Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Reactie Herfkens op Wereldbank Development Report 2000/2001

Datum nieuwsfeit: 29-12-2000
Bron: Ministerie van Buitenlandse Zaken
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Buitenlandse Zaken

www.minbuza.nl/content.asp?Key=406040



Aan de Voorzitter van de Vaste Commissies voor Buitenlandse Zaken en Financiën van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Directie Verenigde Naties en Internationale Financiële Instellingen Ministerie van Buitenlandse Zaken Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag

Datum 29 december 2000 Auteur Drs M. van Wier

Kenmerk DVF/IF-508/00 Telefoon 070-348 5044

Blad /4 Fax 070-348 4803

Bijlage(n) E-mail Rien-(van.wier@minbuza.nl)

Betreft Reactie op het World Development Report 2000/2001 van de Wereldbank

Zeer geachte Voorzitter,

Onder verwijzing naar de brief van de Griffier van de Vaste Commissie voor Buitenlandse Zaken d.d. 11 oktober jl, kenmerk 2000/77, heb ik eer u mede namens de Minister van Financiën, mijn reactie te doen toekomen op het World Development Report 2000/2001 getiteld: "Attacking Poverty".

Het World Development Report 2000/2001 (WDR) is een mijlpaal in het denken over armoede en de oorzaken van armoede. De grote verdienste van het boekwerk is dat de thans bestaande consensus over de problematiek wordt bevestigd en op analytisch bewonderenswaardige wijze aan de lezer gepresenteerd. Daarbij is de manier waarop het werk tot stand kwam uniek, en geheel passend bij deze eeuw. Concepten en samenvattingen van het WDR werden gedurende meer dan een jaar op een speciaal daarvoor bestemd website geplaatst, zodat al voor publicatie van de uiteindelijke versie uitgebreide discussie plaats kon vinden. Daarmee is voor de eerste maal een belangrijk beleidsstuk van de Wereldbank op participatoire wijze tot stand gekomen. Ik beschouw ook de discussie over het relatieve belang van economische groei bij de strijd tegen armoede, die ontstond rond het vrijwillig ontslag van hoofd-auteur Ravi Kanbur, als een onderdeel van die transparante en participatoire werkwijze.

Het WDR vat samen wat de Bank geleerd heeft over de strijd tegen armoede sinds het uitkomen van het destijds baanbrekende WDR van 1990 dat de simpele titel "Poverty" droeg. Die oogst is niet teleurstellend. De Wereldbank heeft de visie op armoedebestrijding verbreed en verdiept. In 1990 werd reeds gesignaleerd dat een zuiver economische benadering van armoede niet voldoet. In dit recente WDR is deze gewaarwording uitgewerkt in drie pijlers van armoedebestrijding: bestaanszekerheid (security), bestaansmogelijkheden (opportunity) en toedeling van maatschappelijke invloed (empowerment). Ik zie deze peilers als een afspiegeling van respectievelijk de sociale, economische en politieke factoren die bij armoedebestrijding een rol spelen. Voor het identificeren van de concrete acties die voor armoedebestrijding noodzakelijk zijn is dit voortschrijdend inzicht cruciaal.

Zowel analyse van de oorzaken van armoede als de vertaling daarvan in concrete acties en programma's vragen echter om nadere aandacht. Ik geef een drietal voorbeelden.

Ten eerste de behandeling van de verschillende concepten van economische groei en hun betekenins voor armoedebestrijding. Het begrip "pro poor growth" dateert al uit het WDR van 1990. Ook in "Attacking Poverty" figureert pro poor growth als instrument, maar het begrip wordt niet helder en eenduidig gebruikt. Het WDR lijkt in sommige opzichten te zwalken tussen groeiconcepten met sterk herverdelende trekken, en meer klassieke economische groei die q.q. tot een vermindering van armoede leidt. Wat maakt van economische groei nu precies 'pro poor'-groei? Hoe wordt dit bevorderd? Welke sectoren zijn met name trekkers van "pro poor" economische groei? Hoe verschilt dit per land?

De verdergaande analyse van economische groei wordt bemoeilijkt door het feit dat instellingen als de Wereldbank nog steeds niet beschikken over genoeg gegevens (met name op landenniveau) om operationele conclusies te kunnen trekken. De publicatie van de bundel "Voices of the poor" , de bundeling van meer dan 40.000 interviews met armen afkomstig uit 50 landen, is zonder meer een mijlpaal voor wat betreft informatie over de leefsituatie van armen. De behoefte aan meer nauwkeurige statistische informatie is daarmee echter niet weg genomen. Wie zijn de armen? Waar wonen ze? Hoe kan hun economisch gedrag beschreven worden? Pas als ook dit soort informatie per land beschikbaar is kan zowel een correcte analyse als een doeltreffende strategie worden geconcipieerd.

Ten tweede dient nadere uitwerking gegeven te worden aan het begrip "empowerment". Dit bewerkstelligen van grotere maatschappelijke invloed van armen is een essentieel onderdeel van armoedebestrijding. Het rapport "Attacking Poverty" is echter te zeer gefocust op de rol die regeringen en hun instellingen daarbij kunnen en moeten spelen. Empowerment kan echter niet alleen bereikt worden door goed bestuur-activiteiten die gericht zijn op formele structuren. Het zijn met name de armen zelf die mondiger moeten worden, en die in staat gesteld moeten worden op eigen kracht hun positie in de maatschappij te handhaven en verbeteren. Daartoe dient op "grass root"-niveau gewerkt te worden aan krachtige belangengroepen van armen en dient steun gegeven te worden aan participatoire besluitvormingsprocessen zoals die ook bijvoorbeeld worden vereist bij de opstelling van Poverty Reduction Strategy Papers. Pas als van onderop genoeg politiek en maatschappelijk bewustzijn ontstaat kan worden afgedwongen dat (regerings)instanties zich verantwoordelijk betonen voor die delen van de bevolking die nu nog vaak als arm en dus irrelevant beschouwd worden. Wel moet worden bedacht dat de bewegingsvrijheid van de Wereldbank om actief bij te dragen aan "empowerment" beperkt is. In de Raad van Bewindvoerders heeft een aantal landen blijk gegeven van grote aarzelingen ten aazien van een actieve rol van de Bank op dit punt. Het betreft China, Koeweit, Pakistan, Saudie-Arabie en in mindere mate de

VS.

Tenslotte weet het WDR de drie peilers waar het rapport op stoelt - "empowerment", "security", en "opportunity" - niet te vertalen van landenniveau naar internationaal niveau. Empowerment betekent op internationaal niveau dat arme landen in staat gesteld moeten worden om hun kennisachterstand te compenseren en waar mogelijk in te halen. Dit is vooral bij technisch gecompliceerde onderhandelingen als die bij de WTO noodzakelijk om met succes voor de eigen belangen te kunnen opkomen. "Security" op het internationale vlak dient gezocht te worden in een betere financiële en ontwikkelings-architectuur. Daar horen bij op marktprincipes berustende mechanismen die tegen prijsfluctuaties van grondstoffen en olie beschermen. Daar hoort ook bij voorspelbaarheid ten aanzien van volumes van financiële assistentie en de bijbehorende criteria. "Opportunity" dient internationaal verstaan te worden als het mogelijk maken van exportinkomsten voor arme landen door middel van marktopening. Met name in de voor ontwikkelingslanden belangrijke sectoren als textiel en landbouw is vergroting van afzetmogelijkheden essentieel. Daarnaast dient aandacht gegeven te worden aan het scheppen van betere voorwaarden voor internationale handel zoals goed werkende douanediensten en fysieke infrastructuur als havens en wegen.

Al met al heeft de Wereldbank met "Attacking Poverty" de analyse van armoede een forse zet in de goede richting gegeven. Veel al langer beleden standpunten van Nederland en andere gelijkgezinde landen zijn hierdoor gemeengoed geworden, en kunnen voortaan dienen als internationaal referentiepunt voor armoedebestrijding. De hoofdzaak blijft natuurlijk de vertaling van de analyse in de praktijk, in concrete maatregelen. Dit is waar dit WDR uiteindelijk op afgerekend dient te worden: de nu vastgelegde inzichten moeten in de praktijk leiden tot een substantiële vermindering van armoede. Nederland zal daarom, in samenwerking met gelijkgezinden als de Utstein-groep, de activiteiten van de Wereldbank nauwgezet blijven volgen, zowel via de raad van bewindvoerders als in het veld. Een vooraanstaande rol in dit alles zal de ontwikkeling en implementatie van (interim-) Poverty Reduction Strategy Papers spelen - de vertaling van de armoedeanalyse in een concreet door landen zelf opgesteld actieprogramma ter bestrijding van armoede.

De Minister voor Ontwikkelingssamenwerking

Eveline Herfkens

Kenmerk
Blad /4

===

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie