Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoorden Kamer testvluchten F-16 boven laagvlieggebied

Datum nieuwsfeit: 20-10-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Ministerie van Defensie
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Defensie



Kamervragen en antwoorden


Testvluchten met F-16´s boven het laagvlieggebied

20-10-2000

Antwoorden op de schriftelijke vragen van het Tweede-Kamerlid Harrewijn over testvluchten met F-16´s boven het laagvlieggebied in Labrador en Quebec.

1.Heeft u vooraf toesteming gegeven voor het uitvoeren van supersonische testvluchten door Nederlandse F-16's?

Antwoord 1.
Op grond van de ervaringen in Kosovo heeft de Koninklijke luchtmacht bij het Canadese Ministerie van Defensie geïnformeerd naar de mogelijkheid om supersone oefenvluchten te mogen uitvoeren. Duitsland en het Verenigd Koninkrijk hebben een soortgelijk verzoek aan de Canadese overheid gericht. Als reactie heeft het Canadese Ministerie van Defensie in juli 2000 het verzoek aan de Koninklijke luchtmacht gericht om met F-16´s een aantal supersone ´proefvluchten´ uit te voeren, om de eventuele effecten op de grond te kunnen bepalen. Tot op heden hebben deze vluchten door de Koninklijke luchtmacht nog niet plaatsgevonden.

2.Was u op de hoogte dat deze testvluchten in strijd zouden zijn met de aanbevelingen van de milieu-effect rapportage van 1994?

Antwoord 2.De Canadese overheid is verantwoordelijk voor de toetsing van activiteiten aan de milieu-effect rapportage. Derhalve heeft de Koninklijke luchtmacht bij de Canadese overheid geïnformeerd naar de mogelijkheid om de supersone oefenvluchten te mogen uitvoeren.

3.Is het voornemen om deze testen uit te voeren vooraf besproken in het Institute for Environmental Monitoring and Research, waarin ook de Innu Nation participeert? Zo neen, waarom niet?

Antwoord 3.Het Canadese Ministerie van Defensie voert de besprekingen in het Institute for Environmental Monitoring and Research. Het is mij niet bekend in hoeverre de vraag om supersone oefenvluchten uit te voeren ook daadwerkelijk in dit forum ter sprake is gebracht.

4.Werd de Nederlandse staat dit keer wederom door de Innu Nation in kort geding gedaagd in verband met een 'interim injunction application'?

Antwoord 4.Dit is mij niet bekend.

5.Is het waar dat de supersonische testvluchten zijn uitgesteld tot juli 2001? Zo ja, heeft de regering het voornemen om dan opnieuw haar medewerking te verlenen aan het houden van testvluchten?

Antwoord 5.Het Canadese Ministerie van Defensie heeft het mogelijk uitvoeren van de ´proefvluchten´ uitgesteld tot juli 2001. De operationele wenselijkheid van het kunnen uitvoeren van de vluchten is onomstreden. Het is aan de Canadese overheid te bepalen of de vluchten binnen de kaders van de nationale regelgeving kunnen worden uitgevoerd.

6.Is de Koninklijke luchtmacht betrokken bij de besprekingen over de supersonische vluchten die het Canadese ministerie van Defensie voornemens is te voeren met de Innu Nation?

Antwoord 6.Nee.

7.Welke specifieke risico's zitten er aan supersonische testvluchten ten opzichte van de 'normale' risico's bij het laagvliegen op dertig meter hoogte?

Antwoord 7.Er zijn hieraan geen specifieke risico´s verbonden.

8.Hoeveel sorties heeft de Koninklijke luchtmacht verricht ten behoeve van laagvliegen in Canada sinds het ingaan van het tweede laagvliegverdrag in 1996?

Antwoord 8.Van 1996 tot 2000 heeft de Koninklijke luchtmacht in totaal 7108 sorties vanaf de basis Goose Bay gevlogen. Dit aantal kan worden onderverdeeld in 474 sorties op grote hoogte, 975 sorties op middelbare hoogte en 5659 op lage hoogte.

9.Functioneert het Institute for Environmental Monitoring na de startproblemen naar wens?

Antwoord 9.Ja, zo is onlangs een succesvolle conferentie afgesloten, waarbij ook de President van de Innu Nation een toespraak heeft gehouden. Er is minimaal één keer per kwartaal overleg waarbij vertegenwoordigers van het Canadese Ministerie van Defensie en de basis Goose Bay betrokken zijn.

10.Zijn er opnieuw klachten ingediend in verband met overtredingen van Nederlandse piloten? Zo ja, kunt u ons informeren wat de aard en kwantiteit van de klachten was?

Antwoord 10.Nee, voor zover kan worden nagegaan zijn geen klachten ingediend.

11.Welke gevolgen heeft de introductie van de mogelijke opvolger van de F-16 voor het oefenprogramma en het Laagvliegverdrag met Canada? Moet naar uw oordeel daar te zijner tijd een nieuwe milieu-effect rapportage plaatsvinden en het huidige verdrag worden aangepast?

Antwoord 11.Het huidige oefenprogramma van de Nederlandse vliegers is geoptimaliseerd voor de F-16 en diens taken. Een deel van dit programma wordt uitgevoerd binnen de mogelijkheden van het Laagvliegverdrag met Canada. Er wordt thans van uitgegaan dat de opvolger van de F-16 dezelfde taken zal krijgen als de F-16. Een eventuele nieuwe milieueffectrapportage is een verantwoordelijkheid van de Canadese overheid.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie