Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord Kamervragen over treinverkeer in het noorden

Datum nieuwsfeit: 22-05-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Antwoord Kamervragen over treinverkeer in het noorden
Gemaakt: 23-5-2000 tijd: 16:58

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 22 mei 2000

Hierbij doe ik u toekomen de antwoorden op de vragen van het lid Reitsma over ongenoegen reizigers over treinverkeer in het noorden.


1. Heeft de minister kennis genomen van het hoge percentage treinuitval in de afgelopen dagen in het Noorden van het land? (Telegraaf 20-4-2000)
Ja.


2. Kan de minister de Kamer informeren in hoeverre de problemen bij het vervoer-bedrijf NoordNed er toe leiden dat de reizigers geen gegarandeerd treinaanbod meer hebben?
De vervoerder heeft mij bericht dat in de periode van donderdag 13 april tot en met woensdag 19 april 2000,13 treinbakken defect waren, dat is ruim 30% van het totaal. Ook NS reizigers kampte in die periode in het Noorden met uitval van treinen. De technische oorzaken waren onder meer defecte aandrijfassen, draaistellen en hydrauliek. Nedtrain, die voor NoordNed het onderhoud aan haar treinen verzorgt, had onvoldoende onderdelen in voorraad, aanvulling van die voorraad stuitte op leveringsproblemen bij de industrie in Europa. Reparatie van de treinen duurde daardoor langer dan noodzakelijk. Op 19 april 2000 heeft NoordNed een brandbrief gezonden aan de directie van Nedtrain als onderhoudsbedrijf en NS Reizigers als verhuurder van het betreffende materieel. Daarin werd er op aangedrongen nog voor het paasweekeinde voldoende treinen rijklaar te maken. Dit resulteerde in de reparatie van 7 treinbakken op 20 april 2000 en nog eens 2 treinbakken in het paasweekeinde. De treindiensten konden daardoor vanaf 21 april 2000 weer allemaal gereden worden, zij het dat alleen in de spits hier en daar met een iets kortere trein is gereden. NoordNed heeft overwogen bussen in te zetten, maar uit eerdere gevallen was bekend dat de klanten daarvan maar sporadisch gebruik maken. De reistijd op het traject Groningen - Leeuwarden is met een bus geen 38, maar in de spits minimaal
70 minuten. Daarom heeft NoordNed er voor gekozen de sneldiensten enkele dagen niet te rijden. De stopdiensten kregen daardoor zo'n toevloed van klanten te verwerken dat er met zeer veel staanplaatsen is gereden en een enkele keer klanten op het station zijn blijven staan (wachttijd 30 minuten).

3. Welke afspraken zijn er gemaakt in het contract tussen overheid en NoordNed ten aanzien van het garanderen van treinverkeer? Zo ja, op welke wijze wordt er op toegezien dat deze afspraken worden nageleefd?
Bij calamiteiten staat het contract met de provincie (treindiensten Leeuwarden
- Stavoren en Leeuwarden - Harlingen Haven) evenals het ontwerpcontract met het Rijk (treindienst Leeuwarden - Groningen) de inzet van vervangend busvervoer toe. Met de provincie is een informatieprofiel afgesproken waarin is vastgelegd op welke wijze NoordNed rapporteert over haar exploitatie. Niet gereden bus- en treinritten vormen daar een onderdeel van. In het nog te sluiten openbare-dienstcontract met het Rijk zal een verantwoordingsbepaling worden opgenomen waaruit zal blijken in hoeverre de in de dienstregeling aangeboden diensten zijn uitgevoerd.

4. Maakt de minister zich zorgen of de aanschaf van materieel door NoordNed wel continuïteit van het treinvervoer waarborgt?
Neen. Als ruim 30% van het aantal treinbakken uitvalt, zal ieder spoorbedrijf exploi-tatieproblemen kennen. NoordNed heeft mij medegedeeld dat in heel West Europa thans geen geschikt treinmaterieel voorhanden is. Althans geen materieel dat aan de Nederlandse veiligheidseisen voldoet of tegen aanvaardbare kosten snel aan die veiligheidseisen kan worden aangepast.

Daarom is NoordNed, samen met haar toekomstige opdrachtgever, de provincie Groningen, met een haalbaarheidstudie naar de aankoop van nieuwe treinen gestart. Arriva NL heeft, als belangrijke aandeelhouder van NoordNed, al aangegeven onder nader te bepalen voorwaarden wel te willen investeren in nieuwe treinen. We moeten ons realiseren dat dit op korte termijn geen oplossing biedt. De levertijd van een nieuwe trein bedraagt momenteel circa 18 maanden. Daarom is NoordNed recent begonnen met een kostbaar ombouwprogramma voor een deel van haar treinen. Het resultaat van deze forse investeringen is, dat treinen die vanaf 28 mei 2000 ingezet zullen gaan worden in de provincie Groningen, een uitbreiding van de zitplaatscapaciteit met 20% zullen krijgen.


5. Is de minister het met de CDA-fractie eens dat door deze ontwikkelingen de onrendabele treindiensten op de tocht staan, hetgeen onaanvaardbaar is voor de leefbaarheid van het platteland? Neen. NoordNed rijdt meer dan 200 treinritten per dag. Als er gedurende een paar dagen hiervan 10 tot 15% vervallen, is niet de leefbaarheid van het platteland in ge-vaar. Ook staan de onrendabele treindiensten niet op de tocht. De financiële bijdrage van het Rijk voor de onrendabele treindiensten is langjarig aan de Provincie Fryslan (en vanaf 28 mei 2000 ook aan de Provincie Groningen voor de 3 Groningse onrendabele treindiensten) gegarandeerd.
6. Geven deze ontwikkelingen geen extra aanleiding tot een snelle evaluatie opdat de resultaten hiervan bij de behandeling van de concessiewet betrokken kunnen worden? Zoals uit het antwoord op vraag 1 blijkt betreft het hier problemen van incidentele aard. Versnelling van de evaluatie op grond van dit incident acht ik niet noodzakelijk.
7. In hoeverre kunnen treinreizigers in het noorden van het land in de toekomst rekenen op goed functionerend treinverkeer?
Gezien de (huidige) krapte aan materieel in West Europa, zal het vaker voorkomen dat niet iedere klant een zitplaats kan krijgen omdat treinen moeten worden ingekort. Overigens verwijs ik ook naar het antwoord op vraag 4. Daaruit blijkt dat alle partijen, zowel de bij het spoorvervoer in het noorden des lands betrokken provincie(s), als de vervoerder zich maximaal inspannen om een goede uitvoering van de treindiensten te waarborgen. Om meer inzicht te krijgen in de mogelijkheden voor (potentiële) vervoerders om tijdig geschikt materieel tegen een verantwoord kostenniveau beschikbaar te krijgen, heb ik onlangs opdracht gegeven hiernaar een onderzoek te doen. In de opdracht is opgenomen dat wanneer mocht blijken dat dit zonder aanvullende maatregelen niet kan worden gegarandeerd, dat dan voorstellen voor dergelijke maatregelen worden gedaan.

Hoogachtend,
DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

T. Netelenbos

Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie