Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord Kamervragen activiteiten Britse geheime dienst

Datum nieuwsfeit: 23-06-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Antwoord Kamervragen over activiteiten van britse geheime dienst m15 in nederland
Gemaakt: 28-6-2000 tijd: 16:26


3 Nr. 1572160/01

Nr. 1572160/01

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal


23 juni 2000

Hierbij bied ik u de antwoorden aan op de schriftelijke vragen van het lid Oedayraj Varma over de activiteiten van de Britse geheime dienst MI5 in Nederland (ingezonden 8 juni 2000, nr. 2990012190).

DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES,

K.G. de Vries


3

Antwoord van minister De Vries (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) op de vragen van het lid Oedayraj Varma (Groen Links) van 8 juni 2000 (nr. 2990012190)


1.

Ja.


2, 3, 4 en 6

De BVD heeft vastgesteld dat enkele oud medewerkers van de voormalige Inlichtingendienst Buitenland (IDB) inlichtingenactiviteiten hebben verricht ten behoeve van een bevriende buitenlandse inlichtingendienst. Hoewel de ontplooide inlichtingenactiviteiten niet waren gericht tegen Nederland of een Nederlands belang valt een dergelijk optreden niet te tolereren. De Nederlandse overheid staat niet toe dat buitenlandse diensten zelfstandig
inlichtingenactiviteiten ontplooien in Nederland, een en ander dient te geschieden in overleg en met toestemming van de BVD. De betreffende dienst is hierop aangesproken en heeft vervolgens excuses aangeboden. Teneinde de betrekkingen met het land waaruit deze dienst afkomstig is niet te verstoren worden hierover geen verdere mededelingen gedaan. De uitlatingen hieromtrent in het Telegraaf-artikel blijven voor rekening van de desbetreffende journalist.

Op 3 juni jl. berichtte de Telegraaf over activiteiten van van de Britse geheime dienst MI5 in Nederland. Daarbij is geciteerd uit een openbaar rapport van de Nationale ombudsman, opgesteld naar aanleiding van een klacht van een oud-medewerker van de voormalige IDB. Zijn klacht betrof in de eerste plaats de wijze waarop twee medewerkers van de BVD hem in een gesprek op 8 maart 1999 hebben bejegend. In de tweede plaats betrof het het niet binnen de daarvoor in de Wet openbaarheid van bestuur gestelde termijn beslissen op zijn inzageverzoek. Op het punt van het niet tijdig beslissen heeft de Nationale ombudsman de klacht gegrond verklaard. Voor het overige - de wijze van bejegening - is de klacht niet gegrond verklaard.

In het kader van het onderzoek naar deze klacht zijn aan de Nationale ombudsman verslagen ter beschikking gesteld van twee door medewerkers van de dienst met betrokkene gevoerde gesprekken. Het uitgebreide citaat zoals dat in de Telegraaf is opgenomen is uit één van deze verslagen afkomstig. Uiteraard waren deze verslagen geanonimiseerd. Verder werd daarin niet concreet aangegeven welke bevriende buitenlandse dienst het betrof.


5.

Het (door ambtenaren) onderhouden van contacten met buitenlandse inlichtingendiensten is op zich niet strafbaar in Nederland. Wel indien sprake zou zijn van het toebrengen van schade aan Nederlandse belangen, bijvoorbeeld als staatsgeheimen ter kennis worden gebracht van onbevoegden (artikel 98 e.v., Wetboek van Strafrecht) dan wel indien schending van het ambts- of beroepsgeheim aan de orde is (artikel 272, Wetboek van Strafrecht). Daarnaast is het mogelijk dat dergelijke contacten in strijd komen met rechtspositionele voorschriften. Ten aanzien van personen in overheidsdienst kunnen dan op basis van het Algemeen Rijksambtenarenreglement disciplinaire maatregelen worden genomen. In het onderhavige geval gaat het om oud-medewerkers van de IDB die formeel - als boventalligen - nog in dienst waren van het ministerie van Algemene Zaken waarvoor zij echter geen werkzaamheden verrichtten. Als zodanig was van het bekleden van een vertrouwensfunctie geen sprake. Inmiddels zijn zij niet meer in dienst van genoemd ministerie maar vallen onder een wachtgeldregeling. Overigens is ten aanzien van bedoelde oud-medewerkers de geheimhoudingsplicht nog steeds van kracht.


7 en 8

Uw Kamer is via de commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten op de hoogte gesteld door middel van de geheime versie van het BVD-jaarverslag 1999. Tijdens de behandeling daarvan door de commissie is ingegaan op de operationele aspecten van deze zaak. In het openbaar kunnen daarover geen verdere mededelingen worden gedaan.

In het openbare jaarverslag over 1999 wordt in paragraaf 9.2 (pagina
81) melding gemaakt van de desbetreffende klacht en het oordeel van de Nationale ombudsman daarover.

Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie