Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Ruimtelijke ordening meer bepaald door vrijetijdsindustrie

Datum nieuwsfeit: 25-08-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid
Zoek soortgelijke berichten
Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid

PERSBERICHT

DE VRIJETIJDSINDUSTRIE IN STAD EN LAND.
EEN STUDIE NAAR DE MARKT VAN BELEVENISSEN
WRR-voorstudie nr.109



Ruimtelijke ordening steeds meer bepaald door vrijetijdsindustrie

25 augustus 2000 De invloed van de vrijetijdsindustrie blijft niet beperkt tot een uitbreiding van het aantal voorzieningen voor vrijetijdsbesteding. Een steeds groter deel van de leefomgeving wordt door de markt van de vrije tijd in beslag genomen. Vanuit het beleid wordt nog nauwelijks aandacht besteed aan deze ruimtelijke consequenties. Het is daarom zaak de dynamiek van de vrijetijdsindustrie meer nadrukkelijk te betrekken in het ruimtelijke beleid.

Dit vormt de belangrijkste conclusie van de studie De vrijetijdsindustrie in stad en land. Een studie naar de markt van belevenissen, die vandaag verscheen in de serie Voorstudies en achtergronden van de WRR. De studie is uitgevoerd in het kader van een WRR-onderzoek naar de betekenis van de veranderende relatie tussen stad en land voor het ruimtelijk georiënteerde beleid. De auteur, Hans Mommaas, met medewerking van Wim Knulst en Mark van den Heuvel, (allen werkzaam bij het departement Vrijetijdwetenschappen van de Katholieke Universiteit Brabant), bestudeerde de ontwikkelingsdynamiek op het vlak van de vrije tijd. Vervolgens is nagegaan wat die dynamiek betekent voor de ruimtelijke ordening van Nederland, voor de inrichting van binnensteden, het platteland, alsmede het tussengebied tussen stad en land.

Ontwikkelingen aan de vraagkant
Een belangrijk deel van de ontwikkelingen in de vrijetijdssector wordt beïnvloed door de manier waarop wij onze vrije tijd besteden. Een analyse van beschikbare data laat zien dat wij, algemeen gesproken, meer uitgeven aan meer verschillende en in de tijd afwisselende producten en bezigheden. Momenteel wordt al zo'n 25 procent van de uitgaven van privé-huishoudens (in totaal 27 miljard gulden) besteed aan de vrije tijd. Hiermee vormt de vrije tijd de grootste uitgavenpost.
Tegelijkertijd blijkt dat we ons vaker verplaatsen voor onze vrije tijd dan voor zakelijke redenen of werk. Daarbij worden ook steeds grotere afstanden afgelegd. De hoeveelheid vrije tijd is de afgelopen twintig jaar echter afgenomen, binnen toonaangevende groepen met zo'n 2 uur per week. Het resultaat is dat de vrije tijd vluchtiger, maar tegelijkertijd doelgerichter wordt besteed; de belevenisopbrengst moet zijn gegarandeerd.

Ontwikkelingen aan de aanbodkant
De vrijetijdssector was vooral aanbodgestuurd. Die situatie verandert nu. Themaparken betreden de markt van de verblijfsrecreatie, de detailhandel en de horeca; musea gaan verbindingen aan met de wereld van de detailhandel, de horeca en het toerisme; de detailhandel haalt elementen binnen van themaparken en de sport gaat verbindingen aan met de media en het entertainment. Er is kortom sprake van de opkomst van een meer geïntegreerde beleveniseconomie.
Daarbij zijn in toenemende mate buitenlandse bedrijven (bijv. Time Warner, Pathé, Kinepolis, UPC, RTL) actief op de Nederlandse markt van de vrije tijd. Grote delen van het van oorsprong Nederlandse vrijetijdsbedrijfsleven (Holland International, Endemol, Polygram, Mojo concerts, Center Parcs) zijn inmiddels in buitenlandse handen. Als gevolg hiervan neemt de concurrentie om de toch al schaarse hoeveelheid vrijetijd (maar toenemende koopkracht) van consumenten toe. Lokale ondernemers zijn niet langer automatisch verzekerd van een nationale markt.

Als reactie op deze situatie proberen vrijetijdsbedrijven nog beter toegang te krijgen tot de aandacht van consumenten. Het resultaat is schaalvergroting en een spectacularisering van het aanbod, met meer keuzemogelijkheden en nauwer aansluitend op het tijd-ruimtelijke gedrag van mensen. Voorbeelden zijn multiplexen, skiramides, shopping malls, factory outlets en "sportertainment" complexen in de stadsrand, aansluitend op een bredere suburbane gezinsmarkt. Deze ontwikkeling wordt nog extra gestimuleerd door lokale en regionale overheden die enerzijds op zoek zijn naar een financiering van het onderhoud en beheer van stedelijke en lande-ijke gebieden en die anderzijds hun eigen plaats of regio willen profileren temidden van een grotere concurrentie om bedrijven, bewoners en bezoekers.

Ruimtelijke consequenties
Dit alles heeft tot gevolg dat een toenemende hoeveelheid ruimte (van binnensteden, natuurgebieden en het platteland tot aan een groeiende hoeveelheid complexen in de stadsrand) wordt opgenomen in de markt van de vrije tijd, en zo op tal van manieren het object wordt van doelbewuste processen van attractievorming. Noch het ruimtelijke beleid noch het gefragmen-teerde beleid ten aanzien van de vrije tijd (sport, recreatie, cultuur) lijken adequaat voor deze ontwikkeling te zijn toegerust. Het is tegen deze achtergrond zaak om, in het kader van de Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening, een meer actief ruimtelijkordeningsbeleid te ontwikkelen, waarin nadrukkelijker aandacht wordt besteed aan de diversiteit en toegankelijkheid van mogelijke ruimtelijke ervaringen en belevenissen.



H. Mommaas (m.m.v. W. Knulst & M. van den Heuvel) De vrijetijdsindustrie in stad en land. Een studie naar de markt van belevenissen, WRR Voorstudies en achtergronden V109, Den Haag: Sdu Uitgevers. ISBN 90 12 09 07 17.


Deze publicatie ( 59,50) is te bestellen bij:
Sdu Servicecentrum Uitgeverijen
Antwoordnummer 125
2501 XD Den Haag
Tel. 070-378 9880
Fax. 070-378 9783
U kunt ook rechtstreeks via de bestelpagina op de internet site van de Sdu bestellen.


reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie