Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Inbreng D66-fractie bij begroting ministerie VWS

Datum nieuwsfeit: 29-11-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
D66

29 november 2000

BEGROTING VOLKSGEZONDHEID WELZIJN EN SPORT 2001

Stefanie van Vliet en Francisca Ravestein

Inbreng van de D66-fractie (S. van Vliet) bij de begroting Volksgezondheid, Welzijn en Sport

MdV, tijdens de behandeling van de zorgnota stonden twee ontwikkelingen centraal. Ten eerste het herstel van het verzekeringsprincipe waartoe het kabinet met het actieplan Zorg Verzekerd het initiatief heeft genomen. De gezondheidszorgsector moet nu de uitdaging aannemen en de verkregen ruimte snel inzetten om de wachtlijsten weg te werken. Ten tweede zijn de voorlopige posities bepaald over een nieuwe inrichting van ons ziektekostenstelsel. Ongetwijfeld zal dit debat worden voortgezet nadat het kabinet met voorstellen op dit punt naar de kamer komt. Beide onderwerpen zijn belangrijk voor de toekomstige inrichting van de gezondheidszorg. Maar dat geldt ook voor een aantal andere thema'', zoals gezondheidsbevordering, patiëntenrechten, interculturalisatie en informatietechnologie.
Op deze punten wil ik vandaag ingaan.
Gezondheidsbevordering
De cliënt neemt een steeds belangrijkere positie in in de gezondheidszorg. Dit hangt samen met beleid dat is gericht op het centraal stellen van de cliënt en op vraagsturing. Andere redenen zijn de toenemende technologische ontwikkelingen. D66 juicht dit toe. Maar het lijkt er op dat met deze vooruitgang het niet meer zo vanzelfsprekend is om ook in preventieve zin aan de eigen gezondheid te werken. De leefstijl van Nederlanders, zo blijkt uit onderzoek, is ongezonder geworden. Mijn fractie vindt het daarom goed dat de minister in haar project BRAVO om het belang van meer Bewegen, minder Roken, minder Alcohol, betere Voeding en meer Ontspanning dit onder de aandacht brengt.
Maar om mensen werkelijk van het belang van gezondheidsbevordering te overtuigen, is meer nodig. D66 vindt dat in de toekomst een beter evenwicht tussen cure en care enerzijds en gezondheidsbevordering anderzijds moet ontstaan. Dit houdt in dat gezondheidsbevordering een prominente plaats krijgt in het brede kader van de gezondheidszorg, dat gezondheids-bevordering als facetbeleid bij ieder departement op de agenda wordt geplaatst en dat de financiering van de gezondheidsbevordering wordt betrokken bij de discussie over het toekomstige ziektekostenstelsel. Is de minister het daarmee eens?

Patiëntenrechten
De rechten van patiënten zijn terug te vinden in verschillende wetten en regelgeving. Mijn fractie vindt dat verwarrend en stelt daarom voor een patiëntenhandvest op te zetten. Dit handvest zou de volgende onderdelen moeten bevatten: bestaande wet- en regelgeving met betrekking tot patiëntenrechten, voorlichting over patiëntenrechten en privacygaranties.
Vooral ten aanzien van dit laatste onderwerp zijn er de laatste tijd nogal wat ontwikkelingen. Zo ligt er het voorstel voor het vermelden van de indicatie op het recept, het invoeren van een zorgidentificatienummer, zodat snel relevante medische gegevens door zorgverleners en behandelaars kunnen worden opgezocht, het persoonlijk medisch dossier op internet: allemaal ontwikkelingen met positieve kanten. Maar te weinig wordt de vraag gesteld wat dit betekent voor de bescherming van persoonsgegevens en de privacy van de cliënt. Die moet weten wat zijn rechten zijn. Zoals het recht om te weigeren medische gegevens beschikbaar te stellen aan derden en of zo'n weigering nadelige gevolgen kan hebben, zoals bij voorbeeld een verhoging van de verzekeringspremie.
Mijn verzoek aan de minister is daarom: inventariseer alle wet- en regelgeving met betrekking tot patiëntenrechten, stel garanties op ten aanzien van privacy van persoonsgegevens, breng dit onder in een patiëntenhandvest en voeg daarbij voorlichting over patiëntenrechten.

Het zorgidentificatienummer - ik noemde het net al even - wordt op dit moment nader uitgewerkt door het platform IPZ. Bij mijn fractie leven veel vragen over het uiteindelijke praktische nut van zo'n nummer. Als er via dit nummer medische gegevens direct en door velen zijn in te zien, is er een duidelijk voordeel. Maar dan zou dit risico's voor de privacybescherming met zich mee kunnen brengen. Wordt echter om deze reden het aantal gegevens beperkt gehouden en hebben slechts weinigen inzage, dan is de meerwaarde een stuk kleiner. Wat vindt de minister van dit dilemma?

Interculturalisatie
D66 vindt dat aan de beleidsvisie GGZ een hoofdstuk moet worden toegevoegd over interculturalisatie. Wij hebben dit standpunt vorig jaar bij de begrotingsbehandeling verwoord in een motie. De minister heeft toen in haar antwoord verwezen naar een nog te verschijnen rapport van de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg over dit onderwerp. Inmiddels ligt dit rapport er en wordt daarin inderdaad aandacht besteed aan de geestelijke gezondheidszorg. Zo blijkt de ggz-sector allochtonen slecht en pas in een laat stadium te bereiken, zijn de contacten vaak eenmalig en haken veel allochtonen voortijdig af. Het is dan ook positief dat de ggz met een actieplan is gekomen om deze situatie te verbeteren en ik ga er van uit dat de benodigde middelen hiervoor beschikbaar worden gesteld.
Echter, de aanbevelingen van de RVZ en de actiepunten van de ggz betreffen vooral bijscholing van autochtoon personeel en het aantrekken van allochtone hulpverleners. Een toekomstvisie strekt veel verder. Daarom verzoek ik de minister alsnog te komen met een aanvulling op de beleidsvisie ggz.

Ten aanzien van geestelijke gezondheidszorg in brede zin zou ik graag een reactie krijgen op de volgende twee punten: 1. Mijn fractie is teleurgesteld dat, ondanks de vele onderzoeken naar ADHD en autisme, deze stoornissen nog steeds geen serieuze plek hebben in het gezondheidszorgbeleid. Hierdoor vallen patiënten tussen de wal en het schip en ziet een instituut als Aekinga in Friesland zich genoodzaakt te sluiten. D66 wil van de staatssecretaris weten welke voornemens zij heeft om er voor te zorgen dat op korte termijn sprake zal zijn van een goede diagnostiek, behandeling op maat en zorgvoorzieningen die deze behandelingen kunnen bieden.
2. Ook dak- en thuisloze ouderen hebben recht op een plaats in een verzorgings- of verpleeghuis. Toch gebeurt het vaak dat zij zo'n plek niet krijgen omdat zij vanwege hun specifieke problematiek niet altijd als aangename bewoners worden gezien. En dus neemt de maatschappelijke opvang deze taak op zich. Maar zij kunnen daarvoor niet putten uit awbz-gelden en de 15 miljoen gulden die extra beschikbaar is voor dak- en thuislozen is te weinig om dit vraagstuk structureel op te lossen. Mijn fractie is van mening dat er voor moet worden gezorgd dat deze mensen geïndiceerd worden en in ieder geval een Pgb krijgen. Graag hoor ik van de bewindslieden hoe zij dit gaan regelen.

De Nederlandse gebarentaal voor doven en slechthorende moet een officiële erkenning krijgen. Dat vond D66 in 1995 en dat vinden we nog steeds. Toen, in 1995, heeft het kabinet toegezegd binnen zes maanden concrete stappen te zetten om dit te realiseren. Wij zijn nu verder 5 jaar verder en het is nog niet geregeld. Dat kan dus niet. Het moet nu worden geregeld.

Informatietechnologie
Toepassingen van informatietechnologie in de gezondheidszorg nemen naar verwachting de komende jaren sterk toe. Niet alleen in de automatisering, dataopslag en dataverwerking. Ook in de directe zorgverlening zal steeds meer gebruik worden gemaakt van informatie-technologie. Met de financiële impuls van 220 miljoen gulden voor 2000 en 2001 is mijn fractie dan ook tevreden. Echter, wij willen een deel van dit bedrag inzetten voor initiatieven op het terrein van telemedicine. Als Nederland met informatietechnologie voorop wil lopen, dan kan het niet zo zijn dat wij niet investeren in deze directe zorgverlening op afstand. Zeker nu duidelijk is dat de virtuele zorgketen op termijn kostenbesparend werkt. De intentie van het kabinet om de ict-gelden vooral in te zetten voor grote projecten voor standaardisering en koppeling van bestanden vindt mijn fractie een gemiste kans. Graag hoor ik of de bewindslieden mijn voorstel willen volgen en een deel van het geld beschikbaar willen stellen voor initiatieven op het terrein van telemedicine.

Gebleken is dat bijna 5 miljoen internetgebruikers in Nederland op het net zoeken naar informatie over gezondheid. Het is dan ook van belang dat zij de mogelijkheid hebben objectieve en inhoudelijk juiste informatie te krijgen. Daarom ontstond een initiatiefgroep gezondheidsportaal, waarin KNMG, ZN, NHG, CBO, Consumentenbond en NCPF vertegenwoordigd zijn. Ook het departement van VWS maakte hiervan deel uit maar heeft onlangs besloten alleen verder te gaan. Als reden geeft de minister aan dat zij er voor kiest informatie te verstrekken zoals medlineplus dat doet in de Verenigde Staten. Mijn fractie respecteert de keuze, maar dringt er op aan dat in ieder geval gezorgd wordt voor een gezamenlijke entree met links naar de diverse sites. Anders wordt het voor de consument moeilijk zoeken. Is de minister bereid hierover afspraken te maken met de betreffende koepelorganisaties.

Jongeren
Als we over de toekomst praten, hebben we het over de jongeren van vandaag. Terecht debatteert de kamer begin december apart over het beleidskader jeugdzorg. Er zijn echter een aantal punten die ik nu aan de orde wil stellen.

1. Welke afspraken zijn gemaakt met de nationale jeugdraad in oprichting en de commissie d'Ancona om de acht ton subsidie, beschikbaar voor jeugdparticipatie, in handen van de nationale jeugdraad te geven. D66 wil er zeker van zijn, en wij staan hierin niet alleen, dat de opdrachten van jongeren komen.
2. Tijdens het laatste algemene overleg over migrantenzelforganisaties heeft de staats-secretaris aangegeven dat er nog geld beschikbaar is. Is de staatssecretaris bereid een deel hiervan aan I'mi, een zelforganisatie van migrantenjongeren, beschikbaar te stellen?
3. D66 is van mening dat de subsidie voor House, een blad voor jongeren in justitiële jeugdinrichtingen, behouden moet blijven. We spreken hierover 2 ton per jaar, betaald door de departementen van VWS en Justitie. Wij gaan er van uit dat de staatssecretaris ons dit gewoon kan toezeggen.

Er lijden ongeveer 30.000 mensen aan de ziekte ME. Een flink deel van hen is jonger dan 18 jaar. Vaak kunnen zij nauwelijks naar school of niet deelnemen aan het arbeidsproces. Dit veroorzaakt veel ellende en het kost de overheid veel geld. Wij vinden de wens van het ME-fonds dan ook terecht om een gedegen onderzoek te doen naar de oorzaken van ME. De onderzoeksvoorstellen liggen klaar en een deel wordt door het ME-fonds zelf betaald.

Tot slot wil ik de staatssecretaris bedanken dat zij het D66-voorstel voor een project lokaal vrijwilligersbeleid heeft overgenomen. Mijn vraag is wanneer deze commissie wordt ingesteld. Ik neem aan dat dat met ingang van 1 januari 2001 zal zijn, de dag dat het internationale jaar van de vrijwilligers begint.

Bijdrage van de D66 fractie bij de VWS-begroting 2001, onderdeel Sport 29 november 2000 Francisca Ravestein

MdV!

Het jaar 2000 is voor Nederland in sportief opzicht een goed jaar geweest. Het geslaagde gastheerschap bij Euro 2000 en de successen van de Olympische en paralympische ploegen in Sydney hebben aangetoond dat in Nederland een goed sportklimaat is. Dit behoeft wel enige relativering, want de risicowedstrijden waren bij de buren, er was in Sydney natuurlijk wel sprake van een aantal uitzonderlijk talentvolle sporters en bij de Paralympics is er toch aanzienlijk minder gepresteerd dan vier jaar geleden in Atlanta. Dit laatste komt vooral doordat andere landen zoals Australie en Canada enorm geinvesteerd hebben in de gehandicaptensport, waardoor Nederland relatief op een achterstand is komen te staan. Om in de toekomst succesvol te blijven zal er dus toch enorm veel moeten gebeuren, beleidsmatig en financieel.

De verschillende nota's(breedtesort, topsport) die er liggen en ook het recente manifest van NOC*NSF bieden hiervoor veel aanknopingspunten. Er lopen prima initiatieven om de scholen meer te betrekken bij de sport, door aan te sluiten bij de brede schoolgedachte en veel meer mogelijkheden te bieden kinderen op de schoolleeftijd kennis te laten maken met verschillende sporten. Hierbij wil ook ook meteen en lans breken voor de motie Rabbae, ingediend bij de OCW-begroting, die het schoolzwemmen weer verplicht wil stellen.
De sportverenigingen zullen ook moeten veranderen, waarbij het accent moet liggen op samenwerking en schaalvergroting. Samenwerking tussen sportverenigingen onderling en met scholen en welzijnswerk. Ik zou de staatssecretaris in overweging willen geven een inventarisatie te maken van "best practices"op het gebied van "de sportvereniging van de 21e eeuw". Er zijn een aantal schitterende voorbeelden te geven van verenigingen die de slag al hebben gemaakt en het zou goed zijn om dit meer uit te dragen, om ook verenigingen die nog moeite hebben om hun traditionele werkwijze op te geven over de streep te trekken.

In het kader van Grotestedenbeleid en Integratiebeleid liggen hier ook kansen. Daarbij moet met de inrichting van steden ook veel meer rekening gehouden worden met de mogelijkheden om te bewegen. Veel meer trapveldjes en basketbalpleintjes, speelplaatsen voor de kleintjes en niet alle sportaccommodaties en velden aan de rand van de stad. Door een omgeving te scheppen, die ook uitnodigt tot bewegen zullen de talenten zich ook meer spelenderwijs kunnen ontwikkelen.

Bij de Algemene Beschouwingen is de motie de Graaf c.s. aangenomen, waarin extra middelen werden gevraagd voor sport. Het kabinet heeft dit ingevuld in de Najaarsnota door 40 miljoen uit te trekken voor verschillende doeleinden. Tenslotte nog een paar korte punten: - In 2001 worden in Rome de Wereldspelen voor doven gehouden. Ik heb begrepen dat er nog een tekort is op de begroting voor uitzending van de Nederlandse ploeg daarheen. Is de staatssecretaris bereid hier een oplossing voor te vinden? Het gaat hier om ongeveer 70000 gulden. - Dit voorjaar hebben een aantal kamerleden de staatssecretaris verzocht om middelen ter beschikking te stellen voor het Kleurrijk Grote Steden Voetbaltoernooi. Hierop hebben we geen positieve reactie ontvangen. Dit toernooi is in 1993 voor het eerst gespeeld ter herdenking van het omgekomen kleurrijk elftal bij het vliegveld Zanderij. Ook hier gaat het om een klein bedrag en ik zou toch een beroep willen doen op de staatssecretaris om dit evenement, wat inmiddels is uitgegroeid tot een groot multicultureel feest te ondersteunen.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie