Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord Kamervragen over convenant Chinese horeca

Datum nieuwsfeit: 27-06-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Antwoord Kamervragen over convenant chinese horeca
Gemaakt: 28-6-2000 tijd: 16:40


2

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal


27 juni 2000

Hierbij treft u de antwoorden aan op de schriftelijke vragen van het lid Noorman - den Uyl d.d. 23 juni 2000 en de separaat ontvangen aanvullende vragen.

De Minister van Sociale Zaken

en Werkgelegenheid.

W.A. Vermeend2990012990

Vragen van het lid Noorman - den Uyl

Vraag 1:

Kent u het bericht dat Arbeidsvoorziening toestemming heeft gegeven om werknemers uit China in Nederland in de horeca te werk te stellen?

Antwoord:

Mij is het artikel bekend waarin wordt gereageerd op het convenant personeelvoorziening Chinees-Indische horeca dat op 10 mei jl. is ondertekend door Arbeidsvoorziening en sociale partners.

Vraag 2:

Herinnert u zich het onderzoek 'De maatschappelijke positie van Chinezen in Nederland' en het regeringsstandpunt daarover?

Antwoord:

Ja.

Vraag 3:

Realiseert u zich dat 4/5de van de Chinezen in de horeca werkzaam zijn en dat er thans een grote werkloosheid onder deze groep heerst terwijl naar verwachting circa de helft van de Chinese horecabedrijven niet meer rendabel is?

Antwoord:

Ja

Vraag 4:

Bent u het eens met de vragensteller dat eerst bezien moet worden of bestaande werklozen of potentiële werklozen in vacatures moeten worden ingeschakeld alvorens mensen uit het buitenland naar Nederland gehaald worden?

Antwoord:

Ja.

Vraag 5:

Zo ja, op welke wijze is dat gebeurd, welke opleiding om hogere- of bijscholing wordt thans aan Chinese koks en ander horecapersoneel in Nederland gegeven en welke partijen dragen bij aan de financiering daarvan?

Antwoord:

Om te bewerkstelligen dat eerst het prioriteitgenietend aanbod wordt ingeschakeld worden de wettelijke criteria ter zake gewoon toegepast. Dit is bevestigd in het Convenant: tijdelijke detachering is pas mogelijk, nadat is geconstateerd dat ondanks voldoende wervingsinspanningen van de werkgever vanuit het prioriteitgenietend aanbod (waaronder begrepen bestaande werklozen) niet op een redelijke termijn een voldoende gekwalificeerde kok aanwezig is (overweging onder a van het Convenant en punt 3 van hetgeen men is overeengekomen).

In Amsterdam is een opleiding gestart, georganiseerd door de LFCON (Landelijke Federatie van Chinese Ondernemers in Nederland) en NV Werk Amsterdam. NV Werk (gelieerd aan de gemeentelijke sociale dienst) betaalt de opleiding.

In Rotterdam wordt een opleiding gestart met BBSW-middelen van Arbeidsvoorziening en middelen van de sector zelf.

Vraag 6:

Welke vergunning en voor hoeveel personen voor welke periode is thans toestemming gegeven?

Antwoord:

Het Convenant is op 10 mei ondertekend, maar nog niet in werking getreden. In het kader van het Convenant zijn dus nog geen tewerkstellingsvergunningen afgegeven.

In de afgelopen 5 jaar zijn voor 9 koks/opleiders tewerkstellingsvergunningen afgegeven. In het kader van het nieuwe convenant zullen het er beduidend meer zijn. Er wordt rekening gehouden met 100 tewerkstellingsvergunningen per jaar. Het kunnen er ook meer of minder zijn.

Vraag 7:

In welke functie mogen deze mensen tewerkgesteld worden?

Antwoord:

Deze mensen mogen bij afwezigheid van prioriteitgenietend aanbod worden tewerkgesteld als basiskok of als specialiteitenkok.

Vraag 8:

Hoe en met welke argumenten verklaart u dat de Minister van GSI in zijn brief aan de Kamer verklaart dat er een restrictief toelatingsbeleid met betrekking tot het aantrekken van personeel uit China gevoerd zal worden terwijl koud een maand later blijkt dat in plaats van het oplossen van bestaande werkloosheid in dezelfde sector mensen vanuit China naar Nederland gehaald worden? Welk nieuw feit dat na 28 april bekend is geworden ligt hieraan ten grondslag?

Antwoord:

Vanwege het restrictieve toelatingsbeleid wordt een tewerkstellingsvergunning, behoudens in in de regelgeving genoemde uitzonderingsgevallen die nu niet van toepassing zijn, alleen verstrekt als er geen prioriteitgenietend aanbod aanwezig is. Deze imperatieve weigeringsgrond die in Wet arbeid vreemdelingen is opgenomen, blijft ook in het kader van het Convenant gelden. De werkgever moet ook voldoende wervingsinspanningen verrichten om personeel te vinden. Als ook aan deze voorwaarde is voldaan en als geconstateerd is dat de werkgever door de geboden arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden geen beletselen voor vacaturevervulling opwerpt kan een tewerkstellingsvergunning worden verleend.

Binnen het wettelijk kader is in aanvulling op het voorgaande in het Convenant het volgende opgenomen:

Voor een basiskok of specialiteitenkok zal een vergunning onder voorwaarden worden verstrekt met een geldigheidsduur van respectievelijk een jaar en 24 weken, met een mogelijkheid tot verlenging (basiskok: verlenging van jaar, specialiteitenkok verlenging twee maal één jaar). De vergunning onder voorwaarden wordt alleen verlengd indien blijkt dat de werkgever zich voldoende inspant om de voorwaarden na te komen. Deze voorwaarden betreffen het verrichten van scholingsinspanningen, waardoor de gedetacheerde kok na de detacheringsperiode vervangen wordt door prioriteitgenietend aanbod, en het aantoonbaar bieden van marktconforme arbeidsvoorwaarden, arbeidsomstandigheden en arbeidsverhoudingen.

Door het verbinden van (scholings-) voorwaarden aan de afgifte voor tewerkstellingsvergunningen is feitelijk sprake van een aanscherping van het restictieve beleid.

Vraag 9:

Bent u bereid nog deze week deze vragen te beantwoorden?

Antwoord:

De vragen zijn op vrijdag 23 juni gedateerd. Beantwoording heeft met grote spoed plaatsgevonden.

Aanvullende vragen:

Vraag 10:

Is het waar dat het convenant wat afgesloten is geen beperkingen met betrekking tot het totale aantal toe te laten Chinese koks kent?

Antwoord:

Ja. Gegeven het feit dat het convenant ertoe strekt dat prioriteitgenietend aanbod wordt opgeleid, zal het aantal toe te laten Chinese koks op termijn afnemen.

Vraag 11:

Op welke wijze is geverifieerd dat de contractpartij (het bemiddelingsbureau COSCO) een betrouwbaar bureau is en niets van doen heeft met illegale mensenhandel dan wel excessieve betalingen door de werknemer voor tewerkstelling in Nederland?

Antwoord:

De Chinese overheid heeft 25 bedrijven vergunning gegeven om personeel te detacheren in het buitenland. Cosco Manning Cooperation is daarvan de grootste die al jarenlang duizenden Chinese werknemers detacheert in o.a. de VS, Japan en Europa.

Vertegenwoordigers van Koninklijke Horeca Nederland hebben in China een aantal detacheringsbureaus bezocht en hebben op basis daarvan Cosco geselecteerd als meest professionele organisatie.

Een vertegenwoordiging van Cosco is in mei in Nederland geweest en zowel Arbeidsvoorziening als ook de vakbeweging zijn uitgebreid in de gelegenheid geweest om met vertegenwoordigers van Cosco contact te leggen. Arbeidsvoorziening heeft geen enkele reden om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van Cosco.

Vraag 12:

Is het waar dat de Chinese koks die naar Nederland willen komen een bedrag van fl 4000 in China moeten betalen en vervolgens een bedrag van fl 5000 in Nederland al of niet als waarborgsom?

Antwoord:

Chinese koks die uitgezonden worden naar het buitenland betalen een aantal kosten voor onder meer paspoort, visum, een medische test, reiskosten binnen China. De kosten zijn per provincie verschillend. Het maximumbedrag ligt rond de 4000 gulden.

Om illegaal verblijf en tewerkstelling na het einde van de detachering tegen te gaan, houden de Chinese detacheringsbureaus normaal een gedeelte van het loon in dat wordt uitbetaald indien de kok weer in China terugkeert. Omdat er bij de Chinese detacheringsbureaus twijfels bestonden of inhouding op het loon in Nederland juridisch is toegestaan, zoeken zij een alternatief, waarvan het betalen van een waarborgsom er een is.

Vraag 13:

Is het waar dat een bedrag van fl 4000 meer dan een jaarsalaris is in China

Antwoord:

Nee. Een goede kok in China kan al snel rond de fl 800 per maand verdienen. Bovendien gaat het om koks die of al in het buitenland gewerkt hebben, of daar zullen gaan werken en derhalve een betere financiële positie hebben. In de perifere regio's van China zijn de lonen overigens lager.

Vraag 14:

Is het waar dat Arbeidsvoorziening voorstelt om een gedwongen spaarregeling aan Chinese koks voor te schrijven of een lagere loonuitbetaling om aan het einde van de tewerkstellingsperiode als waarborgsom bij het verlaten van het land uit te keren?

Antwoord:

Door de Chinese detacheringsbureaus, sociale partners en Arbeidsvoorziening is overlegd om te bezien of er alternatieven zijn voor de door de Chinese detacheringsbureaus gebruikelijk gehanteerde inhouding op het loon. Een spaarloonregeling of een lagere inschaling in het eerste jaar, vanwege het feit dat de kok uit China niet direct
100% produktief is, zijn als mogelijke, nog te onderzoeken alternatieven in dat gezamenlijke overleg aan de orde geweest.
Vraag 15

Is de minister van mening dat werkgevers zelf in principe de kosten van detachering dienen te betalen

Antwoord:

Wat de kosten van de detachering betreft is het in Nederland zo, dat op grond van artikel 9 van de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs van de arbeidskracht die ter beschikking wordt gesteld geen tegenprestatie mag worden bedongen. Tevens geldt op grond van artikel 8 van voornoemde wet dat deze arbeidskrachten een beloning moeten ontvangen gelijk aan die van de werknemers die bij de inlener in dienst zijn, tenzij de wet of de CAO anders bepalen. Voor wat betreft de vergoeding tussen inlenende werkgever en het detacheringsbureau geldt dat dit wordt bepaald door onderhandeling tussen deze twee partijen. Ook in het onderhavige geval dient aan voornoemd kader te worden voldaan.

Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 12 is hier sprake van een onkostenvergoeding

en geen tegenprestatie.

Vraag 16:

Mag een werkgever loonbetaling achterhouden of een lager loon dan de cao voorschrijft uitbetalen en pas bij uitreis het restant? Hoe vrij zijn de werknemers in de beslissing daarmee accoord te gaan?

Antwoord:

Het CAO-loon is een minimumloonbepaling. Afwijking van het cao-loon ten nadele van de werknemer is (in beginsel) nimmer toegestaan. Uitgaande van een inhouding waarbij de werknemer in ieder geval het CAO-loon op de betaaldag ontvangt, het volgende:

Ik ga er bij de verdere beantwoording van de vraag vanuit dat het chinese uitzendbureau in Nederland een vestiging heeft, c.q. dat de inlener namens de werkgever het loon uitbetaalt en het Nederlandse recht hier van toepassing is.

Onverlet de bepalingen in de CAO voor het Horecapersoneel, is een beding waarbij de werkgever het recht krijgt enig bedrag van het loon op de betaaldag in te houden nietig, conform bijgaand artikel 7:631 BW. Uitzondering op deze regel wordt gemaakt indien de werknemer de werkgever desalniettemin een schriftelijke volmacht verleent om uit het te betalen loon betalingen te verrichten. Deze volmacht kan een betaling in naam van de werknemer aan een spaarregeling zijn waar de werknemer een rekening heeft lopen. Deze volmacht kan te allen tijde worden herroepen.

Het bovenstaande is niet van toepassing op een beding waarbij de werknemer zich verbindt deel te nemen aan een regeling tot sparen te zijnen behoeve, mits die regeling voldoet aan de bij AMvB Besluit 23 januari 1973, Stb 33, en laatstelijk gewijzigd bij Besluit van 26 augustus 1986, Stb 1986, 469 vastgestelde voorwaarden. Volgens één van deze voorwaarden mag er geen bepaling in de regeling worden opgenomen ten gevolge waarvan de werknemer rechten op het tegoed verliest. Als voorwaarde voor uitbetaling kan aldus niet worden gesteld dat de werknemer teruggaat naar China. Hierdoor is de bruikbaarheid van een spaarregeling die voldoet aan de bij AmvB bepaalde voorwaarden in deze context uiterst gering. Indien desondanks een spaarregeling kan worden overeengekomen die voldoet aan de bij AmvB vastgestelde voorwaarden ten aanzien van spaarregelingen, betreft het inhoudingsbeding geen nietig beding en mag de werkgever het loon in de vorm van een spaarregeling inhouden. In dit geval is een werknemer vrij in zijn beslissing hiermee akkoord te gaan.

Ik zal de Convenantspartijen via Arbeidsvoorziening hiervan op de hoogte stellen.

Vraag 17

Meent de minister dat het hier gaat om een wenselijke of oorbare zaak en aan welke randvoorwaarden moet naar het oordeel van de minister worden voldaan bij het aangaan van detacheringsovereenkomsten van buitenlandse werknemers in Nederland als het gaat om betalingen van de werknemer aan het bemiddelingsbureau of de werkgever?

Antwoord

Zie mijn antwoord op vraag 15 en 16

Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie