Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Verslag Europese landbouwraad 17 juli 2000

Datum nieuwsfeit: 17-07-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Europese Unie

2284. Raad - LANDBOUW Press Release: Brussels (17-07-2000) - Press: 264 - Nr: 10329/00


10329/00 (Presse 264)

(OR. fr)


2284e zitting van de Raad

- LANDBOUW -

Brussel, 17 juli 2000

Voorzitter:

de heer Jean GLAVANY

Minister van landbouw en visserij van de Franse Republiek

INHOUD

DEELNEMERS


*

BESPROKEN PUNTEN

VLAS EN HENNEP - LANDBOUWPRIJZEN 2000/2001


*

SCHOOLMELK


*

ETIKETTERING VAN RUNDVLEES


*

GROENTEN EN FRUIT


*

HYGIËNEVOORSCHRIFTEN


*

WERKPROGRAMMA VAN HET VOORZITTERSCHAP


*

DIVERSEN


*

ZONDER DEBAT GOEDGEKEURDE PUNTEN

LANDBOUW


*


-

Communautaire steun * *

VISSERIJ


*


-

Eigen begroting voor de Algemene Visserijcommissie voor de Middellandse Zee *

HANDELSVRAAGSTUKKEN


*


-

Antidumping: hulpstukken voor buisleidingen uit de Volksrepubliek China, Kroatië of Thailand *

-

Suiker - gegarandeerde prijzen *

BENOEMING


*


-

Comité van de Regio's *

Voor meer informatie: tel. 285 87 04 of 285 74 59

DEELNEMERS

De regeringen van de lidstaten en de Europese Commissie waren als volgt vertegenwoordigd:

België:

de heer Jaak GABRIËLS

Minister van landbouw en middenstand

Denemarken
:

mevrouw Ritt BJERREGAARD

Minister van voedselvoorziening, landbouw en visserij

Duitsland:

de heer Martin WILLE

Staatssecretaris, Ministerie van Voedselvoorziening, Land- en Bosbouw

Griekenland
:

de heer Georgios ANOMETERIS

Minister van landbouw

Spanje
:

de heer Miguel ARIAS CAÑETE

Minister van landbouw, visserij en voedselvoorziening

Frankrijk
:

de heer Jean GLAVANY

Minister van landbouw en visserij

Ierland
:

de heer Joe WALSH

Minister van landbouw, voedselvoorziening en plattelandsontwikkeling

Italië
:

de heer Alfonso PECORARO SCANIO

mevrouw Ombretta FUMAGALLI-CARULLI

Minister van land- en bosbouw

Staatssecretaris van volksgezondheid

Luxemburg
:

de heer Fernand BODEN

Minister van land- en wijnbouw en plattelandsontwikkeling

Nederland
:

de heer Laurens-Jan BRINKHORST

Minister van landbouw, natuurbeheer en visserij

Oostenrijk
:

de heer Wilhelm MOLTERER

Minister van land- en bosbouw, milieubeheer en waterhuishouding

Portugal
:

de heer Luis CAPOULAS SANTOS

Minister van landbouw, plattelandsontwikkeling en visserij

Finland
:

de heer Kalevi HEMILÄ

Minister van land- en bosbouw

Zweden
:

mevrouw Margareta WINBERG

Minister van landbouw

Verenigd Koninkrijk
:

de heer Nick BROWN

Minister van landbouw, visserij en voedselvoorziening


* * *

Commissie
:

de heer David BYRNE

de heer Franz FISCHLER

lid

lid

VLAS EN HENNEP - LANDBOUWPRIJZEN 2000/2001

Aan het slot van de bespreking van de Commissievoorstellen betreffende de hervorming van de sector vlas en hennep en de vaststelling van de landbouwprijzen voor 2000/2001, hechtte de Raad met eenparigheid van stemmen zijn goedkeuring aan het algemene compromis dat door het voorzitterschap is voorgesteld en waarbij de Commissie zich heeft aangesloten.

Wat de landbouwprijzen betreft, ging de Raad vervolgens over tot de formele aanneming van de verordeningen betreffende de sectoren granen, rijst, zijderupsen en schapenvlees. Deze teksten liggen in het verlengde van die welke wegens urgentie reeds in juni werden aangenomen voor de sectoren suiker en varkensvlees.

Wat de sector vlas en hennep betreft, zal de Raad via de schriftelijke procedure de volgende nieuwe verordeningen vaststellen:


- een verordening houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 1251/1999 met het oog op uitbreiding van de werkingssfeer tot vezelvlas en -hennep,

- een verordening houdende gemeenschappelijke ordening der markten in de sector vezelvlas en -hennep,
nadat de respectieve teksten bijgewerkt zijn.
Geconsolideerde tekst van het compromis
"textielvezels - vlas en hennep" en "landbouwprijzen (2000/2001)", na de Raad van 17 juli:

A. HERVORMING VLAS EN HENNEP

De Commissievoorstellen betreffende de "hervorming van voor de vezelproductie bestemde vlas en hennep" (doc. 12992/99 - COM(1999) 576 def.) worden goedgekeurd, behoudens de volgende, door de Commissie gesteunde wijzigingen:


1. REGELING AKKERBOUWGEWASSEN


1.1 Subsidiabiliteit van de percelen

In de nieuwe regeling kunnen, naast de arealen die subsidiabel zijn uit hoofde van Verordening (EG) nr. 1251/1999, de gronden waarop vlas en hennep worden geteeld voor de vezelproductie, alsook die welke bestemd zijn voor de daarmee verband houdende verplichte braaklegging, subsidiabel zijn, voorzover het arealen betreft waarvoor tijdens de verkoopseizoenen 1998/1999 tot en met
2000/2001steun voor vlas en/of hennep werd verleend in het kader van de thans geldende steunregeling voor deze gewassen.
1.2. Verplichte verkoopcontracten voor de producent Het in artikel 5 bis) van het voorstel voor een verordening van de Raad houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 1251/1999 bedoelde contract en het in artikel 2 van het voorstel voor een verordening houdende een gemeenschappelijke ordening der markten bedoelde contract zijn een en hetzelfde aankoop-/verkoopcontract. In voorkomend geval kan het aankoop-/verkoopcontract vervangen worden door hetzij een verbintenis van de producent om de verwerking zelf uit te voeren, hetzij door een contract voor loonverwerking.

1.3. Herziening van de regioplannen
De datum 1 mei 2000 voor de toezending aan de Commissie van de eventuele herziening van de regioplannen wordt vervangen door
1 oktober 2000.

1.4. Specifieke bepaling voor Finland en bepaalde gebieden van Zweden
Het aanvullend bedrag bij de areaalbetaling als bedoeld in artikel 4, lid 4, van Verordening (EG ) nr. 1251/1999, is eveneens van toepassing op olievlas en op vlas en hennep bestemd voor de vezelproductie.


2. SUBSIDIABILITEIT VAN DE VERWERKING


2.1. Definitie van korte/lange vlasvezels

a) Het Comité van beheer zal een definitie van korte/lange vlasvezels vaststellen.

b) De Raad neemt akte van de toezegging van de Commissie om bij de definitie van lange vlasvezels met name rekening te houden met de gang van zaken bij het verwerkingsproces, alsook met de minimumlengte van de na het zwangelen naast elkaar in bundels of in vliezen geschikte vezels.


2.2. Contracten voor loonwerk

De verwerkingssteun wordt toegekend aan de producent die eigenaar blijft van het stro, onder contract voor de verwerking tot vezels zorgdraagt en bewijst dat de verkregen vezels op de markt zijn gebracht.


2.3. Overdracht van het stro

Stro dat naar een andere lidstaat wordt uitgevoerd om daar te worden verwerkt, wordt verrekend met de NGH van de lidstaat van oorsprong die de steunbetaling verricht.


2.4 Onzuiverheden

Teneinde voor steun in aanmerking te komen, moet het tot korte vlasvezels en hennepvezels verwerkte stro worden gereinigd van de onzuiverheden die het bevat. Vezels met maximaal 7,5% onzuiverheden gelden als zuivere vezels.

Boven deze drempel en rekening houdend met de traditionele afzetkanalen in de sector korte vezels, hebben de lidstaten desgewenst de mogelijkheid om tot en met 2003/2004 een premie toe te kennen voor vezels met een hoger percentage aan onzuiverheden, mits dit niet meer bedraagt dan 25% voor hennep en 15% voor vlas.

In gevallen waarin het percentage onzuiverheden aldus wordt gewijzigd, wordt de hoeveelheid geproduceerde vezels aangepast teneinde ervoor te zorgen dat het systeem niet leidt tot verhoging van de steun en van de nationale gegarandeerde hoeveelheid per ton zuivere vezels.


3. HOOGTE VAN DE VERWERKINGSSTEUN


3.1. Bedrag van de steun

De steunbedragen in het Commissievoorstel worden vervangen door de volgende bedragen:


2001/2002


2002/03 t/m 2005/06
vanaf 2006/07

Steun (euro
/t)

Steun (euro
/t)

Steun (euro
/t)

Lange vlasvezels

Korte vlasvezels en hennepvezels, zuiver 1


100


90


160


90


200

(verslag)


1

Zuivere vezels: die welke tussen 0 en 7,5% onzuiverheden bevatten.

3.2. Aanvullende steun voor verwerkers

a) Indien met betrekking tot arealen in de vlasproductie gebieden I en II als omschreven in Verordening (EG) nr. 1784/93 van de Commissie tot vaststelling van de aanpassingscoëfficiënten voor vezelvlas, met een erkende eerste verwerker van vlas met lange vezels een contract is gesloten voor de verkoop van het geproduceerde stro, ontvangen deze verwerkers tot en met 2005/2006 een forfaitaire aanvullende steun van 120 euro per ha. b) Met betrekking tot arealen in gebied III en onder dezelfde voorwaarden als onder a), ontvangen de verwerkers tot en met het verkoopseizoen 2005/2006 een forfaitaire aanvullende steun van
50 euro per ha.


3.3. Verslag 2005
In 2005 legt de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement een verslag voor over de verwerkingssteun, met een evaluatie van het effect van de verwerkingssteun, dat met name betrekking heeft op:

- de situatie van de producenten met betrekking tot het bebouwde areaal en de ontvangen prijzen;

- de trends op de markt voor textielvezels en de ontwikkeling van nieuwe producten;

- de verwerkende industrie.

In het verslag wordt, rekening houdend met de alternatieve productie, vermeld of de sector in staat is volgens de aangegeven richtsnoeren te functioneren; daarnaast bevat het in voorkomend geval passende voorstellen.

Tevens dient in het rapport aan de orde te komen of de verwerkingssteun voor korte vezels en de in de productiegebieden I, II en III toegekende aanvullende steun voor lange vezels een permanent karakter kunnen krijgen.


4. NGH/MGH


4.1. Voor lange vlasvezels:


- NGH zoals door de Commissie voorgesteld voor B, D, F, NL, A, FIN;
- NGH van 50 ton elk voor E, P, S, UK;


- de MGH van 75.500 ton per verkoopseizoen wordt vervangen door een MGH van 75.250 ton.


4.2. Voor korte vlasvezels en hennepvezels:
De NGH's worden als volgt gewijzigd (in ton):

België


10.350

Duitsland


12.800

Spanje


20.000

Frankrijk


61.350

Nederland


5.500

Oostenrijk


2.500

Portugal


1.750

Finland


2.250

Zweden


2.250

Verenigd Koninkrijk


12.100

Er wordt een MGH (communautaire hoeveelheid) van 5.000 ton gevormd voor DK, GR, IRL, I en L, met dien verstande dat de verdeling in de vorm van NGH's tussen deze lidstaten voor elk verkoopseizoen door het Comité van beheer zal worden opgesteld naar gelang van de hectaren onder contract.
De MGH van 119.250 ton per verkoopseizoen wordt vervangen door een MGH van 135.900 ton.
De lidstaten kunnen een deel van hun NGH korte vlasvezels en hennepvezels overdragen naar lange vlasvezels, en vice versa, waarbij 1 ton lange vlasvezels gelijkgesteld wordt met 2,2 ton korte vlasvezels en hennepvezels.


4.3. Vrijwillige herverdeling

De lidstaten kunnen, eenmalig tot uiterlijk 30 juni 2001, een deel van de gegarandeerde nationale hoeveelheden die hun zijn toegekend, onderling uitwisselen. In dit geval geven zij van de uitwisseling kennis aan de Commissie, die het Beheerscomité ervan op de hoogte brengt.


4.4. Verslag 2003

Uiterlijk op 31 december 2003 dient de Commissie een verslag in dat eventueel vergezeld gaat van voorstellen, aan de hand waarvan de tendensen van de productie in de lidstaten kunnen worden beoordeeld en meer in het bijzonder het effect van de hervorming in termen van afzet en economische levensvatbaarheid van de sector. In voorkomend geval vormt dit verslag de grondslag voor een nieuwe verdeling, die mogelijk kan leiden tot een verhoging van de gegarandeerde nationale hoeveelheden. De Commissie zal met name rekening houden met het productieniveau, de verwerkingscapaciteit en de afzetmarkten. Bij deze gelegenheid zal tevens het maximumpercentage aan onzuiverheden van korte vezels aan de orde komen.


5. SPECIFIEKE MAATREGELEN VOOR HENNEP


5.1. Afschaffing van de verplichte vaststelling van een maximumareaal voor hennep
De controle van de hennepproductie bestrijkt:

- ten minste 30% van de arealen, of


- ten minste 20% van de arealen, indien de lidstaat beschikt over een systeem van voorafgaande vergunningen voor hennepteelt.

5.2. Regeling voor ingevoerde hennepzaden

Hennepzaad dat niet is bestemd voor zaaidoeleinden (GN-code 1207 99
91) mag uitsluitend worden ingevoerd door importeurs die door de lidstaat zijn erkend. De wijze van controle om na te gaan of het ingevoerde zaad niet voor zaaidoeleinden wordt gebruikt, wordt vastgesteld door het Comité van beheer.


5.3. Gebruik van hennep in de voeding

Ten opzichte van de huidige situatie zijn er geen nieuwe specifieke beperkingen voor het gebruik van hennep in de voeding opgenomen.


6. GEMEENSCHAPPELIJK VRAAGSTUK BIJ DE VOORSTELLEN "VLAS EN HENNEP" EN

"KATOEN"

Voor de producten

- vlas en hennep,

- katoen,

- zijderupsen,

zal de benaming "Comité van beheer voor vlas en hennep" worden vervangen door "Comité van beheer voor natuurvezels".


7. VERKOOPSEIZOEN 2000/2001


7.1. Inwerkingtreding

De huidige steunregeling geldt voor het verkoopseizoen 2000/2001 dat per 30 juni 2001 afloopt. De bepalingen betreffende de steunbedragen maken bij wijze van overgangsmaatregelen deel uit van de hervorming van de GMO.
De nieuwe steunregelingen zijn van toepassing met ingang van het verkoopseizoen 2001/2002.


7.2. Bedrag van de steun voor 2000/2001

De steunbedragen voor het verkoopseizoen 2000/2001 voor vezelvlas en hennep worden uiterlijk 31 oktober 2000 volgens de procedure van het Beheerscomité vastgesteld.

De steun voor 2000/2001 wordt vastgesteld, door op de bedragen van
1999/2000 een coëfficiënt toe te passen die het percentage van de vermindering aangeeft tussen:


- de gemiddelde uitgave per hectare voor 1999/2000 volgens het financieel memorandum bij het Commissievoorstel (173 miljoen euro/240.000 ha = 721 euro per ha), en

- de gemiddelde uitgave per hectare die overeenkomt met een maximaal begrotingsbedrag van 88 miljoen euro en met de teeltaangiften voor 2000/2001.

De aldus vastgestelde steun kan niet hoger liggen dan die welke voor het verkoopseizoen 1999/2000 is vastgesteld.


7.3. Promotieheffing
Het op de steun voor vlas in te houden bedrag voor de financiering van promotiemaatregelen bedraagt 0 euro/ha.

B. LANDBOUWPRIJZEN (2000/2001)

De Commissievoorstellen betreffende "de vaststelling van de landbouwprijzen (2000/2001)" (doc. 6629/00 - COM(2000) 77 def.) worden goedgekeurd behoudens de volgende, door de Commissie gesteunde wijzigingen:


1. GRANEN


1.1. Maandelijkse verhogingen

Bijlage D van het voorstel voor de verordening tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1766/92 wordt vervangen door de volgende tekst:

BIJLAGE D

Maandelijkse verhogingen van de interventieprijs
(euro/t)

Maand

Verkoopseizoen 2000/2001

Vanaf het verkoopseizoen 2001/2002

Juli

Augustus

September

Oktober

November

December

Januari

Februari

Maart

April

Mei

Juni


-


-


-


-


1


2


3


4


5


6


7


7


-


-


-


-

0,93


1,86


2,79


3,72


4,65


5,58


6,51


6,51


1.2. Interventieperiode in Zweden

Artikel 1, lid 2, van het voorstel voor een verordening tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1766/92 wordt geschrapt.


2. RIJST

Het voorstel voor een verordening tot wijziging van Verordening (EG) nr. 3072/95 houdende een gemeenschappelijke ordening van de rijstmarkt (doc. 6629/00 - COM(2000) 77 def., Deel III, blz. 6) wordt vervolledigd met de toevoeging in artikel 6, leden 3 en 4, (Griekenland) van de nomoi Kavala en Aetolia-Akarnania aan de nomoi Thessaloniki, Serrai en Fthiotis.

3. ANDERE ASPECTEN


3.1. Alcohol uit landbouwproducten

De Raad verzoekt de Commissie na te gaan of het wenselijk is een regelgevend kader voor alcohol uit landbouwproducten voor te stellen dat alleen de volgende aspecten zou behelzen:
- definities;


- verbetering van de statistische informatie teneinde de marktsituatie transparanter te maken;


- automatische regeling voor invoer- en uitvoercertificaten;

- oprichting van een passend comité voor deze sector.

3.2. Schapenvlees
De Raad verzoekt de Commissie de definitie van producent in een probleemgebied te bestuderen en, in voorkomend geval, een passend voorstel te doen, met als doel te preciseren dat als producent in probleemgebied wordt beschouwd, elke producent van schapen- en/of geitenvlees van wie het bedrijf in een probleemgebied ligt of van wie ten minste 50% van het voedergewassenareaal zich in een dergelijk gebied bevindt.


3.3. Noten

De Raad verzoekt de Commissie om, wat betreft de programma's die normaliter in 2000 zouden aflopen, voor te stellen de betalingen aan de notenproducenten voort te zetten binnen de begroting van
2001.

Voorts zal de Commissie in het kader van het verslag over de groenten- en fruitregeling dat zij vóór eind 2000 zal voorleggen, de situatie van de notensector nader bestuderen.

3.4. Specifieke steun voor graanproducenten in Portugal
Wat de specifieke steun voor graanproducenten in Portugal betreft (Verordening (EEG) nr. 3653/90), verzoekt de Raad de Commissie het in 2000/2001 vastgestelde niveau in 2001/2002 te handhaven, in de wetenschap dat de Commissie zich ertoe verbindt de situatie van de specifieke steun voor 2002/2003 te bestuderen.


3.5. Vochtgehalte van granen

De Commissie zal de kwestie van het vochtgehalte van interventiegranen na afloop van het verkoopseizoen 2000 bestuderen.

SCHOOLMELK

De Raad hechtte met eenparigheid van stemmen zijn goedkeuring aan het voorstel van de Commissie betreffende de verlenging van de schoolmelkregeling, zoals het luidt na de wijziging ervan, tijdens de zitting, conform het compromis van het voorzitterschap waarbij de Commissie zich had aangesloten:


- het communautair financieringspercentage, namelijk 95%, wordt teruggebracht tot 75%, zoals het Europees parlement had aanbevolen;

- de lidstaten kunnen, ter aanvulling van de steun van de Gemeenschap, nationale steun toekennen voor het verstrekken van schoolmelk aan leerlingen en deze nationale steun financieren door een passende bijdrage van de melksector.

Naar verwachting zal de Raad de nieuwe verordening na bijwerking van de tekst zonder debat (A-punt) aannemen tijdens de zitting van de Raad Begroting van 20 juli 2000.

ETIKETTERING VAN RUNDVLEES

De Raad bereikte met eenparigheid van stemmen een akkoord over de goedkeuring van alle amendementen die het Europees Parlement in tweede lezing heeft voorgesteld op het voorstel voor een verordening tot vaststelling van een identificatie- en registratieregeling voor runderen en inzake de verplichte etikettering van rundvlees en rundvleesproducten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 820/97. De aldus gewijzigde verordening werd vastgesteld.
De verordening is van toepassing op rundvlees dat afkomstig is van dieren die vanaf 1 september 2000 zijn geslacht. Zij voert met name een transparant verplicht etiketteringsysteem in, zulks in twee fasen.

Doel van de eerste fase, die toepasselijk is vanaf de inwerkingtreding van de verordening, is de consument te informeren over:


- het referentienummer waarmee het verband kan worden gelegd tussen het vlees en het dier of de dieren;

- het erkenningsnummer van het slachthuis en van de uitsnijderij;
- de lidstaat of lidstaten (of derde landen) waar het slachten en het uitsnijden hebben plaatsgevonden.

Vanaf het begin van de tweede fase, namelijk vanaf 1 januari 2002, dient het etiket tevens informatie te bevatten over de lidstaat of het derde land waar het dier of de groep dieren geboren is en over de lidstaten of de derde landen waar het dier of de groep dieren is gemest.

Het doel van de amendementen van het Parlement in tweede lezing is tweeërlei:


- de verplichte vermelding van de categorie waartoe het dier of de groep dieren behoort, schrappen;

- de regeling voor gehakt rundvlees aanscherpen, zodat de herkomst wordt vermeld als het land in kwestie niet het land is waar het gehakt rundvlees geproduceerd werd.

GROENTEN EN FRUIT

De Raad nam akte van de presentatie door Commissielid FISCHLER van het voorstel van zijn instelling tot wijziging van de Verordeningen (EG):

- nr. 2200/96 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector groenten en fruit,

- nr. 2201/96 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector verwerkte producten op basis van groenten en fruit,
- nr. 2202/96 tot invoering van een steunregeling voor telers van bepaalde citrussoorten.

Dat voorstel heeft tot doel de meest dringende problemen van de sector te regelen in afwachting van het vóór het einde van het jaar verwachte Commissieverslag over de algemene werking van deze GMO; in deze fase stelt de Commissie meer bepaald maatregelen voor om de steunregelingen voor de telersverenigingen in evenwicht te brengen en te vereenvoudigen en het beheer van de uitvoerrestituties te verbeteren.

De Raad nam nota van de inleidende opmerkingen van sommige lidstaten en gaf het Speciaal Comité Landbouw opdracht het voorstel zo spoedig mogelijk te behandelen.

De Raad besloot het Europees Parlement en het Economisch en Sociaal Comité een advies te vragen over dit voorstel.

HYGIËNEVOORSCHRIFTEN

De Raad luisterde naar een presentatie door Commissielid BYRNE van de voorstellen van zijn instelling aangaande de hygiënevoorschriften (naar aanleiding van het Witboek). Deze voorstellen bevatten vijf regelgevingsteksten, waarvan vier met medebeslissing van het Europees Parlement, te weten:


1) een algemene tekst;


2) een specifieke tekst voor elk product;


3) een tekst betreffende de veterinaire controle, zowel binnen het grondgebied van de Unie als aan de buitengrenzen;
4) een tekst betreffende de maatregelen inzake diergezondheid die invloed hebben op de volksgezondheid;

5) een tekst waarbij de 17 bestaande richtlijnen ingetrokken worden.

De Raad gaf het Comité van permanente vertegenwoordigers opdracht de behandeling van deze voorstellen aan te vangen. Voorts werd overeengekomen een advies te vragen aan:


- het Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's, over de voorstellen nr. 1, 2, 3 en 5 en

- het Europees Parlement en het ESC, over voorstel nr. 4 (dat niet onderworpen is aan de medebeslissingsprocedure).
WERKPROGRAMMA VAN HET VOORZITTERSCHAP

De Raad nam nota van de plannen van het voorzitterschap voor de organisatie van de werkzaamheden met betrekking tot de verschillende landbouwdossiers gedurende de komende 6 maanden.
DIVERSEN

Onder "Diversen" besprak de Raad met name de volgende punten:
0M Pelsdierensector in de Europese Unie

De Finse delegatie gaf de Raad te kennen dat zij bezorgd is over de mogelijkheid dat sommige lidstaten eenzijdig maatregelen nemen waarbij het houden van dieren voor de productie van bont wordt verboden, terwijl het Wetenschappelijk Veterinair Comité van de Commissie momenteel een rapport aan het opstellen is over het welzijn van de dieren die voor de productie van bont gehouden worden.
Diverse delegaties deelden mee dat deze kwestie momenteel in hun nationale of regionale parlementen aan de orde is. De Commissievertegenwoordiger vond dat moet worden gewacht totdat het Wetenschappelijk Veterinair Comité zijn werkzaamheden heeft afgerond alvorens terzake een initiatief te nemen.
0M Fokken van mogelijk gevaarlijke honden

In het licht van de ernstige incidenten die zich onlangs in diverse lidstaten met agressieve honden hebben voorgedaan, verzocht de Luxemburgse delegatie, gesteund door meerdere delegaties, de Commissie passende initiatieven te nemen teneinde terzake tot een eenvormige communautaire regeling te komen.

De Commissievertegenwoordiger wees erop dat het verbod van vechthonden in beginsel een bevoegdheid van de lidstaten is, maar dat het volgens hem noodzakelijk is deze kwestie te benaderen vanuit de invalshoek van de interne-marktregels en overwegingen van openbare orde.
Diverse delegaties herinnerden eraan dat zij verzocht hadden deze kwestie op de agenda van een volgende zitting van de Raad JBZ te plaatsen.

0M Uitvoerrestituties voor niet onder bijlage I vallende producten

De Ierse delegatie, gesteund door meerdere delegaties, vestigde de aandacht van de Raad op de opschorting van de afgifte van restitutiebewijzen voor producten die niet in bijlage I zijn opgenomen, alsmede op het beheer van de bewijzen in het volgende begrotingsjaar, zulks in verband met de verplichtingen in het kader van de GATT.

De Commissievertegenwoordiger nam nota van het verzoek van deze delegatie en verzocht de lidstaten de Commissie de nodige statistische gegevens te verschaffen om nauwkeurig te bepalen hoeveel middelen voor uitvoerrestituties moeten worden uitgetrokken.

ZONDER DEBAT GOEDGEKEURDE PUNTEN

(Besluiten ten aanzien waarvan verklaringen voor de Raadsnotulen beschikbaar zijn voor het publiek, zijn aangegeven met een asterisk; de tekst van de verklaringen is verkrijgbaar bij de Persdienst.)
LANDBOUW

Communautaire steun *

De Raad hechtte zijn goedkeuring aan een wijziging van Verordening (EEG) nr. 3508/92 tot instelling van een geïntegreerd beheers- en controlesysteem voor bepaalde communautaire steunregelingen.

Deze verordening is erop gericht het bij Verordening nr. 3508/92 ingestelde geïntegreerd beheers- en controlesysteem voor bepaalde communautaire steunregelingen (GBCS) af te stemmen op de nieuwe communautaire steunregelingen die voortvloeien uit de GLB-hervorming van 1992 en telkens wanneer zulks mogelijk is, het toepassingsgebied van het systeem uit te breiden tot andere communautaire regelingen; een en ander gelet op de doeltreffendheid die zowel bij de toepassing van de steunregelingen als bij het opspeuren van onregelmatigheden is geconstateerd.

Het voorgestelde systeem voorziet met name in bepaalde nieuwe technische regelingen, d.w.z. systemen voor geografische informatie en digitale orthofotografie.

VISSERIJ

Eigen begroting voor de Algemene Visserijcommissie voor de Middellandse Zee

De Raad nam het besluit aan waarbij de wijziging van de Overeenkomst betreffende de Algemene Visserijcommissie voor de Middellandse Zee (GFCM) houdende vaststelling van een eigen begroting voor die organisatie door de Europese Gemeenschap wordt goedgekeurd.

De GFCM is geheel afhankelijk van de begroting van de Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO). De budgettaire beperkingen van de FAO laten geen ruimte voor de financiering van de activiteiten die de GFCM dient te verrichten om haar nieuwe, versterkte rol te vervullen; de GFCM moet bijgevolg over een eigen budget kunnen beschikken.

HANDELSVRAAGSTUKKEN

Antidumping: hulpstukken voor buisleidingen uit de Volksrepubliek China, Kroatië of Thailand

De Raad hechtte zijn goedkeuring aan een wijziging van Verordening (EG) nr. 584/96 van 11 maart 1996 tot instelling van antidumpingmaatregelen voor de invoer van bepaalde hulpstukken voor buisleidingen, van ijzer of van staal, van oorsprong uit de Volksrepubliek China, Kroatië of Thailand.

Bij Verordening (EG) nr. 584/96 ( 1) werden antidumpingmaatregelen ingesteld op de invoer van bepaalde hulpstukken voor buisleidingen, van ijzer of van staal, van oorsprong uit de Volksrepubliek China, Kroatië of Thailand, behalve op de invoer van sommige Thaise en Kroatische producenten, waaronder de indiener van dit verzoek van wie bij Besluit 96/252/EG ( 2) verbintenissen waren aanvaard.

Op 24 februari 1999 dienden Thai Benkan Co. Ltd., een Thaise exporteur/producent van het betrokken product (hierna "de indiener van het verzoek" genoemd) en zijn verbonden importeur BKL Fittings Ltd., een verzoek in om een tussentijds nieuw onderzoek naar de antidumpingmaatregelen (i.e. de verbintenis) die op hen van toepassing waren.

Het onderzoek bracht aan het licht dat de dumping tijdens het OT ophield om een aantal redenen waaronder een daling van de normale waarde en een stijging van de uitvoerprijzen; sommige van deze gewijzigde omstandigheden worden als duurzaam beschouwd. Dit geldt vooral voor de uitvoerprijs die met gebruikmaking van actuele gegevens werd herberekend en ten dele voor de gedaalde normale waarde, wijzigingen die op zich ertoe leidden dat van dumping geen sprake meer is.

Bijgevolg wordt bij deze verordening het recht dat van toepassing is op de nettoprijs, franco grens-Gemeenschap, vóór inklaring, als volgt vastgesteld:

Recht

Aanvullende Taric code

De Volksrepubliek China


58,6 %


-

Kroatië


38,4 %


8881

Thailand


58,9 %


8851

Behalve voor:

Thai Benkan Co. Ltd., Prapadaeng Samutprakarn

0 %

A118

Dit recht is niet van toepassing op de invoer van de betrokken producten die vervaardigd en voor uitvoer naar de Gemeenschap verkocht worden door de volgende ondernemingen van welke verbintenissen werden aanvaard:

- Kroatië (Aanvullende Taric code 8880):

- Zeljezara Sisak, Zagreb,

- Thailand (Aanvullende Taric code 8850):
- Awaji Sangyo (Thailand) Co. Ltd., Samutprakarn
- TTU Industrial Corp. Ltd., Bangkok".

Suiker - gegarandeerde prijzen

De Raad nam een besluit aan betreffende de sluiting van overeenkomsten in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en Barbados, Belize, Fiji, de Coöperatieve Republiek Guyana, de Republiek Ivoorkust, Jamaica, de Republiek Kenia, de Republiek Kongo, de Republiek Madagascar, de Republiek Malawi, de Republiek Mauritius, de Republiek Oeganda, de Republiek Suriname, Sint-Christopher en Nevis, het Koninkrijk Swaziland, de Verenigde Republiek Tanzania, de Republiek Trinidad en Tobago, de Republiek Zambia en de Republiek Zimbabwe, enerzijds, en de Republiek India, anderzijds, inzake de gegarandeerde prijzen voor rietsuiker voor de leveringsperiode
1999/2000.

Er wordt gememoreerd dat de Commissie voor de leveringsperiode
1999/2000 over de gegarandeerde prijzen voor preferentiële suiker heeft onderhandeld met de ACS-staten en de Republiek India overeenkomstig de onderhandelingsrichtsnoeren die de Raad in februari 2000 heeft aangenomen. Dit besluit geldt als formele sluiting van de overeenkomsten die de partijen in de vorm van een briefwisseling hebben bereikt.

Voor de leveringsperiode van 1 juli 1999 tot en met 30 juni 2000 worden de in artikel 5, lid 4, van het Protocol genoemde gegarandeerde prijzen met het oog op de in artikel 6 van het Protocol bedoelde interventie vastgesteld op:

a) EUR 52,37 per 100 kg voor ruwe suiker,

b) EUR 64,65 per 100 kg voor witte suiker.

Deze prijzen gelden voor onverpakte suiker van de standaardkwaliteit zoals omschreven in de communautaire voorschriften, geleverd c.i.f. "free out" in Europese havens van de Gemeenschap. De invoering van deze prijzen doet geen afbreuk aan de respectieve standpunten van de overeenkomstsluitende partijen ten aanzien van de beginselen voor de bepaling van de gegarandeerde prijzen.

BENOEMING

Comité van de Regio's

De Raad nam het besluit aan houdende benoeming van de heer José Ramón BUSTILLO NAVIA-OSORIO tot plaatsvervanger voor Spanje in het Comité van de Regio's, ter vervanging van de heer Juan Antonio MEGIAS GARCIA, voor de verdere duur van diens ambtstermijn, d.w.z. tot en met
25 januari 2002.

Footnotes:

( 1) PB L 84 van 3.4.1996, blz. 1.

( 2) PB L 84 van 3.4.1996, blz. 46.


reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie