Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Verslag van Europese Algemene Raad

Datum nieuwsfeit: 06-12-2000
Bron: Ministerie van Buitenlandse Zaken
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Buitenlandse Zaken

charset="iso-8859-1"

www.minbuza.nl\content.asp?Key=404725



Aan de Voorzitter van de Algemene Commissie voor Europese Zaken en de Voorzitter van de Vaste Commissie Voor Buitenlandse Zaken van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Directie Integratie Europa Associatie en andere Bijzondere Betrekkingen Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag

Datum 5 december 2000 Auteur Drs. P.J. Kleiweg de Zwaan Vos

Kenmerk DIE/699/00 Telefoon 070-348.58.19

Blad /4 Fax 070-348.63.81

Bijlage(n) E-mail Die-(ab@minbuza.nl)

Betreft Verslag Algemene Raad d.d. 4-5 december 2000

C.c.

Zeer geachte Voorzitter,

Conform de bestaande afspraken heb ik de eer U hierbij het verslag van de Algemene Raad d.d. 4 december aan te bieden. Daarin is vervat een kort verslag van het IGC-conclaaf van 3 december.

De Minister van Buitenlandse Zaken

Verslag van de Algemene Raad d.d. 4 december 2000

IGC

En marge van de Algemene Raad vond op 3 december een IGC-conclaaf plaats.

Tijdens de bijeenkomst werden de volgende onderwerpen behandeld: nauwere samenwerking, de Commissie, EVDB en besluitvorming bij gekwalificeerde meerderheid.

Bij de nauwere samenwerking ging het vooral om de reikwijdte van het instrument in de tweede pijler (wel of niet nauwere samenwerking voor defensie) en over de wijze van besluitvorming door de Raad over het aangaan van de nauwere samenwerking. Enkele lidstaten behouden bezwaren tegen invoering van nauwere samenwerking in de tweede pijler.

Wat de Commissie betreft, bleken de standpunten ongewijzigd. Lidstaten met twee commissarissen zijn alleen onder voorwaarden bereid af te zien van een tweede Commissaris, terwijl andere lidstaten een Commissaris per lidstaat wensen. Voor de mogelijkheid van een plafond op termijn onder voorwaarde van gelijkwaardige rotatie leek de steun verder toegenomen te zijn.

Ten aanzien van het voorstel tot opneming van bepalingen inzake het EVDB in het Verdrag, zoals onder meer door Nederland bepleit, herhaalden enkele lidstaten hun bezwaren.

Tot slot leverde de bespreking over de overgang naar besluitvorming bij gekwalificeerde meerderheid geen nieuwe gezichtspunten op. Op de voornaamste terreinen (sociaal beleid, fiscaal beleid, handelspolitiek, asiel en immigratie) behielden telkens een of meer lidstaten hun bezwaren tegen overgang naar meerderheidsbesluitvorming.

EVDB

De Raad sprak tevredenheid uit over het Voorzitterschapsrapport over het EVDB, en de daarbij behorende annexen, dat aan Nice zal worden voorgelegd. Er ligt nu een goede basis voor zowel de verdere opbouw van Europese capaciteiten als de totstandkoming van de permanente organen voor de besluitvorming en de regeling voor samenwerking met de NAVO en met derde landen. In verband met eerder gemaakte opmerkingen over de regelingen van de EU met derde landen vroeg Griekenland om een expliciete verwijzing naar Art. 11 van het VEU. Achtergrond daarvan is de wens dat derde landen zich, ook in hun toekomstige nauwe betrekkingen met de EU op EVDB-terrein, nog eens expliciet moeten houden aan o.m. het Handvest van de VN (lees: eerbiediging van de territoriale integriteit van andere landen). De Raad willigde dit verzoek in.

Uit de discussie kwam naar voren dat nog verder moet worden gepraat over de crisisbeheersingsprocedures, waarover HV Solana en Commissaris Patten voorstellen hebben gedaan. Daarbij is gewezen op het belang van coherent optreden van de Unie, ook in crisissituaties.

Door verschillende lidstaten werd het punt van de Verdragswijziging opgebracht. Zo sprak ik tevredenheid uit dat het Voorzitterschapsrapport en de Annexen aan de Europese Raad van Nice worden voorgelegd als een samenhangend pakket, waartoe ook het vraagstuk van Verdragswijziging behoort. Alle aspecten zullen in Nice aan de orde moeten kunnen komen. De verdragswijzigingsvoorstellen bevatten relatief eenvoudig overeen te komen essentiële elementen. Een en ander behoeft, wat Nederland betreft, niet in de weg te staan aan operationaliteit van de EU op basis van permanente structuren, hangende de ratificatieprocedures.

Van verschillende kanten is steun uitgesproken voor de Nederlandse benadering, zij het dat de meeste lidstaten goed kunnen leven met een politieke verklaring die Verdragswijziging eerst op termijn in het vooruitzicht stelt. Ierland stelde zich opnieuw het meest terughoudend op. Ierland acht Verdragswijziging noodzakelijk noch wenselijk, meent dat het huidige Verdrag voldoende basis biedt voor een operationeel EVDB en vreest complicaties bij ratificatie. Ook Finland toonde zich zeer gereserveerd.

Uitbreiding

Tijdens de AR van 4 december werd overeenstemming bereikt over de raadsconclusies inzake uitbreiding. Hiermee wordt, in lijn met het Nederlandse standpunt, ingestemd met de belangrijkste voorstellen uit het Strategiedocument van de Commissie, waaronder een 'road map' voor de verdere onderhandelingen, eindigend medio 2002.

Commissaris Verheugen verwelkomde de conclusies en onderstreepte het belang van een duidelijk signaal van de Europese Raad met betrekking tot de 'road map'. Indien de EU zich committeerde tot dit werkschema dan zou het grote invloed hebben op de politieke agenda van de regeringen in de kandidaat-lidstaten. Verheugen pleitte tenslotte voor een verwijzing in de conclusies naar de ER te Gotenburg.

Het Verenigd-Koninkrijk ondersteunde dit voorstel nadrukkelijk. In Gotenburg zou de balans moeten worden opgemaakt en zou de verst gevorderde kandidaten een duidelijk perspectief op toetreding moeten worden geboden.

Een groot aantal lidstaten, waaronder Nederland, sprak steun uit voor Verheugens opmerkingen en gaf aan open te staan voor de suggesties van het VK. Zweden merkte in dit kader op dat differentiatie tussen de kandidaten uitgangspunt diende te blijven van het onderhandelingsproces.

Het Voorzitterschap zal naar aanleiding van de discussie de tekst van de conclusies aanpassen, maar achtte het niet opportuun om hierin een verwijzing naar Gotenburg op te nemen. De ER te Nice zal daarom gevraagd worden om zich over een opdracht aan de ER te Gotenburg uit te spreken.

Pre-toetredingsstrategie Turkije

Tijdens de lunch bereikte de Raad politieke overeenstemming over de pre-toetredingsstrategie t.b.v. Turkije. De gerezen problemen hadden betrekking op verwijzingen in de tekst naar de kwestie-Cyprus en de betrekkingen van Turkije met zijn buurlanden.

Uiteindelijk is een oplossing gevonden die voor alle partijen aanvaardbaar was; zoals ook door Nederland voorgestaan, gebaseerd op de conclusies van Helsinki.

Later op de dag meldde Voorzitter Védrine dat ook Ankara kon instemmen met de tekst.

MOVP

Er heeft een korte lunchdiscussie plaatsgevonden over het Midden-Oosten, in het bijzonder over het voorstel van Commissaris Patten voor verlening van humanitaire hulp aan de Palestijnen en de instelling van een Special Cash Facility. Commissaris Patten is verzocht hierover nadere voorstellen te doen.

Statuut EP-leden

Tijdens de Algemene Raad is het statuut voor de leden van het EP als informatiepunt opgebracht. Het Franse Voorzitterschap stelde de Raad op de hoogte van de brief die minister Moscovici namens de Raad aan het EP heeft gestuurd. In deze brief worden de standpunten van de Raad nogmaals duidelijk naar voren gebracht, onder meer over de problematiek van de salariëring, het belastingregime, de pensioenregeling, het systeem van de onkostenvergoeding en de opname van enkele bepalingen van het verkiezingsbesluit van 1976. Het is nu, naar de mening van het Voorzitterschap, aan het EP om stappen te nemen in de richting van een akkoord.

Kenmerk DIE/699
Blad /1

===

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie