Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Bijdrage PvdA overleg woonstimuleringsregeling

Datum nieuwsfeit: 29-05-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Partij van de Arbeid

29 mei 2000

BIJDRAGE VAN LUCY KORTRAM AAN HET ALGEMEEN OVERLEG WOONSTIMULERINGSREGELING (24 333, NR. 46)


Onze nota "wonen, zorg en dienstverlening, een zorg voor vandaag" vormt het uitgangspunt voor onze inbreng. Gezien de toenemende vergrijzing willen wij dat het vraagstuk van wonen, zorg en dienstverlening niet meer als een specifiek vraagstuk wordt beschouwd, maar als een generiek. De inzet van onze nota: met een geïntegreerd aanbod van wonen, zorg en dienstverlening wordt het voor ouderen mogelijk om langer zelfstandig te blijven leven, in hun eigen vertrouwde huis of omgeving. De overheid belemmert de partijen echter nog veel te veel in het structureel aanbieden van een geïntegreerd aanbod. De PvdA-fractie is daardoor bezorgd over een dreigende tweedeling tussen ouderen met lagere en hogere inkomens. De rijke ouderen 'kopen' zelf zorg waardoor zij langer zelfstandig kunnen blijven wonen, terwijl ouderen met een smallere beurs afhankelijker zijn van de overheid. Ook voor hen moet een geïntegreerd en betaalbaar aanbod van wonen, zorg en dienstverlening beschikbaar zijn. De woningcorporaties moeten zich daarom hierop in het vervolg kunnen gaan toeleggen. Naar de mening van de PvdA-fractie bevindt zich hier de nieuwe sociale opgave van de corporaties.

Uit de nota Wonen (p.129) blijkt dat hulpvragen al beginnen vanaf 55 jaar en ouder. Wij zijn het dan ook absoluut niet eens met de staatssecretaris als hij meent dat de zorg en dienstverleningsvraag vooral ouderen uit de vierde levensfase betreft. Het gaat de PvdA om alle hulpbehoeftige ouderen, uit de derde en vierde levensfase.

Concreet wil de PvdA dat het BBSH moet worden aangepast. De in de Nota Wonen voorgestelde aanpassing van het BBSH met een zesde prestatieveld 'wonen en zorg' gaat in die zin ons niet ver genoeg. Zij beperkt zich veel te veel tot de fysieke kolom. Dit is veel te mager, wat wij willen is dat het verlenen van zorg integraal aan het takenpakket van de corporaties worden toegevoegd.

In dit opzicht delen wij de mening van de staatssecretaris van VROM niet. Volgens hem behoort het verlenen van zorg zelf uitdrukkelijk niet tot het takenpakket van corporaties (pag. 139). Maar kennelijk deelt ook de staatssecretaris van VWS de mening van de staatssecretaris van VROM niet. Immers, met de modernisering van de AWBZ wordt van de kant van VWS namelijk wel deze mogelijkheid geboden.


* De PvdA wil dat de thans nog belemmerende regelgeving van de kant van VROM wordt geslecht (BBSH en Woningwet) zodat corporaties zorg kunnen bieden. Dit kan concreet door a) een samenwerkingsverband met een zorgaanbieder aan te gaan, of b) zelf erkenning als zorgaanbieder te vragen.
Alvorens nader in te gaan om de woonzorgstimuleringsregeling zelf wil ik nog het bredere kader in herinnering roepen.


* Wij vinden het allemaal belangrijk dat er einde komt aan de sterk institutionele aanbodgerichte oriëntatie op het terrein van wonen en zorg. De nu voorgestelde woonzorgstimuleringsregeling zou hieraan een belangrijke bijdrage moeten gaan leveren. Beter ware het echter geweest als het kabinet al zo ver was geweest dat de verkokering in beleid en sectorale regelgeving uit de weg waren geruimd.. Wij verwachten van het kabinet dat het zich in
-gedurende de looptijd van de stimuleringsregeling- volop inzet voor het slechten van de institutionele belemmeringen (modernisering AWBZ, BBSH, Woningwet, Wet Voorzieningen Gehandicapten, Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing, Nota Wonen, Welzijnsnota, Wet Ziekenhuisvoorzieningen, gemeentelijke regelgeving, etc.)

Concreet wil ik van de staatssecretarissen weten hoe het staat met het stroomlijnen van alle belemmerende regelgeving, en over welke regelgeving we het eigenlijk allemaal hebben.


* Ook wil ik van de staatssecretaris van VROM weten hoe het staat met het aanpasbaar bouwen. Helaas hebben wij tijdens het AO over het inspectierapport over de bouwregelgeving (11 mei) al moeten constateren het bijzonder kwalijk te vinden als het aanpasbaar bouwen de weg naar de praktijk niet vindt omdat de regelgeving onvoldoende wordt gehanteerd en gecontroleerd. Daarom willen wij nader worden geïnformeerd over dit aspect: het inspectieonderzoek meldt bijvoorbeeld vrij summier (een steekproef van circa 35 plannen) iets over aanpasbaar bouwen, terwijl het Bouwbesluit hierop juist in 1997 is aangepast. Concreet willen wij ook weten welk deel van de woningvoorraad nu aanpasbaar gebouwd is, en hoe het zit met de nog te bouwen woningen. Ook voor de Vinex-locaties. Als politiek hebben wij ons -in het kader van vergrijzing- sterk gemaakt voor aanpasbaar bouwen. Ik zou me dan ook behoorlijk bekocht voelen als aanpasbaar bouwen geen prominente rol blijkt te spelen in de bouwpraktijk.

Nu dan over de voorgestelde woonzorgstimuleringsregeling zelf: deze mag wat ons betreft wel wat frisser. Onze aanscherpingen en verbeteringen:

1. In het Regeerakkoord is afgesproken dat 'de mogelijkheden van vorming van een woonzorgstimuleringsfonds nader worden onderzocht, in relatie tot de mogelijkheden die corporaties hebben' (pag. 46). Bovendien meldt het Regeerakkoord dat: 'Van de sociale huursector wordt verwacht dat zij binnen haar wettelijke taakstelling zich specifieker zal gaan richten op de huisvesting van bijzondere groepen. Daarbij dient in het bijzonder aandacht te worden gegeven aan de totstandkoming van vormen waarin wonen en zorg voor ouderen zijn geïntegreerd. Onderzocht zal worden of het BBSH aanpassing behoeft.' (p.59-60.) Vreemd genoeg wordt in het voorstel van de woonzorgstimuleringsregeling niet verder ingegaan op de rol van de corporaties, terwijl dit toch uitdrukkelijk in het Regeerakkoord is opgenomen. Ik neem aan dat de staatssecretarissen dit alsnog bij de uitwerking zullen doen, maar dan wil ik nu wel weten hoe zij hier verder inhoud aan denken te gaan geven. Zo niet, dan hoor ik nu graag waarom niet. 2. Organisaties als de SEV, de NIZW en Aedes hebben al veel ervaring opgedaan met experimenten op het terrein wonen en zorg. Wat ons betreft komt het er nu niet meer op aan dat er nog verder wordt geëxperimenteerd, maar dat er wordt geïmplementeerd. Er is eerder behoefte aan een integraal overzicht van vernieuwende concepten. Dus geen verdere honorering van de experimentenreeks, eerder kennisoverdracht en implementatie. Kan de staatssecretaris een integraal overzicht geven van alle experimenten en vernieuwende concepten op het terrein van wonen en zorg? Op deze wijze kan er makkelijker worden vastgesteld welke nieuwe nog uit te voeren experimenten een toegevoegde waarde hebben en welke reeds bestaande concepten geïmplementeerd kunnen worden.
3. Zorginstellingen als thuiszorg hebben geen eigen reserves, maar ook niet alle verzorgingshuzien en verpleeghuizen zijn vermogend. De PvdA vindt dat zorginstellingen zonder reserves ook projecten zouden moeten kunnen indienen om in samenwerking met corporaties een individueel maatwerk aan zorgaanbod te ontwikkelen. Van de staatssecretaris van VWS willen we weten hoe zij hiertegen aankijkt. Ziet zij mogelijkheden voor deze zorginstellingen, en zo ja welke, en onder welke voorwaarden? 4. Verder willen wij dat het budget voor de
woonzorgstimuleringsregeling wordt verhoogd om baanbrekende voorstellen te steunen die uitwerking geven aan de in de PvdA-nota geschetste lange termijn visie. Concreet stellen wij voor dat er in elke regio één nieuw te bouwen of één bestaande wijk wordt aangewezen waar een betrokken corporatie samen met de gemeente en andere actoren ervaring gaat opdoen met het ontwikkelen van een samenhangend aanbod van wonen, zorg en dienstverlening, in de geest van de in onze inbreng aangereikte visie. Wij zijn ons ervan bewust dat de slag die we moeten slaan veel inspanning zal vereisen van alle betrokken partijen. Een programma van voorbeeldprojecten door het hele land, dat dankzij de woonzorgstimuleringsregeling tot bloei kan komen, kan hiervoor het pad effenen. Het is ook om die reden dat de PvdA-fractie in 'Kracht en kwaliteit' heeft gepleit voor een verdubbeling van het budget van de woonzorgstimuleringsregeling.
5. De regeling wordt pas écht interessant als ze zodanig wordt ingezet dat burgers letterlijk aan het woord komen. En wel door burgers uit te nodigen om voor hun initiatieven - individueel of in groepsverband - subsidie aanvragen in te dienen. Daarbij willen wij dat de prioriteit komt te liggen bij kwetsbare groepen burgers (in termen van inkomenssituatie, handicap, culturele achtergrond). Nu gaat de regeling nog te veel uit van projectindieners die zich opwerpen voor de belangen van de vragers. Wij zeggen: laat de vragers zelf hun projecten indienen en schep de mogelijkheid dat innovatieve concepten mede door derden (denk aan: corporaties, gemeenten, zorgaanbieders) uitgevoerd kunnen worden. De PvdA pleit voor de regie over het eigen leven, voor het langer zelfstandig kunnen wonen, dit betekent ook dat mensen zelf hun eigen zaakjes moeten regelen waarbij zij praktisch ondersteund moeten kunnen worden. Organisatie en proceskosten die hiermee samenhangen komen wat ons betreft in aanmerking voor de subsidiëring vanuit de woonzorgstimuleringsregeling. Wij zijn ervan overtuigd dat er synergetische effecten zullen ontstaan, dat onverwachte en onconventionele vragen naar boven zullen komen drijven die leiden tot bijzonder oplossingen waar een ieder weer zijn voordeel mee kan doen. Wij verwachten dat het kabinet deze gedachte graag over zal nemen gezien het feit dat burgers centraal staan in de Nota Wonen en mensen aldus de nota 'zelf de keuzes moeten kunnen maken, zelf woonzorgarrangementen moeten kunnen samenstellen'. Wat ons betreft wordt dit ook het motto van de regeling 6. Tot slot, vinden wij dat er ten onrechte voor dienstverlening (of welzijn) in de brief van de staatssecretarissen te weinig systematisch aandacht is. Dienstverlening vormt een wezenlijk dimensie bij wonen en zorg. Mede dankzij dienstverlening - denk aan: maaltijdvoorziening, klussendiensten, vervoersdiensten, sociale huismeester - wordt voorkomen dat mensen vroegtijdig worden gemedicaliseerd en een beroep op (dure) hulp wordt gedaan. Dienstverlening hoort integraal te betrekken bij de uitwerking van de tijdelijk stimuleringsregeling. Wij pleiten voor een woonzorgdienstverlenings-stimuleringsregeling, en laten de uiteindelijk naamgeving graag aan de staatssecretarissen over.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie