Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Promotie: De duistere kant van het heelal

Datum nieuwsfeit: 22-09-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Rijksuniversiteit Groningen
Zoek soortgelijke berichten
Rijksuniversiteit Groningen

De duistere kant van het heelal

Het bepalen van de massa's van allerlei objecten in het heelal is erg moeilijk, maar ook heel belangrijk, omdat het uiteindelijke lot van het heelal erdoor wordt bepaald: blijft het heelal eeuwig uitdijen, of zal het weer inkrimpen? Het meten van de hoeveelheid materie in het heelal is onder andere moeilijk omdat de meeste materie aanwezig blijkt in een onzichtbare vorm (het zendt geen detecteerbare vorm van straling uit). In de sterrenkunde noemt men dit de `donkere materie'. Toch is het bestaan van deze materie aan te tonen, door de zwaartekracht van deze objecten. Aan het begin van de 20e eeuw toonde Einstein aan dat de zwaartekracht lichtstralen afbuigt. Het effect van deze 'zwaartekrachtslenzen' lijkt sterk op atmosferische effecten, zoals de welbekende fata morgana. Henk Hoekstra gebruikte de zogenaamde `zwakke lenswerking' om de massa's van een verscheidenheid aan objecten in het heelal te bepalen (clusters en groepen van melkwegstelsels, maar ook melkwegstelsels zelf). Dankzij deze techniek, die nog maar enkele jaren met succes is toegepast, kan men een plaatje maken van de verdeling van de `donkere materie'. Als het ware maakt men het onzichtbare `zichtbaar'. Hoekstra keek hoe de `donkere materie' is verdeeld en hoeveel massa het heelal `verdonkeremaant'. Hiervoor maakte hij gebruik van diepe, unieke waarnemingen met de Hubble Space Telescope. Dankzij de scherpe beelden van deze telescoop kon hij heel nauwkeurige metingen doen, hetgeen nog niet eerder was gedaan. Zo ontdekte hij dat in clusters van melkwegstelsels de lichtgevende materie een goede indicatie geeft van de verdeling van de `donkere materie'. En dat de verhouding tussen de hoeveelheid licht die sterren in clusters van melkwegstelsels uitzenden en de hoeveelheid `donkere materie' vrijwel gelijk is voor alle clusters. Daarnaast slaagde Hoekstra er voor de eerste keer in de `grootte' van melkwegstelsels te bepalen (melkwegstelsels zijn voor het grootste deel onzichtbaar), en kon hij een schatting maken van de dichtheid van het heelal. /FC

Hoekstra (Heerenveen, 1973) studeerde sterrenkunde aan de Rijksuniversiteit Groningen, waar hij ook, aan het Kapteyn Instituut, zijn promotieonderzoek verrichtte. Behalve dat hij waarnemingen van de Hubble Space Telescope analyseerde, deed Hoekstra ook zelf meermalen waarnemingen met grote telescopen op de Canarische Eilanden, Hawaï en Chili. Na zijn promotieonderzoek gaat hij als postdoc werken bij het Canadian Institute of Theoretical Astrofysics en het Department of Astronomy van de University of Toronto.

Datum en tijd

vrijdag 22 september 2000, 14.15 uur

Promovendus

H. Hoekstra, tel. (050)363 40 83, fax (050)363 61 00, e-mail: (hoekstra@astro.rug.nl) (werk)

Proefschrift

Weak lensing study of massive structures

Promotores

prof.dr. M. Franx en prof.dr. K. Kuijken

Faculteit

wiskunde en natuurwetenschappen

Plaats

Aula Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie