Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief Borst over het inkomen van verloskundigen

Datum nieuwsfeit: 15-08-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Inkomen van verloskundigen

De Voorzitter van Vaste Commissie voor
Volksgezondheid, Welzijn en Sport van de
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Postbus 20018
2500 EA Den Haag

CSZ/EZ-2097783

15 augustus 2000

Naar aanleiding van een bericht in de Volkskrant opslag vroedvrouwen: 56% heeft de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV) bij brief van 7 juli 2000 haar ongenoegen geuit.
Een nadere toelichting richting KNOV heeft inmiddels plaatsgevonden. Met deze brief stel ik u daarvan op de hoogte.

Tijdens het Algemeen Overleg met de Vaste Commissie voor VWS is afgesproken dat de Kamer geïnformeerd zou worden over het totale pakket van maatregelen die zullen worden getroffen om de positie van de thuisbevalling niet in gevaar te brengen en waar mogelijk te verbeteren. In de brief van 3 juli 2000 (kenmerk CSZ/EZ-2073251) aan de Kamer wordt dieper ingegaan op de maatregelen en het vervolgtraject. In deze brief wordt ook een uitgebreide toelichting gegeven op de inkomensverbetering van verloskundigen na realisatie van alle maatregelen.

De KNOV gaat in haar reactie op het krantenbericht uit van de tot nu toe gerealiseerde maatregel om de normpraktijk per 1 juli 2000 te verlagen van 150 naar 120. Dit komt neer op een tariefverbetering zoals berekend door het CTG van 21,5%. Het verschil van inzicht over het juiste percentage bestaat voornamelijk uit definitie en interpretatie verschillen. Om verdere misverstanden te voorkomen heeft er op 25 juli 2000 overleg plaatsgevonden met de KNOV.

De cijfers zoals die door VWS worden gehanteerd zijn bevestigd door het College Tarieven Gezondheidszorg (CTG). In de brief aan de Kamer wordt zeer expliciet toegelicht hoe de 56% is berekend. In mijn brief heb ik vanuit de positie van de verloskundige willen redeneren en niet vanuit de gevolgen voor het tarief. Uw commissie had hierom uitdrukkelijk gevraagd. In de brief wordt uitgegaan van een omzet per verloskundige bij 120 bevallingen, terwijl de verloskundige 150 bevallingen moest doen om haar norminkomen te halen, en ook van realisatie van alle per 2001 beoogde maatregelen.
Een belangrijk effect is dat verloskundigen door de verlaging van de normpraktijk nu met minder bevallingen hun totale praktijkkosten verdienen. De praktijkkosten worden nu met 120 in plaats van 150 bevallingen gerealiseerd en dat zullen de verloskundigen als een inkomensverbetering ervaren.

De KNOV kijkt naar het tarief per 1 juli jl en baseert daar een stijging van 21,5% op zoals berekend door het CTG. In deze 21,5% zitten nog niet de nog te realiseren maatregelen zoals de inconveniënten toeslag en niet het inkomensverbeterende effect van het feit dat de praktijkkosten nu met minder bevallingen kunnen worden gerealiseerd.

Ten aanzien van de nog niet gerealiseerde maatregelen, zoals de extra vergoeding voor inconveniënten en ICT per 2001, is de KNOV overigens zelf aan zet. De KNOV dient via het CTG het initiatief te nemen om deze maatregelen per 1-1-2001 te realiseren. Ik heb hiervoor de middelen gereserveerd in het macrokader.

Uit het overleg tussen mijn ambtenaren en de delegatie van de KNOV over de juistheid van de cijfers blijkt dat het misverstand berust op het gehanteerde rekenmodel betreffende de inkomensverbetering. Consensus is er over de volgende inkomensverbeteringen: 1. Als gevolg van de verlaging van de normpraktijk: 27.500 2. Als gevolg van de inconveniënten-maatregel: 9.000 Tezamen is dit 36.500, wat een verbetering is van 56% ten opzichte van het inkomen van 65.400, dat een verloskundige als inkomen ontving bij 120 bevallingen, maar er in feite 150 moest doen om een norminkomen te generen.

Overigens is de KNOV van mening dat ongeacht welk rekenmodel wordt gehanteerd, er sprake is van een substantiële verbetering van het inkomen hetgeen overigens illustreert hoever het feitelijke inkomen achter is gebleven bij het norminkomen.

De Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,

dr. E. Borst-Eilers

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie