Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Tweede-kamervragen over het rulingbeleid in Nederland

Datum nieuwsfeit: 22-08-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Financien

Titel: VRAGEN AAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN VAN HET LID VAN DE



Persberichtnr.

00-173

Den Haag

22 augustus 2000

VRAGEN AAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN VAN HET LID VAN DE TWEEDE KAMER DER STATEN-GENERAAL HILLEN OVER HET RULINGBELEID IN NEDERLAND

Vragen.


1.

Welke waarde hebben rulings voor de Nederlandse belastingpraktijk? Waarom is deze praktijk ontstaan?


2.

Bent u van mening dat de rulingpraktijk opzetjes uitlokt die de mazen van de wet verkennen? Bent u van mening dat de voordelen van de rulingpraktijk wegvallen tegen de nadelen? Kunt u dat beargumenteren?


3.

Geschiedt de afgifte van rulings zorgvuldig en worden daarbij de wetten en jurisprudentie stipt nageleefd? Zo ja, wat is dan het probleem?


4.

Onderschrijft u de buitenlandse kritiek dat rulings een vorm van schadelijke concurrentie zijn?


5.

Hoe denkt u de Nederlandse belangen in Brussel optimaal te kunnen behartigen? Kunt u daarbij ook ingaan op de fiscale faciliteiten die andere Europese landen toepassen, teneinde buitenlandse investeerders aan te trekken?


6.

Wilt u een notitie naar de Kamer sturen waarin u uitgebreid ingaat op het Nederlandse rulingbeleid en de waarde daarvan voor het vestigingsklimaat hier te lande?


7.

Erkent u dat door uw beleidswijzigingen de wachttijden oplopen en rulings, die voorheen werden afgegeven, worden geweigerd?


8.

Erkent u dat door uw beleidswijzigingen scherper wordt geaccentueerd dat belastingplichtigen belang hebben bij rechtszekerheden, zoals termijnen en beroepsmogelijkheden die zij in de rulingpraktijk niet vinden en dat dus verankering in de wet een verbetering zou zijn?


9.

Bent u bereid de rulingpraktijk alsnog op te nemen in het fiscale procesrecht?

Antwoorden


1.

Het verstrekken van zekerheid vooraf is een belangrijk element van de Nederlandse fiscale praktijk in het algemeen en beperkt zich derhalve niet tot de rulingpraktijk. In Nederland is al geruime tijd erkend dat het verstrekken van zekerheid vooraf de administratieve kosten voor het bedrijfsleven kan beperken en daarmee een gunstige invloed kan hebben op investeringsbeslissingen.


2.

In het Besluit Fiscaal uitvoeringsbeleid, standpuntbepalingen en cassatiebeleid (van 21 juli 1995, nr. AFZ94/4519M, zoals gewijzigd bij Besluit van 26 januari 1997, nr. AFZ97/4609M) zijn de spelregels vastgelegd voor het geven van zekerheid vooraf door de Belastingdienst. Dit besluit is - samen met de brief van de Staatssecretaris aan de Tweede Kamer van 17 februari 1995 (nr. DB95/716M) - nog altijd van toepassing op de rulingpraktijk. In het besluit wordt ingezet op een brede toepassing van het geven van zekerheid vooraf. Het besluit noemt echter als uitzondering de situatie waarin aannemelijk is dat een belastingplichtige zich begeeft op het terrein van constructies waarbij de grenzen van het fiscaal mogelijke worden verkend. In dat geval hoeft de inspecteur geen zekerheid vooraf te geven. In gevallen dat sprake is van het verkennen van de mazen van de wet, zullen derhalve geen rulings worden afgegeven.

3, 4, 5 en 6.

Rulings worden alleen afgegeven indien deze passen binnen de grenzen die gesteld zijn in wet, beleid en jurisprudentie. In de binnen- en buitenlandse media wordt soms een wat ongenuanceerd beeld gegeven van het Nederlandse rulingbeleid en de buitenlandse kritiek daarop. Een vergissing die vaak wordt gemaakt is dat men bijvoorbeeld schrijft dat de hele Nederlandse rulingpraktijk is veroordeeld in het Primarolo-rapport. Dat is echter niet het geval. De meest wezenlijke eigenschap van het rulingbeleid, het geven van zekerheid vooraf aan de belastingplichtige, is nooit veroordeeld. De kritiek richt zich op de fiscaal-technische inhoud van een aantal rulings. Door deze berichtgeving kan de Nederlandse rulingpraktijk als zodanig ten onrechte in het kwade daglicht komen te staan. Toch is een aantal kritiekpunten, zoals geformuleerd in het Primarolo-rapport wellicht niet geheel onterecht te noemen. Er wordt op dit moment nagedacht hoe we met de kritiek willen omgaan. Beleidsuitgangspunt is dat er in Europa vergelijkbare stappen moeten worden gezet bij vergelijkbare fiscale maatregelen. Er moet dus ook worden gekeken naar de ontwikkelingen in Europa. Ik verwijs daarbij naar de Europese Raad-conclusies van Feira over het belastingpakket: Work shall be pursued with a view to reaching agreement on the tax package as a whole, according to a parallel timetable for the key parts of the package.

Tegelijkertijd komt naar voren dat het een goede zaak is om, ook los van het huidige Europese momentum, daar waar nodig onze eigen huidige internationale fiscale praktijk aan de eisen van de tijd aan te passen. Ik heb eerder dit jaar al beloofd in het najaar hier uitgebreid met de Tweede Kamer van gedachten over te willen wisselen. Ik zal voor dit overleg een notitie opstellen.


7.

Het beleid ten aanzien van de afgifte van rulings is niet gewijzigd. Hierop wordt ook niet geanticipeerd. Daarnaast is mij niet gebleken dat er in algemene zin sprake is van oplopende wachttijden bij de afgifte van rulings. Ook de ontwikkeling van het aantal rulings geeft geen aanleiding een eventuele beleidswijziging te veronderstellen. Het is wel mogelijk dat, met betrekking tot een verzoek om zekerheid vooraf te geven, er soms sprake kan zijn van vertraging als gevolg van een verplicht vooroverleg. Deze procedure geldt bijvoorbeeld bij de vraag of het verzoek als fiscale grensverkenning moet worden aangemerkt. Ik heb verzocht erop toe te zien dat de beoogde voortvarendheid wordt gehandhaafd.

8 en 9.

Bij de vorige vraag heb ik reeds aangegeven dat er geen sprake is van beleidswijzigingen. Indien het mogelijk zou zijn om het risico voor nodeloze vertraging als gevolg van het voeren van eindeloze procedures over grensverkennende proefballonnen te beperken tot een acceptabel minimum, zou het openen van rechtszekerheden wellicht een verbetering kunnen zijn. Kanttekening is wel dat een wijziging van het huidige beleid zeer waarschijnlijk zal leiden tot codificatie van de grenzen van het vooroverleg in algemene zin. Dit acht ik niet in het belang van de overheid en ook niet in het belang van het bedrijfsleven. Gezien de bovenstaande kanttekeningen kan ik de gestelde vraag op dit moment niet bevestigend beantwoorden. Ik zal dit punt echter nader onderzoeken.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie