Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief VWS inzake wachtlijsten oogheelkundige zorg

Datum nieuwsfeit: 11-09-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Tweede Kamer der Staten-Generaal
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Brief VWS inzake wachtlijsten oogheelkundige zorg
Gemaakt: 13-9-2000 tijd: 15:9

5

Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Den Haag, 11 september 2000

Overeenkomstig de toezegging die ik heb gedaan tijdens het AO-arbeidsmarktbeleid zorgsector op 24 mei jl., doe ik u hierbij toekomen nadere informatie over de vraag naar en het aanbod van oogartsen.

Van belang in dit verband om te vermelden is dat ik inmiddels de belemmeringen heb weggenomen die het maken van adequate afspraken over onder meer de oogheelkunde in het lokaal overleg in de weg stonden. Ten eerste wordt de zogenoemde bevriezing van de nadere detaillering van de erkenningsregeling (NDE) nog deze maand ongedaan gemaakt. Daarmee wordt het mogelijk dat ziekenhuizen extra specialisten aantrekken. Bovendien zijn inmiddels extra financiële middelen gereserveerd die ingezet kunnen worden voor budgetaanpassing van ziekenhuizen ter dekking van de hogere kosten van patiëntenzorg die door instroom van extra specialisten worden gegenereerd. Verzekeraars en ziekenhuizen kunnen nu contracteren zoveel als nodig is om het wachtlijstprobleem in de oogzorg op te lossen.

Teneinde u nader te kunnen informeren over de vraag naar en het aanbod van oogartsen heb ik eerst de situatie geanalyseerd op grond van het gestelde door uw commissie en door het Nederlands Oogheelkundig Gezelschap (NOG). Bij deze analyse heb ik onder meer gebruik gemaakt van de brief die het NOG aan u schreef op 9 juni jl.. Het NOG stuurde mij daarvan op 16 juni jl. een afschrift. Ik kwam op grond van mijn analyse tot een vijftal aandachtspunten die ik als evenzovele onderwerpen in deze brief aan de orde stel. Voor elk onderwerp en het door het NOG daarbij gedane voorstel heb ik een reactie opgesteld en in een concept-brief aan het NOG voorgelegd. Vervolgens is hierover op 18 juli jl. met het NOG gesproken waarna de concept-brief is aangepast. In deze brief heb ik de uitkomsten van dit overleg en ook de reactie van het NOG op de aangepaste concept-brief meegenomen. Ik wijs er op dat de dialoog met het NOG zal worden voortgezet. Een afschrift van mijn brief heb ik gezonden aan het NOG.

Onderwerp 1. Stelling NOG: Extra middelen voor wachtlijsten oogheelkunde komen niet geheel terecht bij oogheelkunde. Ziekenhuizen en zorgverzekeraars bepalen zelf hoe het geld wordt besteed. Het aantrekken van extra oogartsen heeft voor de ziekenhuizen niet altijd prioriteit.

Voorstel NOG: Het NOG stelt voor het extra geld voor oogheelkunde te oormerken.

Reactie: In het overleg heeft het NOG aangegeven dat het specialisme oogheelkunde in het ziekenhuis niet altijd een sterke positie inneemt gezien de onjuist gestelde wegingsfactoren en de productieparameters. Daardoor zit het specialisme in een relatieve achterstands-situatie. Het is echter de verantwoordelijkheid van het ziekenhuisbestuur en de verzekeraar om ook daar oog voor te hebben. In het lokaal overleg moeten ook voor de oogheelkunde adequate afspraken worden gemaakt. Het oormerken van gelden is in strijd met de budget-teringsgedachte in de zieken-huissector. Substitutievrijheid voor ziekenhuizen is van groot belang om het budget optimaal te kunnen benutten. Uit de cijfers rond de aanpak van de lange wachttijden voor oogheelkunde valt af te leiden dat het aantal verrichtingen (cataracten) sinds de afgelopen twee jaar sterk toeneemt.

Zoals in het begin van de brief al is opgemerkt zal het College tarieven gezondheidszorg (Ctg) nog deze maand een beleidsregel vaststellen waarmee de zogenoemde bevriezing van de nadere detaillering van de erken-ningsregeling ongedaan wordt gemaakt. Realisatie van deze beleidsregel betekent dat de ziekenhuizen bij instroom van extra specialisten een budgetaanpassing krijgen ter dekking van de hogere kosten van patiëntenzorg die door deze extra specialisten worden gegenereerd. Ook de lumpsums medisch specialisten kunnen dan weer worden aangepast.

Inmiddels zijn voor het aantrekken van extra specialisten ook de nodige extra financiële middelen gereserveerd.

Onderwerp 2. Stelling NOG: Het aantal praktijkzoekende oogartsen bedraagt twintig.

Voorstel NOG: Het NOG stelt voor het aantal formatieplaatsen en het budget uit te breiden om deze oogartsen aan een baan te helpen. Een onderzoek naar werkloosheid onder oogartsen bij een groeiende en grote behoefte aan oogheelkundige zorg is op zijn plaats.

Het NOG zal op grond van een eigen te verrichten capaciteitsonderzoek in het najaar van 2000 een nadere uitspraak kunnen doen over de bestaande capaciteit en de toekomstige behoefte aan fte's, gemeten volgens de situatie in de zomer van 2000.

Reactie: Ik heb van het NOG begrepen dat het zou gaan om een twintigtal recent afgestu-deerde oogartsen die op dit moment nog op zoek zijn naar een eigen praktijk. Betrokkenen zijn thans in het algemeen tijdelijk werkzaam als fellow in binnen- of buitenland of als waarnemer in oogartspraktijken. Het aantal van twintig naar een (eigen) praktijk zoekende oogartsen is gelijk aan bijna vier procent van het aantal werkzame oogartsen. Wellicht is er sprake van «fric-tiewerkloosheid». Ter vergelijking: bij de huisartsen zochten begin dit jaar 576 huisartsen naar een praktijk. Dit is gelijk aan 7,5 procent van het aantal werkzame huisartsen.

Het NOG geeft in de brief de indruk dat het niet beschikbaar zijn van voldoende formatie-plaatsen de enige reden voor deze werkloosheid is. Ik zet daar een vraagteken bij. Wellicht spelen, zoals bij de praktijkzoekende huisartsen, voor een aantal oogartsen ook andere redenen zoals bijvoorbeeld het nog niet kunnen vinden van een aantrekkelijke vestigings-plaats of van een functie met de gewenste omvang een rol. Het is ook mogelijk dat maatschappen oog-artsen eerder de voorkeur geven aan het inschakelen van optometristen en orthoptisten in hun praktijk dan aan het aantrekken van een extra oogarts. In het overleg heeft het NOG bevestigd dat de betrokken oogartsen wel tijdelijk werkzaam zijn, doch nog niet de functie en werk-plek hebben gevonden die zij ambiëren.

Ook uit de volgende gegevens blijkt dat de werkgelegenheid bij oogheelkunde de laatste jaren niet afneemt. Op 1 januari 2000 waren 507 oogartsen actief (348 mannen en 159 vrouwen). Dit aantal is inclusief de twintig jonge praktijkzoekende oogartsen. In totaal namen dus 487 oogartsen een functieplaats in. Bij een deeltijdfactor van 0,8 bezetten zij 390 functieplaatsen fte's. Op 1 januari 1996 waren 439 oogartsen actief. Zij bezetten 351 functieplaatsen fte's. Op dat moment was er geen noemenswaardig aantal praktijkzoekende oogartsen. Het aantal functieplaatsen is in de jaren 1996 tot en met 1999 dus toegenomen met 39 fte's van 351 tot 390 fte's.

Onderwerp 3. Stelling NOG: Wachtlijsten zijn structureel.

Voorstel NOG: Het NOG stelt voor de capaciteit structureel met vijftig fte's oogartsen uit te breiden om de wachtlijsten weg te werken.

Reactie: Met het NOG is doorgesproken waarop het cijfer van deze vijftig fte's is gebaseerd. In totaal werden er in 1999 door de 387 fte's oogartsen 78.000 cataractoperaties gedaan. Dit is gemiddeld 200 cataracten per oogarts. Het aantal personen op de wachtlijst voor een cataractoperatie bedraagt 30.000. Het verrichten van structureel 108.000 cataractoperaties per jaar en een uitbreiding met vijftig fte's oogartsen leidt tot een gemiddelde van 250 cataracten per oogarts. Zouden theoretisch bezien de toegevoegde vijftig oogartsen fte's uitsluitend de extra 30.000 cataracten verrichten dan zouden zij gemiddeld 600 operaties per jaar doen. Bij 44 werkweken per jaar zijn dit 13,5 operaties per week. Het NOG benadrukt dat oogheelkundige zorg meer inhoudt dan alleen de productie in cataractoperaties. Rekening houdend met andere activiteiten van de oogarts is de voorgestelde uitbreiding aldus een reële inschatting.

De uitbreiding met vijftig fte's oogartsen is aldus vanuit de beroepsgroep bezien een vanzelfsprekende keus. Echter er zou bij deze berekening ook rekening moeten worden gehouden met een eigentijdse invulling van de werkzaamheden van de oogarts en bijvoor-beeld met de inschakeling van optometristen en orthoptisten. Het Besluit opleidingseisen en deskundig-heidsgebied optometrist (Staatsblad 2000, 297) en het Besluit diëtist, ergotherapeut, logopedist, mondhygiënist, oefentherapeut, orthoptist en podotherapeut (Staatsblad 1997, 523) bieden daartoe alle mogelijkheden. Hierdoor krijgen oogartsen tijd beschikbaar om de klinische en poliklinische werkzaamheden te doen, waartoe alleen zij bevoegd en bekwaam zijn. Het NOG tekent hierbij overigens aan dat een dergelijke wijze van werken ook een kwestie van facilitering is door de ziekenhuizen. Niet alleen bouwkundig, maar ook financieel. Indien gerealiseerd zou het ook naar het oordeel van het NOG een goede capaciteitsverbetering zijn. Ik zal het Ctg vragen om dit aspect te betrekken bij de door mij geëntameerde wijziging van het FB-systeem per 1 januari 2001. Naast een structurele uitbreiding, gerelateerd aan de wachtlijstproblematiek, bepleit het NOG overigens nog een verdere uitbreiding. Onder onderwerp 4 ga ik daarop verder in.

Onderwerp 4. Stelling NOG: De vraag naar oogartsen neemt toe door demografische ontwikkelingen (vergrijzing), verlenging gemiddelde consultduur, medisch technische ontwikkelingen, meer morbiditeit (meer diabetici) en meer patiënten door screening optometristen.

Voorstel NOG: Het NOG stelt voor om voor de opvang van de vraagtoename het aantal fte's oogartsen met vijftig uit te breiden. Tezamen met eerdergenoemde uitbreiding van vijftig fte's voor structurele verbetering van de bestaande situatie betekent dit in totaal een uitbreiding van honderd fte's.

Reactie: Ik zou graag het oordeel van het Capaciteitsorgaan hebben over een eventuele uitbreiding. Het Capaciteitsorgaan heeft tot taak om op basis van de vraag naar en het aanbod van artsen ramingen te maken voor de opleidingscapaciteit van de medische en tandheelkundige vervolgopleidingen. Het NOG heeft zitting in de Kamer medisch specialisten. De raming van de vraag naar en het aanbod van oogartsen is een taak van het Capaciteitsorgaan. Bij deze raming kan dan tevens rekening worden gehouden met alle beroepsgroepen die in de oogzorg actief zijn. Het Landelijk Platform Oogzorg, waarin de meest betrokken beroepsorganisaties samenwerken, hoopt volgend jaar met een richtlijn te komen, waarin de verantwoordelijkheden zijn geregeld voor oogarts, optometrist, orthoptist, opticien en huisarts. Het Capaciteitsorgaan komt in februari 2001 met een eerste capaciteits-plan.

Het NOG vreest dat in de tussentijd niet verder wordt gewerkt aan de verkorting van de wachtlijsten. Dat zal zeker niet het geval zijn. Een uitbreiding van het aantal functieplaatsen blijft mogelijk.

Onderwerp 5. Stelling NOG: De Europese adviesnorm van één oogarts per 25.000 inwoners wordt in Nederland niet gehaald (n.b.: recent is deze norm nog verder verlaagd tot één oogarts op 13.000 inwoners). Het aantal inwoners per werkzame oogarts fte is in Nederland aanzienlijk hoger dan de EU-adviesnorm.

Voorstel NOG: In Nederland zouden volgens de Europese adviesnorm van één oogarts per 25.000 inwoners bij de huidige bevolkingsomvang 640 oogartsen (fte's) beschikbaar moeten zijn. Gezien de in Nederland te verwachten verregaande stroomlijning van de oogzorg tussen de diverse beroepsgroepen stelt het NOG voor uit te gaan van 500 oogartsen fte's. Dit leidt in de huidige situatie tot één oogarts per 31.800 inwoners.

Reactie: De EU-adviesnorm is niet formeel door de betrokken overheden vastgelegd en aanvaard. Het is een norm van de Europese organisatie van oogartsen. Het NOG benadrukt dat het grote waarde hecht aan de Europese adviesnorm. Een vergelijking van de adviesnorm met de situatie in Nederland geeft het volgende beeld. Het aantal bezette functieplaatsen oogheelkunde fte's bedroeg op 1 januari 2000 in totaal 390. Er waren op dat moment 15,9 mln. inwoners in Nederland, zodat er gemiddeld één oogarts fte per 40.800 inwoners was. Dit getal wijkt dus aanzienlijk af van de EU-adviesnorm.

Het Capaciteitsorgaan zou de EU-adviesnorm bij zijn raming inzake de vraag naar en het aanbod van oogartsen nader moeten bezien op zijn uitgangspunten. Het zou moeten onder-zoeken wat de werklast/werkinhoud, werkduur en norminkomen van de oogarts is bij deze adviesnorm en wat de vraag is vanuit de bevolking. Het NOG stelde in het overleg dat het NOG druk bezig is met de ontwikkeling van een normpraktijk.

Wellicht dat dit jaar een nadere uitspraak kan worden gedaan.

Ter afsluiting.

Ik heb met het bovenstaande een inventarisatie gegeven van de onderwerpen, de voorstellen van het NOG en mijn reactie daarop. In het hiervoor genoemde overleg met het NOG is hierop nader ingegaan. Op grond daarvan trek ik de volgende conclusies:

het lokale overleg van ziekenhuizen en ziektekostenverzekeraars moet erop toezien dat er een adequate aanwending geschiedt van de middelen die structureel en in het kader van een oplossing van de wachtlijstproblematiek beschikbaar zijn gesteld voor de oogheel-kunde. Ik heb daartoe inmiddels extra geld beschikbaar gesteld. Het NOG kan een signaleringsfunctie hebben naar de overheid toe, wanneer geen adequate aanwending plaatsvindt.;

er is niet zozeer sprake van werkloze oogartsen, maar van praktijkzoekende oogartsen;

ik zal het Ctg vragen om de facilitering voor optometristen en orthoptisten te betrekken bij de door mij geëntameerde wijziging van het FB-systeem per 1 januari 2001;

het Capaciteitsorgaan heeft het voortouw bij de planning van de vraag naar en het aanbod van oogartsen;

het NOG zal formuleren hoe de normpraktijk eruit moet zien en aangeven hoeveel inwoners per fte de normpraktijk omvat.

De Minister van Volksgezondheid,

Welzijn en Sport,

dr. E Borst-Eilers

Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie