Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord Kamervragen over medicijnenbeleid psychiatrie

Datum nieuwsfeit: 11-09-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Tweede Kamer der Staten-Generaal
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Antwoord Kamervragen over medicijnenbeleid psychiatrie
Gemaakt: 12-9-2000 tijd: 15:48

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

11 september 2000

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen, gesteld door de leden Van Blerck-Woerdman en Passtoors (beiden VVD) van uw Kamer over medicijnenbeleid psychiatrie (2990014690).

De Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,

dr. E. Borst-Eilers

5

Antwoorden op kamervragen van de leden Van Blerck-Woerdman en Passtoors over medicijnenbeleid psychiatrie (2990014690)


1.

Kent u het artikel « Inrichtingen te slordig met medicijnen»?


1.

Ja. Het betreft een artikel verschenen naar aanleiding van een persbericht dat onder de verantwoordelijkheid van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) werd uitgebracht. Het persbericht was gebaseerd op een thematisch onderzoek naar de Geneesmiddelendistributie en de farmacotherapie in algemeen psychiatrische ziekenhuizen (APZ-en)

Het desbetreffende IGZ-rapport « Geneesmiddelendistributie en farmacotherapie in APZ-en» is inmiddels bij brief van september 2000, kenmerk GVM/GGZ/2103264 aan de Voorzitter van de Tweede Kamer toegezonden; deze brief bevat ook mijn reactie.


2.

Deelt u de zorg van de Inspectie voor de Gezondheidszorg dat het huidige geneesmiddelenbeleid in de psychiatrische ziekenhuizen tot ernstige gevolgen voor psychiatrische patiënten kan leiden.

2.

De bevindingen van de IGZ verontrusten mij. Ik heb aan GGZN, de koepel van onder meer de psychiatrische ziekenhuizen, gevraagd om -in samenwerking met beroepsverenigingen van apothekers en psychiaters en met Zorgverzekeraars Nederland- voor 1 november 2000 met een concreet plan van aanpak voor verbetering van de kwaliteit van het geneesmiddelenbeleid te komen.

Daarover heeft reeds overleg plaatsgevonden tussen de desbetreffende koepels, de IGZ en de desbetreffende beleidsdirectie van VWS.


3.

Kloppen volgens u de aanvankelijke vermoedens van de Inspectie dat sommige patiënten niet altijd op tijd hun medicijnen krijgen, sommige patiënten zelfs de verkeerde medicijnen krijgen en dat in sommige geneesmiddelendepots de vervaldatum van de medicijnen is verstreken. Zo ja, wat is hiervan de oorzaak?

3.

Uit MIP/FONA-meldingen van gezondheidszorginstellingen en uit signalen die de IGZ bereiken, blijkt dat er fouten in de geneesmiddelendistributie voorkomen. Deze doen zich blijkens deze signalen echter niet alleen voor in psychiatrische ziekenhuizen maar eveneens in algemene ziekenhuizen. De reden waarom deze in psychiatrische ziekenhuizen vaker zouden kunnen voorkomen heeft mogelijke mede als oorzaak dat de bewakingssystemen daar nog overal niet optimaal functioneren. Zoals de IGZ heeft geconstateerd zijn deze systemen in APZ-en nog niet overal geautomatiseerd.


4.

Hoe beoordeelt u de constatering van de Inspectie voor de Gezondheidszorg dat de geneesmiddelendepots en de (instellings)apotheken onvoldoende zijn geautomatiseerd? Wat is volgens u hiervan de reden, gelet op het feit dat de reguliere apotheken en de apotheken in algemene ziekenhuizen wel zijn geautomatiseerd?

4.

Volgens het rapport beschikt 25% (10) van de (40) onderzochte APZ-en niet over een geautomatiseerd (bewakings)systeem; 75% (30) van de APZ-en dus wel. In het algemeen wordt in het veld van de gezondheidszorg de aanwezigheid van geautomatiseerde systemen als normaal beschouwd. Klaarblijkelijk heeft in de 10 genoemde APZ-en de kwaliteit van de medicatiebewaking nog onvoldoende aandacht en prioriteit gekregen.


5.

Is het waar dat psychiatrische ziekenhuizen hun beleid niet afstemmen op andere instanties waar patiënten mee te maken hebben met als gevolg dat niet gecontroleerd wordt of de verschillende medicijnen die een patiënt krijgt wel samen kunnen gaan? Hoe kan het dat in de psychiatrische ziekenhuizen geen duidelijk medicijnenbeleid wordt gevoerd en dat er geen duidelijke richtlijnen zijn opgesteld?

5.

Afstemming van medicijnbeleid van psychiatrische ziekenhuizen met andere instanties waar patiënten mee te maken hebben, valt onder de noemer transmurale farmacie. De IGZ stelde in haar rapport vast dat een visie op transmurale farmacie nog niet in alle instellingen aangetroffen kan worden. Dat heeft niet per definitie tot gevolg dat niet gecontroleerd wordt of de verschillende medicijnen die een patiënt krijgt wel samen kunnen gaan. Het is de verantwoordelijkheid van de individuele beroepsbeoefenaar bij medicijnvoorschriften na te gaan of deze eventueel negatief interfereren met andere medicatie.

Ten aanzien van de vraag naar medicijnbeleid in APZ-en blijkt dat er in deze sector een achterstand bestaat ten opzichte van de somatische gezondheidszorg. De sector is echter wel degelijk een goede weg ingeslagen. Zo heeft de beroepsvereniging van psychiaters (NVvP) vanaf 1998 een aantal richtlijnen voor de (farmacotherapeutische) behandeling van enkele veel voorkomende psychiatrische stoornissen uitgebracht en zullen er in de komende tijd meer volgen. Het implementatietraject van deze richtlijnen vraagt, volgens de bevindingen van de Inspectie, kennelijk tijd. Dit punt heeft nadrukkelijk de aandacht van de Inspectie tijdens haar toezichtsbezoeken.


6.

Bent u van mening dat het regime van medicatiebewaking, zoals dat geldt in het tweede compartiment binnen de curatieve sector, -namelijk samenwerking tussen ziekenhuizen, huisartsen en apothekers- ook binnen de psychiatrische ziekenhuizen bovenstaande fouten kan helpen voorkomen?

Zo ja, bent u dan van mening dat het een goede oplossing is om het medicijnbeleid van psychiatrische ziekenhuizen over te hevelen naar het tweede compartiment?

6.

In het Plan van Aanpak, genoemd in het antwoord op vraag 2, zullen de genoemde organisaties moeten aangeven op welke wijze zij de kwaliteit van de farmacotherapie en de geneesmiddelendistributie zullen verbeteren; daar hoort ook het aspect van de medicatiebewaking bij. Zij zullen daarbij zonodig profiteren van ervaringen die elders in de zorg zijn opgedaan.

Overheveling van de (intramuraal) voorgeschreven geneesmiddelen naar het tweede compartiment is niet aan de orde. In de huidige kwaliteitswetgeving ligt de verantwoordelijkheid voor de (borging van) kwaliteit primair bij instellingen en beroepsbeoefenaren; die verantwoordelijkheid geldt zowel in het eerste als in het tweede compartiment. Verandering van compartiment brengt daarin geen wijziging.

Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie