Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Kamervragen over de fiscus en Fokker

Datum nieuwsfeit: 14-11-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Ministerie van Financiën
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Financien

Titel: KAMERVRAGEN OVER DE FISCUS EN FOKKER



Persberichtnr.

00-240

Den Haag

14 november 2000

Vragen van het lid van de tweede kamer der staten-generaal reitsma aan de staatssecretaris van financien over de fiscus en fokker

VRAGEN:


1.


Bent u op de hoogte van de feit dat de Belastingdienst Grote Ondernemingen Amsterdam de failliete bedoel van Fokker aansloeg voor vennootschapsbelasting voor een aanzienlijk bedrag ?


2.

Wat is de reden voor deze aanslag en wat zijn daarvan de gevolgen voor de overige schuldeisers ?


3.

Deelt u de opvatting van de Inspecteur dat de failliete boedel een aanzienlijk bedrag minder aan fiscaal compensabele verliezen had omdat Stork een bedrag van 400 miljoen gulden aan fiscaal compensabele verliezen heeft gekregen bij de overname van Fokker Aviation ? Zo ja, waarom ?


4.

Bent u op de hoogte van de uitspraak van het Hof van Amsterdam dat er geen belastbare winst was gemaakt, althans dat zon winst niet kan ontstaan voordat de slotuitdelingslijst verbindend is geworden en dus de uitkeringen aan de schuldeisers zijn vastgesteld ?


5.

Bent u ervan op de hoogte dat de Hoge Raad op 14 juni jl. de inspecteur in het ongelijk stelde en daarbij de uitspraak van het Hof bevestigde dat belastbare winst alleen kan ontstaan nadat vorderingen van de schuldeisers zijn vastgesteld ?


6.

Waarom heeft de belastingdienst na de uitspraak van de Hoge Raad de boedel een identieke aanslag opgelegd voor de jaren 1999 en 2000 op exact dezelfde gronden ?


7.

Bent u bereid verdere vertraging te voorkomen ten nadele van de overige -niet zijnde preferente- schuldeisers ? Welke stappen gaat u daarvoor ondernemen?


8.

Wat zijn uw argumenten waarop een andere uitspraak van het Hof en de Hoge Raad zou kunnen zijn gebaseerd voor de jaren 1999 en 2000?


9.

Bent u van mening dat deze gang van zaken een negatieve invloed heeft op buitenlandse partijen die risicovolle investeringen in Nederlandse bedrijven overwegen?


10.

Deelt u de mening dat deze impasse zo snel mogelijk doorbroken dient te worden? Bent u bereid om daar medewerking aan te verlenen? Zo ja, hoe?

Antwoorden


1.


Ja.


2, 5, 6 en 8 .

Het arrest, dat ook integraal en niet-geanonimiseerd is gepubliceerd onder nummer BNB 2000/269, is mij bekend. Uit het arrest blijkt naar mijn mening dat het onbetaald blijven van schulden leidt tot het in aanmerking nemen van een bate die tot de totaalwinst behoort. Ten aanzien van het moment waarop de winst uiterlijk in de heffing betrokken kan worden, heeft de Hoge Raad overwogen dat goed koopmansgebruik pas verplicht tot het nemen van winst ter zake van de omstandigheid dat vaststaat of zo goed als zeker is dat bepaalde schulden niet of niet volledig zullen worden voldaan, als de omvang van het ter zake daarvan verkregen voordeel vaststaat. De Hoge Raad vervolgt In het onderhavige geval, waarin de failliete boedel op de balansdatum (31 december 1998) behalve schulden aanzienlijke baten omvatte - gelet op de hiervóór vermelde feiten - de omvang onzeker was, stond op de balansdatum de omvang van het evenbedoelde voordeel nog niet vast. Hieruit leid ik af dat de Hoge Raad anders dan Hof Amsterdam het belasten van de bate niet uitstelt tot het moment waarop de slotuitdelingslijst definitief is. Op welk moment wel aan de door de Hoge Raad geformuleerde eis is voldaan, is nog onderwerp van geschil tussen de inspecteur en de curator. Daarom heeft de inspecteur in dat kader de te belasten bate in de aanslag over de jaren 1999 en 2000 begrepen. Uiteraard zal de bate slechts in één jaar daadwerkelijk in de heffing worden betrokken. Voorzover de belastingschuld door de rechter wordt bevestigd en ook geïnd kan worden, gaat dit ten koste van de overige schuldeisers.


3.

Ik acht dit geen adequate weergave van het standpunt van de inspecteur. Na ontvoeging van de fiscale eenheid zou, zoals uit het arrest blijkt, op grond van standaardvoorwaarde 15, onderdeel f 1,724 miljard van de verliezen dienen te worden toegerekend aan de moedermaatschappij Fokker Aviation BV. Fokker Aviation BV heeft echter afstand gedaan van het recht op verliescompensatie tot een bedrag van f 1,324 miljard. Het recht op verliescompensatie ter grootte van deze f 1,324 miljard is bij verbreking van de fiscale eenheid toegerekend aan Fokker Aircraft NV. Fokker Aircraft heeft dus f 1,324 miljard meer compensabele verlies ontvangen dan waar zij op grond van de standaardvoorwaarde recht op zou hebben. De failliete boedel heeft eerder meer dan minder compensabel verlies meegekregen. Overigens is het totaal aan compensabel verlies niet gewijzigd. Stork heeft geen compensabel verlies gekregen.


4.

Ja.

7.

Ja, tussen Belastingdienst, curatoren en het departement wordt periodiek overleg gevoerd inzake de voortgang van de afwikkeling van het fiscale geschil. Van onnodige vertraging van de zijde van de Belastingdienst en departement is naar mijn mening geen sprake. De bemoeienis van het departement strekt er met name toe om de gewenste voortgang te bewaken en de lopende procedures zo efficiënt mogelijk te voeren.

9.

Nee.

10.

Nee, van een impasse is naar mijn mening geen sprake.

Zie verder het antwoord op vraag 7.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie