Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Besluiten Raad van de Europese Unie (Onderzoek)

Datum nieuwsfeit: 16-11-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
European Union

2305. Raad - ONDERZOEK Press Release: Brussels (16-11-2000) - Press: 431 - Nr: 13084/00


13084/00 (Presse 431)

(OR. fr)

2305e zitting van de Raad


- ONDERZOEK -

Brussel, 16 november 2000

Voorzitter:

de heer Roger-Gérard SCHWARTZENBERG

Minister van Wetenschappelijk Onderzoek van de Franse Republiek

INHOUD

DEELNEMERS

*

BESPROKEN PUNTEN

EUROPESE RUIMTE VAN ONDERZOEK EN INNOVATIE - RESOLUTIE VAN DE RAAD


*

ITER

*

BSE EN DE ZIEKTE VAN CREUTZFELDT-JAKOB

*

EUROPESE RUIMTEVAARTSTRATEGIE - RESOLUTIE VAN DE RAAD


*

DIVERSEN

*


-
Academie voor wetenschap *

-
Verspreiding van informatie over wetenschap en technologie (Alpha Galileo) *

-
Europese aanpak van therapeutische proeven op het gebied van AIDS
*

-
Wetenschap en samenleving *

-
Wetenschappelijke en technologische samenwerking in Euro-Med-verband *

ZONDER DEBAT GOEDGEKEURDE PUNTEN

ONDERZOEK


-
Overeenkomst voor samenwerking op wetenschappelijk en technologisch gebied tussen de Gemeenschap en Rusland *

DOUANE-UNIE


-
Verordening met betrekking tot de statistieken voor informaticatechnologieproducten *

BUITENLANDSE BETREKKINGEN


-
Top van de Europese Unie en de landen van de Westelijke Balkan *
-
Uitbreiding *

HANDELSPOLITIEK


-
Antidumping - invoer van glycine (Volksrepubliek China) *

INSTITUTIONELE AANGELEGENHEDEN


-
Wijzigingen in de reglementen voor de procesvoering van het Hof van Justitie en van het Gerecht van eerste aanleg *

TRANSPARANTIE


-
Toegang van het publiek tot documenten van de Raad *



Voor meer informatie: tel. 02 285 60 83 of 02 285 74 59

DEELNEMERS

De regeringen van de lidstaten en de Europese Commissie waren als volgt vertegenwoordigd:

België:

de heer Serge KUBLA

de heer Yvan YLIEFF

Vice-president en Minister van Economie, K.M.O.'s, Onderzoek en Nieuwe Technologiën (Waals Gewest)

Minister van Wetenschapsbeleid

Denemarken
:

de heer Claus GRUBE

Plaatsvervangend Permanent Vertegenwoordiger

Duitsland:

de heer Wolf-Michael CATENHUSEN

de heer Klaus von TROTHA

Parlementair Staatssecretaris van Onderwijs en Onderzoek

Minister van Wetenschap, Onderzoek en Kunst van het Land Baden-Wurtemberg

Griekenland
:

de heer Dimitrios DENIOZOS

Secretaris-generaal van Onderzoek en Technologie

Spanje
:

de heer Ramón MARIMÓN SUÑOL

Staatssecretaris van Wetenschapsbeleid en Technologie

Frankrijk
:

de heer Roger-Gérard SCHWARTZENBERG

Minister van Wetenschappelijk Onderzoek

Ierland
:

de heer Noel TREACY

Onderminister van Wetenschappen en Technologie (Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen en Ministerie van Ondernemingen, Handel en Werkgelegenheid)

Italië
:

de heer Antonio CUFFARO

Staatssecretaris van Universiteiten en Wetenschappelijk en Technologisch Onderzoek

Luxemburg
:

mevrouw Erna HENNICOT-SCHOEPGES

Minister van Cultuur, van Onderwijs en Onderzoek, Minister van Openbare Werken

Nederland
:

mevrouw Annemarie JORRITSMA-LEBBINK

Vice-Minister-President en Minister van Economische Zaken

Oostenrijk
:

mevrouw Elisabeth GEHRER

Minister van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur

Portugal
:

de heer Mariano GAGO

Minister van Wetenschappen en Technologie

Finland
:

de heer Kare HALONEN

Plaatsvervangend Permanent Vertegenwoordiger

Zweden
:

de heer Thomas ÖSTROS

Minister van Onderwijs

Verenigd Koninkrijk
:

Lord SAINSBURY of TURVILLE

Staatssecretaris van Handel en Industrie (Onderminister van Wetenschappen)


* * *

Commissie
:

de heer Philippe BUSQUIN

de heer Erkki LIIKANEN

lid

lid

EUROPESE RUIMTE VAN ONDERZOEK EN INNOVATIE - RESOLUTIE VAN DE RAAD

In het licht van de informatie over de follow-up van de Europese Raden van Lissabon en Santa Maria da Feira heeft de Raad van gedachten gewisseld over de vorderingen bij de totstandbrenging van de Europese ruimte van onderzoek en innovatie en de strategische rol van de toekomstige kaderprogramma's op dat gebied.

Vóór het debat presenteerde Commissielid LIIKANEN de mededeling van de Commissie over « Innovatie in een kenniseconomie » en presenteerde Commissielid BUSQUIN de mededeling van de Commissie over de « Totstandbrenging van het "Europese Onderzoeksruimte": oriëntaties voor de activiteiten van de Unie op het gebied van onderzoek (2002-2006) », alsmede het werkdocument van de Commissie over de « Ontwikkeling van een open coördinatiemethode voor de benchmarking van nationaal onderzoeksbeleid - Doelstellingen, methodologie en indicatoren ».

Om het debat in goede banen te leiden had het Voorzitterschap de ministers verzocht om een toelichting bij hun visie op bepaalde kernelementen van dit vraagstuk, die betrekking hebben op:


- de invoering van een methode voor doelmatige coördinatie van de maatregelen van de Commissie, de lidstaten en het bedrijfsleven en de rol die de Commissie in dat verband kan spelen;
- de verbetering van de toekomstige kaderprogramma's voor onderzoek en technologische ontwikkeling, onder behoud van de verworvenheden van het huidige programma;

- de vraag of het opportuun is dat het communautaire onderzoek gericht wordt op het geavanceerde onderzoek en het onderzoek op lange termijn in bedrijven, in het bijzonder met behulp van het MKB, en de wijze waarop de regio's van Europa op wetenschappelijk, technologisch en industrieel gebied gevaloriseerd kunnen worden; en

- mobiliteit van onderzoekers teneinde hen werkelijk een ruimte te bieden: mobiliteit tussen de lidstaten, mobiliteit onderzoek-bedrijf, Europese benadering op het gebied van infrastructuur, aantrekkelijkheid van Europa voor de beste onderzoekers, heropening van de dialoog "wetenschap en samenleving".
Na afloop van deze gedachtewisseling nam de Raad de volgende resolutie aan:

"DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

HERINNEREND aan de resolutie van de Raad (Onderzoek) van 15 juni 2000 betreffende de uitvoering van de conclusies van de Europese Raden te Lissabon en Santa Maria da Feira om snel een Europese ruimte van onderzoek en innovatie (EOR) tot stand te brengen met het oog op het scheppen van banen en economische groei,

WIJZEND op het belang van de mededeling van de Commissie betreffende "de totstandbrenging van de Europese onderzoekruimte: oriëntaties voor de activiteiten van de Unie op het gebied van onderzoek (2002-2006)" voor een grondig debat over de toekomst van het Europese beleid inzake wetenschap en techniek en de toekomstige kaderprogramma's, alsook de samenhang ervan met andere Europese onderzoekactiviteiten in het kader van de totstandbrenging van de EOR, dat in nauw verband staat met onderzoek en in het bijzonder informatie- en communicatietechnologie",

REKENING HOUDEND met de mededeling van de Commissie over "innovatie in een kenniseconomie" en WIJZEND op het belang van het raakvlak tussen onderzoek en innovatie,

OVERWEGENDE dat het van belang is het actieplan "e-Europa" uit te voeren, dat in nauw verband staat met onderzoek en in het bijzonder informatie- en communicatietechnologie,

NOTA NEMEND van het vijfjaarlijks evaluatieverslag over de kaderprogramma's, van het jaarverslag (1999) van het GCO, van het aan de Commissie gerichte verslag van het panel deskundigen op hoog niveau en van de adviezen die de Raad van bestuur van het GCO over deze laatste twee verslagen heeft uitgebracht,


1. STEUNT de algemene benadering die de Commissie in haar mededeling heeft uitgewerkt en die erop gericht is de totstandbrenging van de EOR voort te zetten; MEENT dat deze totstandbrenging het resultaat moet zijn van een vrijwillige gemeenschappelijke inspanning en van een partner-schap tussen de Europese Unie, de lidstaten, de kandidaat-lidstaten, de overige met het vijfde kaderprogramma geassocieerde landen en alle actoren van het wetenschappelijk en technisch onderzoek,

2. WIJST op het belang van de kaderprogramma's als strategische middelen om de totstandbrenging van de EOR te voltooien en de doeltreffendheid van de onderzoekactiviteiten in Europa op te voeren,

3. WIJST overeenkomstig artikel 165 van het Verdrag op het belang voor de lidstaten om hun activiteiten op het gebied van onderzoek en technologische ontwikkeling te coördineren teneinde de wederzijdse samenhang van het beleid van de lidstaten en het beleid van de Gemeenschap op het gebied van onderzoek en ontwikkeling te verzekeren, alsmede op de rol die de Commissie in nauwe samenwerking met de lidstaten kan spelen om die coördinatie te bevorderen; HERINNERT tevens aan het belang van de activiteiten van de Gemeenschap die overeenkomstig artikel 164 van het Verdrag de activiteiten van de lidstaten aanvullen, en aan de noodzaak de coördinatie-inspanning om de doelstellingen van de EOR te bereiken, tot een goed einde te brengen,

4. IS in dit verband INGENOMEN met de reeds lopende activiteiten betreffende de opstelling van een open methode voor beleidscoördinatie en herinnert eraan dat metterdaad vooruitgang moet worden geboekt met netwerkvorming en geleidelijke vrijwillige openstelling van nationale onderzoekprogramma's door de bevoegde autoriteiten en met de
informatie-uit-wisselingen, en NEEMT er NOTA van dat vorderingen zijn gemaakt met het benchmarken van het beleid (indicatoren),
5. ERKENT de positieve verworvenheden van de lopende kaderprogramma's, maar merkt op dat de werking moet worden verbeterd en dat het wenselijk is op communautair niveau een beroep te doen op nieuwe vormen van activiteiten in partnerschap met de lidstaten onder eerbiediging van het criterium van hoog wetenschappelijk gehalte,

6. BENADRUKT, rekening houdend met het subsidiariteitsbeginsel, het belang van de kernbegrippen "hoog wetenschappelijk gehalte" en "Europese toegevoegde waarde" die moeten worden gebruikt om de inspanningen van de Unie aan de hand van strikte, coherente criteria te ordenen rond de prioritaire thema's van onderzoek en ontwikkeling in de toekomstige kaderprogramma's; BEVESTIGT dat de steun van de Gemeenschap aan het wetenschappelijk en technisch onderzoek moet bijdragen tot de vorming van het Europa van kennis, de uitvoering van het beleid van de Gemeenschap en, conform artikel 163 van het Verdrag, de versterking van de wetenschappelijke en technische grondslagen van de industrie van de Gemeenschap door stimulering van bedrijven en andere onderzoekkringen tot geavanceerd onderzoek of langetermijnonderzoek en ondersteuning van
demonstratieactiviteiten voor innoverende technologieën,
7. IS ERMEE INGENOMEN dat in de mededeling belang wordt gehecht aan netwerkvorming tussen nationale programma's inzake openbaar onderzoek; HERINNERT aan het belang van de ervaring die is opgedaan met kernactiviteiten en generieke activiteiten van het kaderprogramma en WIJST erop dat het van belang is deze concepten te ontwikkelen door bijvoorbeeld het opzetten van grote gerichte projecten te bestuderen, waartoe eventueel clusters van projecten zouden kunnen behoren, onverminderd het belang van kleine en middelgrote projecten, alsook het opzetten van expertisenetwerken,
8. IS eveneens INGENOMEN met het belang dat wordt gehecht aan het vraagstuk van de personele middelen; MOEDIGT de voortzetting van reeds begonnen activiteiten AAN met het oog op een grotere rol en meer participatie van vrouwen in het onderzoek in Europa, de ontwikkeling van de opleiding en de mobiliteit van onderzoekers, met inbegrip van het ontvangen van onderzoekers uit andere continenten en het stimuleren van jonge onderzoekers,
9. BENADRUKT tevens het belang van een Europese aanpak inzake onderzoekinfrastructuur, om deze op gecoördineerde wijze optimaal te laten functioneren,

10. BEVESTIGT de fundamentele band tussen onderzoek en innovatie en de belangrijke rol van het bedrijfsleven, in het bijzonder het hoogtechnologische en het traditionele MKB, in het innovatieproces; HERINNERT eraan dat er vóór eind 2001 een communautair octrooi en een gebruiksmodel moeten komen; BENADRUKT dat het van belang is de wetenschappelijke en technologische ontwikkeling van alle regio's van de lidstaten en de deelnemende landen binnen de EOR in de toekomstige kaderprogramma's en in andere relevante initiatieven van de Gemeenschap te bevorderen, ook in haar grensoverschrijdende dimensie,

11. BEVESTIGT dat men in het debat over de rol van de wetenschap in de samenleving en ten behoeve van de openbare besluitvorming terzake nader moet ingaan op het verband tussen het onderzoekbeleid en de maatschappelijke behoeften waaronder de ethische dimensie van vooruitgang; HERHAALT het belang van de oprichting door de Commissie van een onafhankelijk adviesorgaan voor de versterking van de doeltreffendheid van het Europese OTO-beleid; WIJST OP de fundamentele bijdrage van de menswetenschappen en de sociale wetenschappen en op de noodzaak de middelen voor de verspreiding van wetenschappelijke en technische informatie te verbeteren en wetenschappelijke en technologische cultuur te verstevigen,

12. BENADRUKT het belang van de internationale en wereldwijde dimensie van de Europese onderzoekactiviteiten met het oog op wederzijdse voordelen, zulks ter bevordering van de wetenschappelijke en technologische belangen van Europa,
13. BENADRUKT dat het in verband met de vorming van de Europese onderzoekruimte wenselijk is naar gelang van de activiteiten en prioriteiten nieuwe instrumenten en methoden te ontwikkelen voor de uitvoering van het kaderprogramma voor onderzoek van de Unie, die kunnen dienen om de partnerschappen tussen de lidstaten en de EU te stimuleren en de doel-treffendheid van de onderzoekactiviteiten te vergroten, onder eerbiediging van de beginselen van transparantie en gelijkheid van toegang, met name door:


- bevordering van een bredere aanpak per programma waarin de Unie een van de actoren is;

- nauwere samenhang met de transnationale structuren en organisaties voor wetenschappelijke samenwerking (bijv. COST, EUREKA, ESF, enz.);


- de ontwikkeling van synergieën met de nationale bureaus die onderzoek financieren;

- de mogelijkheid van maatregelen waarmee de onderzoeksactiviteiten op langere termijn kunnen worden gestructureerd rond strategische onderwerpen;

- uitbreiding van bepaalde huidige activiteiten van de Unie, bijvoorbeeld inzake opleiding en mobiliteit, of optimale inzet van infrastructuren;

- gebruikmaking van de deelneming van de Gemeenschap aan programma's die door verscheidene lidstaten zijn opgezet, zoals bijvoorbeeld via de toepassing van de artikelen 168 en 169 van het Verdrag,


14. HERINNERT aan de rol van het nucleair onderzoek en de daarmee geassocieerde activiteiten in het toekomstige kaderprogramma Euratom, dat integrerend deel uitmaakt van de Europese onderzoekruimte; HERINNERT in dit verband aan de rol van het GCO, overeenkomstig de bepalingen van artikel 8 van het EURATOM-Verdrag, alsook aan de rol die het GCO op het gebied van onderzoek en technologische ontwikkeling vervult door middel van zijn specifiek programma; BEVESTIGT het belang van de taak van het GCO als onafhankelijk adviescentrum ten dienste van het algemeen belang van de Europese Unie,


15. BENADRUKT dat de middelen voor de uitvoering van de kaderprogramma's voor onderzoek van de Gemeenschap moeten worden gedifferentieerd naar de aard van de activiteiten en prioriteiten, onder eerbiediging van het beginsel dat de projecten worden geselecteerd op grond van concurrerende openbare aanbestedingen, met doorzichtige evaluatieregels; STEUNT de behoefte aan groter beheersefficiëntie, en het streven van de Commissie om zich opnieuw op haar fundamentele taken toe te spitsen,


16. HIERTOE VERZOEKT DE RAAD DE COMMISSIE:

- zo spoedig mogelijk haar bijdragen over de volgende stappen voor de voortzetting van de totstandbrenging van de EOR voor te leggen, alsook in de loop van het eerste kwartaal van 2001 haar formele voorstel voor besluiten betreffende het zesde kaderprogramma in te dienen, zodat die besluiten ruim voor het einde van het vijfde kaderprogramma (2002) kunnen worden genomen, bij voorkeur voor het eind van de tweede helft van 2002,

- in haar formele voorstel de nieuwe beheerswijzen uiteen te zetten, onder meer wat de eventuele uitbesteding van bepaalde taken betreft,

- de Raad ten spoedigste, zodat hij vóór de aanneming van het kaderprogramma een grondig debat kan houden, een mededeling over de uitvoering van de taak van het GCO voor te leggen, met betrekking tot de beheerswijzen, de methoden en het bestuur, de concentratie van onderzoekinspanningen, de aanpassing van de menselijke hulpbronnen aan de opdracht, de verbetering van de banden met de andere nationale onderzoekinstellingen en het antwoord dat het GCO kan geven op de behoeften van gebruikers, met name de directoraten-generaal van de Commissie, en overheid."

ITER

De Raad heeft zijn goedkeuring gehecht aan de
onderhandelingsrichtsnoeren voor de Commissie met betrekking tot de totstandbrenging van een internationaal kader waardoor de partijen bij de ITER/EDA-overeenkomst (internationale thermonucleaire experimentele reactor - activiteiten in verband met het engineeringontwerp) en gekwalificeerde derde landen gezamenlijk voorbereidingen kunnen treffen voor de toekomstige oprichting van een juridische entiteit voor ITER en voor de bouw en de exploitatie van een ITER, indien en wanneer daartoe wordt besloten.

Zoals bekend loopt de bestaande ITER/EDA-overeenkomst af op 21 juli 2001. Aangezien internationale samenwerking op dit terrein cruciaal is, is het nodig de rechtsgrondslag voor deze samenwerking tot het einde van het huidige kaderprogramma voor onderzoek EURATOM - dat in december 2002 afloopt - in stand te laten, omdat anders een juridisch vacuüm zou ontstaan. Hoewel de werkzaamheden rond de technologische aspecten en het ontwerp van de "nieuwe ITER" volgend jaar voltooid zullen zijn, kan een besluit over de bouw en de exploitatie daarvan pas worden genomen als de inhoud van het nieuwe (zesde) kaderprogramma bekend is. In de nabije toekomst zal de rol van kernversmelting en in het bijzonder van ITER in de context van het communautair onderzoek grondig moeten worden bestudeerd.

BSE EN DE ZIEKTE VAN CREUTZFELDT-JAKOB

Gevolg gevend aan een initiatief van het Voorzitterschap, heeft de Raad de Commissie verzocht om in overleg met de lidstaten en in samenwerking met de bestaande mechanismen, vóór eind 2000 een groep van deskundigen in het leven te roepen die tot taak heeft de balans op te maken van het in de lidstaten verrichte onderzoek naar BSE en de ziekte van Creutzfeldt-Jakob, de uitwisseling te bevorderen van wetenschappelijke informatie tussen teams van onderzoekers en aan te geven welke bestaande onderzoeksactiviteiten moeten worden versterkt en welke nieuwe activiteiten moeten worden ondernomen.

Wat de menselijke vorm van de ziekte betreft, zullen deze maatregelen in het bijzonder betrekking hebben op de preventie, de opsporing en het epidemiologisch en therapeutisch onderzoek.

De Commissie deelde mee dat zij tijdens de volgende zitting van de Europese onderzoeksministers verslag zal uitbrengen over de resultaten van de besprekingen van deze deskundigengroep.

EUROPESE RUIMTEVAARTSTRATEGIE - RESOLUTIE VAN DE RAAD

Op basis van een gezamenlijk initiatief van de Commissie en het ESA met het oog op het opstellen van een samenhangende Europese strategie voor de ruimtevaart, heeft de Raad terzake een resolutie aangenomen (zie hieronder).

Deze strategie omvat drie doelstellingen:


- versterking van de fundamenten van de ruimtevaartactiviteiten;

- verwerving van wetenschappelijke kennis over het heelal en het zonnestelsel;


- de markten en de samenleving laten profiteren van de technische capaciteiten van de ruimtevaartgemeenschap.

De resolutie voorziet onder meer in de instelling van een task force, waarin de Commissie en de uitvoerende instanties van het ESA vertegenwoordigd zijn, die in overleg met de lidstaten de Europese ruimtevaartstrategie verder moet uitwerken.

"DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

OVERWEGENDE de prestaties die de Europese ruimtevaartsector heeft geleverd en het huidige hoge kennisniveau in de sector;

HERINNEREND AAN de resolutie van de Raad van 22 juni 1998 over de versterking van de synergie tussen het ESA en de Europese Gemeenschap, die tegelijkertijd door de ESA-raad is aangenomen, en aan de resolutie van de Raad van 2 december 1999 waarin de Europese Commissie wordt verzocht om samen met het ESA een mededeling over een Europese ruimtevaartstrategie op te stellen, alsmede aan de ministeriële resoluties van de ESA-raad van 11 en 12 mei 1999;

VERWELKOMEND het gunstige gevolg dat aan dit verzoek is gegeven in de vorm van één document, dat door de Europese Commissie samen met de uitvoerende instanties van de ESA is opgesteld en waarin de grote uitdagingen voor de Europese ruimtevaartsector worden omschreven;

OVERWEGENDE de resolutie van de ESA-raad van 16 november 2000;

HERINNEREND AAN de op 18 mei 2000 aangenomen resolutie van het Europees Parlement over een coherente aanpak van de ruimtevaart;

REKENING HOUDEND MET het initiatief Global Monitoring for Environment and Security (GMES);

OVERWEGENDE de huidige fase van specificatie van een op Europees niveau autonoom satellietnavigatiesysteem (Galileo),

BEVESTIGT dat de ruimte van strategisch belang is en dat op basis van de grote verwezenlijkingen van de voorbije dertig jaar een alomvattend ruimtevaartbeleid moet worden gevoerd, dat het resultaat is van het politieke streven van de lidstaten en beantwoordt aan de uitdagingen van het Europese eenwordingsproces, en ERKENT dat een duurzaam politiek engagement onontbeerlijk is voor het voeren van een dergelijk beleid.


1. ERKENT dat voor de ruimtevaartstrategie rekening moet worden gehouden met het toenemende gebruik, in de Europese samenleving, van satellietsystemen op gebieden zoals telecommunicatie, navigatie en aardobservatie; STEMT ERMEE IN dat, om aan de toenemende vraag van die samenleving, de behoeften van het wetenschappelijk onderzoek en de eisen van het concurrentievermogen van de industrie te voldoen, een strategie moet worden ontwikkeld volgens de drie lijnen die in de mededeling van de Commissie zijn uiteengezet, namelijk:
- de grondslag van de ruimtevaartactiviteiten versterken;
- de wetenschappelijke kennis verruimen;
- de samenleving en de markten er voordeel van laten trekken.
DAARTOE:


2. ERKENT DE RAAD de respectieve taken van de regeringen, de Unie en het ESA wat ondersteuning en consolidatie van de onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten in verband met ruimtevaartsystemen betreft, en ERKENT HIJ dat Europa over een technologische basis en de bijbehorende operationele infrastructuur moet beschikken om wereldwijd het hoofd te kunnen bieden aan de concurrentie.
3. ERKENT DE RAAD dat gewaarborgde toegang tot de ruimte absoluut noodzakelijk is en bevestigt hij dat het behoud van de competitiviteit van de Europese draagraketten en de bijbehorende infrastructuur een belangrijke strategische beleidslijn is voor Europa.

4. NEEMT DE RAAD er NOTA van dat het niveau van het Europees wetenschappelijk onderzoek op ruimtevaartgebied reeds tal van vooral trans-Atlantische samenwerkingsverbanden mogelijk heeft gemaakt, en ERKENT HIJ dat moet worden gezorgd voor een samenhangend Europees onderzoeksbeleid, met name in het kader van internationale samenwerkingsverbanden, en dat programma's inzake ruimtevaartwetenschap actief moeten worden voortgezet, teneinde een beter inzicht te krijgen in het heelal, het zonnestelsel, onze planeet, de wisselwerking tussen onze planeet en zijn omgeving en het klimaat op onze planeet.

5. NEEMT DE RAAD er AKTE van dat de particuliere sector steeds meer betrokken wordt bij de ontwikkeling en exploitatie van ruimtevaartactiviteiten en de herstructureringen in de industrie. VERZOEKT HIJ de Commissie om samen met het ESA de voorwaarden te bestuderen die particuliere investeringen in de ruimtevaartsector in Europa kunnen bevorderen, onder meer door partnerschap tussen de openbare en de particuliere sector te bevorderen. BENADRUKT HIJ in dat verband dat daarbij bijzondere aandacht moet worden besteed aan het MKB, de toeleveringsbedrijven en de onderaannemers in het algemeen.

6. BENADRUKT DE RAAD dat beheersing van de informatietechnologie van strategisch belang is en MOEDIGT HIJ in dit verband de Commissie aan om te onderzoeken in welke mate de diverse onderdelen van het communautaire beleid een kader kunnen vormen om de bijdrage van satellietcommunicatiesystemen aan de informatiemaatschappij te bevorderen en OTO-projecten op dit gebied te stimuleren, samen met het ESA en de Europese exploitanten van toepassingssystemen.

7. NEEMT DE RAAD er NOTA van dat satellietgegevens van belang zijn voor milieubeheer en ruimtelijke ordening, het redden van mensenlevens in de beheersing van de gevolgen van rampen, risicobewaking en de versterking van de civiele veiligheid, en dat onverwijld operationele of pre-operationele toepassingsdiensten moeten worden ontwikkeld; MOEDIGT HIJ het GMES-initiatief voor milieubewaking en -bescherming AAN waardoor Europa alle nodige gegevens kan verkrijgen voor het analyseren en het volgen van deze problematiek. VERZOEKT HIJ de Commissie om, uitgaande van de behoeften van de gebruikers en de civiele maatschappij, daartoe samen met het ESA en de lidstaten het specificatiekader van dit initiatief te voltooien, zodat vóór medio 2001 concrete uitvoeringsvoorstellen kunnen worden uitgewerkt.
8. NEEMT DE RAAD er NOTA van dat een operationeel systeem van radionavigatie per satelliet niet alleen in technologisch maar ook in economisch opzicht van groot belang is. HERINNERT HIJ aan het strategisch belang van het Galileo-project en aan de noodzaak vóór eind 2000 een beslissing terzake te nemen en de voorbereidende werkzaamheden te voltooien. BEVEELT DE RAAD in dat verband AAN dat voor de ontwikkeling van dat programma één enkele coherente instantie wordt opgezet waarin de respectieve rollen van het ESA en de Commissie duidelijk worden aangegeven en die als opdrachtgever fungeert en verantwoording verschuldigd is aan de lidstaten.

9. KOMT DE RAAD OVEREEN dat de Europese Commissie en het ESA, voor het verwezenlijken van bovengenoemde doelstellingen en voor de uitvoering van de Europese ruimtevaartstrategie, moeten zoeken naar een efficiënt samenwerkingskader, waarin het ESA kan fungeren als agentschap voor de uitvoering, de ontwikkeling en de bevoorrading van de ruimte-elementen en de grondelementen in het kader van de initiatieven van de Europese Gemeenschap, zodat de Unie over deze expertise - inclusief het netwerk van door het ESA gecoördineerde technische centra - kan beschikken.

DAARTOE:


10. VERZOEKT DE RAAD de Europese Commissie om, in samenwerking met het ESA, onverwijld en uiterlijk eind 2000 een gezamenlijke task force op hoog niveau in te stellen, waarin zowel de Commissie als de uitvoerende instanties van het ESA vertegenwoordigd zijn. Deze task force, die zo samengesteld moet zijn dat de diverse onderdelen van het communautaire beleid in de ruimtevaartstrategie geïntegreerd kunnen worden, zal tot taak hebben om, in nauw overleg met de lidstaten, de Europese ruimtevaartstrategie verder uit te werken en voorstellen te doen voor de uitvoering ervan.
11. BEVEELT DE RAAD AAN dat de task force in haar werkzaamheden rekening houdt met de ontwikkelingen op het gebied van het Europees veiligheids- en defensiebeleid.

12. VERZOEKT DE RAAD de Commissie met nadruk om in dit licht samen met het ESA een nieuwe dynamiek te geven aan de Europese ruimtevaartstrategie en eind 2001 aan de Raad van de Unie, de ESA-raad en het Europees Parlement verslag uit te brengen over de eerste acties en de geboekte vooruitgang."

Opgemerkt zij dat de Raad Onderzoek gevolgd werd door een zitting van de ESA-ministerraad, die een resolutie van dezelfde strekking heeft aangenomen.

DIVERSEN

De Raad heeft nota genomen van de volgende mededelingen:


-
Academie voor wetenschap

Het voorzitterschap heeft de Raad een studienota voorgelegd over de vraag of het opportuun is om, vanuit de Europese academische gemeenschappen, eenvoudige coördinatiestructuur te creëren, zodat de Raad, het Europees Parlement en de Commissie over een mechanisme beschikken dat hun toegang verschaft tot onafhankelijke wetenschappelijke knowhow van het allerhoogste niveau.


-
Verspreiding van informatie over wetenschap en technologie (AlphaGalileo)

Het voorzitterschap heeft de Raad ingelicht over de presentatie, in de marge van de Raadszitting in de perszaal, van de dienst AlphaGalileo, het Internetperscentrum voor wetenschappen, geneeskunde en technologie in Europa, die de Europese persattachés de mogelijkheid biedt onderzoeksresultaten mee te delen aan journalisten uit de hele wereld (www.alphagalileo.org).


-
Europese aanpak van therapeutische proeven op het gebied van AIDS

Het voorzitterschap heeft de Raad zijn nota gepresenteerd over de oprichting van een coördinatiestructuur op Europees niveau betreffende therapeutische proeven op het gebied van AIDS.


-
Wetenschap en samenleving

Tijdens de lunch heeft de Raad een gedachtewisseling over wetenschap en samenleving gehouden. Deze zal worden voortgezet tijdens een ministerieel colloquium over de relatie tussen wetenschap en samenleving, dat van 30 november tot en met 1 december 2000 aan de Sorbonne (Parijs) wordt gehouden.


-
Wetenschappelijke en technologische samenwerking in Euro-Med-verband

De Italiaanse delegatie heeft de Raad verslag uitgebracht over de bijeenkomst die de ministers van Wetenschappelijk Onderzoek van Spanje, Frankrijk, Griekenland, Italië en Portugal op 29 en 30 september in Capri met sommige van hun collega-ministers hebben gehouden over de toekomst van het Euro-mediterrane partnerschap op het gebied van wetenschappelijk onderzoek en technologie.

ZONDER DEBAT GOEDGEKEURDE PUNTEN

ONDERZOEK

Overeenkomst voor samenwerking op wetenschappelijk en technologisch gebied tussen de Gemeenschap en Rusland

De Raad heeft het besluit aangenomen tot sluiting van de overeenkomst voor samenwerking op wetenschappelijk en technologisch gebied tussen de Europese Gemeenschap en de regering van de Russische Federatie (zie de persmededeling van vandaag, nr. 13429/00 Presse 434).

DOUANE-UNIE

Verordening met betrekking tot de statistieken voor informaticatechnologieproducten

De Raad heeft de verordening aangenomen tot wijziging van bijlage I van Verordening (EEG) nr. 2658/87 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief.

Bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 is een goederennomenclatuur ingesteld en zijn de conventionele invoerrechten van het gemeenschappelijk douanetarief vastgesteld.

Bij Besluit 97/359/EG van 24 maart 1997 betreffende de afschaffing van de rechten op informatietechnologieproducten heeft de Raad de overeenkomst inzake de handel in informatietechnologieproducten, de overeenkomst inzake informatietechnologie (ITA) genaamd, en de verklaring betreffende de uitvoering daarvan, namens de Gemeenschap goedgekeurd. De deelnemers hebben in deze overeenkomst bepaald dat zij bijeenkomen om afwijkingen in hun respectieve tariefstelsels ten aanzien van de indeling van informatietechnologieproducten te onderzoeken, te beginnen met de in een bijlage bij deze overeenkomst genoemde producten. Dit noodzaakt de Gemeenschap wijzigingen aan te brengen in haar bij Verordening (EG) nr. 2658/87 vastgestelde tarief. Zodra zij door de deelnemers zijn aanvaard, moet er zo spoedig mogelijk uitvoering aan worden gegeven door middel van de aangenomen verordening.

BUITENLANDSE BETREKKINGEN

Top van de Europese Unie en de landen van de Westelijke Balkan

De Raad heeft een gemeenschappelijk optreden aangenomen betreffende de organisatie van een bijeenkomst van de staatshoofden en regeringsleiders in Zagreb (Top van Zagreb).

Met dit gemeenschappelijk optreden levert de Europese Unie een financiële bijdrage (ongeveer 770.000 euro), alsmede een logistieke bijdrage aan de organisatie en het houden van een bijeenkomst van de staatshoofden en de regeringsleiders van de lidstaten van de Europese Unie en Slovenië, Albanië, de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, Bosnië-Herzegovina, Kroatië en de Federale Republiek Joegoslavië, welke bijeenkomst op 24 november 2000 plaatsvindt in Zagreb, Kroatië.

Zoals bekend heeft de Europese Raad van Feira (19 en 20 juni 2000) het idee van Frankrijk om een top van de Europese Unie en de landen van de Westelijke Balkan te houden, positief ontvangen. Die top is een goede gelegenheid om de landen in kwestie opnieuw te verzekeren van de solidariteit van Europa, en biedt de kans om met hen na te gaan met welke middelen het democratisch en economisch hervormingsproces bespoedigd kan worden.

Uitbreiding

De Raad heeft de gemeenschappelijke standpunten van de EU aangenomen met het oog op de op 20 en 21 november en 4 en 5 december 2000 te houden toetredingsconferenties op ministerieel niveau met Cyprus, Malta, Hongarije, Polen, Roemenië, Slowakije, Letland, Estland, Litouwen, Bulgarije, Tsjechië en Slovenië.

HANDELSPOLITIEK

Antidumping - invoer van glycine (Volksrepubliek China)

De Raad heeft bevestigd dat geen gewone meerderheid voorhanden is voor het voorstel voor een verordening (EG) van de Raad tot instelling van een definitief antidumpingrecht op de invoer van glycine uit de Volksrepubliek China en tot definitieve invordering van het voorlopige recht.

INSTITUTIONELE AANGELEGENHEDEN

Wijzigingen in de reglementen voor de procesvoering van het Hof van Justitie en van het Gerecht van eerste aanleg

De Raad heeft zijn goedkeuring gehecht aan de tekst van enkele wijzigingen in de reglementen voor de procesvoering


- van het Hof van Justitie


- van het Gerecht van eerste aanleg.

Het Hof van Justitie en het Gerecht van eerste aanleg hebben respectievelijk op 14 juli 2000 en 21 januari 2000 een aantal voorstellen tot wijziging van hun respectieve reglementen voor de procesvoering ter eenparige goedkeuring bij de Raad ingediend, met het oog op de aanpassing daarvan aan nieuwe juridische en praktische eisen.

De wijzigingen van het reglement voor de procesvoering van het Hof van Justitie waren met name ingegeven door de volgende overwegingen:


- In bepaalde zaken die bijzonder spoedeisend zijn, is het gewenst dat het Hof zo snel mogelijk definitief uitspraak kan doen en voor deze zaken dient in een versnelde procedure te worden voorzien;
- Teneinde de duur van de procedures in rechtstreekse beroepen te bekorten, dient de termijn voor interventie te worden verkort;
- Teneinde de communicatie tussen het Hof en de partijen en andere belanghebbenden aan te passen aan de moderne technische communicatiemiddelen, dienen met betrekking tot de mogelijkheid om documenten in het bijzonder per telefax toe te zenden, regels te worden gesteld en de bepalingen betreffende de termijnen wegens afstand dienovereenkomstig te worden gewijzigd;
- Gelet op de opgedane ervaring, dient de redactie van de bepaling betreffende de repliek en de dupliek in hogere voorziening te worden verduidelijkt.

De wijzigingen van de procedure voor het Gerecht van eerste aanleg hebben met name betrekking op de volgende aspecten:


- Teneinde de procedures voor het Gerecht te bespoedigen moet het Gerecht in staat worden gesteld, bepaalde zaken te beslissen volgens een versnelde procedure en te besluiten dat geen repliek en dupliek zullen worden uitgewisseld. Voorts moeten de termijn en de andere modaliteiten voor de tussenkomst van derden in procedures worden herzien;

- Het gebruik van de telefax voor de verzending van documenten moet worden geregeld. De bepalingen inzake de termijnen wegens afstand moeten worden aangepast rekening houdend met de mogelijkheden van de technische communicatiemiddelen;
- Met het oog op bepaalde problemen die zich met name kunnen voordoen in gedingen betreffende de toegang van het publiek tot documenten van de instellingen, moet het voor het Gerecht mogelijk zijn de partijen geen inzage te geven van bepaalde documenten waarvan het de overlegging heeft gelast;

- Door het vaststellen van praktische aanwijzingen voor de partijen met betrekking tot de schriftelijke en de mondelinge behandeling kan het verloop van de procedures worden verbeterd.

TRANSPARANTIE

Toegang van het publiek tot documenten van de Raad

De Raad hechtte zijn goedkeuring aan het antwoord op het vijfde confirmatieve verzoek van de heer Tony BUNYAN om toegang tot documenten in 2000, met dien verstande dat de Deense, de Griekse, de Ierse, de Nederlandse, de Finse, de Zweedse en de Britse delegatie tegen hadden gestemd.



reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie