Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord Kamervragen over medische zorg voor asielzoekers

Datum nieuwsfeit: 19-05-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Antwoord Kamervragen over medische zorg voor asielzoekers
Gemaakt: 19-5-2000 tijd: 16:33

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
19 mei 2000 2000

Hierbij zend ik u, mede namens de staatssecretaris van Justitie, de antwoorden op de vragen, gesteld door de leden van uw Kamer Hoekema en Augusteijn-Esser (beiden D66), over medische zorg voor asielzoekers (2990010180).

De Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,

E. Borst-Eilers

Antwoorden op kamervragen van de leden Hoekema en Augusteijn-Esser (beiden D66) over medische zorg voor asielzoekers. (2990010180)


1) Onderkent u het probleem van de tekortschietende medische zorg voor asielzoekers, met name in het noorden van het land, zoals geformuleerd door VGZ/IZA en Landelijke Huisartsen Vereniging?
Antwoord:
Ja. In Groningen, Friesland en Drenthe zijn relatief veel asielzoekerscentra gevestigd. Door de opening van een aantal nieuwe centra (onder andere in Grootegast, Leek en Marum) in Groningen in korte tijd is de druk op de huisartsenzorg en de tandheelkundige zorg in deze provincie het grootst. De betrokken partijen, o.a. de LHV, DHV en zorgverzekeraar VGZ/IZA en COA/BGA (Bureau Gezondheidszorg Asielzoekers), hebben zich de afgelopen maanden flink ingespannen om de huisartsenzorg en tandheelkundige zorg in de noordelijke provincies en in het bijzonder in Groningen te kunnen waarborgen. Ik heb de Commissaris van de Koningin in Groningen, mede namens de Staatssecretaris van Justitie, laten weten dat ook ik mijn verantwoordelijkheid zal nemen door de inzet van buitenlandse huisartsen en (vluchtelingen)artsen met en zonder Nederlandse artsopleiding (onder een aantal voorwaarden) mogelijk te maken.

2) Aan welke oplossingen voor dit probleem wordt gedacht (bijvoorbeeld werven van buitenlandse artsen en jonge artsen direct na hun opleiding)?
Antwoord:
Om het probleem inzake reguliere huisartsenzorg ten behoeve van asielzoekers op te lossen denk ik aan de volgende mogelijkheden: Ten eerste: het werven van huisartsen, die de specifieke huisartsopleiding conform de Europese Artsenrichtlijn EEG 93/16 met succes hebben gevolgd in één van de landen behorend tot de Europese Economische Ruimte (EER). Ook de huisartsen die op basis van verworven rechten gelijkgesteld zijn aan de EER huisarts komen daarvoor in aanmerking. Wanneer het werven binnen de EER geen resultaat oplevert, hetgeen aannemelijk is, dan zal er in het kader van het dienen van een wezenlijk Nederlands volksgezondheidsbelang buiten de EER geworven moeten worden in de landen waarvan bekend is dat de aldaar praktiserende huisarts (nagenoeg) gelijkwaardig is aan de Nederlandse huisarts. Aangezien naast de medische deskundigheid ook het beheersen van de Nederlandse taal een voorwaarde is voor inschrijving in het huisartsenregister heb ik mede gezien de directe inzetbaarheid, aan de Commissaris van de Koningin van Groningen voorgesteld prioriteit te geven aan de inzet van Zuid-Afrikaanse huisartsen. Immers mij is bekend dat de Stichting Medisch Specialistische Zorg in haar bestand een voldoende aantal Zuid-Afrikaanse huisartsen met een vergelijkbaar opleidingsniveau als die van de Nederlandse huisarts heeft. Ten tweede: het inzetten van (vluchtelingen)artsen die in het bezit zijn van het Nederlandse artsdiploma teneinde onder toezicht en begeleiding van een erkende huisarts te functioneren. Ten derde: Het inzetten van (vluchtelingen)artsen, afkomstig van buiten de EER, die reeds op gelijkwaardigheid aan de Nederlandse arts zijn getoetst en van mij een vakbekwaamheidsverklaring hebben gekregen waaruit blijkt dat zij nog een periode van maximaal 2 jaar onder supervisie binnen de huisartsgeneeskunde moeten werken om nadien, bij aanwezigheid van een positieve beoordeling, als gelijkwaardig aan de Nederlandse arts in het BIG-register kunnen worden ingeschreven. Aan het werken onder supervisie is een beoordelingssysteem gekoppeld.

3) Aan welke oplossingen wordt in het kader van de tandheelkundige zorg gedacht?
Antwoord:
Uit contacten met onder andere zorgverzekeraar VGZ/IZA blijkt dat de tandheelkundige zorg aan asielzoekers in het Noorden knelt. Dit hangt in belangrijke mate samen met het feit dat met name juist in het Noorden sprake is van een tandartstekort. Vestiging van asielzoekerscentra aldaar leidt in veel gevallen tot overbelasting bij het gering aantal praktiserende tandartsen. Voor de tandheelkundige behandeling van asielzoekers in Zeewolde zijn er tussen VGZ/IZA en de subfaculteit Tandheelkunde van de Katholieke Universiteit Nijmegen afspraken gemaakt. Deze komen er onder andere op neer dat studenten ter plaatse onder begeleiding van tandarts-docenten tandheelkundige zorg aan asielzoekers bieden. Ik heb vernomen dat met deze aanpak gunstige resultaten zijn behaald. Om die reden zal ik met de subfaculteit Tandheelkunde van de Rijksuniversiteit Groningen, VGZ/IZA, COA en de tandheelkundige professie in overleg treden om te bezien of en onder welke voorwaarden een gelijksoortige aanpak kan worden uitgevoerd. Gedacht kan worden aan het vervoeren van studenten naar het asielzoekerscentrum of het inzetten van een ‘dental car'.

4) Hoe kunt u garanderen dat asielzoekers thans in elk geval de minimaal noodzakelijke zorg ontvangen, ook in N. Nederland?
Antwoord:
Specifiek voor de categorie asielzoekers geldt dat de curatieve zorg voor asielzoekers wordt ingekocht door VGZ/IZA, de ziektekostenverzekeraar die door het COA is gecontracteerd voor de uitvoering van de ziektekostenregeling voor asielzoekers. VGZ/IZA heeft o.a. met de LHV het convenant 'huisartsenzorg in asielzoekerscentra' gesloten. De preventieve medische zorg wordt uitgevoerd door de MO-stichtingen van de GGD-en, op grond van een daartoe eveneens met het COA gesloten contract. Al deze betrokken partijen moeten ieder vanuit hun eigen verantwoordelijkheid waarborgen dat asielzoekers de minimaal noodzakelijke zorg ontvangen. De betrokkenheid van mijn departement (inclusief de Inspectie voor de Gezondheidszorg) richt zich primair op de kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg voor asielzoekers. Mede daarom heb ik aangegeven dat ik de inzet van buitenlandse huisartsen en (vluchtelingen)artsen met en zonder Nederlandse artsopleiding (onder een aantal voorwaarden) mogelijk wil maken (zie antwoord vraag 2). Op 22 mei a.s. zal er mede naar aanleiding van mijn toezegging tijdens het Algemeen Overleg huisartsenzorg in de Tweede Kamer op 30 maart jl., een overleg plaatsvinden tussen de LHV, de DHV Groningen, de NMT, het COA, GGD-Nederland, de regionale MO-stichtingen voor Noord-Nederland, VGZ/IZA, de provincie Groningen en de ministeries Justitie en VWS. Het doel van dit overleg is te komen tot afspraken om de knelpunten in de huisartsenzorg en tandheelkundige zorg voor asielzoekers in Noord-Nederland op te lossen.
Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie