Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Lof voor Utrechts armoedebeleid

Datum nieuwsfeit: 15-11-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Gemeente Utrecht
Zoek soortgelijke berichten
Gemeente Utrecht

LOF VOOR UTRECHTS ARMOEDEBELEID

Op 31 oktober verscheen 'Balans van het Armoedebeleid, Vijfde jaarrapport armoede en sociale uitsluiting'. In dit rapport wordt nagegaan welke effecten het armoedebeleid van de afgelopen jaren heeft gesorteerd. Uit het achterliggende onderzoek blijken grote lokale verschillen, die niet herleid kunnen worden tot lokale verschillen in de ernst van het armoedeprobleem. De gemeente blijkt een belangrijke aanvulling te kunnen bieden als het gaat om het verbeteren van de sociale positie van de minima. De Utrechter komt er dan goed van af. In het rapport wordt het armoedebeleid van Utrechts wethouder mevr. P.M. Van der Linden - De Feijter genoemd als voorbeeld waar lokaal armoedebeleid echt zoden aan de dijk zet. Als men gebruik maakt van de voorzieningen als gevolg van lokaal armoedebeleid, gaat een gemiddeld echtpaar zonder kinderen met bijstandsuitkering in Utrecht er f200,- op vooruit. Voor Van der Linden - De Feijter is dit rapport een bevestiging van het belang van lokaal armoedebeleid. Overigens blijft de wethouder bij haar standpunt dat de bijstandsuitkeringen moeten worden verhoogd en dat lokaal beleid niet in deze omvang nodig zou moeten zijn.

De Nederlandse overheid voert sedert enkele jaren een armoedebeleid om de positie van arme individuen en huishoudens te verbeteren. Het armoedebeleid steunt op twee belangrijke pijlers. Enerzijds poogt de overheid om via landelijke inkomensmaatregelen en lokaal armoedebeleid de financiële positie van de sociale minima te verbeteren. Anderzijds wordt geprobeerd om de maatschappelijke participatie van armen te bevorderen. Armoede is immers niet alleen een kwestie van geld, maar komt ook tot uitdrukking in het buitengesloten raken van mensen van maatschappelijke deelname. Daarom wordt geprobeerd om uitkeringsgerechtigden weer aan het werk te krijgen of alternatieve activiteiten te ontwikkelen die zij kunnen verrichten. In het genoemde rapport wordt onderzoek gedaan naar de resultaten van dit beleid.

Volgens de onderzoekers blijken lokale maatregelen een duidelijke bijdrage aan de financiele positie van de minima te kunnen leveren. Als er geen gebruik gemaakt wordt van lokale voorzieningen is de inkomenspositie van de minima in de diverse gemeenten vergelijkbaar. De uitgaven per minimumhuishouden blijken per gemeente echter enorm te verschillen. Daardoor kunnen er ook grote verschillen optreden in de financiële situatie van minima. De gemeente Utrecht komt bij de beoordeling positief naar voren. In het rapport: " De gemeente Utrecht en Spijkenisse stonden op verscheidene onderdelen van het armoedebeleid in de bovenste regionen" en even verder: " de gemeente Utrecht besteedt op zes van de zeven terreinen het meest" (p.221). De benoemde terreinen zijn: Bijzondere bijstand, kwijtschelding van belastingen, schuldhulpverlening, kinderopvang, maatschappelijke participatie, activering arbeidstoeleiding en overig armoedebeleid.

Even verderop in het rapport blijkt ook dat Utrecht goed voor haar minima zorgt: "Als er echter rekening gehouden wordt met het lokale armoedebeleid kan men beter elders wonen, bijvoorbeeld in Utrecht. Een gemiddeld echtpaar zonder kinderen met bijstandsuitkering gaat er in Utrecht f200,- per maand op vooruit als men gebruik gaat maken van het lokale armoedebeleid, terwijl een Amsterdams echtpaar er slechts f90,- op vooruit gaat".

" Voor alle onderscheiden typen huishoudens blijkt het financieel het meest aantrekkelijk om in Utrecht te wonen. In deze gemeente heeft een gezin met twee kleine kinderen dat afhankelijk is van een bijstandsuitkering en gebruikmaakt van de lokale armoederegelingen, geld beschikbaar voor sportieve, culturele en recreatieve activiteiten, een huisdier en zakgeld voor de kinderen" (p.224).

Het onderzoek heeft betrekking op de periode tot eind 1998. Vanaf 2000 heeft de gemeente Utrecht het minimabeleid herijkt. Dit heeft echter niet geleid tot een vermindering van de uitgaven, maar van een andere, rechtvaardiger verdeling over de huishoudens.

'Balans van het Armoedebeleid, Vijfde jaarrapport armoede en sociale uitsluiting' verscheen bij uitgeverij Amsterdam University Press en werd geschreven door Godfried Engbersen (hoogleraar Algemene Sociologie, Erasmus Universiteit Rotterdam), Cok Vrooman (coördinator arbeid en sociale zekerheid, SCP) en Erik Snel (onderzoeker vakgroep Sociologie, Erasmus Universiteit Rotterdam).

Utrecht, 15 november 2000

pb118.HS

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie