Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Van Boxtel over uitvoering Remigratiewet

Datum nieuwsfeit: 11-09-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Tweede Kamer der Staten-Generaal
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

brief min gsi inzake uitvoering remigratiewet
Gemaakt: 14-9-2000 tijd: 16:5

2

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 11 september 2000

Bij brief van 1 september 2000 heeft de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verzocht geïnformeerd te worden over de werkelijke gang van zaken rond het gebruik van de Remigratiewet en over eventuele knelpunten ter zake. Tevens wenst de commissie de verwachtingen over de werking van de Remigratiewet te vernemen.

Zoals u weet is de Remigratiewet op 1 april jl. in werking getreden. Doel van deze wet en van het remigratiebeleid is voor personen die de wens tot remigratie niet zelfstandig kunnen verwezenlijken en die afkomstig zijn uit de doelgroepen van het integratiebeleid faciliteiten te scheppen, welke het voor hen mogelijk maken te remigreren. Bij aanbod van deze faciliteiten is het niet primair van belang hoeveel personen daadwerkelijk daarop een beroep doen en feitelijk remigreren. Een beoordeling van de doeltreffendheid van de remigratiefaciliteiten is - gelet op genoemde doelstelling - beter gediend met een kwalitatieve in plaats van een kwantitatieve benadering.

De keuze om wel of niet te remigreren is een vrije en persoonlijke en zal in vele gevallen ook een moeilijke keuze zijn. Zeker indien de kinderen en kleinkinderen in Nederland blijven. Ook zal meespelen dat het niet altijd gemakkelijk is om terug te keren naar het moederland, omdat de kans reëel is daar weer als een vreemde te worden gezien. Bij de voorlichtingsbijeenkomsten in maart van dit jaar, georganiseerd door het Nederlands Migratie Instituut veelal in de eigen taal van de potentiële remigranten, zijn de diverse aspecten van remigratie, ook de daarbij behorende emotionele factoren, aan de orde geweest.

Grieken, Italianen, Portugezen en Spanjaarden hebben lange tijd niet van de remigratiefaciliteiten gebruik kunnen maken. Sinds inwerkingtreding van de Remigratiewet vallen zij weer onder de doelgroepen van het remigratiebeleid. Uit een onderzoek van het Lize blijkt dat «het merendeel van de ondervraagde Zuideuropese ouderen, ruim 90%, aangeeft op dit moment niet terug te keren naar het geboorteland.»

Niet duidelijk komt naar voren wat de redenen hiervan zijn, nl. of de faciliteiten van de Remigratiewet door deze groepen niet als voldoende worden beschouwd of dat met name emotionele factoren (kinderen en kleinkinderen die in Nederland blijven) hieraan ten grondslag liggen. Wel wordt in dit onderzoek aangegeven dat «deze ouderen ervoor kiezen om ieder jaar enkele maanden bij de familie in hun geboorteland te verblijven en de rest van het jaar in Nederland bij hun kinderen en kleinkinderen.»

Bij de parlementaire behandeling van het wetsvoorstel Remigratiewet in uw Kamer is bij brief van 10 april 1998 (kamerstukken II 1997/98, 25741, nr. 17) aangegeven dat het wetsvoorstel zoals het was ingediend een jaarlijkse instroom veronderstelt van 500 remigranten. Door de aangenomen amendementen op dit wetsvoorstel (het verlagen van de leeftijdsgrens, het toevoegen van de afgeschatte WAO'ers en het uitbreiden van de doelgroep met Zuideuropeanen) is verondersteld dat de instroom nog zou kunnen oplopen met een honderdtal.

In de vier maanden na inwerkingtreding van de Remigratiewet (van 1 april -

1 augustus) zijn bij de SVB ongeveer 550 aanvragen om te remigreren in
behandeling genomen. Uiteraard moet bij dit aantal rekening worden gehouden met het feit dat in de laatste twee jaar voor inwerkingtreding van de wet het aantal remigranten laag was, omdat velen wilden wachten met remigreren in verband met de nieuwe faciliteiten van de Remigratiewet. Echter gelet op het feit dat in deze 4 maanden grosso modo de instroom op jaarbasis reeds is gehaald, heb ik vooralsnog voldoende reden om ervan uit te gaan dat ook in de komende jaren de gemiddelde instroom van ongeveer 600 remigranten wordt gerealiseerd.

Momentaal laat ik een onderzoek verrichten naar de interesse voor remigratie onder vijf groepen immigranten en naar de te verwachten betekenis van de nieuwe Remigratiewet daarbij. Het onderzoek moet inzicht geven in het verwachtingspatroon aangaande de voorzieningen van de nieuwe wet onder de vijf grootste doelgroepen, te weten: Marokkanen, Surinamers, Turken, Zuideuropeanen (Grieken, Spanjaarden, Italianen en Portugezen) en Bosniërs. Nagegaan wordt wat deze vijf groepen vinden van de nieuwe wettelijke voorzieningen en hoe of in welke mate zij daarvan gebruik denken te maken.

Ik verwacht dat dit onderzoek eind van dit jaar zal zijn afgerond. De resultaten van het onderzoek zal ik u daarna zo spoedig mogelijk doen toekomen.

DE MINISTER VOOR GROTE STEDEN- EN INTEGRATIEBELEID,

R.H.L.M. van Boxtel

Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie