Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Conjunctuurbericht oktober 2000

Datum nieuwsfeit: 26-10-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Centraal Bureau voor de Statistiek
Zoek soortgelijke berichten
Centraal Bureau voor de Statistiek

Conjunctuurbericht oktober 2000
Afsluitdatum gegevens: 24 oktober 2000

* Algemeen: overwegend positief nieuws

* Economische groei: 4,5% in eerste halfjaar
* Consumptie: stabiel op hoog niveau

* Productie industrie: groei zwakt licht af
* Consumentenprijzen: inflatie loopt op

* Producentenprijzen: afzetprijzen industrie gestegen
* Consumentenvertrouwen: blijft hoog

* Vacatures: onverminderd hoog

* Werkloosheid: dalende tendens houdt aan
* Internationaal: Eurogebied vergeleken met VS en Japan
Algemeen: overwegend positief nieuws
Het merendeel van de indicatoren voor de Nederlandse economie blijft positieve signalen afgeven. De economische groei blijft hoog, hoewel de groei in het tweede kwartaal lager is dan in het eerste. De consumptie blijft stabiel doorgroeien. Het stijgingspercentage over juli en augustus samen is even groot als dat van het tweede kwartaal. Het consumentenvertrouwen blijft in oktober onveranderd sterk. Daarnaast zijn ook de gegevens over de arbeidsmarkt gunstig. De werkloosheid behoudt zijn dalende tendens. Het aantal vacatures is in het tweede kwartaal nagenoeg even groot als in het eerste kwartaal van dit jaar. Minder gunstig zijn de berichten van het prijzenfront. De inflatie bij ons en in het Eurogebied loopt op. De procentuele stijging van de producentenprijzen blijft in de dubbele cijfers. De aangekondigde maatregelen voor een daling van de olieprijs hebben nog geen zichtbaar effect. Steeds meer consumenten verwachten een oplopende prijsstijging.

Economische groei: 4,5% in eerste halfjaar
Volgens de nieuwste kwartaalramingen is het volume van het bruto binnenlands product in het tweede kwartaal van dit jaar 4,1% groter dan in dezelfde periode van 1999. Voor het eerste halfjaar van 2000 komt het groeicijfer uit op 4,5%. Het is vooral de gezinsconsumptie waarvan de toename in het tweede kwartaal minder sterk is dan aan het begin van het jaar. Bij de investeringen loopt de groei daarentegen op. Dit hangt vooral samen met de oplevering van enkele grote, incidentele projecten. De volumetoename van de uitvoer is hoog en relatief stabiel: deze ligt al drie kwartalen tussen de acht en negen procent. Het stijgingspercentage van de invoer loopt al vijf kwartalen steeds verder op, tot 9,2% in het tweede kwartaal. Aan de bedrijfstakkenkant van de economie valt op dat in de bouwnijverheid en de zakelijke dienstverlening de groei afvlakt. In deze twee bedrijfstakken is het personeelstekort het meest nijpend. Verder is onder andere in de industrie de volumetoename in het tweede kwartaal lager dan in het eerste.

..
Consumptie: stabiel op hoog niveau
De volumegroei van de gezinsconsumptie in de zomermaanden blijft hoog. Mede gestimuleerd door de schrikkeldag, groeide de consumptie in het eerste kwartaal sterk (4,6%). In het tweede kwartaal viel de groei vervolgens terug naar 3,4%; dit percentage is nagenoeg gelijk aan de stijging die over de tweede helft van 1999 werd gemeten. Het stijgingspercentage over juli en augustus samen ligt eveneens in deze orde van grootte. Onder invloed van verschillen in de samenstelling van de koopdagen, lopen de afzonderlijke groeicijfers over juli (1,0%) en augustus (5,6%) evenwel flink uiteen. Over de eerste acht maanden bezien overtreft de volumetoename bij de bestedingen aan diensten (4,4%) die bij de bestedingen aan goederen (2,9%). Vooral het volume van de uitgaven aan financiële en zakelijke diensten en aan vervoers- en communicatiediensten stijgt - met dubbele groeicijfers- uitbundig. Bij de goederen doet de sterkste stijging zich voor bij de duurzame consumptiegoederen. De volumetoename bedraagt 3,7%. Bij de duurzame goederen neemt het groeitempo af.

..
Productie industrie: groei zwakt licht af
Vergeleken met de periode juli-augustus van 1999 ligt de productie in de industrie dit jaar 2% hoger. De jaarlijks wisselende vakantiespreiding bemoeilijkt het interpreteren van de ontwikkeling van de gemiddelde dagproductie in de afzonderlijke maanden juli en augustus. Om deze reden zijn bij de interpretatie van de resultaten van de productie-index juli en augustus samen genomen. In de eerste acht maanden van dit jaar ligt de productie in de industrie 2,7% hoger dan in de eerste acht maanden van vorig jaar. Binnen de industrie loopt de ontwikkeling per branche uiteen. De grootste stijging is waargenomen in de aardolie-, chemische en rubberindustrie (3,8%). In de metaalindustrie ligt de stijging (2,9%) net iets boven het industriële gemiddelde. De textiel-, kleding- en lederindustrie is met een groei van 1,4% de hekkensluiter binnen de industrie.

..
Consumentenprijzen: inflatie loopt op
De inflatie is in september uitgekomen op 2,9%. Na een incidenteel lage prijsstijging in augustus (2,5%), ligt de inflatie nu een fractie boven het cijfer van juli (2,8%). Het lage augustuscijfer hing vooral samen met het feit dat dit jaar de wintercollectie van kleding en schoeisel later in het assortiment werd opgenomen dan vorig jaar het geval was. Er was dus sprake van een incidentele verschuiving van het seizoenpatroon in deze branche. In september gingen college- en lesgelden omhoog en werden ook de autobrandstoffen weer duurder. Groenten en fruit werden in september dit jaar goedkoper. Voor de periode januari-september 2000 komt de inflatie gemiddeld uit op 2,4%. Voor 1999 als geheel was dit 2,2%. In de loop van het jaar is de inflatie duidelijk opgelopen. Begin 2000 was de prijsstijging nog 2,0%.
De voor vergelijkingen binnen de Europese Unie gehanteerde geharmoniseerde prijsindex komt in september voor ons land ook uit op 2,9%. Binnen de Eurozone steeg de inflatie van 2,3% in augustus naar 2,8% in september. Vrijwel alle landen van de Eurozone droegen bij aan deze stijging van de inflatie.

..
Producentenprijzen: afzetprijzen industrie gestegen In augustus liggen de prijzen van producten van de Nederlandse industrie gemiddeld 11,4% hoger dan in augustus vorig jaar. De buitenlandse afzetprijzen stijgen in deze periode met ongeveer 14%. Dit is bijna twee maal zoveel als de stijging van de prijzen van de in eigen land verkochte Nederlandse industriële producten. Ook de prijzen van de in de industrie gebruikte grondstoffen en halffabrikaten liggen in augustus dit jaar fors hoger dan in dezelfde periode van vorig jaar. Ingevoerde grondstoffen en halffabrikaten werden in dit tijdvak 23,8% duurder. De prijzen van de door de industrie verbruikte grondstoffen en halffabrikaten uit eigen land stegen in dezelfde periode met 11,7%.
Zowel de afzetprijzen als de prijzen van de in de industrie verbruikte grondstoffen en halffabrikaten worden sterk beïnvloed door de aardolieprijzen. Na 1996 is de prijs voor een vat ruwe aardolie een tijd lang gedaald. Het dieptepunt werd bereikt in februari 1999, toen de prijs per vat 10,57 dollar bedroeg. Daarna zijn de prijzen bijna onafgebroken gestegen. In augustus van dit jaar bedroeg de gemiddelde prijs 30,36 dollar per vat. Dit is een stijging met bijna 49% vergeleken met een jaar eerder. In dezelfde periode steeg de koers van de dollar ten opzichte van de gulden met bijna 18%. Voor de Nederlandse industrie werd een vat ruwe aardolie dus ruim 75% duurder. De prijzen van de producten van de aardolie-industrie stegen in diezelfde maanden met ruim 61%. Een aangekondigde productieverhoging door de OPEC-landen heeft vooralsnog niet geleid tot een sterke daling van de prijs voor ruwe aardolie. Ook de door de Verenigde Staten in het vooruitzicht gestelde intering op de strategische oliereserves leverde nog geen resultaten op. In september steeg de gemidelde prijs voor een vat aardolie naar $ 32,68. Per 23 oktober leverde een vat North Sea Brent $31,95 op.

..
Consumentenvertrouwen: blijft hoog
Het vertrouwen van de consument in de economie is in oktober nagenoeg even hoog als in september. Het oordeel over het economisch klimaat is opnieuw overwegend positief. Het optimisme over het economisch klimaat in de komende twaalf maanden is in september en oktober echter iets minder groot dan eerder dit jaar. Uit het Consumenten Conjunctuur Onderzoek blijkt onder andere dat een groeiend aantal consumenten de komende tijd een oplopende inflatie verwacht. De koopbereidheid blijft groot en is al het gehele jaar relatief stabiel op een hoog niveau. Dit hangt samen met het feit dat er meer huishoudens zijn waarvan de financiële situatie verbetert dan huishoudens waarvan de financiën verslechteren. Het consumentenvertrouwen is al het hele jaar min of meer stabiel. Als echter rekening wordt gehouden met seizoeninvloeden is het vertrouwen van de consument in de periode juli-oktober iets lager dan in het eerste halfjaar van 2000. Het is gebruikelijk dat consumenten in de zomer optimistischer zijn dan gemiddeld.

..
Vacatures: onverminderd hoog
Bij particuliere bedrijven stonden er eind juni dit jaar 202 duizend vacatures open. Dat is nagenoeg evenveel als eind maart 2000. In de vorige periode van hoogconjunctuur kwam het aantal vacatures bij particuliere bedrijven niet boven de 134 duizend (maart 1990). Daarna daalde dit aantal tot slechts 33 duizend eind 1993. Sinds dit dieptepunt vertoont het aantal vacatures een stijgende lijn. Eind maart 2000 kwam het aantal voor het eerst boven de 200 duizend. Dit was de hoogste stand die ooit door het CBS was gemeten. De krapte op de arbeidsmarkt kan ook aangegeven worden met het aantal vacatures per duizend banen. Voor alle particuliere bedrijven tezamen geldt dat ultimo juni dit jaar per duizend banen 37 vacatures openstaan, een jaar eerder waren dat er 34. In de bouwnijverheid en de zakelijke dienstverlening zijn er beduidend meer vacatures dan gemiddeld. De krapte is nog steeds het grootst in de IT-sector met 85 vacatures per duizend banen. Wel is deze wat afgenomen in vergelijking met vorig jaar. In het tweede kwartaal 1999 stonden in de IT-sector nog bijna honderd vacatures op duizend banen open.

..
Werkloosheid: dalende tendens houdt aan
Het aantal geregistreerde werklozen komt in het derde kwartaal uit op 176 duizend. Dit is 36 duizend lager dan in dezelfde periode van vorig jaar. Vergeleken met het tweede kwartaal betekent dit een stijging met drieduizend. Dat is in deze tijd van het jaar zeker niet ongebruikelijk en een gevolg van seizoeninvloeden. Na correctie voor deze factoren neemt de werkloosheid van het tweede op het derde kwartaal af met 14 duizend. Ten opzichte van het derde kwartaal van vorig jaar ligt het aantal werklozen 36 duizend lager, wat een daling betekent van gemiddeld drieduizend per maand. In de achterliggende twaalf maanden is het aantal langdurig werklozen verminderd met 30 duizend. De langdurige werkloosheid is daarmee sneller afgenomen dan de kortdurende. Sinds eind 1999 ligt het aantal langdurig werklozen onder het aantal werkzoekenden dat korter dan een jaar staat ingeschreven.

..
Internationaal: Eurogebied vergeleken met VS en Japan Eind 1998 is de waarde van de euro ten opzichte van de valuta van de deelnemende landen definitief vastgesteld. Dit zijn de munten van België, Duitsland, Finland, Frankrijk, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal en Spanje. Ten opzichte van de Amerikaanse dollar en de Japanse yen vertoont de euro een dalende tendens. In september is de waarde van de euro ten opzichte van de dollar ruim 30% lager dan begin 1999 en ten opzichte van de yen zelfs 40% lager.

Qua aantal inwoners is het Eurogebied groter dan de Verenigde Staten (VS). In 1998 woonden er ruim 290 miljoen inwoners in het Eurogebied, tegen 270 miljoen in de VS. Japan komt met 126 miljoen nog niet aan de helft van het aantal inwoners in de Eurozone. De productie per hoofd van de bevolking is in de VS het hoogst en in de Eurozone het laagst. In 1999 komt de waarde van de totale productie, het bruto binnenlands product (BBP), voor de VS uit op ruim 9 200 miljard dollar, tegen 6 500 miljard dollar voor het BBP in het Eurogebied en 4 400 miljard dollar in Japan. De omvang van de economie in de Eurozone is dus ongeveer 2/3 deel van die in de VS en de Japanse economie op haar beurt is ongeveer 2/3 deel van die in het Eurogebied. Voor de buitenlandse handel van Nederland is met name het Eurogebied, waarbinnen zonder valutarisico's kan worden gehandeld, belangrijk. In de eerste zes maanden van dit jaar is ruim de helft van de waarde van onze totale buitenlandse goederenhandel ingevoerd uit of uitgevoerd naar de landen van het Eurogebied. Slechts één tiende deel van de totale buitenlandse goederenhandel van ons land loopt via de VS of Japan.

De waarde van de euro ten opzichte van de dollar of yen wordt voor een belangrijk deel bepaald door het vertrouwen van de financiële wereld in de economieën van de Eurozone, de VS en Japan. Hiervoor wordt onder andere gekeken naar verschillen in economische groei, inflatie en renteniveaus. In de Eurozone is vanaf de start van de EMU de economische groei lager dan in de VS. In het tweede kwartaal van dit jaar bedraagt de jaar-op-jaar volumestijging van het BBP in de VS 6,1%, tegen 3,7% voor de elf eurolanden. In de loop van de afgelopen twee jaar is het verschil in groei opgelopen van 0,7%-punt tot 2,4%-punt. Binnen het Eurogebied blijft de economische groei in met name Italië, Frankrijk en Duitsland achter bij het gemiddelde. Het zijn vooral de bestedingen van de gezinnen in deze drie Europese landen die relatief minder snel toenemen. Na een aantal kwartalen van krimp begint de economie in Japan het afgelopen jaar langzaam uit het dal te krabbelen. De groei van het BBP blijft in de eerste helft van dit jaar vooralsnog steken op bijna 1%. Het is al meer dan vier jaar geleden dat in Japan economische groeicijfers zijn gemeten die enigszins in de buurt komen van de huidige groeicijfers in de VS.

De inflatie, gemeten volgens de geharmoniseerde consumentenprijsindex, is in het Eurogebied vanaf medio 1998 lager dan in de VS. Medio vorig jaar was het verschil opgelopen tot ruim 1%-punt. Hierna is dit verschil vrij constant gebleven. Sinds begin vorig jaar zijn de kosten van levensonderhoud in Japan steeds gedaald. In vergelijking met 1995 liggen de consumentenprijzen in Japan medio 2000 slechts één procent hoger.Het rendement op staatsobligaties met een looptijd van tien jaar geeft een beeld van de rente op de langere termijn. In het Eurogebied ligt de lange rente vanaf 1998 onder die in de VS. Het renteverschil is het grootst in het tweede kwartaal van 1999 (1,3%-punt). Dit verschil is de laatste tijd snel afgenomen. In het derde kwartaal van dit jaar is het nog maar 0,4%-punt. In Japan is de lange rente bijzonder laag. Het rentepercentage komt daar vanaf 1998 niet boven de 2%.

De prognoses, die door het Centraal Planbureau in september jl. in de Macro Economische Verkenning 2001 zijn gepubliceerd, geven voor de drie gebieden het volgende aan. In de VS zal de economische groei van 5¼% dit jaar terugvallen naar 3¼% volgend jaar, terwijl voor de Eurozone een gelijkblijvende stijging van ongeveer 3½% wordt verwacht. In Japan neemt de groei van het BBP toe van 1¾% naar 2½%. De verwachte inflatie in de VS zal van 3¼% in 2000 terugvallen naar 2½% volgend jaar, voor het Eurogebied wordt een afname van inflatiecijfer voorspeld van 2% naar 1¾%. Ook volgend jaar zullen volgens het CPB in Japan de consumentenprijzen niet stijgen. Het CPB voorziet niet dat de lange rente gaat aantrekken in de VS; daarentegen zal in de Eurozone en Japan de rentestijging naar hun verwachting ½%-punt bedragen.

Conjunctuurbericht is een uitgave van de divisie Macro-economische Statistieken en Publicaties, sector Prijzen, Conjunctuur en Programmazaken, e-mail: (infoservice@cbs.nl). Laatst gewijzigd: 24 oktober 2000

© Centraal Bureau voor de Statistiek, Voorburg/Heerlen, 2000 Bronvermelding is verplicht.
Verveelvoudiging voor eigen gebruik of intern gebruik is toegestaan.

..

Laatst gewijzigd: 26 oktober 2000

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie