Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Kamervragen inzake speciale militaire operaties

Datum nieuwsfeit: 25-09-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Tweede Kamer der Staten-Generaal
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

vragen inzake speciale militaire operaties

Gemaakt: 25-9-2000 tijd: 16:47

Vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Defensie (X) voor het jaar 2000

Lijst van vragen

De vaste Commissie voor Defensie heeft de navolgende vragen over de brief van de Minister van Defensie d.d. 23 augustus 2000 inzake speciale militaire operaties in internationale
crisisbeheersingsoperaties (26 800 X, nr. 46)

De voorzitter van de commissie,

Valk

De waarnemend griffier,

Jonker


1.


Tot nu toe is het niet gebruikelijk geweest dat de Kamer werd geïnformeerd over de aanwezigheid van BSB detachering, commando's, enz. als onderdeel van de militaire eenheden. Ligt het in de bedoeling van de regering dit nu wel te doen? (blz. 1)


2.

Is de verzameling militaire operaties die onder de noemer speciale operaties vallen uitputtend? Zo nee, waarom, niet? Zo ja, bent u bereid om een overzicht te geven van alle operaties die de kwalificatie `speciaal' dragen?


3.

Als het kenmerk van deze militaire inzet is dat er grote politieke en militaire risico's aan zijn verbonden, betekent dit dan dat inzet altijd onder Nederlandse leiding plaatsvindt? Indien dit niet het geval is en zij de operationele bevoegdheid voor de operatie uit handen geeft, op welke wijze denkt de regering dan de politieke en militaire risico's te beperken? (blz. 1)


4.

Is het denkbaar dat Nederlandse eenheden overgedragen worden aan multinationale organisaties of andere landen ten behoeve van bepaalde speciale operaties, waarover de kerngroep van ministers vervolgens niet afzonderlijk beslist?


5.

Over welk type militaire steunverlening aan bondgenoten gaat het als men spreekt over speciale operaties?


6.

Wordt militaire steunverlening aan bondgenoten te allen tijde gekwalificeerd als zijnde een speciale operatie?


7.

Op welke wijze denkt de regering de informatie aan de Kamer te verschaffen? Beperkt zich dat tot de fractievoorzitters van die partijen die ook deel uitmaken van de commissie I en V, of wordt de informatie verstuurd aan uitsluitend de defensiewoordvoerders van de respectievelijke fracties of krijgen alle leden van de Kamer de informatie? (blz. 1)


8.

Wat bedoelt de regering met `dezelfde mate van vertrouwelijkheid als bij de commissie voor de inlichtingen - en veiligheidsdiensten»? Ziet de regering een rol bij speciale operaties voor deze al bestaande commissie? Of wordt gedoeld op een beperkte commissie, al dan niet vanuit de vaste kamercommissie voor defensie die op vergelijkbare wijze opereert als genoemde commissie van de inlichtingen- en veiligheidsdienst?


9.

Wanneer vindt wel overleg plaats met de Commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten bij de besluitvorming over de uitvoering van speciale operaties en wanneer niet?


10.

Heeft de regering ideeën hoe de informatieverstrekking aan het parlement bij geheime operaties in de praktijk zal moeten worden vormgegeven? (blz. 2)


11.

Is het denkbaar dat het parlement geïnformeerd wordt over een groep operaties in plaats van elke operatie afzonderlijk?


12.

Als het vanwege internationale samenwerking en mogelijke eisen van bondgenoten niet opportuun is het parlement op enig moment te informeren, wordt dan afgezien van deelname aan zo'n operatie?


13.

Op grond van welke criteria zal de kerngroep bepalen of, en zo ja, welke andere leden van de ministerraad bij de besluitvorming worden betrokken en op welk moment? (blz. 2)


14.

Wordt de vaste procedure inzake het afleggen van verantwoording voor speciale operaties beperkt tot de vorming van een kerngroep?


15.

Is het de bedoeling dat de kerngroep van ministers in alle gevallen vooraf betrokken is bij de besluitvorming over elke speciale operatie apart? Of is het mogelijk dat een of meerdere ministers gemandateerd worden over een reeks operaties met hetzelfde doel en/of van hetzelfde type te beslissen?


16.

Wat is het aandeel van speciale operaties in het totale aantal operaties van de krijgsmacht?


17.

In de hoorzitting van de Tijdelijk Commissie Besluitvorming Uitzendingen, d.d. 7 juni 2000, zegt de minister van Defensie dat er inzake speciale operaties aparte procedures voor de verantwoording moeten komen, maar dat uiteindelijk wel op een of andere wijze verantwoording moet plaatsvinden. Heeft dit betrekking op alle speciale operaties waarbij de inzet van Nederlandse militairen aan de orde is?


18.

Hoe kan de Kamer controleren of er in sommige gevallen überhaupt verantwoording door de regering is afgelegd?


19.

Wanneer is er volgens de regering sprake van een noodsituatie? (Rapport Tijdelijke Commissie Besluitvorming Uitzendingen, blz.33)


20.

Is het juist dat de kamer niet behoeft te worden ingelicht, conform art. 100 lid 1 Grondwet, wanneer de krijgsmacht wordt ingezet voor humanitaire hulp indien geen sprake is van een gewapend conflict?


21.

Op welke wijze wordt de militaire top betrokken bij de besluitvorming over operaties waaraan grote militaire en politieke risico's verbonden zijn?


22.

Handelt Nederland vaker uni- of bi- of multilateraal bij de uitvoering van speciale operaties?

Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie