Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Toespraken van Vlaamse ministers over samenwerking

Datum nieuwsfeit: 26-03-2001
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

Toespraken van de Minister

Toespraak bij het Protocolakkoord tussen de Federale Minister van Justitie, Marc Verwilghen en de Vlaamse Minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke Kansen, Mieke Vogels houdende de krachtlijnen van de verdere samenwerking op het grensgebied welzijn-justitie.

26/03/2001

Als Minister van Justitie ben ik van oordeel dat de aanpak van criminaliteit en het strafrechtelijk en strafuitvoeringsbeleid veel meer aansluiting moet vinden bij een algemeen sociaal beleid, dat ook preventief werkt aan het milderen van disfuncties van maatschappelijke voorzieningen en van (inter)menselijke verhoudingen en gedragingen.

Vandaar dat ik resoluut kies voor een herstelgerichte invulling van de strafrechtsbedeling en de strafuitvoering. Dit betekent dat justitie ruimte wil scheppen voor buitengerechtelijke conflictoplossingen vanuit de samenleving, evenals voor de op het justitiële optreden aansluitende hulp- en dienstverlening.

Sinds de staatshervorming nemen ook de Gemeenschappen en Gewesten initiatieven in het kader van hun bevoegdheden maar verwant aan justitiële materies, bijvoorbeeld: instellingen voor bijzondere jeugdzorg, comités voor bijzondere jeugdzorg, sociale diensten jeugdrechtbanken, bemiddelingscommissies, centra voor justitieel welzijnswerk, centra voor slachtofferhulp, echtscheidingsbemiddeling,schuldbemiddeling, vluchthuizen, centra voor kindermishandeling, gespecialiseerdeforensische equipes op diensten voor geestelijke gezondheidszorg enz...

Binnen het justitiële werkveld ontmoeten professionelen elkaar, in de uitoefening van complementaire taken ten aanzien van hetzelfde doelpubliek en ter oplossing van dezelfde justitiële probleemgebieden. De nood aan kwaliteitsverbetering en vernieuwing op het justitiële veld is groot en veronderstelt de betrokkenheid en samenwerking van alle partners bij de uitbouw van het algemeen kader en het ontwikkelen van een coherente en complementaire aanpak van de relevante probleemgebieden.

De bestaande onderlinge samenwerking wordt echter bemoeilijkt door de niet-georganiseerde historische ontwikkeling die leidde tot een versnippering in de reglementering, een gebrekkige zichtbaarheid, een soms zeer vage bevoegdheidsafbakening, een verspreide huisvesting, weinig interne en externe samenhang, beperkte logistieke en leidinggevende ondersteuning, verschillende personeelsstatuten en benamingen en een te beperkt personeelsbestand voor een groeiend aantal opdrachten.

Er is dus nood aan een integraal beleid ten opzichte van alles wat zich afspeelt in hetgrensbeleid tussen een justitieel en veiligheidsbeleid enerzijds en een integraal enkwaliteitsvol welzijns
-en gezondheidsbeleid anderzijds, en dit ten aanzien van zoweldaders als slachtoffers, volwassenen als minderjarigen.

Vandaar dat ik samen met de Vlaamse Minister voor Welzijn, Gezondheid en Gelijke Kansen de bakens wil uitzetten voor verder overleg en samenwerking onder de vorm van dit protocolakkoord.

Zonder afbreuk te doen aan ieders beleidsvisie, bevoegdheden en opdrachten worden dus de krachtlijnen van een toekomstige samenwerking vastgelegd.

Inzake de slachtofferzorg zal het bestaande samenwerkingsakkoord tussen de federale staat (ministerie van Binnenlandse Zaken en Ministerie van Justitie) en de Vlaamse Gemeenschap verder worden uitgewerkt en geïmplementeerd. Dit samenwerkingsakkoord dat ondertekend werd in 1998 wordt momenteel geëvalueerd. De hedendaagse praktijk wijst uit dat slachtoffers nog te veel zelf hun weg moeten zoeken in het labyrint van de slachtofferzorg. Ook voor de veldwerkers is het niet altijd even duidelijk hoe ze dit samenwerkingsakkoord moeten toepassen in de praktijk. Via dit protocolakkoord gaan wij het engagement aan om duidelijke richtlijnen op te stellen die er moeten voor zorgen dat slachtoffers niet langer zelf de juiste weg moeten zoeken en dat de professionelen de naadloze overgang tussen slachtofferbejegening (politiediensten), slachtofferonthaal (justitie) en slachtofferhulp (gemeenschappen) kunnen bewerkstelligen.

De verdere uitbouw en ontwikkeling van de justitiehuizen zal in aansluiting met het Federaal Regeerakkoord rekening moeten houden met een integraal veiligheidsbeleid. Daarom zal er ruim overleg en samenwerking (al dan niet onder de vorm van samenwerkingsakkoorden) met alle betrokken actoren moeten worden ontwikkeld.

Via dit protocolakkoord wordt duidelijk gesteld dat het justitiehuis de plaats moet zijn waar, op basis van een gelijkwaardig partnerschap, de preventie, het strafrechtelijk beleid en de welzijns- en gezondheidszorg samenwerken aan een globaal op de regio toegespitst veiligheidsbeleid.

Ook de begeleiding en behandeling van daders van seksueel misbruik zal beter worden ondersteund. De bestaande programma's worden uitgebreid en toegankelijker gemaakt voor daders die in aanmerking komen voor voorwaardelijke invrijheidstelling.

De hulp -en dienstverlening aan gedetineerden zal verder worden uitgebreid. Zowel de intramurale als de extramurale pre -en postpenitentiare zorg wordt verbeterd. Gedetineerde zullen veel sneller en efficiënter worden voorbereid op hun reïntegratie in de samenleving. Op die manier zal de detentieschade tot een minimum worden beperkt en kan op een actieve manier worden gewerkt aan de individuele problematiek van de gedetineerde. Deze doelstellingen zullen op termijn worden geconcretiseerd in een aantal nieuwe samenwerkingsakkoorden.

Op het vlak van de geïnterneerden wordt gepleit voor de ontwikkeling van zorgcircuits voor de opvang van low tot medium risk geïnterneerden. Samen met de federale minister van Sociale Zaken zal worden gezocht naar een globale oplossing om deze twee categorieën psychiatrische delinquenten buiten de gevangenismuren te houden.

In de zoektocht naar buiten- en andersgerechtelijke afhandelingsmethoden zal een evenwicht worden gezocht tussen de noden en behoeften van de dader, de belangen van het slachtoffer en deze van de samenleving. Beide ministers zullen hun verantwoordelijkheid opnemen inzake bevoegdheid en de financiering van de uitvoering en omkadering van alternatieve maatregelen en sancties.

In sommige gevallen zal deze bevoegdheidsafbakening leiden tot een vorm van cofinanciering.

Beide ministers gaan er principieel van uit dat de afhandeling van de jeugddelinquentie zoveel mogelijk buiten het gerechtelijk kader moet gebeuren. Daarbij wordt principieel vertrokken van de "sui generis" afhandeling van deze delinquentie. Hierbij zal het herstelgericht denken ruime aandacht krijgen. Een verdere bevoegdheids- en taakafbakening zal d.m.v. overleg verder worden uitgeklaard.

Belangrijk hierbij is het geplande overleg over de opportuniteit en organisatie van de gesloten opvang van delinquente minderjarigen. Op basis van een gemeenschappelijk initiatief zal gestreefd worden naar een structureel overlegplatform inzake de specifieke antwoorden op delinquentie door minderjarigen gepleegd.

Mark Verwilghen

Minister van Justitie

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie