Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

CDA over inburgering en uitvoering moties integratiedebat

Datum nieuwsfeit: 14-09-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
CDA

Voortgang Inburgering en uitvoering moties integratiedebat (140900)

Den Haag,14 september 2000

1. Stand van zaken: de resultaten van de quickscan van de inburgering
en van de samenwerking tussen gemeenten en rocs zijn onrustbarend en onthutsend. Ze worden voluit onderschreven door de conclusies van de ARK dat 2 weken terug is uitgebracht:

* Geen sluitende afspraken over inhoud, organisatie en rapportage tussen gemeenten en roc,

* geen verzuimregistratie

* geen inzicht in redenen waarom inburgeraars vroegtijdig afhaken of toetsen niet maken,

*geen toepassing van het sanctieregime

*geen effectieve samenwerking met arbeidsvoorziening en bijv. cvvs.
Opvallend is dat middelgrote gemeenten het beter doen dan grote gemeenten. Hoe verklaart de minister dat? De G25 hebben immers de beste uitgangspositie om, mede in het kader van het grote stedenbeleid, een integraal beleid uit te voeren.

Het kabinet kiest als oplossing: meer afspraken te maken, meer en betere rapportages te eisen, te bevorderen dat de rocs de inburgering beter positioneren, flexibeler programmas aan te bieden, uitwisseling te bevorderen, en het toezicht te verbeteren. Een taskforce die deze zomer van start gaat moet dit proces trekken. Weer een taskforce. Het begint er op te lijken dat een taskforce voor dit kabinet het aspirientje is voor alle kwalen.
De echte problemen worden hierdoor namelijk niet aangepakt. (Hoe groot is die taskforce ( uitvoerenden) overigens precies?) Deze keuze van het kabinet lijkt dan ook op een vlucht naar voren. Vooral meer van hetzelfde met waarschijnlijk als resultaat dat het wel meer papier maar niet meer resultaat oplevert. Meer van hetzelfde is niet goed genoeg als het gaat om dit ingewikkelde vraagstuk. Wij denken dat de oorzaak van de problemen dieper ligt. Inburgeraars zèlf, zijn veel te weinig verantwoordelijk voor het succesvol afronden van de trajecten. Gemeenten zijn te eenzijdig verantwoordelijk, met bureaucratie als gevolg. Er zijn drie soorten regelgeving en eveneens 3 soorten financiering. Elk daarvan vraagt zijn eigen rapportage en verantwoording. Met als gevolg: stapels papier richting Den Haag om het geld veilig te stellen en een verwaarlozing van contact en contract met rocs, cvvs en rbas. Het enorme en nauwelijks geregistreerde verzuim, almede de niet bijgehouden uitval, is hiervan een sprekend voorbeeld. Ook het niet toepassen van sancties is zeer ernstig signaal. Gemeenten geloven niet in het sanctieinstrument, zo blijkt. Dat kan dus niet tegenover het recht op inburgeren op kosten van de samenleving staat de plicht tot presteren. De sfeer van vrijblijvendheid die rond de inburgering blijkt te hangen moet eraf. Bij inburgeraars zelf, met name volgmigranten, maar ook bij gemeenten en hier in politiek den Haag.
Zo niet, dat kan terecht de indruk ontstaan bij scholen, maatschappelijke organisaties en burgers in de wijk, dat politiek den Haag met de ogen en oren dicht blijft zitten waardoor de ware problemen niet worden opgelost. Na het voorzitterdebat in april, zullen er nu echte spijkers met echte koppen geslagen moeten worden.

2. Inburgeraars: Nieuwkomers met een vluchtelingenachtergrond
presteren beter dan nieuwkomers in het kader van gezinshereniging en/of gezinsvorming, de zgn. volgmigratie. Het uitvalpercentage tijdens zowel het inburgeringsonderzoek als tijdens het inburgeringprogramma is groot. Als oorzaken zijn genoemd: diverse persoonlijke omstandigheden zoals verhuizing, het vinden van werk en gebrek aan motivatie. Waarom doen vluchtelingen het beter dan gezinsvormers en gezinsherenigers? Zijn zij er wellicht dieper van overtuigd dat inburgering nodig is voor zelfredzaamheid en integratie in onze samenleving? Waar liggen de oorzaken van het gebrek aan motivatie bij volgmigranten? Terwijl deze inburgeraars in de meeste gevallen kinderen zullen (mee)opvoeden. Hier zit een cruciaal punt. Gezinsvormers- en herenigers die onvoldoende inburgeren, missen niet alleen kansen maar ontlopen daardoor eveneens hun plicht om als ouder (hun) kinderen zonder taalachterstand het basisonderwijs te laten binnenstappen. Zonder effectieve inburgering van ouders wordt een taalachterstand bij kinderen natuurlijk nooit voorkomen. En blijven we, zowel in het onderwijs als op de arbeidsmarkt, volstrekt achter de feiten aanhobbelen. Dat is voor de CDA-fractie volstrekt onaanvaardbaar. De ark adviseert de regering om de regelgeving en de financiering te vereenvoudigen en te bundelen. De minister is hiertoe niet bereid. Waarom niet? Elke goede bedoeling van gemeenten, smoort hier toch in bureaucratie? De taskforce zal dit niet oplossen. Meer controle alleen, helpt niet. Vereenvoudiging van regelgeving wel. Waarom weigert de minister dit?
Moet het eerst nog verder uit de hand lopen? Of moeten wij begrijpen dat hij dit niet heeft kunnen regelen met de collegas van VWS en OCW? Dat zou de CDA-fractie diep betreuren omdat dan de schijn kan ontstaan dat door competentiekwesties in het kabinet de problemen rond de inburgering niet worden opgelost maar vooruit worden geschoven naar het volgende kabinet. Hoe zit het eigenlijk met het versterken van de coördinerende bevoegdheden van de minister van GSI als het gaat om integratie? (*mijn inbreng WO nov.1999 en motie de Graaf , integratiedebat april).

De CDA-fractie wil:

Van een prestatieverplichting naar een resultaatverplichting voor inburgeraars

Een contract met elke inburgeraar, waarin rechten en plichten zijn aangegeven. Leerrechten in een vouchersysteem, zodat inburgeraar ook andere combinaties van leren, werken en sociale vaardigheden kan volgen.

Meer mogelijkheden voor taalwerkstages, waarbij taalcursus, sociale en maatschappelijke vaardigheden en betaald werk worden gecombineerd. Hierdoor kunnen ook werkgevers allochtonen een baan aanbieden in combinatie met met succes afronden van de inburgering.

Afbouw van de gedwongen winkelnering en de mogelijkheid voor gemeente en inburgeraars om elders delen van de inburgering in te kopen.

Een vergunning tot verblijf voor onbepaalde tijd voor nieuwkomers , ondermeer koppelen aan het met goed resultaat hebben afgesloten van het inburgeringstraject.

Daarvoor is nodig:

Vereenvoudiging en flex. van regelgeving

Vereenvoudiging en flex. van financieringsstromen

verzuimregistratie

uitvalregistratie

het toepassen van het sanctieregime in de abw

afspraken over traject na inburgering met rbas, vakopleidings en bemiddelingsinstanties.

een volgsysteem tot tenminste een jaar na de inburgering.

Informatie en overdracht bij verhuizing van de ene naar de andere gemeente.

De vraag aan de minister is of hij hiertoe bereid is.

3. Oudkomers: Onvoldoende taalbeheersing en gebrek aan een goede
vakopleiding is de meest hardnekkige belemmering om aan een baan te komen. Waar dat toe leidt wordt zichtbaar bij ondermeer het 20.000-banenplan dat mkb en szw in de steigers hebben gezet. De resultaten na bijna een half jaar zijn erbarmelijk. ( 2000 gemelde vacatures en 192 geplaatsten). En dat met de huidige enorme vraag op de arbeidsmarkt. Ook dat moet anders en beter. Terecht stelt de ARK, evenals eerder trouwens de SER, dat het beleid ten aanzien van taalcursussen voor oudkomers veel minder vrijblijvend moet worden. De vrijblijvendheid voor oudkomers om een taalcursus te volgen of een taalwerkstage te doen moet veranderen in een plicht. Niet alleen deelname, ook de resultaatverplichting moet duidelijk zijn. De CDA-fractie wil niemand afschrijven. Daarom moet voor alle werkzoekenden een verplichte taalcursus, al dan niet in combinatie met een vakopleiding en werk (stage) het wenkend maar ook werkend perspectief zijn.
De CDA-fractie wil:

Naast de (opgeschoonde) wachtlijsten volgens de motie in april jl. ook een inventarisatie van alle werkzoekende allochtonen die werkloos blijven, mede door het gebrek aan taalvaardigheid. Dus ook die werklozen die niet op een wachtlijst staan.

Meer instroom-mogelijkheden van oudkomers in cursussen voor nieuwkomers die niet aan het maximale aantal deelnemers voldoen.

Combinatieprogrammas als bijvoorbeeld Pasvorm en Voorwerk - taal, werk ( echte baan) en sociale vaardigheden - mogelijk maken, om de directe slag naar de arbeidsmarkt te maken. Dit vraagt flexibilisering van regelgeving met bijbehorende financiering.

Zicht hebben op de voortgang en belemmeringen die er zijn op het gebied van diploma erkenning en de weging en erkenning van eerdere verworven competenties.

Is de minister hiertoe bereid?

4. Project vangnet tv : Erkentelijk voor toezegging van de minister op
de vraag van de vast kamercommissie om aan de ontwikkeling van dit project een bijdrage te leveren.

5. Start inburgering in land van herkomst: de minister maak zich hier
te gemakkelijk vanaf. Dit ontkent in feite dat er voor volgmigranten sprake zou zijn van een volwassen vorm van immigratie. (vb emigratie naar Canada/Australië) Het kabinet kiest er blijkbaar liever voor om zelfstandige mensen hier eerst afhankelijk te maken van gemeenten. Dit is de eerste stap naar haperende integratie, met alle mogelijke gevolgen van onvoldoende integratie( ook voor toekomstige opvoeders vandien) op de langere duur. Zo komen we nooit af van de problemen in het onderwijs , op de arbeidsmarkt en in de samenleving als geheel.

Kamerlid: Gerda Verburg

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie