Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

VluchtelingenWerk: 'Begin asielwet met schone lei'

Datum nieuwsfeit: 21-03-2001
Vindplaats van dit bericht
Vindplaats 2
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Vluchtelingenwerk Nederland

VluchtelingenWerk: 'Begin uitvoering asielwet met schone lei'

21 maart 2001

Volgende week debatteert de Tweede Kamer over de stand van zaken in het asielbeleid. Op 1 april a.s. start de nieuwe Vreemdelingenwet die moet leiden tot een goede en snelle beslissing op asielverzoeken. Intussen heeft de Immigratiedienst (IND) een enorm aantal nog te behandelen asielverzoeken. Heel veel asielzoekers, zullen onaanvaardbaar lang in een opvangcentrum op een beslissing moeten wachten. VluchtelingenWerk stelt voor om nu aan deze asielzoekers een verblijfsvergunning te verlenen.

De overheid heeft hooggespannen verwachtingen van de nieuwe Vreemdelingenwet. De beslissingen op asielverzoeken worden straks in één keer goed en het IND-personeel krijgt straks de tijd om de 'voorraad' van 48.000 bezwaarzaken projectmatig weg te werken naast de invoering van de nieuwe wet, omdat deze geen bezwaarfase kent. Dat betekent voor veel asielzoekers die nu een asielaanvraag hebben lopen extreem lange wachttijden. Dat lijkt aan te sluiten bij het gegeven dat in de Tweede Kamer de laatste tijd bijna niemand meer spreekt over wat een aanvaardbare termijn is waarop een asielzoeker antwoord moet krijgen op zijn verzoek om bescherming in Nederland. Op 21 maart overlegt de Kamer over rapportages over de vorderingen van de verschillende schakels in de 'asielketen'. VluchtelingenWerk dringt aan op maatregelen om de wachttijden weer tot een aanvaardbaar niveau terug te brengen.

Grote achterstand
Asielzoekers wachtten in 2000 gemiddeld 8 maanden voor zij een eerste beslissing kregen. Een beslissing op bezwaar liet gemiddeld 10 maanden op zich wachten. En dan zijn de bezwaarzaken nog niet meegeteld die in de kast zijn gelegd om na 1 april a.s. te behandelen. Daarbovenop moet de IND op nog 27.000 verzoeken in eerste aanleg beslissen. In 1996 stelde staatssecretaris Schmitz haar politieke lot afhankelijk van het halen van een gemiddelde termijn van 7 maanden voor deze twee samen. Door de enorme overschrijding van de in het parlement vastgestelde termijnen blijft de gemiddelde verblijfsduur in de centra verder oplopen. Eind januari 2001 verbleven bijna 9000 mensen langer dan drie jaar in een opvangcentrum dat eigenlijk slechts bedoeld is voor kort verblijf. Er is nauwelijks privacy, asielzoekers mogen niet studeren en slechts zeer beperkt werken. Langdurige onzekerheid over de toekomst zorgt bij velen voor psychische problemen. Behalve in de opvangcentra verblijven ook nog bijna 4000 asielzoekers in ROA-woningen. Het gaat hier om een systeem van zelfstandige huisvesting van asielzoekers in gemeenten, dat vanaf 1995 is afgebouwd. Hier is de gemiddelde verblijfsduur is al ruim zeveneneenhalf jaar.

Het optimisme van de IND
De nieuwe Vreemdelingenwet moet voor een oplossing zorgen. De bezwaarfase is afgeschaft en de beslissing op het asielverzoek moet veel beter worden, doordat een voornemen om het verzoek af te wijzen eerst aan de asielzoeker en zijn rechtsbijstandverlener voor commentaar wordt voorgelegd, voordat een definitief besluit volgt. Dit heet de voornemenprocedure. Ook krijgt iedereen die na een asielverzoek een verblijfsvergunning krijgt, dezelfde rechten. Daardoor wordt er minder doorgeprocedeerd, wat de totale asielprocedure bekort. Hoewel vele kanttekeningen bij het systeem van de wet kunnen worden gemaakt (en ook zijn gemaakt door VluchtelingenWerk en anderen) biedt de nieuwe wet inderdaad een kans op een betere en snellere eerste beslissing.

Kinderziektes
Het is echter de vraag of dit lukt als tegelijkertijd op nog ongeveer 75.000 asielverzoeken onder het systeem van de oude wet moet worden beslist. De regering legt in lijn met de positieve benadering van de IND iedere onzekerheid uit in het voordeel van een snelle behandeling van asielverzoeken en een geslaagde invoering van de nieuwe Vreemdelingenwet. De IND is er nu niet in geslaagd om op deze tienduizenden zaken te beslissen. De stelling is dat dit straks wel lukt met hetzelfde personeel. Dat is echter zeer de vraag, want het is duidelijk dat de invoering van de nieuwe wet veel extra tijd zal kosten. IND-medewerkers zullen moeten wennen aan het nieuwe systeem. Ook zal blijken dat de nieuwe wet kinderziektes vertoont en dat zal worden geprocedeerd over een aantal onduidelijkheden in de wet. Vertragingen liggen voor de hand, en het is dan ook zeer optimistisch als de 'staatssecretaris in de rapportage asielketen' stelt dat op de achterstallige bezwaarzaken in de loop van 2001 en 2002 zal zijn beslist.

De rechtbanken
Is uiteindelijk op het bezwaar beslist, dan kunnen asielzoekers nog in beroep gaan bij de rechtbank. Maar ook daar wordt vertraging opgelopen. De rechtbanken gaan het namelijk veel drukker krijgen, omdat asielzoekers straks na een negatieve beslissing alleen nog naar de rechter kunnen; er is immers geen bezwaarmogelijkheid meer. De rechtbanken hebben al aangegeven dat zij niet eerder dan in 2004 hun achterstanden kunnen hebben ingehaald. Bovendien weet niemand precies hoe straks de praktijk zich ontwikkelt: hoeveel zaken zal de rechter straks zelf beslissen, hoeveel zaken zullen eerst nog naar de IND worden teruggestuurd? In dit laatste geval duurt de procedure weer langer.

Onaanvaardbaar
Ongeveer 20.000 van de 48.000 wachtenden in bezwaar dienden in of voor 1998 hun asielverzoek in. Zij wachten dus nu al ongeveer drie jaar. Het is aannemelijk dat velen van hen pas na 2002 een beslissing krijgen. Vervolgens moet voor een deel van deze mensen een eventueel beroep op de rechter worden afgewacht. Het geheel van de procedure kan voor deze groep oplopen tot meer dan vijf jaar. Dat is natuurlijk absoluut geen aanvaardbare termijn, zeker niet als van tevoren bekend is dat een groot gedeelte een vergunning zal krijgen. Hoewel de IND en delen van de Tweede Kamer graag naar voren brengen dat slechts weinigen recht hebben op een verblijfsvergunning, blijkt uit recent onderzoek het tegendeel. De conclusie van het onderzoek van de Universiteit van Nijmegen luidt dat 45% van de asielzoekers uit de jaren 1995, 1996 en 1997 een status kreeg. Dit is geen incident. Uit een rapport van het WODC uit 1995 blijkt dat het gemiddelde van de tien jaar daarvoor ook 45% was. Er is geen reden aan te nemen dat dit in de toekomst beduidend anders zal zijn. Dit betekent dat velen van de wachtenden in aanmerking zullen komen voor een verblijfsvergunning. Dit maakt het nog minder acceptabel dat zo lang moet worden gewacht.

Uitzonderlijke maatregel nodig
Al in 1998, toen aan een regeerakkoord voor Paars II werd gewerkt, adviseerde VluchtelingenWerk om eenmalige, uitzonderlijke maatregelen te nemen. Deze waren nodig om uiteindelijk nieuwe beleidsmaatregelen een kans van slagen te geven. Sinds 1998 zijn de achterstanden en wachttijden nog verder opgelopen. De uitvoering van de nieuwe vreemdelingenwet zal ernstig worden bemoeilijkt als niet deze erfenis uit het verleden is weggewerkt.
Regering en parlement kunnen dit niet langer op zijn beloop laten. Uit menselijk oogpunt is dit onaanvaardbaar. Daarnaast is het is bestuurlijk niet behoorlijk om mensen willens en wetens jarenlang in een procedure te parkeren. Een tot slot: de uitvoering van de nieuwe vreemdelingenwet moet een faire kans krijgen. Net als een asielzoeker een faire en efficiënte procedure.

Eduard Nazarski
Algemeen Directeur van VluchtelingenWerk

Dit artikel werd 21 maart 2001 in de Volkskrant gepubliceerd.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie