Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord kamervragen beperkt verschoningsrecht DNB

Datum nieuwsfeit: 11-12-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Ministerie van Financiën
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Financien

Titel: VRAGEN OVER EEN BEPERKT VERSCHONINGSRECHT DNB



Persberichtnr.

00-264

Den Haag

11 december 2000

Vragen over een beperkt verschoningsrecht DNB

Dit zijn de antwoorden op Kamervragen van de SP over het verschoningsrecht van de Nederlandsche Bank, die werden gesteld naar aanleiding van een artikel in NRC Handelsblad.

VRAGEN:


1.


Heeft u kennisgenomen van het artikel Dolksteek in rug van toezichthouder?¹


2.


Klopt het dat de president van de Nederlandsche Bank contact met u heeft opgenomen over het vonnis van de rechter (parketnummer 13.038012/97)? Zo ja, is het waar dat hij u heeft gevraagd om helderder spelregels, wetgeving, of een beleidsrichtlijn?


3.

Bent u het eens met de president dat de Nederlandsche Bank voor uitlevering van stukken zou moeten bepalen welke gegevens relevant voor een zaak zijn ? Zo ja, hou verhoudt dit zich met de memorie van toelichting van de Wet toezicht Kredietwezen 1992 waar staat dat Of en in hoeverre de voornoemde personen bij het afleggen van een verklaring als getuige of deskundige in verband met hun geheimhoudingsplicht ook een beroep kunnen doen op een verschoningsrecht op grond van artikel 218 Sv staat vervolgens aan de rechter ter beoordeling ? ² Zo neen, waarom niet ?

3.

Vindt u dat De Nederlandsche Bank in overleg met de rechter-commissaris zou moeten besluiten oevr een beroep op een beperkt verschoningsrecht? Zo ja, hoe verhoudt zich dit met de eerdergenoemde passage uit de memorie van toelichting van de Wet toezicht Kredietwezen 1992 en de uitspraak van de rechter dat mogelijkerwijs wel een beperkt verschoningsrecht toekomt ter vaststelling waarvan de rechter casu quo de rechter-commissaris, het belang van de klaagster bij vertrouwelijkheid dient af te wegen tegen het belang van de waarheidsvinding ?Zo neen, waarom niet?

5.

Bent u het eens met de uitspraak van de rechter dat de wet niet voorziet in een oplossing voor de situatie waarbij de rechter niet wet om wat voor stukken het gaat, maar wel moet beslissen of De Nederlandsche Bank zich kan beroepen op een verschoningsrecht ? Zo ja, bent u van plan een wetswijziging te bevorderen ? Zo neen, waarom niet ?

6.

Deelt u de mening van de rechter dat De Nederlandsche Bank enerzijds het vertrouwen van de instellingen waarop zij toezicht houdt moet behouden en anderzijds juist dit uit te oefenen toezicht mee brengt dat waar nodig eventuele misstanden aan de kaak moeten worden gesteld en hiertegen in een openbaar strafproces in publiek belang moet kunnen worden opgetreden.


1.Ja.



2.


Het antwoord op beide vragen luidt bevestigend.


3.

Ik onderschrijf de aangehaalde passage uit de memorie van toelichting van de Wet toezicht kredietwezen 1992. Of en zo ja in hoeverre een beroep op een verschoningsrecht kan worden gedaan staat uiteindelijk ter beoordeling aan de rechter. Hij dient het belang van de handhaving van de vertrouwelijkheid van inlichtingen af te wegen tegen het belang van waarheidsvinding. De Nederlandsche Bank heeft aangegeven te erkennen dat de uiteindelijke afweging bij de rechter ligt. Waar de Bank om gevraagd heeft, is om voor de uitlevering van stukken een eigen eerste afweging te maken en deze gemotiveerd aan de rechter te mogen voorleggen.


4.


Zie antwoord op vraag 5.


5.

Ja.

Ik ben van mening dat de rechter over de relevante stukken dient te beschikken, zodat hij kan beoordelen of een beroep op het verschoningsrecht kan worden gedaan. Om tot een gedegen beoordeling van een beroep op het verschoningsrecht door een financiële toezichthouder te komen is het van belang dat de rechter beschikt over de argumenten van de toezichthouder waarom bepaalde vertrouwelijke informatie niet relevant zou zijn en waarom de vertrouwelijkheid van toezichtsinformatie zou dienen te prevaleren boven de waarheidsvinding. De afweging die de rechter maakt, dient vervolgens te worden gemotiveerd. Ik acht het gewenst om in overleg met mijn ambtgenoot van Justitie te bezien of het nodig is en zo ja, in hoeverre hierin nader zou moeten worden voorzien.


6.

Ja.

Deze mening wordt overigens ook door de Bank gedeeld.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie