Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

SER wenst kwaliteitsstrategie voor onderwijsinstellingen

Datum nieuwsfeit: 19-12-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Sociaal-Economische Raad
Zoek soortgelijke berichten
Sociaal-Economische Raad

19 december 2000 -

Ontwerpadvies SER:
BEROEPSONDERWIJS OP KOERS NAAR BETERE PRESTATIES

Het middelbaar beroepsonderwijs en de volwasseneneducatie (BVE) staan voor grote maatschappelijke uitdagingen en zijn op weg die waar te maken. De minister van OCenW onderschrijft deze ontwikkelingen in zijn nota Koers BVE, maar heeft daarin nog te weinig oog voor de dilemmas waarvoor onderwijsinstellingen staan. Een heldere kwaliteitsstrategie met duidelijke prioriteiten en een realistisch tijdpad moet daar verandering in brengen.

Dat staat in een ontwerpadvies (1) over de nota Koers BVE dat de raad in zijn openbare vergadering van vrijdag 19 januari zal bespreken. Het is opgesteld door de Commissie Arbeidsmarktvraagstukken, onder voorzitterschap van prof.dr. J.M.G. Leune. De adviesaanvraag van minister Hermans van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen dateert van 20 september 2000.

Uitdagingen en dilemmas
De BVE-sector staat volgens de commissie voor grote maatschappelijke uitdagingen: het leveren van een bijdrage aan de arbeidsparticipatie, het oplossen van knelpunten op de arbeidsmarkt en werken aan de maatschappelijke participatie en sociale redzaamheid van mensen met een (dreigende) achterstand. De BVE-sector is voor de arbeidsmarkt van groot belang. In het middelbaar beroepsonderwijs worden 420.000 leerlingen opgeleid en in de educatie gaat het om nog eens 200.000 deelnemers.

Op de onderwijsinstellingen komt ook een groot aantal dilemmas af. Zij moeten zowel internationaal als regionaal georiënteerd zijn, maatwerk leveren én het rendement verbeteren. Daarnaast moeten zij aan uiteenlopende belanghebbbenden ruimte bieden (zoals jongeren en ouderen, allochtone oudkomers en nieuwkomers, langdurig werklozen, herintredende vrouwen), het ICT-gebruik stimuleren en omgaan met verschillende financieringsstromen die ten dele privaat en ten dele publiek zijn. De commissie meent dat de onderwijsinstellingen daardoor op korte termijn onder een te zware druk komen te staan. Zij vindt dat de doelstellingen meer operationeel en meetbaar moeten worden gemaakt en dat de noodzakelijke vernieuwingen in een realistisch tijdpad moeten worden uitgezet.

Kwaliteitsstrategie
De BVE-sector is volgens de commissie op koers naar betere prestaties. Een gerichte kwaliteitsstrategie is nodig om deze koers op een adequate wijze te kunnen realiseren. De kwaliteitsstrategie moet leiden tot een betere aansluiting van educatie op een leerweg in het middelbaar beroepsonderwijs, tot een betere aansluiting van het middelbaar beroepsonderwijs op vervolgonderwijs en de arbeidsmarkt, tot verlaging van het aantal voortijdig schoolverlaters en tot verbetering van de toegankelijkheid van het onderwijs mede door het gebruik van ICT.

Onderdeel van de kwaliteitsstrategie zijn tal van maatregelen. Zo moeten de onderwijsinstellingen zich meer op hun omgeving richten en aan de hand van de kwaliteitszorgverslagen de discussie met gemeenten en het bedrijfsleven bevorderen. Verder moet de kwaliteit van de examens worden verbeterd. De commissie bepleit ook dat de dynamiek op de arbeidsmarkt sneller doorwerkt in het onderwijs. Dat kan onder meer door de band met het bedrijfsleven aan te halen en door in de opleidingen meer ruimte te reserveren voor vernieuwingen op de regionale arbeidsmarkt. De commissie vindt verder dat meer aandacht nodig is voor versterking van het management van de onderwijsinstellingen en voor een modern arbeidsomstandigheden- en arbeidsvoorwaardenbeleid.

Perspectief
De BVE-sector dient haar positie in het initieel onderwijs voor jongeren te bestendigen en te versterken. Daarnaast moet het oog gericht worden op het toenemende belang van contractonderwijs voor werkenden en niet-werkenden. De regionale opleidingscentra (rocs) moeten leercentra worden voor een leven lang leren en aanhaken bij nieuwe ontwikkelingen op de reïntegratie- en employabilitymarkt. Dat vraagt om een (vraaggerichte) vernieuwing van het onderwijsaanbod en om een betere balans tussen het initieel en het contractonderwijs De overheid zal periodiek moeten nagaan of de onderwijsinstellingen voldoende middelen hebben om alle uitdagingen waar te kunnen maken. Zelf moeten de instellingen doeltreffender en doelmatiger gaan werken.

De commissie steunt de koers naar meer marktwerking, concurrentie en vraagsturing in de BVE-sector, maar roept de minister op zijn visie hierop verder uit te werken. Op zichzelf steunt de commissie beleid gericht op het versterken van de positie van deelnemers en afnemers. Ook is hij voorstander van het bevorderen van meer competitie tussen instellingen. De commissie is benieuwd naar de uitkomsten van het experiment met een individuele leerrekening, dat is een spaarrekening voor werknemers waarmee zij scholing kunnen kopen.

1. Het gaat om een ontwerpadvies. De standpunten die hier worden weergegeven, zijn die van de commissie van voorbereiding.

Noot voor redacties

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie