Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief Justitie inzake beantwoording vraag BOPZ

Datum nieuwsfeit: 13-06-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Brief Justitie inz beantwoording vraag inz bopz
Gemaakt: 16-6-2000 tijd: 10:23


1


25907 Voorkoming en bestrijding van geweld op straat
Nr. 6 Brief van de minister van Justitie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 13 juni 2000

Tijdens het Algemeen Overleg van 14 oktober 1999 inzake voorkoming en bestrijding van geweld op straat (Kamerstukken II, 1999/2000, 25 907, nr.5) werd door mevrouw Ravestein (D66) in het kader van de reactie op aanbeveling 59 van het rapport: uitkomsten van het Twaalfstedendebat «Geweld op straat» bepleit om in de Wet bijzondere opnemingen psychiatrische ziekenhuizen (Bopz) een bepaling op te nemen waarin de geneesheer-directeur toestemming aan de rechter of de inspecteur voor de geestelijk volksgezondheid vraagt voor het geven van ontslag. Ik heb toen toegezegd deze vraag schriftelijk te zullen beantwoorden. In het op 25 mei 2000 gehouden Algemeen Overleg inzake moties en toezeggingen bleek dat deze vraag abusievelijk nog niet was beantwoord en heb ik toegezegd deze beantwoording alsnog te zullen geven.

In het kader van kamervragen over dit onderwerp is al eerder door de Minister van VWS en ondergetekende aangegeven dat wij op dit moment geen aanleiding zien de rol van de geneesheer-directeur bij de ontslag verlening, zoals thans is neer gelegd in de Wet Bopz, te wijzigen. Een dergelijke wijziging past niet het systeem van de wet. De rechterlijke tussenkomst heeft tot doel te waarborgen dat niemand van zijn vrijheid wordt beroofd zonder dat de noodzaak daartoe door de rechter is getoetst. Bij de beslissing tot ontslag is de bescherming tegen ongerechtvaardigde vrijheidsbeneming niet aan de orde. De gronden voor ontslag zijn in de wet vastgelegd. Het gaat om een inschatting die op medische gronden wordt gemaakt inzake de stoornis van de geestvermogens en het daardoor veroorzaakte gevaar. Uit de evaluatie van de wet is niet naar voren gekomen dat er knelpunten liggen rondom de beslissing tot ontslagverlening door de geneesheer-directeur. Toegezegd is aan dit punt in het kader van de komende evaluatie van de wet expliciet aandacht te zullen schenken. De kwestie is opnieuw aan de orde geweest tijdens de plenaire behandeling van het voorstel van wet tot wijziging van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen op technische punten onder meer naar aanleiding van de evaluatie (Handelingen II 1999/2000, blz. 3365 en 3384). Door de Minister van VWS is toen de toezegging herhaald dat aan dit punt in het kader van de evaluatie bijzondere aandacht zal worden besteed. Voorts heeft de Minister van VWS toegezegd, vooruitlopend op de evaluatie, dit onderwerp te zullen bespreken met de hoofdinspecteur voor de geestelijke volksgezondheid en hem te zullen vragen te willen nagaan hoe het beleid van de instellingen is, of er voldoende zorgvuldige interne procedures worden gevolgd, of men de hand houdt aan de wettelijk voorgeschreven ontslaggronden en hoe de nazorg is geregeld.

De Minister van Justitie,

A.H. Korthals

Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie