Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord Kamervragen werklast Europese Hof Rechten v/d mens

Datum nieuwsfeit: 31-10-2000
Bron: Ministerie van Buitenlandse Zaken
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Buitenlandse Zaken

www.minbuza.nl\content.asp?Key=402710




Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Directie Economische Samenwerking Afdeling Internationale en Regionale Organisaties Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag

Datum 31 oktober 2000 Auteur P.R.Post

Kenmerk DES/IR-350/00 Telefoon 348 49 50

Blad /4 Fax 348 44 12

Bijlage(n) 1 E-mail (Peter.Post@minbuza.nl)

Betreft Antwoord op vragen van de leden Van Oven en Timmermans over de werklast van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens

Zeer geachte Voorzitter,

Onder verwijzing naar de brief van de Griffier Uwer Kamer d.d. 16 oktober 2000 met kenmerk 2000101040, waarbij gevoegd waren de door de Kamerleden Van Oven en Timmermans overeenkomstig artikel 134 van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer bij U ingediende vragen, heb ik de eer U, mede namens de Minister van Justitie, als bijlage dezes het antwoord op de gestelde vragen te doen toekomen.

De Minister van Buitenlandse Zaken

Antwoord van de heer Van Aartsen, Minister van Buitenlandse Zaken en de heer Korthals, Minister van Justitie op vragen van de leden Van Oven en Timmermans (beiden PvdA).

Vraag 1


Heeft u kennisgenomen van de mededeling van de President van het Europese Hof van Justitie voor de Rechten van de Mens, dat het Hof onder de huidige werklast dreigt te bezwijken wanneer niet snel aanvullend budget ter beschikking wordt gesteld? 1)

Antwoord:

Ja

Vraag 2

Vindt u dat het behoorlijk functioneren van het Hof fundamenteel is voor de handhaving van de Europese Conventie voor de Rechten van de Mens?

Antwoord:

Ja.

Vraag 3


Bent u bereid de noodkreet van de President van het Hof tijdens de eerstvolgende bijeenkomst van het Comité van Ministers aan de orde te stellen zodat met spoed maatregelen kunnen worden getroffen?

Antwoord:

De regering is bereid om in het Comité van Ministers de financiële problematiek van het Hof aan de orde te stellen, zodat zo spoedig mogelijk maatregelen kunnen worden getroffen. Zoals bekend valt de begroting van het Hof onder de algemene middelen van de Raad van Europa, hetgeen betekent dat extra financiële middelen voor het Hof gevonden moeten worden door prioriteiten te stellen binnen deze begroting
.

Wij realiseren ons dat de gevolgen van de reële nul-groei van de begroting van de Raad van Europa het stellen van prioriteiten geen eenvoudige opdracht is.

Samen met Europese partners zal gezocht worden naar oplossingen om te komen tot leniging van de noden van het Hof.

Vraag 4


Nam u kennis van de oproep van de President van het Hof om in nationaal verband sneller uitvoering te geven aan uitspraken van het Hof?

Antwoord:

Ja

Vraag 5


Bent u bereid te bevorderen dat door Nederland aan die oproep gevolg wordt gegeven?

Antwoord:

Nederland erkent ten volle de bindende kracht van EHRM-uitspraken en leeft deze dan ook getrouw na. Verschuldigde geldbedragen worden op voortvarende wijze aan klagers betaald. Indien maatregelen van meer algemene aard noodzakelijk zijn, zoals (aanpassing van) wet- en regelgeving, dan worden hiertoe de nodige initiatieven genomen. Hoewel slechts bindend voor het land dat partij is in een zaak, kan ook een uitspraak van het EHRM tegen een ander land aanleiding zijn voor aanpassing van

Nederlandse wet- en regelgeving. Ook indien dat het geval is, worden de nodige initiatieven genomen.

Vraag 6

Klopt het dat Turkije weigert een uitspraak van het Hof tegen dat land te erkennen?

Antwoord
:

Het is juist dat de Turkse regering geen bevredigend gevolg heeft gegeven aan de Hofuitspraken van 18 december 1996 en 28 juli 1998 in de zaak Loizidou tegen Turkijë.

Vraag 7

Zo ja, bent u bereid dat standpunt van Turkije in het Comité van Ministers aan de orde te stellen en te bevorderen dat het Comité dienaangaande passende maatregelen neemt?

Antwoord:

Ja. Voor de goede orde diene dat het Comité van Ministers sinds de uitspraak van het Hof deze kwestie vele malen heeft besproken, laatstelijk op 19 september jl. .

Het Comité heeft dat gedaan op basis van haar toezichthoudende rol als voorzien in het EVRM. Op 6 oktober 1999 is door het Comité van Ministers een interim resolutie aangenomen (DH(99)680 waarin er bij de Turkse regering sterk op wordt aangedrongen de Hofuitspraak te eerbiedigen, haar stellingname te herzien en de schadeloosstelling uit te betalen.

Op 12 juli jl. is een tweede interim resolutie aangenomen waarin opnieuw is aangedrongen op naleving van de Hofuitspraak. Het Franse voorzitterschap van de Europese Unie heeft die dag in een separate verklaring namens de EU aangedrongen

op het naleven de Hofuitspraak.


1) Staatscourant, 5 oktober jl.


Kenmerk DES/IR-350/00
Blad /1

===

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie