de gehandicaptenzorg (bestaande uit de sectoren verstandelijk gehandicapten, lichamelijk gehandicapten en zintuiglijk gehandicapten) met voortvarendheid dienen te worden aangepakt.

Om een effectieve aanpak mogelijk te maken is door het ministerie van VWS in nauwe samenwerking met de betrokken partijen een plan van aanpak wachtlijsten in de gehandicaptensector opgesteld. Om ook daadwerkelijk cliënten van de wachtlijst te kunnen bedienen, wordt al in het lopende jaar 2000 ruimte geboden, middels een door het CTG opgestelde beleidsregel voor aanvullende productieafspraken tussen zorgkantoor en zorgaanbieders. Daarnaast is het zorgkantoren mogelijk gemaakt PGB-VG toe te wijzen aan cliënten, die daar een voorkeur voor hebben. In de Voorjaarsbrief Zorg is voor deze aanvullende productie een kasbeslag van 50 mln geraamd.

In overleg met de betrokken partijen zijn in het plan van aanpak een aantal uitgangspunten vastgelegd, waaraan de aanpak van de wachtlijsten in de regio's dient te voldoen. Initiatieven worden alleen gehonoreerd als zij een aantoonbaar wachtlijstverminderend effect hebben. De vraag van de cliënt staat centraal. In de aanpak wordt gestart met de cliënten met de hoogste urgentie in combinatie met de langste wachttijd op de wachtlijst. In een persoonlijke vraagverheldering komen alle aspecten die met de kwaliteit van het leven van de cliënt te maken hebben aan de orde. Op basis van de vraagverheldering wordt in overleg met de zorgaanbieder en de cliënt een persoonlijk dienstverleningsarrangement samengesteld en ontwikkelen zorgaanbieders voorstellen. Voorstellen dienen te voldoen aan de criteria van vraaggestuurde zorg. Op basis van een formele indicatie wordt de zorg zoveel mogelijk geleverd op een door de cliënt gekozen plaats, en door de cliënt aangegeven duur en tijdstip. Leidend principe in de zorg en dienstverlening is het scheiden van wonen en zorg en het bieden van ambulante ondersteuning in de thuissituatie. Met de aanpak van de wachtlijsten wordt derhalve de zorgvernieuwing in de gehandicaptensector krachtig gestimuleerd.

Het plan van aanpak wordt breed in de gehandicaptensector gedragen en biedt een helder raamwerk voor de te verrichten werkzaamheden. De komende tijd zal het op de uitvoering van het plan aankomen. De ambitie is hoog, in komende tijd zal, met als leidend principe de vraag van de cliënt, een groot aantal cliënten van de wachtlijst zorg geboden worden.

Dit zal een extra inspanning vragen van alle betrokken partijen. In het laatste bestuurlijk overleg, dat ik op 27 april j.l. heb gevoerd, bleek dat alle partijen zich sterk zullen inzetten voor het realiseren van een succesvolle aanpak van de wachtlijsten.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid,

Welzijn en Sport,

A.M. Vliegenthart


1) Ter inzage gelegd bij de afdeling Parlementaire Documentatie
Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie