Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Sterke aanwijzingen voor illegaal uitzetten fazanten

Datum nieuwsfeit: 19-12-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

De Voorzitter van de Vaste Commissie voor Landbouw, Natuurbeheer en Visserij
Postbus 20018
2500 EA Den Haag
uw brief van

uw kenmerk

ons kenmerk
DN. 2000/3835
datum
19-12-2000

onderwerp
Uitzetten fazanten
(TRC 2000/8809) doorkiesnummer

bijlagen
1

Geachte Voorzitter,

In mijn brief van 27 december 1999 (TK 1999-2000, Aanhangsel 550), heb ik antwoord gegeven op vragen van het lid Poppe over het uitzetten van fazanten. In het antwoord heb ik gewezen op een onderzoek dat door de AID zou worden ingesteld naar het illegaal uitzetten van fazanten. Ik kan u mededelen dat de AID inmiddels rapport heeft opgemaakt van haar bevindingen. Dit rapport treft u bijgaand ter kennisneming aan.

up

datum
19-12-2000

kenmerk
DN. 2000/3835

bijlage

Bij de ca. 100 controles van de AID zijn op 35 landgoederen c.q. jachtgebieden sterke aanwijzingen verkregen dat gefokte fazanten ten behoeve van de jacht zijn of zouden worden uitgezet. In vijf gevallen waarbij het uitzetten op heterdaad werd vastgesteld, is proces-verbaal opgemaakt. In 17 gevallen zijn in rennen of kooien in of nabij het veld fazanten aangetroffen met het vermoedelijke doel deze met het oog op de jacht los te laten. In de overige gevallen zijn in het veld fazanten waargenomen die opvallend tam gedrag vertoonden en vermoedelijk gefokt en losgelaten zijn.
Bij de controles zijn overigens aanwijzingen verkregen dat niet alleen fazanten, maar ook eenden worden uitgezet.

Gezien de bevindingen kan worden gesteld dat in jagerskringen het draagvlak voor het verbod fazanten uit te zetten, gering is. Wel heeft, nog zeer recent, de KNJV krachtig stelling genomen tegen deze praktijken.
Zorgwekkend vind ik de constatering van de AID dat buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA's) die voor het toezicht in het veld op de naleving van de Jachtwet zijn aangesteld, nauwelijks blijken op te treden tegen het illegaal uitzetten van fazanten en in enkele gevallen zelfs daarbij betrokken waren. De bevoegdheid tot het intrekken van opsporingsbevoegdheden berust bij het ministerie van Justitie. Inmiddels is ambtelijk overleg gevoerd met het ministerie van Justitie over de mogelijkheden de opsporingsbevoegdheid in te trekken. Conform artikel 35 van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar wordt de opsporingsbevoegdheid onder meer ingetrokken indien is vastgesteld dat de bekwaamheid of betrouwbaarheid voor de uitvoering van opsporingsbevoegdheden niet meer aanwezig is. Ook een opgemaakt proces-verbaal kan voldoende reden zijn om een persoon onbetrouwbaar te achten.

Het is duidelijk dat aan deze praktijken een einde moet komen. Het meest effectieve, maar ook meest radicale middel daartoe is sluiting van de jacht op fazanten.
Daarmee wordt immers de prikkel tot het uitzetten van fazanten weggenomen. Zoals ik reeds aangaf in hiervoor vermelde brief, is sluiting een vergaand middel dat ook bonafide jachthouders treft. Ik heb daarom in eerste aanleg gekozen voor een selectiever instrument, i.c. het aanscherpen van de Richtlijn inzake de intrekking van jachtakten. Die aanscherping komt erop neer dat de jachtakte niet alleen kan worden ingetrokken van personen die fazanten of andere wildsoorten hebben uitgezet, maar ook van jagers die hebben deelgenomen aan een jachtpartij waarbij is gejaagd op wild waarvan een redelijk vermoeden bestaat dat het is uitgezet. Deze gewijzigde richtlijn is in april jl. van kracht geworden. Ik verwacht dat hiervan een sterk preventieve werking zal uitgaan. Of dat inderdaad zo is, zal moeten blijken uit controles in dit jachtseizoen. Ik zal in een persoonlijk onderhoud met vertegenwoordigers van jagers en jachtopzichters mijn visie op deze handelwijze uiteenzetten.

Van verschillende zijden ben ik erop gewezen dat de effectiviteit van de handhaving wordt beperkt door het ontbreken van inzicht in het fokken van fazanten en de bestemming van gefokte vogels. Mede naar aanleiding daarvan heb ik in de regelgeving bij de Flora- en faunawet voorzieningen getroffen om door middel van verplichtingen inzake het ringen van gefokte vogels, gegevens te verkrijgen over het fokken van fazanten. Ik verwacht dat van dit instrument aanvullende preventieve werking uitgaat op illegale praktijken.

De staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer
en Visserij,

G.H. Faber



reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie