Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Hoofdlijnenaccoord LHV met Zorgverzekeraars Nederland

Datum nieuwsfeit: 16-02-2001
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

Hoofdlijnenaccoord LHV-ZN

16 februari 2001

Preambule
Partijen hebben kennis genomen van de grote onrust onder de huisartsen over de continuïteit, de kwaliteit en de waardering van de huisartsenzorg. Hiertoe is door partijen een aantal oplossingsrichtingen geformuleerd, te weten:

* vergroting van de opleidingscapaciteit;
* verbetering van de arbeidsvoorwaarden van de HAIO's;
* structurele regeling van de diensten;

* praktijkondersteuning;

* herijking van het norminkomen op basis van de actuele functie- en taakinhoud en de actuele werklast;

* adequate en naar huidige maatstaven aangepaste vergoeding van de praktijkkosten;

* ICT,waarbij afspraken gemaakt worden in lijn met de gezamenlijke intentieverklaring IPZ;

* EVS.

Partijen menen dat snel adequate maatregelen moeten worden getroffen. Partijen hebben hierbij goede nota genomen van de uitspraken en toezeggingen van de Minister van VWS, mede namens het Kabinet en eveneens de toezeggingen van de Tweede Kamer. Eveneens zijn de knelpunten onderschreven evenals de voorgestane maatregelen. De benodigde financiële dekking zal dan ook in de beslissingen over de Voorjaarsnota zijn inbegrepen.

Opleidingscapaciteit en HAIO-salarissen
Partijen hebben met genoegen vastgesteld dat de Minister middelen heeft vrijgemaakt voor een verruiming van de opleidingscapaciteit tot 670. Daarnaast is door de Minister uitgesproken dat het advies van het Capaciteitsorgaan, dat op zeer korte termijn wordt verwacht, bepalend zal zijn voor de opleidingscapaciteit. ZN en de LHV zullen zo mogelijk in overleg met VWS de mogelijkheden nader verkennen om versnelling in de opleidingscapaciteit te verkrijgen. Daarnaast zullen ZN en de LHV maatregelen voorbereiden om het groeiende tekort aan huisartsen op te vangen.
Partijen hebben met genoegen vastgesteld dat de Minister middelen beschikbaar stelt om de HAIO-salarissen per 1 januari 2001 aan te passen aan het niveau van de salarissen van de verpleeghuisartsen in opleiding en dat de Minister welwillend is om een en ander ook door te trekken naar de overige arbeidsvoorwaarden.

Herijking inkomen
De LHV heeft kenbaar gemaakt dat het inkomen van de huisarts aan herijking toe is.
Ook de Minister van VWS heeft in een brief aan het CTG laten weten dat de tijd rijp lijkt voor een algemene inkomensherijking van alle vrije beroepsbeoefenaren. De Minister heeft het CTG dan ook verzocht om hiertoe een plan van aanpak te ontwerpen.
De herijking van het norminkomen betreft zowel het zogenaamde salarisdeel als de aankleding (pensioendeel en deel voor overige sociale voorzieningen). ZN en de LHV onderschrijven dat de aankleding adequaat moet zijn en het salarisdeel gepast. Gepast houdt in marktconform afgemeten tegen de actuele functie- en taakinhoud van de huisarts alsook tegen de actuele werklast. Partijen stellen ten aanzien van het huidige norminkomen vast dat deze laatstelijk is vastgesteld in 1983.
ZN heeft ingestemd met het voorstel van het CTG om in ieder geval de premie-aanpassing voor de arbeidsongeschiktheidsverzekering en de ziektekostenregeling in het tarief van 2001 te verwerken.
* De LHV heeft een onderzoeksbureau in de arm genomen dat zich bezighoudt met de herijking van het inkomen. Hierin zal eveneens aandacht worden besteed aan een functieherwaardering. ZN neemt geen formele positie in bij het vaststellen van het salarisdeel, maar zal reageren op de onderzoeksopzet en is bereid betrokkenheid te hebben bij de vaststelling van de aankledingscomponent. Ten algemene hechten partijen aan een bekostigingssysteem dat uitgaat van "loon naar werken". Het moet ook mogelijk zijn afzonderlijke activiteiten te faciliteren en in te spelen op nieuwe ontwikkelingen. Dit met inachtneming van de positie en de functie van de huisarts in de gezondheidszorg.

* Eind februari zullen ZN en de LHV wederom overleg voeren over de voortgang van dit onderzoek.

* Onderdeel van het inkomen betreft tevens de werkuren buiten reguliere daguren.

* Partijen zullen uiterlijk medio maart 2001 de eerste resultaten uit dit onderzoek vertaald in macro financiële consequenties aan de Minister zenden opdat een en ander ten behoeve van de voorjaarsnota kan worden meegenomen.

* Partijen zullen in het kader van de herijking van het inkomen zo spoedig mogelijk een tariefverzoek doen bij het CTG.
* Partijen zullen een gezamenlijk tariefverzoek indienen bij het CTG voor nieuwe tarieven per 1 april 2001 waarin voor de arbeidsongeschiktheidsverzekering en ziektekostenregeling wordt gecompenseerd conform het voorstel van het CTG.

Herijking praktijkkosten
Eerder al heeft Deloitte en Touche in opdracht van de LHV onderzoek gedaan naar de praktijkkosten van een huisartsenpraktijk. Zorgverzekeraars Nederland heeft hierop een onafhankelijk accountant aangetrokken die het onderhavige rapport beoordeelt.
* Partijen zullen met inschakeling van beider accountants uiterlijk medio februari 2001 zo mogelijk een gezamenlijk verzoek tot aanpassing van het tarief zo spoedig mogelijk bij het CTG indienen;

* Partijen streven naar een gemeenschappelijke voorstel van het praktijkkostenonderzoek, waarin naast de genoemde accountantskantoren ook het CTG wordt betrokken.

Dienstenstructuur
Partijen stellen vast dat op regionaal niveau huisartsen en zorgverzekeraars/marktleiders reeds afspraken hebben gemaakt en nog steeds maken over grootschalige dienstenstructuren. Partijen hebben kennis genomen van de uitspraken van de Minister van VWS dat uiterlijk per 1 juli 2001 overal in Nederland voor alle huisartsen grootschalige dienstenstructuren gerealiseerd moeten zijn. Hiervoor zal de Minister zonodig de ontbrekende financiële middelen beschikbaar stellen.
* Partijen komen overeen dat zorgverzekeraars/marktleiders medio februari 2001 de in het lokaal overleg gemaakte afspraken met de huisartsen aangaande grootschalige dienstenstructuren bij het ZN-bureau zullen indienen.

* Partijen erkennen de noodzaak om op tijd te zijn met het indienen van alle locale plannen met het oog op de financiele vertaling in de voorjaarsnota. Feitelijk kan geconstateerd worden dat een aanzienlijk aandeel van de plannen op locaal niveau al zijn geformuleerd tussen huisartsen en zorgverzekeraars. Gestreefd wordt om alle plannen voor 1 maart gereed te hebben. Gezien de korte termijn waarbinnen de resterende plannen gerealiseerd moeten worden zullen partijen VWS verzoeken om voor de indiening van onderbouwde plannen een uitloop tot 1 april toe te staan.
* Zorgverzekeraars Nederland zal deze afspraken bundelen en - ten behoeve van de voorjaarsnota - een geaggregeerde financiële claim bij de Minister van VWS neerleggen.

* Partijen zullen hun respectievelijke achterbannen per ommegaande zorgvuldig informeren over dit traject.

* Partijen zullen de gebundelde verzoeken ter goedkeuring aan het CTG voorleggen.

* Partijen verzoeken VWS om zo spoedig mogelijk enkele juridische drempels te slechten. Het gaat er dan om dat een dienstenstructuur aangewezen wordt als een orgaan van de gezondheidszorg en dat voor deze categorie een punttarief geldt in plaats van een maximumtarief. Partijen verzoeken VWS om voor de duur dat een en ander zijn beslag moet krijgen, een tussenmaatregel te treffen, opdat niets de snelle implementatie van de dienstenstructuur in de weg staat.

* De door ZN en de LHV ingestelde Taskforce zal de voortgang in de realisatie van de dienstenstructuren inventariseren. Onderdeel hierin is de inventarisatie van de redenen waarom op bepaalde plaatsen de grootschalige dienstenstructuren nog niet van de grond zijn gekomen.

Praktijkondersteuning
Partijen stellen vast dat de Stichting Praktijkondersteuning op 1 maart 2001 opgericht zal zijn. Afgesproken is dat de Stichting D&O tot deze datum de incasso en uitbetaling van de infrastructurele gelden voor de Ziekenfondssector zal waarnemen.
* Partijen stellen vast dat de Ziekenfondsen een verzoek tot betaling hebben ontvangen ten aanzien van de betaling van de infrastructurele kosten.

* Zorgverzekeraars Nederland zal zich er voor inspannen dat alle ziekenfondsen overgaan tot betaling van de infrastructurele kosten.

* Partijen zijn overeengekomen de vergoeding van praktijkondersteuning aan de voorwaarde te verbinden dat EVS daadwerkelijk wordt gebruikt op huisartsenpraktijkniveau.
* Partijen stellen vast dat de LHV een voorspoedige uitlevering van EVS heeft bewerkstelligd, maar het daadwerkelijke EVS-gebruik door de huisarts met de daarbijhorende opbrengsten achterblijft bij de verwachtingen. De LHV zal zich dan ook tezamen met de zorgverzekeraar inzetten de huisartsen te stimuleren het EVS te implementeren en toe te passen. Een van de onderdelen van het EVS betreft de aanlevering van geaggregeerde informatie op huisartsenniveau aan de zorgverzekeraar, die optreedt als regionale marktleider waaruit het bebruik en de afwijking in het voorschrijven op inhoudelijk niveau van de EVS standaard blijkt (spiegelinformatie ten behoeve van feed-back.
* Partijen stellen vast dat het in het convenant genoemde Clearing House Huisartsen nog niet geïmplementeerd is, waardoor betaling vanuit de particuliere sector vooralsnog niet gerealiseerd kan worden.

* Partijen onderkennen het bekostigingsprobleem in de particuliere sector en spreken het volgende af:

* Voor het kostendeel Ahanden in de praktijk@ in de particuliere sector wordt een apart tarief (opslag) vastgesteld, waarbij geldt dat alleen huisartsen die een praktijkondersteuner in dienst hebben dit tarief in rekening mogen brengen. De toepassing van het verhoogde tarief voor de kosten van de praktijkondersteuning gaat in op het moment dat de huisartsen van het samenwerkingsverband een overeenkomst voor praktijkondersteuning hebben met de marktleider/regionaal ziekenfonds. Partijen zullen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 31 maart, hiertoe een tariefsverzoek indienen bij het CTG.

* Voor de bekostiging van de infrastructuur in de particuliere sector wordt ten algemene het particuliere tarief opgehoogd op basis van de jaarlijks tussen ZN en LHV overeen te komen begroting. De LHV draagt er zorg voor via de contributie aan haar leden dat deze middelen ook daadwerkelijk voor het bestemde doel, te weten de Stichting Praktijkondersteuning, beschikbaar komen.
* ZN ondersteunt de LHV om de totale loonkosten van de praktijkondersteuner op HBO-niveau op het juiste niveau - zoals in het convenant praktijkondersteuning staat genoemd - te brengen. Beide partijen zijn van mening dat dit gewenst is gelet op de huidige marktverhoudingen.

Informatie en Communicatie Technologie

Algemeen
De ontwikkelingen in de ICT sector gaan razendsnel. Met name de toenemende invloed van Internet technologie maar eveneens communicatiemiddelen als GSM hebben een niet mis te verstane invloed op het professionele leven. Deze middelen bieden de huisarts de mogelijkheid tot het verbeteren van de eigen praktijkvoering. Partijen stellen vast dat enkele van de HIS-systemen onvoldoende aangepast zijn aan de eisen van deze tijd. Dit baart zorgen. Eveneens wordt vastgesteld dat huisartsen steeds meer tijd moeten investeren in de automatiseringssystemen. Daarnaast is een toenemende ongestructureerde koppeling tussen Internet en HIS systemen een potentieel gevaar voor de Volksgezondheid en privacy.

* Partijen stellen vast dat de huidige ICT systemen als zijnde de Huisarts Informatie Systemen, niet voldoende zijn uitgerust voor nieuwe werkwijzen zowel in de praktijkvoering alsmede de uitwisseling van informatie met omliggende systemen. Het gaat hierbij om de in dit convenant genoemde toepassingen van Dienstenstructuur/waarneming, EVS en Clearinghouse zijn sterk gebonden aan een professioneel opgebouwde en geoperationaliseerde ICT structuur.

* Partijen erkennen de noodzaak dat inzake de ICT een drietal verantwoordelijkheidsgebieden voor het juiste gebruik binnen de Zorgsector noodzakelijk zijn, met ieder een juiste positionering van de daarbij behorende kosten. Deze verantwoordelijkheden zijn:


1. Randvoorwaarden. De maatschappelijke verantwoordelijkheid van de beschikbaarheid en het juiste gebruik van ICT binnen de Zorgsector ligt bij de overheid. Zij dient continu zorg te dragen voor de juiste randvoorwaarden inzake de invoering en instandhouding van de beveiliging, privacy, autorisatie, regelgeving en certificering. Partijen verzoeken VWS om dit standpunt met daadkracht op korte termijn in maatregelen van bestuur en/of wetgeving vast te leggen.

2. Infrastructuur. Partijen zijn het erover eens dat de voor de huisartsen benodigde infrastructuur een integraal onderdeel zal uitmaken van het toekomstige landelijke Zorg Informatie Netwerk hetgeen mede zal ontstaan op basis van de proef in Eemland. Dit Zorg Informatie Netwerk valt organisatorisch, juridisch en technisch onder de verantwoordelijkheid van alle koepels van zorgconsumenten, zorgaanbieders en zorgverzekeraars. Zij fungeren als opdrachtgever richting een ontwikkel- en beheersorganisatie. Deze organisatie bouwt voort op reeds opgedane ervaring met bestaande initiatieven en netwerken. Als de ICT-voorziening niet daadwerkelijk wordt gebruikt, en dit is in de nieuwe structuur te meten, worden de kosten niet vergoed door de zorgverzekeraars.
3. Toepassingen. Partijen zullen in de komende periode een organisatie oprichten, onder gemeenschappelijke verantwoordelijkheid van LHV en ZN, voor de aanbesteding en instandhouding van de automatiseringstoepassingen voor de beroepsgroep huisartsen. De bekostiging van ontwikkeling en invoering zal door VWS gesubsidieerd worden. De financiering van de instandhouding van deze toepassingen zijn afkomstig vanuit de premieopbrengsten. Vergoeding vindt alleen plaats indien deze toepassingen aantoonbaar noodzakelijk zijn en passen in het kader van de door de huisarts gewenste bedrijfsvoering en bijdragen aan de feitelijke door de zorgverzekeraars noodzakelijk geachte informatievoorziening zoals. Over de opzet en beschikbaarheid van deze informatievoorziening zullen nadere afspraken worden gemaakt. Genoemde organisatie, welke organisatorisch geen onderdeel uitmaakt van een bestaande koepel, dient op 1 september 2001 operationeel te zijn.

Partijen realiseren zich ten volle dat de invoering van genoemde ICT herstructurering, voor zowel de individuele als de groepspraktijken, de nodige voordelen dient op te brengen. Het gebruik van ICT als praktijk ondersteunend middel en als verbetering van de efficiency tussen alle aangesloten partijen is een belangrijk onderdeel. Alleen dan kunnen een goed werkende dienstenstructuur, het EVS gebruik en andere nodige functionaliteiten verwezenlijkt worden. Bij daadwerkelijk gebruik, dit is in de nieuwe structuur te meten, worden de kosten vergoed door de zorgverzekeraar. Bij regulier gebruik zal een en ander in de toekomst onderdeel kunnen gaan maken uitmaken van de reguliere financiering.

Partijen zijn het erover eens dat de nu bestaande ICT vergoeding dient te vervallen, zodra deze nieuwe ICT- en beloningsstructuur is ingevoerd. Partijen spannen zich in op uiterlijk 1 januari 2003 deze ICT structuur gereed te hebben zodat uitrol en conversie bij alle praktijken kan plaatsvinden.

Partijen realiseren dat dit een ambitieus en risicovol traject is. Zij zullen bevorderen dat gedurende het ontwikkel- en implementatietraject voor de nieuwe structuur de bestaande HIS-en op adequate wijze worden ondersteund. In de nieuwe structuur zullen er voldoende participatiemogelijkheden zijn voor de IT-industrie.

Electronisch Voorschrijf Systeem (EVS)

* Het EVS is een hulpmiddel voor de huisartsen om voor te schrijven volgens NHG-standaarden.

* Hiertoe is het nodig dat huisartsen gebruik maken van het EMD. EMD-gebruik is gewenst om systematisch gestructureerde dossiervorming op te bouwen en de huisartsenzorg adequaat voor te bereiden op verbeterde communicatie met de patiënt, andere zorgaanbieders en waar relevant met de zorgverzekeraar.
* Het EVS is er op gericht dat huisartsen geneesmiddelen vanuit dit gestructureerd opgebouwde dossier voorschrijven; Een dossier dat op de patiënt toegespitste medicatie mogelijk maakt op basis van direct in het systeem beschikbare indicatie en contra-indicatie. Het dossier biedt hiermee ook verbeterde mogelijkheid tot medicatiebewaking van door de huisartsen voorgeschreven geneesmiddelen.

* De inhoud van het EVS is gebaseerd op de NHG-standaarden. Op regionaal niveau kunnen aanvullende afspraken tussen de regionale partijen tot aanpassingen leiden.

* De gezamenlijke inzet van partijen is er op gericht om alle voor het medische dossier relevante handelingen in het HIS vast te leggen.

Algemeen

* Randvoorwaarde voor de uitvoering van dit hoofdlijnenaccoord is het nakomen van de door de minister gedane toezeggingen op het terrein van de financiële vertaling in de voorjaarsnota.
* Partijen stellen vast dat voor de uitvoering van dit hoofdlijnenaccoord medewerking van alle partijen, met name huisartsen en zorgverzekeraars zonder uitzondering vereist is.
* De LHV en ZN zullen hun respectievelijke achterbannen aansporen de medewerkersovereenkomsten van 2000 en 2001 (alsnog) te ondertekenen, waarmee de contractuele relatie wordt hersteld.

Voorwaarde voor de in dit hoofdlijnenaccoord gemaakte afspraken is dat er tussen huisarts en verzekeraar getekende overeenkomsten aan ten grondslag liggen.

* Partijen zullen deze oproep met hun respectievelijke leden communiceren.

Getekend, 13 februari 2001

Landelijke Huisartsenvereniging
T. Slagter(voorzitter)
Zorgerzekeraars Nederland
H. Wiegel (voorzitter)

© copyright LHV 2001 home . index . email/adres . Artsennet

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie