Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief LNV inzake herziening Nederlandse MOP IV

Datum nieuwsfeit: 22-11-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018
2500 EA Den Haag
uw brief van

uw kenmerk

ons kenmerk
Viss20008154
datum
22-11-2000

onderwerp
Herziening Nederlandse MOP IV beschikking doorkiesnummer

bijlagen

Geachte Voorzitter,

Sinds 1 januari 1997 is het Vierde Meerjarig Oriëntatieprogramma (MOP IV) voor de visserijvloot van kracht. Van aanvang af is de doorwerking voor Nederland van MOP IV problematisch geweest. Ik heb u hierover geïnformeerd door middel van mijn notitie van 25 maart 1999 (TRC 99/13827). Ook sedertdien is de MOP problematiek met regelmaat in de Tweede Kamer ter sprake gekomen. Ik heb in voorkomende gevallen aangegeven dat ik ernstig twijfelde aan de cijfers waarop de Europese Commissie MOP-doelstellingen voor de Nederland baseerde. In het licht van deze twijfel heeft Nederland daarom een dossier bij de Europese Commissie ingediend waarmee een door feiten onderbouwde herziening van de Nederlandse MOP doelstellingen en daarmee ook van de aan Nederland toegerekende achterstand bij het behalen van de MOP doelstellingen werd bepleit. Met deze brief wil ik u thans melden dat de Europese Commissie op basis van het Nederlands dossier een herziene Nederlandse MOP IV Beschikking heeft opgesteld en voor advies aan het visserijbeheerscomité heeft voorgelegd en dat over dit herzieningsvoorstel maandag 20 november jl. door dit comité een positief advies werd gegeven. Ik wil hieronder hier kort op ingaan.

up

datum
22-11-2000

kenmerk
Viss20008154

bijlage

In december 1999 heeft het Ministerie van LNV bij de Europese Commissie een dossier ingediend waarin het Nederlandse MOP vanaf het begin (periode 1983-1986) aan een diepgravende analyse is onderworpen. Ten behoeve van dit dossier zijn (i) de vloot- en licentiegegevens van de Nederlandse visserijvloot vanaf 1983 (begin MOP I) herbezien en in een database gebracht, (ii) zijn de Nederlandse reductiedoelstellingen vanaf MOP I aan een nadere analyse onderworpen en (iii) is ten behoeve van het vlootsegment van de pelagische vriestrawlers een analyse gemaakt van aanvullende visserijmogelijkheden binnen en buiten de EU wateren met als doel het verkrijgen van aanvullende visserij-inspanning1.
Sindsdien hebben besprekingen plaatsgevonden tussen de diensten van de Commissie en het Ministerie van LNV resulterend in het bovenvermelde hierzieningsvoorstel dat, nu het visserijbeheerscomité een positief advies heeft afgegeven, op korte termijn gepubliceerd zal worden in het EU publicatieblad.

Op basis van de nadere analyse van de historische data is met de Commissie overeengekomen dat de einddoelstelling voor MOP I voor 31 december 1986 voor de grote kottervloot nu bepaald kan worden op 397.000 kilowatt in plaats van de tot nu toe aangenomen 338.000 kilowatt, hetgeen een ophoging met 59.000 kilowatt betekent, en dat deze voor de pelagische vriestrawlers bepaald kan worden op 58.000 kilowatt in plaats van de tot dusver veronderstelde 52.000 kilowatt, derhalve een verhoging met 6.000 kilowatt2.
Deze verhogingen werken met inachtneming van de reductiepercentages voor de opeenvolgende MOP's door tot in de doelstellingen van MOP IV. De achterstand over MOP III, die Nederland tot dusver zwaar is aangerekend, is door de herziening nagenoeg weggewerkt.

Daarnaast is ook de aanvangsdoelstelling voor de visserij-inspanning voor de kottervloot bij de start in 1997 van het nu geldende MOP IV naar boven bijgesteld. Dit betekent dat ik het mogelijk acht dat de Nederlandse kottervloot binnen de MOP IV doelstellingen zal kunnen blijven en toch dit jaar en volgend jaar over voldoende zeedagen kan beschikken om in redelijke mate de quota te kunnen benutten.

In gezamenlijk overleg hebben Eurocommissaris Fischler en ik besloten de besprekingen tussen de Europese Commissie en Nederland over de visserijmogelijkheden voor het Nederlandse vlootsegment van de pelagische vriestrawlers de komende maanden voort te zetten. Dit deel van het dossier was nog niet rijp voor besluitvorming. Dientengevolge zijn in de herziene Nederlandse MOP IV beschikking nu nog de cijfers opgenomen voor dit segment zónder rekening te houden met het Nederlandse verzoek om aanvullende visserij-inspanning te verkrijgen voor de visserij die deze vloot buiten de wateren van de Europese Unie uitoefent.

Met de kanttekening dat over het pelagisch deel nog intensieve besprekingen gevoerd zullen worden, mag geconcludeerd worden dat Nederland bij het uitvoeren van het Europese vlootstructuurbeleid, zoals gedefinieerd door het MOP instrument, nu geen uitzonderingspositie meer kan worden toebedeeld.

De staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer
en Visserij,

G.H. Faber

1 Dit is de tijd op zee doorgebracht, uitgedrukt in kilowatt-dagen en bruto Ton-dagen.
2 Alle cijfers zijn afgerond op duizendtallen



reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie