Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord kamervragen over VN-waarnemersmissie voor Palestina

Datum nieuwsfeit: 28-12-2000
Bron: Ministerie van Buitenlandse Zaken
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Buitenlandse Zaken

www.minbuza.nl/content.asp?Key=406031



Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten Generaal Binnenhof 4 Den Haag DAM/MO Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag

Datum 28 december 2000 Auteur sk. karwal

Kenmerk 858 Telefoon 070-3485193

Blad /6 Fax 070-3486639

Bijlage(n) E-mail (sk.karwal@minbuza.nl)

Betreft Antwoord op vragen van de heer Marijnissen (SP) over een waarnemersmissie naar de Westelijke Jordaanoever en Gaza

Zeer geachte Voorzitter,

Onder verwijzing naar de brief van de Griffier uwer Kamer d.d. 30 november jl., kenmerk no. 2000103050, waarbij gevoegd waren de door het lid Marijnissen overeenkomstig artikel 134 van het Reglement van Orde bij u ingediende vragen, heb ik de eer, mede namens de Minister van Defensie, als bijlage dezes, het antwoord op de gestelde vragen te doen toekomen.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

Antwoord van de heer Van Aartsen, Minister van Buitenlandse Zaken, mede namens de heer De Grave, Minister van Defensie, op vragen van het lid Marijnissen

Vraag 1

Bent u bekend met de oproep van de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de VN, mevrouw Mary Robinson, om internationale waarnemers te sturen naar de Westelijke Jordaanoever en Gaza?

Antwoord

Ja.

Vraag 2

Bent u bereid deze oproep in VN- en EU-kader actief te ondersteunen?

Vraag 3

Is de Nederlandse regering bereid mee te werken aan een waarnemersmissie in de bezette gebieden?

Antwoord

Nederland staat in principe positief tegenover een waarnemersmissie, zolang deze de instemming geniet van beide partijen. Nederland geeft in dit verband steun aan de bemiddelende rol van de Secretaris Generaal van de VN. Voorkeur wordt gegeven aan een benadering waarbij eerst de resultaten van zijn onderzoek naar de mogelijkheden voor het opzetten van een waarnemersmissie worden afgewacht. Nederland zal zijn uiteindelijke positie inzake een dergelijke missie in nauw overleg met de EU-partners bepalen. Een Nederlandse bijdrage aan een waarnemersmissie is thans niet aan de orde.

Vraag 4

Onderschrijft de Nederlandse regering nog steeds de inhoud van VN resolutie 242 (1967) en deelt u de mening dat dit dan ook in concrete diplomatieke en politieke actie vertaald zou moeten worden?

Vraag 5

Welke activiteiten heeft Nederland tot nog toe ondernomen om druk uit te oefenen op Israël zich te houden aan de relevante VN resoluties, het oorlogsrecht en het internationaal en humanitair recht?

Antwoord

Zoals ik ook in mijn brief van 20 oktober jl. inzake de situatie in het Midden-Oosten stelde is het ultieme doel van het vredesproces te komen tot een alomvattende vredesregeling op basis van de Veiligheidsraadsresoluties 242 en 338 en door de partijen gesloten overeenkomsten. Deze doelstelling wordt door de EU en Nederland actief ondersteund. Dit standpunt wordt uitgedragen in de geëigende multilaterale fora, EU-verklaringen en biltaterale contacten op verschillende niveaus.

Vraag 6

Wat is het huidige beleid van de Nederlandse regering met betrekking tot militaire samenwerking
met Israël?

Antwoord

Nederland betracht terughoudendheid in de militaire samenwerking met landen in de regio en zal dit gelet op de huidige situatie ook zeker handhaven. Militaire samenwerking met Israël is onderwerp van nauw overleg tussen Buitenlandse Zaken en Defensie. Per activiteit wordt in dat verband bezien of zij past in de vigerende politieke situatie.

Vraag 7

Deelt u de mening dat Israël momenteel gekenmerkt moet worden als een conflictgebied zoals bedoeld in de criteria met betrekking tot wapenhandel?

Vraag 8

Wat is het huidige beleid van de Nederlandse regering met betrekking tot wapenhandel met Israël? Verstrekt de regering sinds het uitbreken van de onlusten nog vergunningen voor de export van militair materieel naar Israël?

Antwoord

Het vierde criterium van het wapenexportbeleid omvat een toets op de gevolgen van de voorgenomen uitvoer voor de vrede, veiligheid en stabiliteit in de regio, waar het bestemmingsland is gelegen. Gezien de geschiedenis van de regio en in het licht van de huidige spanningen in het Midden Oosten dient voorgenomen uitvoer naar landen in dit gebied uiteraard indringend op dit criterium te worden getoetst. Dit geldt ook voor uitvoer naar Israël.

In de afgelopen maanden zijn geen vergunningen verstrekt voor de uitvoer van militair materieel met Israël als eindbestemming.

Vraag 9

Bent u bereid in de EU te pleiten voor het opschorten van de associatieverdragen met Israël op basis van de mensenrechtenparagraaf uit die verdragen
?

Antwoord

Opschorting van het associatieverdrag wordt door Nederland noch door andere lidstaten overwogen.

Het is gebruikelijk dat in EU-overleg met associatiepartners - als daartoe aanleiding bestaat - aandacht wordt besteed aan de mensenrechtensituatie. Niet-naleving van mensenrechten wordt serieus onderzocht en besproken. Nederland insisteert dan ook op agendering van dit onderwerp bij alle Euro-Mediterrane associatieraden; dat geldt ook voor die met Israël.

Vraag 10

Wat zijn tot nog toe de activiteiten van de Nederlandse mensenrechtenambassadeur geweest met betrekking tot Israël?

Antwoord

Uiteraard maakt de regering zich zorgen over de mensenrechtenaspecten van de huidigde crisis in Israël en de Palestijnse Gebieden en heeft daaraan ook meer dan eens uiting gegeven. Ik zie echter geen aanleiding voor specifieke activiteiten van de mensenrechtenambassadeur met betrekking tot Israël.

Kenmerk DAM-858/2000
Blad /6

1 Volkskrant, 28 november jl.






===

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie