Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Speech De Vries (VenW) op Herverzekeringsseminar Interpolis

Datum nieuwsfeit: 07-06-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
MINVENW

7 juni 2000

Toespraken

13.54

Speech van de staatssecretaris van het ministerie van Verkeer en Waterstaat, mevrouw drs. J.M. de Vries, op het Herverzekeringsseminar Interpolis in Tilburg op woensdag 7 juni 2000.

(Alleen de uitgesproken tekst geldt)
De actualiteit
Nederland is nog steeds geschokt door de afschuwelijke ramp in Enschede. Die benadrukte hoe belangrijk het is om als maatschappij na te denken over de wijze waarop we met onverwachte rampzalige situaties om willen gaan. Hoe kunnen we ze voorkomen en wat staat ons te doen als het fout is gegaan? Het is beter om daar van tevoren over na te denken dan pas achteraf. Besturen is vooruit zien. Dat geldt ook voor verzekeren.

Een belangrijk onderwerp in dat verband is in ons land de preventie van waterschade. Als we terugzien kunnen we vaststellen dat overstromingen door de eeuwen heen misschien wel de grootste bedreiging zijn voor ons land. Zonder duinen, dijken en dammen zou 60 procent van Nederland met enige regelmaat blank staan. Heel onze cultuur is doordrenkt met en gevormd door onze omgang met het water.

Historicus Simon Schama stelt in zijn boek "the Embarassment of Riches" dat de Nederlanders er in de zeventiende eeuw vanuit gingen dat ze een pact met de Almachtige hadden. God stelde hen in staat om de wateren te bedwingen, en ze zo nodig tegen hun doodsvijanden, de Spanjaarden, in te zetten. Hun macht en rijkdom was het directe gevolg van Zijn welwillendheid.

In die visie werden stormvloeden en overstromingen de gevreesde tekens van een hogere macht, bedoeld om de misstappen en zonden van het volk af te straffen.

Hier ligt ook een van de bronnen van onze beroemde en beruchte calvinistische soberheid. Te grote luxe werd gezien als een provocatie van de hemel, die weg kon worden gespoeld door goddelijke vergelding. De vrees om in luxe en zonde ten onder te gaan was even groot als de vrees voor armoede en verdrinking.

Inmiddels is de dreiging van het water niet langer teken van de wrake Gods. Dat wil niet zeggen dat de risico´s niet langer reëel zijn. We moeten voortdurend werken aan onze weerbaarheid tegen het oprukkende water.

Als staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat ben ik belast met de Nederlandse waterhuishouding. In de Vierde Nota Waterhuishouding heb ik aangegeven hoe ik die verantwoordelijkheid vorm wil geven.

Dat is geen geringe taak, aangezien Nederland in de komende eeuwen te maken krijgt met een stijgende zeespiegel, een dalende bodem en meer neerslag. De hoogwaters van 1993 en '95 maakten duidelijk dat we ons ten onrechte veilig waanden. Ze confronteerden ons met de onberekenbaarheid, kracht en ongrijpbaarheid van water.

Na deze hoogwaters hebben we - als vanouds - snel gereageerd. In sneltreinvaart hebben we het Deltaplan Grote Rivieren in gang gezet. Kosten: 1,2 miljard, waarbij dijken en kades over honderden kilometers worden verstevigd en opgehoogd. Met de voltooiing ervan - eind dit jaar - kent Nederland een grotere veiligheid dan ooit. Bovendien worden elke vijf jaar alle primaire waterkeringen gecontroleerd, om ons ervan te verzekeren dat ze nog in orde zijn. Daarmee hebben we onze achterstand ingelopen. Nu is het zaak om vooruit te kijken.

Voor het waterbeleid van deze eeuw heb ik samen met de Unie van Waterschappen de Commissie Waterbeheer 21-ste eeuw ingesteld. Die bekijkt of het Nederlandse watersysteem gesteld is voor de veranderende omstandigheden. Ook waterschade verzekeringen hebben de aandacht van de commissie.

In september zal de Commissie haar advies uitbrengen, maar een aantal zaken is nu al duidelijk. We moeten anders omgaan met het water. In onze drang dat met technologische maatregelen te overwinnen zijn we af en toe te ver doorgeschoten. We hebben de rivieren te veel in een keurslijf van dijken gedwongen. Het mogelijke gevolg daarvan is een aanzienlijke schade, als die dijken onverhoopt een keer doorbreken. De kans is klein, maar de gevolgen zouden enorm zijn. Om onze veiligheid te vergroten gaan we de rivieren weer de ruimte geven. Dat voorkomt veel problemen en schade.

Ik pleit voor een aanpak waarbij we de mogelijkheid van een overstroming onder ogen zien. Waarbij we vooraf bepalen wat we gaan doen als het zover is. Bij extreem hoge aanvoer van water, houden we het water tijdelijk vast in retentiegebieden. Zo kunnen we de pieken in de hoogwaters aftoppen. En als ook dat geen oplossing meer biedt kiezen we voor gecontroleerde overstromingen in speciaal daarvoor aangewezen gebieden. Zo kunnen we voorkomen dat mensenlevens in gevaar komen of buitenproportionele materiële schade ontstaat.

We hebben nationaal en internationaal afspraken gemaakt om meer ruimte voor water te scheppen. In binnen- en buitenland wordt het water langer vastgehouden. We verbeterden voorzorgsmaatregelen en waarschuwingssystemen.

Minstens even belangrijk is het psychologische aspect van de materie. Mensen voelen zich meestal veilig achter de dijken, en beseffen niet dat er risico´s zijn. We proberen ze ervan te doordringen dat overstromingen nooit helemaal zijn uit te sluiten. Daardoor zullen ze beter anticiperen op overstromingen, wat de risico´s op schade verkleint.

Maar welke maatregelen we ook nemen, er kan altijd meer regen vallen dan het poldergemaal weg kan pompen, waardoor boezemkaden kunnen bezwijken. En zelfs zonder overstroming kan al grote schade ontstaan, bijv. in geval van evacuatie. Met dit restrisico moeten we bewust omgaan.

Waterschade en verzekeren
Het restrisico is ook waar het om gaat bij het verzekeren van waterschade. Het is een wat misleidende term. Want ook al gaat het om een "rest", de schade kan in een dichtbevolkt land als het onze al snel torenhoog oplopen. Dat is ongetwijfeld de reden dat verzekeraars niet stonden te dringen om polissen af te sluiten tegen schade door overstroming.

Toch ligt hier een interessante markt voor verzekeraars. Want waterschade verschilt op zich niet van stormschade. Beide hebben natuurlijke oorzaken, waar we geen invloed op hebben.

Stormschade is wel op de particuliere markt verzekerbaar, en waterschade niet. Terwijl de overheid juist voor miljarden maatregelen genomen heeft en nog zal nemen om waterschade onder extreme omstandigheden te voorkomen.

Waterschade is ook niet langer een onberekenbare grootte. Verkeer en Waterstaat laat modellen opstellen waarmee de overstromingsrisico´s voor een gebied nauwkeurig berekend kunnen worden. De Technische Adviescommissie voor de Waterkeringen onderzoekt de kans op een dijkdoorbraak en daarbij optredende schade.

Verder werken we met provincies en waterschappen aan een Hoogwater Informatie Systeem. Dat maakt op een computer zichtbaar hoe het water zich bij een dijkdoorbraak door een bepaalde polder verspreidt, en welke schade het dus aanricht.

Verzekeraars stappen dus niet met open ogen in een verzekeringsramp, maar kunnen de mogelijkheden en grenswaarden berekenen. Het Waterloopkundig Laboratorium geeft straks meer informatie over deze materie.

De ironie wil dat de overheid zelf een instrument hanteert, dat het verzekeren van schade door hoog water niet bepaald lijkt te stimuleren. Dat is de Wet Tegemoetkoming Schade. Die regelt dat de overheid bij rampen een tegemoetkoming uitkeert. De wet wortelt in het algemene gevoelen, dat het collectieve belang van de samenleving en onze solidariteit met getroffenen dat rechtvaardigen.

De wet heeft echter ook nadelen. Niet alleen remt hij initiatieven uit het verzekeringswezen af, maar hij schept ook een vals gevoel van veiligheid. Mensen denken dat de overheid wel over de brug komt als het misgaat. Ze wanen zich veilig: de dijk beschermt ze tegen het water en de overheid tegen de financiële schade. Daardoor neemt de schade bij calamiteiten alleen maar toe.

Verzekeraars menen vaak dat een grootschalige regeling voor schade door wateroverlast zonder betrokkenheid van de overheid geen haalbare kaart is. Dat lijkt echter mee te vallen, gezien een vergelijkend onderzoek door verzekeraar Swiss Reinsurance in verschillende landen.

In Groot Brittannië bijvoorbeeld zijn overstroming en andere natuurrampen van oudsher gedekt door de inboedelverzekering. In Zwitserland worden natuurrampen samen met brand verzekerd. Ook Duitsland kent soortgelijke mogelijkheden.

Natuurlijk is de dreiging van het water hier over het algemeen groter. Maar internationaal opererende bedrijven slagen er incidenteel wel degelijk in om zich ook in Nederland tegen overstroming te verzekeren.

Het is zeker de moeite waard om te kijken of dat op grotere schaal en structurelere wijze kan gebeuren. Ik zie dan ook belangstellend uit naar het advies van de Commissie Waterbeheer 21-ste eeuw over de mogelijkheden voor een schadefonds of andere verzekeringsproducten. Dat advies zal begin september gereed zijn.

Ik verwacht dat het interessante materie voor u zal zijn. Ik zou graag weten welke rol marktpartijen in zo´n regeling in de Nederlandse situatie kunnen vervullen. Ik daag u uit om met vernieuwende ideeën te komen.Tenslotte zijn verzekeraars beter in verzekeren dan de overheid. En tegenover uw eventuele koudwatervrees zou ik willen stellen: "Een verzekeraar die geen risico durft te nemen maakt nooit winst."

Verkeer en Waterstaat zal u daarbij steunen met haar know-how over waterzaken en overstromingsrisico´s. Er zijn nu al incidenteel contacten tussen verzekeraars en Rijkswaterstaat. Voor de uitwerking en afweging van verzekeringsconstructies kunt u ook de nodige steun verwachten van Binnenlandse Zaken en Financiën.

Als rugdekking heeft u twee garanties. Ten eerste is dat de expertise die Verkeer en Waterstaat in de loop der eeuwen heeft opgebouwd op het gebied van waterbeheer. Die kennis wordt over de hele wereld ingezet voor projecten die waterschade moeten voorkomen en kan u ook helpen bij het ontwikkelen van nieuwe verzekeringsconcepten.

En als laatste garantie is er natuurlijk nog steeds de overheid, die in geval van aanzienlijke rampspoed nog steeds haar middelen zal inzetten om getroffen burgers bij te staan.

Voor een nieuw verzekeringsysteem moeten natuurlijk nog tal van vragen worden beantwoord. Zo zou de overheid zich misschien als geheel kunnen verzekeren, of moet er wellicht juist worden aangesloten op afzonderlijke particuliere verzekeringen.

De discussie moet dus nog beginnen. Ik hoop echter dat zij vandaag goed op gang zal komen. Zodat we spijkers met koppen kunnen slaan wanneer de Commissie Waterbeheer voor de 21-ste eeuw haar bevindingen publiceert. Voor mij staat echter nu al als een paal boven water dat er een belangrijke rol voor het verzekeringswezen in deze kwestie is weggelegd.


reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie