Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief BZK inzake imf-traject in de Nederlandse Antillen

Datum nieuwsfeit: 24-08-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

het imf-traject in de nederlandse antillen

Gemaakt: 29-8-2000 tijd: 14:37


3

Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Nederlands-Antillaanse en Arubaanse Zaken

's-Gravenhage, 24 augustus 2000

Conform uw verzoek van 30 juni 2000 bericht ik u over de stand van zaken met betrekking tot het IMF-traject in de Nederlandse Antillen.

Machtingswet

Eind juli 2000 is de Landsverordening bijzondere bevoegdheden regering
-de `machtigingswet'-, in werking getreden. Met deze wet krijgt het kabinet-Pourier tot 1 augustus 2001 bijzondere bevoegdheden om de economische crisis aan te pakken. Het instellen van de machtigingswet is in overeenstemming met de aanbevelingen van de Commissie Nationaal Herstelplan van vorig jaar. De regering en de Staten van de Nederlandse Antillen zijn van oordeel dat de huidige buitengewone en precaire situatie in de Nederlandse Antillen de totstandkoming van voornoemde wet rechtvaardigt.

De machtigingswet regelt een tijdelijke delegatie van regelgevende bevoegdheid voor een periode van een jaar (tot 1 augustus 2001). De delegatie vindt plaats door de formele wetgever (regering en parlement) aan de verantwoordelijke ministers. De ministers (in overeenstemming met de minister-president) kunnen bij ministeriële beschikking met algemene werking limitatief opgesomde landsverordeningen geheel of gedeeltelijk buiten werking stellen, wijzigen dan wel intrekken. Het gaat om een 27-tal landsverordeningen op het terrein van de herinrichting van de landsoverheid, de rechtspositie van ambtenaren, de belastingen, de sociale zekerheid, de economische ontwikkeling, het onderwijs, het jongeren- en jeugdbeleid, het beheersen van de overheidsuitgaven en de gezondheidszorg.

Daarnaast machtigt de landsverordening ministers (in overeenstemming met de minister-president) om bij ministeriële beschikking met algemene werking regels te stellen op specifieke (nieuwe) beleidsterreinen, waarin de huidige landsverordeningen nog niet voorzien, zoals E-commerce.

Alvorens een ministeriële beschikking met algemene werking wordt vastgesteld,

dient deze eerst in ontwerp aan de Staten te worden aangeboden. De beschikking wordt - behoudens uitzonderingsgevallen - niet eerder dan tien dagen na de toezending vastgesteld. Indien tenminste drie leden van de Staten binnen vijf dagen na toezending te kennen geven inlichtingen te verlangen, verschaft de betrokken minister deze inlichtingen binnen de termijn van tien dagen na aanbieding van de ontwerp-beschikking. In voorgeschreven gevallen kunnen ook de eilandgebieden in de gelegenheid worden gesteld om gedurende twee weken commentaar te geven

Na vaststelling van de ministeriële beschikking met algemene werking moet de regering zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen zes maanden na afkondiging van de beschikking, een
ontwerp-landsverordening van gelijke strekking aan de Staten aanbieden.

Wordt een dergelijk ontwerp niet tijdig ingediend, wordt het ingetrokken of wordt het niet door de Staten goedgekeurd, dan moet de ministeriële beschikking binnen een maand door de verantwoordelijke ministers worden ingetrokken en herleeft de oorspronkelijke juridische situatie.

Deze constructie houdt in dat voorschriften bij ministeriële beschikking worden vastgesteld, maar dat deze beschikking op termijn wordt vervangen door een landsverordening met dezelfde inhoud.

Nederland heeft geen juridische bezwaren tegen het totstandkomen van deze landsverordening. De bepalingen van de landsverordening zijn niet in strijd met het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden, de Staatsregeling van de Nederlandse Antillen of de Eilandenregeling Nederlandse Antillen. In de verordering is zeker gesteld dat de ministeriële beschikkingen niet met terugwerkende kracht in werking kunnen treden. Op deze wijze is de rechtszekerheid gewaarborgd. De juridische constructie van vaststelling van een maatregel bij ministeriële beschikking, welke achteraf wordt bekrachtigd bij landsverordening, is in het verleden reeds een keer getoetst door de Hoge Raad (1988). De Hoge Raad achtte dit toen toelaatbaar.

Inmiddels zijn de eerste ministeriële beschikkingen afgekondigd. Deze maatregelen luiden als volgt. Per 1 september worden ministeriële beschikkingen van kracht om de verzelfstandiging van het Landslaboratorium en de Capriles Kliniek te versnellen (beoogde afronding op 1 oktober), hetgeen een verdere verlaging van de formatie oplevert van circa 340 medewerkers. Verder wordt per 1 augustus de huidige vakantie-uitkering van 3% voor ambtenaren geschrapt, het werkgeversaandeel in de ambtenarenpensioenpremie verlaagd, de basis voor de omzetbelasting verbreed en worden wijzigingen doorgevoerd in de loon- en inkomstenbelasting.

Nederland ondersteunt de invoering van de machtigingswet ten volle. Met het besluit tot invoering hebben de Antilliaanse regering en Staten een duidelijk signaal afgegeven dat zij bereid zijn om op korte termijn de benodigde besluiten te nemen om te komen tot de zo noodzakelijke uitvoering van het Urgentieprogramma. De slagkracht van het kabinet-Pourier zal hierdoor toenemen. Dit is in de Antilliaanse verhoudingen een vergaande stap, waarmee het doorzettingsvermogen van het kabinet Pourier opnieuw wordt onderstreept. Het inwerkingtreden van de eerste ministeriële beschikkingen op basis van de Machtigingswet per 1 augustus en 1 september a.s., beschouw ik in dit kader als een positief signaal. Ik heb er vertrouwen in dat verdere besluiten met voortvarendheid zullen worden genomen. In dit kader stel ik additioneel, voor een periode van enkele maanden, twee juridische bijstanders ter beschikking aan de Antilliaanse regering.

Stand van zaken IMF-traject

Naast het afkondigen van de eerste ministeriële beschikkingen die zijn gebaseerd op de machtigingswet, is de afgelopen periode nog een aantal andere maatregelen genomen ten behoeve van de uitvoering van het Urgentieprogramma. Deze maatregelen behelzen de wijziging van drie landsverordeningen inzake arbeidswetgeving en ontslag en hebben onder meer tot gevolg dat bij individueel ontslag het Departement van Arbeid niet meer vooraf hoeft te toetsen (dit kan nu alleen achteraf bij de rechter worden aangevochten). Preventieve toetsing geldt nog wel voor de gezondheidszorg en de sociale sector. Ambtenaren blijven onder de ontslagregels van de Landsverordening Materieel Ambtenarenrecht vallen.

Ook hebben de Staten inmiddels de Landsbegroting 2000 en de bijbehorende Nota van Wijziging goedgekeurd. De door het IMF voorgestelde verlaging van de uitgaven voor goederen en diensten van het eilandgebied Curaçao en compenserende maatregelen in verband met vertraagde besluitvorming zijn overigens nog niet in de begroting zijn verwerkt.

Het IMF is op de hoogte van de saneringmaatregelen die tot op heden door de Antilliaanse regering zijn genomen. Op welke termijn een IMF-missie naar de Nederlandse Antillen kan worden uitgevoerd, is afhankelijk van de beoordeling van het IMF over de tot op heden genomen maatregelen. Het IMF heeft aan de regering van de Nederlandse Antillen aangegeven dat voor deze beoordeling aanvullende informatie van de Nederlandse Antillen noodzakelijk is. Ik heb er zowel bij de regering van de Nederlandse Antillen als bij het IMF op aangedrongen om de benodigde informatie snel aan te leveren, alsmede de beoordeling van de genomen saneringsmaatregelen op de kortst mogelijke termijn plaats te laten vinden.

Over de stand van zaken m.b.t. het IMF-traject vindt in de week van 28 augustus 2000 politiek overleg plaats tussen een delegatie van het Nederlands-Antilliaanse kabinet onder leiding van minister-president Pourier en een delegatie van het Nederlandse kabinet onder leiding van minister-president Kok.

Tijdens dit overleg zullen nadere afspraken worden gemaakt over de door Nederland te verstrekken financiële steun ten behoeve van de verdere uitvoering van het Urgentieprogramma. De Tweede Kamer zal over de uitkomsten van deze besprekingen worden geïnformeerd.

DE STAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES,

G.M. de Vries

Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie