Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief SZW inzake wet op de medische keuringen

Datum nieuwsfeit: 15-05-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Brief SZW inzake wet op de medische keuringen
Gemaakt: 17-5-2000 tijd: 9:56


2

Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid

's-Gravenhage, 15 mei 2000

Met uw brief van 13 oktober 1999 stelde u mij een aantal vragen over de Wet op de medische keuringen en de instelling van een klachtencommissie in het kader van deze wet. Over een aantal van de in de vragen aangehaalde aspecten heb ik inmiddels met uw Commissie in ander verband gesproken. Hierbij handel ik uw brief mede namens de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, ook formeel af.

De Staatssecretaris voor Sociale Zaken

en Werkgelegenheid,

(J.F. Hoogervorst)

Vraag 1

Hoe staat het met de evaluatie van de Wet medische keuringen via Zorg Onderzoek Nederland?

Antwoord 1

De evaluatie van de Wet op de medische keuringen (WMK) is gestart. Op
26 januari 2000 is aan ZorgOnderzoek Nederland (ZON) opdracht verleend voor de evaluatie van de Wet op de medische keuringen. Naar verwachting zal het onderzoek aan het eind van 2000 zijn afgerond.
Vraag 2

Sommige verzekeraars hanteren volgens het Verbond van Verzekeraars een carenzperiode van 5 jaar. Het komt bij
arbeidsongeschiktheidsverzekeringen zelfs voor dat de carenzperiode gelijk is aan de duur van de verzekering. Kunnen meer gegevens over het hanteren van een carenzperiode en uitsluiting verstrekt worden?
Antwoord 2

In mijn brief aan de Tweede Kamer van 13 juli 1999 (SV/V&P/099/18579) heb ik aangegeven dat daar waar carenztijden bij arbeidsongeschiktheidsverzekeringen vóórkomen een carenztijd van 1 tot 3 jaar wordt gehanteerd. De carenztijden zijn voor sommige verzekerden gelijk aan de duur van de verzekering, als bepaalde aandoeningen van de verzekering zijn uitgesloten. Ik heb erop gewezen dat het hanteren van carenztijden kan leiden tot beperkingen in het arbeidsmobiliteit. Dat laatste acht ik ongewenst. Ik heb daarom eerder aangegeven deze ontwikkeling nauwlettend te volgen. Zo zal dit aspect ook worden betrokken bij het eerder genoemde evaluatieonderzoek van de WMK.

Vraag 3

Voor een levensverzekering en arbeidsongeschiktheidsverzekering worden soms machtigingen gevraagd. Als de verzekerde de machtiging weigert, wordt hij uitgesloten en geconfronteerd met premieverhoging. Hoe verdraagt zich dit met de Vrede van Tilburg, waarbij onder meer is afgesproken dat informatie uit medische dossiers niet ter beschikking komt van de verzekeraars en eerst na uitkering aan medische adviseurs wordt verstrekt?

Antwoord 3

Het Breed Platform Verzekerden en Werk (BPV&W), de Koninklijke Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG), de Nederlandse Patiënten/Consumenten Federatie en het Verbond van Verzekeraars hebben op 26 november 1999 een Convenant ter bestrijding van fraude met gezondheidsgegevens afgesloten. Het betreft een afspraak over een proef met een vorm van toetsing van vermoeden van verzwijging bij het aangaan of wijzigen van een levensverzekering. De proef wordt begeleid door een onafhankelijke toetsingscommissie en zal jaarlijks worden geëvalueerd. Het Verbond van Verzekeraars zal zich inspannen om haar leden tijdens de looptijd van het convenant te doen afzien van het vragen van machtigingen (als bedoeld in de vraagstelling) aan aspirant-verzekerden op levensverzekeringen.

Vraag 4

Bij het Breed Platform zijn in de eerste helft van 1999 ruim 20 klachten binnengekomen over herkeuring bij zgn. lopende contracten. Gevolg kan zijn dat men alsnog geweigerd wordt of dat men besluit niet van baan te veranderen. Hoe kan een betere naleving van de wet door de verzekeraars bewerkstelligd worden?

Antwoord 4

Bij de Wet op de Medische Keuringen heeft de wetgever ervoor gekozen geen actief handhavingsbeleid te voeren. In voorkomende gevallen is het aan de rechter om een uitspraak te doen. De rechter kan op vordering van de keurling een gedraging die in strijd is met de wet, verbieden dan wel een schadevergoeding toekennen. De problematiek van het keuren in lopende contracten, is eerder aan de orde gekomen.in de antwoorden van 22 juni 1998 van de Minister van VWS, mede namens de Minister van Justitie en de Staatssecretaris van SZW op vragen van het Tweede Kamerlid Marijnissen (Kamerstukken II, 1997/98, Aanhangsel
2835), de antwoorden van 28 juli 1998 van de Staatssecretaris van SZW op vragen van het Eerste Kamerlid Ter Veld (Kamerstukken I, 1997/98, Aanhangsel 55) en de antwoorden van de regering van 28 augustus 1998 op vragen van de Tweede Kamerleden Kant en Schimmel (Kamerstukken II,
1997-1998, Aanhangsel 3519). Daarbij is er vanuit gegaan dat het keuren in lopende contracten niet meer is toegestaan, vanwege de hoofdregel dat een wet onmiddellijke werking heeft en dat een eerbiedigende werking uitdrukkelijk moet worden bepaald.
De arrondissementsrechtbank te Rotterdam is echter in een uitspraak van 11 november 1999 tot de conclusie gekomen dat keuren in lopende contracten is toegestaan. Deze uitspraak is door beide procespartijen in een dagvaardingszaak voorgelegd aan de Hoge Raad. De schriftelijke toelichting dient door partijen uiterlijk voor 30 juni a.s. te zijn ingediend. Wij wachten de uitspraak van de Hoge Raad met belangstelling af.

Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie