Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Uitgangspunten externe verzelfstandiging GVB Amsterdam

Datum nieuwsfeit: 01-11-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Gemeente Amsterdam
Zoek soortgelijke berichten
Gemeente Amsterdam

|
Persberichten
|
Uitgangspunten externe verzelfstandiging GVB

Uitgangspunten externe verzelfstandiging GVB

Het college van B&W heeft op voorstel van wethouder Ter Horst ingestemd met de uitgangspunten bij de externe verzelfstandiging van het Gemeentevervoerbedrijf (GVB). In januari van dit jaar heeft de gemeenteraad een principebesluit genomen tot externe verzelfstandiging van het GVB. Daarna heeft het college een plan van aanpak vastgesteld. Hierin is gekozen voor een trechtervormig besluitvormingsproces met drie bestuurlijke mijlpalen, nl. een besluit over de uitgangspunten, een besluit over de hoofdlijnen en een definitief besluit. De raadsvoordracht heeft betrekking op het eerste besluit. Het is om twee redenen van belang om te besluiten tot externe verzelfstandiging. De eerste reden is de verwachte bijdrage van externe verzelfstandiging aan het gezondmakingsproces. De tweede reden is de in de nieuwe Wet Personenvervoer opgenomen verplichting tot openbare aanbesteding van het openbaar vervoer (OV) in 2006 en de daarmee samenhangende verplichte keuze tussen opdrachtgeverschap voor het OV en eigenaarschap van een vervoerbedrijf dat meedingt in de aanbesteding.

De volgende uitgangspunten staan in de raadsvoordracht centraal:
* De primaire rol van de gemeente in het OV is die van opdrachtgever en niet die van uitvoerder.

* De externe verzelfstandiging van het GVB moet toekomstbestendig zijn: indien openbare aanbesteding van het OV in Amsterdam vanaf 2006 aan de orde is, zal het GVB geen concurrentievoordeel of
-nadeel mogen hebben ten opzichte van andere bedrijven.
* Het GVB moet een sterk bedrijf worden en met het oog op aanbesteding uiterlijk in 2005 concurrerend zijn.

Deze uitgangspunten leveren een belangrijke bijdrage aan de realisatie van een beter en efficiënter OV, waardoor de klant van het OV in Amsterdam méér waar voor zijn geld krijgt. De uitwerking van het opdrachtgeverschap en opdrachtnemerschap in contractrelaties is van cruciaal belang omdat de gemeente alleen via deze weg haar publieke verantwoordelijkheid voor het OV in Amsterdam goed kan uitvoeren. In de uitgangspunten is opgenomen dat alle werkzaamheden die het GVB nu uitvoert voor het OV na de verzelfstandiging via contracten worden geregeld.

Ter wille van de toekomstbestendigheid is het, gezien de Wet Personenvervoer, nodig bij de externe verzelfstandiging ervan uit te gaan dat vanaf 2006 openbare aanbesteding van het OV in Amsterdam aan de orde is. Ter voorbereiding op aanbesteding zal bijtijds (uiterlijk in 2003) gekozen moeten worden tussen de rol van opdrachtgever van het OV en die van eigenaar van het GVB.

De uitgangspunten voor het eigendom van de verschillende categorieën materiële vaste activa zijn geformuleerd met het oog op de toekomstbestendigheid. Grond en infrastructuur blijven in eigendom van de gemeente. Railmaterieel, bus- en railgebonden gebouwen en de veren gaan als geclausuleerd eigendom (terugleverplicht tegen vooraf vastgestelde voorwaarden) over naar de nieuwe vennootschap, in aparte BV's. De consequenties voor de financiering en de fiscaliteit van de keuze voor deze optie zullen in de hoofdlijnenfase nader worden bestudeerd. Dit zou een heroverweging van de keuze met zich mee kunnen brengen. Het eigendom van de bussen en van de overige gebouwen (kantoren en personeelsverblijven) gaat over naar het GVB tegen actuele marktwaarde.

De kern van de raadsvoordracht is het uitgangspunt dat het GVB uiterlijk in 2005 concurrerende kostprijzen moet hebben. Vanuit het gezichtspunt van de klant en van de gemeente als opdrachtgever is dat een meer dan redelijk verlangen: concurrerende kostprijzen zouden een normaal gegeven moeten zijn. Maar ook voor de gemeente als eigenaar en voor het bedrijf zelf zijn concurrerende kostprijzen een absolute voorwaarde om de toekomst van het GVB als sterk OV-bedrijf veilig te stellen.

De gezondmaking van het GVB in 2001, zoals beoogd in het door de gemeenteraad vastgesteld businessplan in 1997, is nog niet voltooid. De externe verzelfstandiging biedt de beste gelegenheid om de gezondmaking uiterlijk in 2005 te voltooien.

Er is tijd nodig voor het proces om tot concurrerende kostprijzen te komen. Daarom krijgt het GVB de zekerheid dat het bedrijf tot 2006 de exploitatie van het OV en alle bestaande onderhouds- en beheersactiviteiten blijft uitvoeren. Dit betekent dat alle onderdelen van het werkapparaat van het GVB integraal overgaan naar de nieuwe vennootschap(pen).

De in de raadsvoordracht opgenomen overgang naar marktconforme arbeidsvoorwaarden zal een bijdrage leveren aan de totstandkoming van concurrerende kostprijzen. De gemeente als eigenaar zal het GVB daarnaast voldoende financiële middelen moeten verschaffen om als een sterk bedrijf in 2006 de concurrentie aan te kunnen. Op dit moment zijn nog geen onderbouwde ramingen beschikbaar van de benodigde middelen. Daarom wordt in dit stadium volstaan met de vastlegging in de uitgangspunten van de mogelijke bronnen voor dekking van benodigde extra middelen.

Het totaal van uitgangspunten geeft een duidelijke richting aan voor het verdere proces om te komen tot externe verzelfstandiging van het GVB.

De raadscommissie behandelt het voorstel op 16 november en de gemeenteraad op 29 november.

Huub Winthagen 5523245.




-

© gemeente Amsterdam - 1-11-2000

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie