Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoorden Van Aartsen over mensenrechten Burma

Datum nieuwsfeit: 08-12-2000
Bron: Ministerie van Buitenlandse Zaken
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Buitenlandse Zaken

www.minbuza.nl\content.asp?Key=404923



Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Directie Azië & Oceanië Afdeling Zuidoost-Azië & Oceanië Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag

Datum 5 December 2000 Auteur Henriette van Gulik

Kenmerk DAO/1192-00 Telefoon 070-348 6055

Blad Fax 070-348 5323

Bijlage(n) E-mail (dao@minbuza.nl)

Betreft Vragen van de leden Koenders, Hessing en Hoekema inzake Birma

C.c.

Zeer geachte Voorzitter,

Onder verwijzing naar de brief van de Griffier Uwer Kamer van 2000, kenmerk 2000103320 (ingezonden 5 december 2000)
,
waarbij gevoegd waren de door de leden Koenders, Hessing en Hoekema overeenkomstig artikel 134 van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer bij U ingediende vragen, heb ik de eer U in bijlage dezes mijn antwoord op de gestelde vragen aan te bieden.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

Antwoord van de heer Van Aartsen, Minister van Buitenlandse Zaken op vragen van de leden Koenders (PvdA), Hessing (VVD) en Hoekema (D66)

Vraag 1

Bent u met ons van mening dat de mensenrechten-situatie in Burma in het afgelopen jaar verder is verslechterd? Bent u met ons van mening dat het huisarrest van oppositieleidster Aung San Suu Kyit direct zou moeten worden opgeheven en het Burmese regime onmiddelijk in dialoog zou moeten treden met de oppositie en vertegenwoordigers van de etnische minderheden?

Antwoord

Op alle drie de onderdelen van vraag 1 luidt het antwoord: -Ja.

Vraag 2

Heeft u kennisgenomen van de eerder dit jaar aangenomen ILO-resolutie die, vanwege het door Burma niet naleven van de ILO-conventie tegen dwangarbeid, staten oproept de relatie met Burma te herzien?

Antwoord

Ja.

Vraag 3

In hoeverre strookt het onder verantwoordelijkheid van Thailand en de UNHCR vanuit Thailand naar Burma terugsturen van Burmezen die de dwangarbeid in hun land ontvluchten en/of eenmaal terug in Burma dwangarbeid moeten verrichten, met de in vraag 2 bedoelde ILO-resolutie? Bent u bereid bij de UNHCR en de Thaise regering te pleiten voor herziening van het terugkeerbeleid?

Antwoord

Het vanuit Thailand terugsturen van Birmezen die de dwangarbeid in hun land ontvluchten en/of terug in Birma dwangarbeid moeten verrichten, is in strijd met de geest van de ILO-resolutie. Ik ben bereid bij UNHCR en de Thaise regering aandacht te vragen voor de positie van deze specifieke groep Birmezen.

Vraag 4

In hoeverre is Nederland erin geslaagd om, vorige maand tijdens de ASEM-III in Seoel, in lijn met uw antwoord op eerdere kamervragen het Europese en Aziatische beleid ten aanzien van Burma aan de orde te stellen? (1)

Antwoord

Deze aangelegenheid is, tijdens de ASEM-III Top, meerdere keren aan de orde gesteld bij verschillende ASEAN- en ASEM-partners. Ook is Birma onderwerp van gesprek geweest tijdens de bilaterale ontmoeting van de Minister President met zijn Singaporese ambtgenoot Goh Chok Tong.

Vraag 5

Is het waar dat de EU- en ASEAN-landen een bijeenkomst op ministerieel niveau hebben voorzien in Laos, op 10 en 11 december a.s., ondanks het feit dat een dergelijke bijeenkomst op dat niveau in de afgelopen twee jaar niet heeft plaatsgevonden vanwege de abominabele mensenrechtensituatie in Burma? Bent u met mij van mening dat Europese deelname aan die bijeenkomst gegeven de verslechterde mensenrechtensituatie en de in vraag 2 bedoelde ILO-resolutie niet in lijn is met het duidelijke Europese beleid t.a.v. Burma en dat dit beleid daarmee wordt losgelaten of, in ieder geval, dat het risico wordt gelopen dat die indruk ontstaat?

Antwoord

De EU-ASEAN ministeriële bijeenkomst zal op 11 en 12 december a.s. in de Laotiaanse hoofdstad Vientiane plaatsvinden.

Deze dialoog wordt na lange onderbreking hervat als onderdeel van besluitvorming inzake de verscherping van het Gemeenschappelijk Standpunt (GS) t.o.v. Birma in april 2000. Ik berichtte u hierover in het verslag van de Algemene Raad van 10 april 2000.

Voor Nederland (en het Verenigd Koninkrijk en Denemarken) was de aanscherping van het GS politiek van het grootste belang. Het doorgang vinden van de EU-ASEAN Ministeriële bijeenkomst was voor een aantal andere EU-partners voorwaarde voor aanscherping van het GS. In de verdere besluitvorming zijn deze twee uitgangspunten aan elkaar gekoppeld. Europese deelname aan de EU-ASEAN Ministeriële is daarmee een doelbewust onderdeel van een hardere Europese lijn inzake Birma. Het bestaande GS komt in feite reeds tegemoet aan de recente oproep van de ILO.

Verder biedt de EU-ASEAN ministeriële bijeenkomst een gelegenheid om, in het bijzijn van Birma en andere Aziatische landen, de mensenrechtenproblematiek in Birma alsmede het recente besluit van de ILO over dat land aan te snijden.

In de onderhandelingen over de Gezamenlijke Slotverklaring streeft de EU er tevens naar om bovenstaande punten op te nemen in de tekst.

De Regering heeft zich in het verleden op het standpunt gesteld dat het bespreken van de mensenrechtenproblematiek in Birma voorwaarde was om aan een ministeriële bijeenkomst deel te nemen. Nu deze gelegenheid geboden wordt, is de Regering van mening dat het bijwonen van de bijeenkomst geheel in lijn is met het ferme beleid ten opzichte van Birma.

Vraag 6

Kunt u toezeggen dat, indien het huisarrest van mevrouw Aung San Suu Kyi niet wordt opgeheven en het regime weigert een dialoog aan te gaan met oppositie en etnische minderheden, Nederland in het geheel niet bij de EU-ASEAN-bijeenkomst vertegenwoordigd kan zijn en dat Nederland er zich maximaal voor zal inzetten dat de bijeenkomst in de huidige vorm geen doorgang zal vinden?

Antwoord

De redenen waarom de Regering het van belang acht om aan de bijeenkomst deel te nemen, zijn uiteen gezet in het antwoord op vraag 5.

Verder kan ik u laten weten dat Nederland zich in EU-kader met succes heeft ingezet voor een ontmoeting met Aung San Suu Kyi als conditio-sine-qua-non voor het doorgang vinden van een EU-Troika missie aan Birma.

Vraag 7

Is het waar dat het Franse EU-voorzitterschap onlangs om verdergaande sancties tegen het Burmese regime heeft gevraagd? Bent u, gezien de verslechterde mensenrechtensituatie in Burma en de in vraag 2 bedoelde ILO-resolutie bereid om nu te pleiten voor uitbreiding van de Europese sancties tegen Burma met een Europese investeringsboycot?

Antwoord

Binnen de EU is door het Franse Voorzitterschap tot op heden niet een dergelijk initiatief genomen. Nederland heeft overigens in het verleden reeds gepleit voor een investeringsboycot in EU-kader en zal dat met het oog op een verdere aanscherping van het Gemeenschappelijk Standpunt inzake Birma, juist in het licht van de ILO-resolutie blijven doen.

===

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie