Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Gemeente Enkhuizen raadsnotulen

Datum nieuwsfeit: 03-04-2001
Vindplaats van dit bericht
Bron: Gemeente Enkhuizen
Zoek soortgelijke berichten
Gemeente Enkhuizen

RAADSNOTULEN

Enkhuizen, 3 april 2001.

Zakelijk verslag van het verhandelde in de openbare vergadering van de raad der gemeente Enkhuizen, gehouden op dinsdag 3 april 2001 te 20.00 uur, in het stadhuis,Breedstraat 53, 1601 KA Enkhuizen.

Voorzitter: de heer drs. S.P.M. de Vreeze, burgemeester.

Secretaris: de heer J.J.J. van Huffelen, gemeentesecretaris.

Aanwezig 15 leden, namelijk: de dames

E.F. Dangermond-Hilderink (vvd) en

mevrouw Th. Dekker (pvda, wethouder) alsmede

de heren

H.F.P. Bode (pvda),

C.H. Boland (d66),

N.P. Dol (vl/gl, wethouder),

H. van Doornik (cda, wethouder),

Th. de Geus (rpf/sgp),

W. Hæntjens (vvd),

J. Hart (eb),

F.C. Jans (eb),

J. Lok (vl/gl),

W. Rieuwerts (vl/gl),

drs. J.S. Tesselaar (eb),

K.P. van der Veen (pvda) en

D. Wiersma (cda).

Met kennisgeving afwezig

2 leden, te weten: de heren

J.W. Hekkert (vvd) en

D. van Pijkeren (rpf/sgp).

Agenda

Voorstelnr


1


Opening.


2


Bepaling volgorde bij hoofdelijke stemmingen.


3

Verslag van de vergadering gehouden op 6 maart 2001.


4

Ingekomen stukken en mededelingen.

056


5

Wijziging ruimtelijk bestuursrecht.

033


6

Eerste wijziging Inspraakverordening Enkhuizen 1994.

034


7

Fusie drie ggd'en Noord-Holland Noord.

040


8

Notitie 400 jaar voc.

041


9

Inrichting openbaar gebied Patrimoniumstraat.

042


10

Doelstellingennotitie centrumgebied Enkhuizen.

043


11

Verkoop Kade 25.

046


12

Kredietaanvraag bezwarenafhandeling tweede tijdvak Waardering Onroerende Zaken

052


13

Aankoop gedeelte van het wijkgebouw `De Witte Duif'.

057

13a.

Motie gemeente Alkemade (mond- en klauwzeer).


14.

Bezwaarschrift H.R. Bontekoe (besloten zitting).

026*

14a.

Verslag van de vergadering van 6 maart 2001 (besloten zitting).


*

14b.

Definitieve eindrapportage Cap Gemini Ernst & Young inzake de bestuurlijke herindeling van West-Friesland (besloten zitting).


*


15

Rondvraag.


16

Sluiting.


*) Zie het verslag van de op dinsdag 3 april 2001 gehouden besloten raadszitting.


1. Opening.


De voorzitter
opent de vergadering en meldt vervolgens berichten van verhindering te hebben ontvangen van de heren Hekkert en Van Pijkeren.

De heer Jans
(eb) doet de suggestie punt 14 ná de rondvraag te behandelen.

De voorzitter
neemt dat voorstel graag over.

Het college stelt voor nog twee punten aan de raadsagenda toe te voegen, te weten:

14a. Verslag van de vergadering van 6 maart 2001 (besloten zitting).

14b. Definitieve eindrapportage Cap Gemini Ernst & Young inzake

de bestuurlijke herindeling van West-Friesland (besloten zitting).

Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad vervolgens dienovereenkomstig.


2. Bepaling volgorde bij hoofdelijke stemmingen.

De voorzitter
trekt penning nummer 7 uit het mandje, waarna de secretaris meedeelt dat volgens de presentielijst eventuele hoofdelijke stemmingen zullen aanvangen bij de heer Jans.


3. Verslag van de vergadering gehouden op 6 maart 2001.
De heer Hart
(eb) citeert de volgende zinsnede die in de op bladzijde 4 weergegeven opmerking van de heer Van der Veen voorkomt.

`De raad heeft tot een proefafsluiting besloten . . .'

Deze uitspraak is onjuist.

De heer Van der Veen
(pvda): Ik heb dat wèl gezegd. De proefafsluiting was een onderdeel van het met ondernemers gesloten convenant.

De voorzitter
onderschrijft dat in het kader van het convenant is besloten tot een proefafsluiting over te gaan. Het is echter de vraag wanneer de raad dat besluit wenst te concretiseren. Deze vraag kan het beste bij de Doelstellingennotitie centrumgebied Enkhuizen worden betrokken.

De heer Hart
(eb) voelt niet veel voor die gedachte. Van belang is te weten . . .

De voorzitter
onderbreekt de heer Hart met de opmerking dat nu slechts de vraag aan de orde is of in de notulen correct is weergegeven wat de heer Van der Veen heeft gezegd, Welnu, dat is het geval. Iets anders is dat naar aanleiding van de notulen bij de behandeling van de Doelstellingennotitie op dit punt kan worden teruggekomen.

Zonder hoofdelijke stemming wordt vervolgens het verslag van de op dinsdag 6 maart 2001 gehouden raadsvergadering conform het ontwerp vastgesteld.


4. Ingekomen stukken en mededelingen.

(Voorstel nummer 029, 2001.)

De heer Tesselaar
(eb) mist op de lijst van ingekomen stukken de brief, de dato 26 februari, van de heer Edelenbosch.

De voorzitter
verklaart dat volgens het college sprake is van een briefwisseling tussen de heren Edelenbosch en Van Pijkeren waarmee de raad nauwelijks iets heeft te maken.

De heer Tesselaar
(eb) attendeert erop dat het schrijven is gericht aan de burgemeester, de wethouders en de raadsleden. Bovendien gaat het kennelijk om uitspraken die in een openbare vergadering zijn gedaan, maar welke is volstrekt onduidelijk. Er is dus alle aanleiding het stuk te agenderen.

De heer Lok
(vl/gl) meent dat de briefschrijver aan de raad heeft overgelaten of deze het stuk al dan niet wenst te behandelen.

De secretaris
heeft langs elektronische weg met de heer Edelenbosch gecommuniceerd. Duidelijk is geworden dat een bespreking in de raadscommissie aboz niet nodig is. Op de vraag of de heer Edelenbosch een raadsbehandeling op prijs stelde, antwoordde deze dat het voldoende zou zijn als diens brief ter kennis werd gebracht van de individuele raads- en commissieleden. Inmiddels stuurde ook de heer Van Pijkeren een brief aan de heer Edelenbosch, zodat het college meende te mogen concluderen dat de discussie was gesloten. De heer Edelenbosch heeft echter alle vrijheid alsnog te vragen diens schrijven voor welk gremium dan ook te agenderen.

De heer Lok
(vl/gl) wil volstaan met de gehele briefwisseling voor kennisgeving aan te nemen.

De voorzitter
merkt op dat die gedachte overeenkomt met datgene wat het college impliciet voorstelt. Hij constateert vervolgens dat slechts vijf raadsleden de brief in de commissie willen behandelen.

De heer Tesselaar
(eb) persisteert bij zijn mening dat de brief naar de commissie moet worden verwezen. Het feit dat de heer Van Pijkeren inmiddels een reactie aan de heer Edelenbosch heeft gestuurd, doet daaraan niets af, want het briefje van de heer Van Pijkeren bevat slechts een paar algemeenheden. Ook daaruit kan niet worden opgemaakt waar de zaak precies om draait.

De heer Boland
(d66) gevoelt weliswaar niet de behoefte inhoudelijk over deze aangelegenheid te spreken, maar het is nu eenmaal een goed gebruik een stuk in de commissie te behandelen wanneer dat wordt gevraagd.

De voorzitter
: Dat is inderdaad gebruikelijk. De brief zal op de agenda worden gezet.

Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad vervolgens dienovereenkomstig.


1. Afschrift van de brief, de dato 5 maart 2001, van de heer J. Buis met betrekking tot de afhandeling van zijn klacht.

Burgemeester en wethouders stellen voor dit ingekomen stuk voor kennisgeving aan te nemen.

De heer Wiersma
(cda) kan zich niet aan de indruk onttrekken dat sprake is van een onduidelijke afhandeling, dit geldt trouwens ook voor de brieven die onder de nummers 2 en 9 zijn vermeld. Mensen moeten een helder antwoord krijgen en gemaakte afspraken dienen te worden bevestigd. Deze goede gewoonte behoort verder te worden gecultiveerd.

De voorzitter
beaamt dat. Overigens is enige tijd geleden in de commissie aboz toegezegd dat over de bestuurlijke afhandeling van brieven op commissie-/raadsniveau zal worden gecommuniceerd.

Over de specifieke klacht van de heer Buis kan worden gemeld dat inmiddels de eerste stap is gezet in de procedure voor bezwaar- en beroep.

De heer De Geus
(rpf/sgp) zag dat in deze zaak enkele brieven elkaar hadden gekruist. Zijn fractie kan zich voorstellen dat het college toezegt één en ander te zullen betrekken bij de planontwikkeling voor de Fruittuinen, zoals ook met voorgaande brieven is gebeurd.

De voorzitter
legt uit dat de klacht in procedure is en voor het overige wordt de brief van de heer Buis betrokken bij de vorming van het dossier over de Fruittuinen.

De heer Hæntjens
(vvd) acht het wat overdreven dat in de raad wordt gesproken over de vraag hoe post moet worden afgehandeld, daarvoor bestaan immers procedures.

In de brief van de heer Buis wordt niet uitgesloten dat diens schrijven van vrijdag 13 oktober 2000 verloren is gegaan. Dat leidt tot de vraag of de gemeente over een postregistratiesysteem beschikt.

De voorzitter
benadrukt dat de genoemde brief níét verloren is gegaan. De gemeente heeft een postregistratiesysteem, maar af en toe gaat er toch iets fout. In het kader van de neo zal nog eens goed worden bekeken hoe dit soort foutjes zo veel mogelijk kan worden voorkomen.

Zonder hoofdelijke stemming wordt, met inachtneming van de gemaakte opmerkingen, vervolgens conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten.


2. Brief, de dato 6 maart 2001, van L. Versloot en M. Versloot-Engel te Enkhuizen met betrekking tot de gevolgen van het afsluiten van de Melkmarkt.

De voorzitter
zegt toe dat nog even zal worden gecontroleerd of de betrokkenen een behoorlijk antwoord hebben gekregen en dus weten waar en wanneer hun schrijven zal worden behandeld.

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt vervolgens, met inachtneming van de gedane toezegging, overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders besloten dit ingekomen stuk voor kennisgeving aan te nemen en te betrekken bij de genoemde proefafsluiting.


3. Brief, de dato 13 maart 2001, van de Stichting Het Noord-Hollands Landschap te Castricum met betrekking tot een verzoek om subsidie voor het jaar 2002.

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt, overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders, besloten dit ingekomen stuk te betrekken bij de opstelling van het subsidieprogramma 2002.


4. Brief, de dato 17 maart 2001, van de heer J. Knukkel namens de Samenwerkende Ouderenbonden Enkhuizen met betrekking tot het onderhoud van het pad langs de Groene Wierdijk.

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt, gelet op het inmiddels aangevangen onderhoud, overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders besloten dit ingekomen stuk voor kennisgeving aan te nemen.


5. Brief, de dato 20 maart 2001, van gedeputeerde staten van Noord-Holland te Haarlem met betrekking tot de definitieve verslagen van de diverse arhi-overleggen op 26 oktober 2000.

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt, overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders, besloten dit ingekomen stuk voor kennisgeving aan te nemen en te betrekken bij de standpuntbepaling inzake de bestuurlijke herindeling in het vesd-gebied.


6. Brief, de dato 20 maart 2001, van de anwb te Den Haag met betrekking tot tijdige maatregelen in het kader van voorrang bestuurders van rechts.

Burgemeester en wethouders stellen voor dit ingekomen stuk te betrekken bij de behandeling van het onderwerp `Bestuurders voorrang van rechts' die op 23 april aanstaande in de raadscommissie voor welzijn, economische zaken en verkeer zal plaatsvinden.

De heer Van der Veen
(pvda) memoreert dat hij op 19 maart in de raadscommissie wev een vraag heeft gesteld over de invoeringsdatum 1 mei. De wethouder repliceerde dat één en ander de aandacht van de verkeersdeskundigen had. Gelet op de korte, nog resterende tijdspannen wil de fractie weten of op 23 april aanstaande in de raadscommissie wev een concreet plan wordt voorgelegd, zodat het nog tijdig kan worden geëffectueerd.

Mevrouw Dangermond-Hilderink
(vvd) pleit ervoor in de krant duidelijk uit te leggen wat de nieuwe voorrangsregeling precies inhoudt.

Wethouder Van Doornik
(cda) wijst erop dat de minister van v&w vandaag de campagne `Voorrang van rechts' heeft gestart. Ook de gemeente Enkhuizen zal aan dit onderwerp de nodige aandacht geven en uitleggen welke wijzigingen op 1 mei aanstaande van kracht zullen worden. Het uitgezette tijdpad is zodanig dat tussen het overleg in de commissievergadering en 1 mei alle nodige maatregelen kunnen worden getroffen.

De heer Van der Veen
(pvda) verwondert zich over dit antwoord. Op 19 maart werd weinig meer gezegd dan dat dit onderwerp de aandacht had. Die mededeling wekte de indruk dat in Enkhuizen nog niets was gebeurd, maar blijkbaar werd toen toch al aan deze zaak gewerkt. Daarover had informatie kunnen worden gegeven.

De heer Lok
(vl/gl) moet de verantwoordelijke portefeuillehouder nageven dat deze materie diens aandacht heeft gehad, want het nodige voorwerk is klaarblijkelijk gedaan! Het ware wel verstandig geweest de commissie daarvan op de hoogte te stellen.

De heer Boland
(d66) huldigt de opvatting dat alle noodzakelijke maatregelen op 1 mei moeten zijn genomen. Lukt dat?


- Zo ja, dan behoeft het onderhavige schrijven niet in de commissie te worden behandeld. In dat geval is de zorg van de anwb immers onterecht.

- Zo nee, dan is een discussie op 23 maart te laat en dient dus eerder over deze aangelegenheid te worden gesproken.

Wethouder Van Doornik
(cda) laat weten dat naar aanleiding van de vergadering van de raadscommissie wev binnen het ambtelijk apparaat, met name de afdeling weg- en waterbouw, overleg is gevoerd. Na het maken van de inventarisatie is men tot de slotsom gekomen dat alle te nemen maatregelen precies in de planning passen. De raadscommissie wev zal daarover op 23 april precies worden geïnformeerd.

Zonder hoofdelijke stemming wordt vervolgens conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten.


7. Brief, de dato 12 maart 2001, van het loaz/Milieudefensie te Amsterdam met betrekking tot deelname aan de Autovrije Dag op 22 september 2001.

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt, overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders, besloten dit ingekomen stuk te behandelen in de raadscommissie voor welzijn, economische zaken en verkeer.


8. Brief, de dato 2 maart 2001, van de Stichting Kunstijsbaan West-Friesland en omstreken te Benningbroek met betrekking tot een financiële deelname in de ijsbaan.

Burgemeester en wethouders delen schriftelijk mee dat zij op 5 december 2000 hebben besloten de subsidieaanvraag van de stichting af te wijzen. Dit hernieuwde verzoek is op 20 maart jongstleden in hun vergadering aan de orde geweest. Zij hebben toen het voornemen uitgesproken dit verzoek mede op financiële gronden definitief te zullen afwijzen.

Zij stellen voor dit ingekomen stuk te behandelen in de raadscommissie voor havens, openbare werken en sociale voorzieningen.

De heer Wiersma
(cda) steunt het voornemen van burgemeester en wethouders. Op dit moment gaat het veel te ver bij te dragen in de f 1,6 miljoen. Bovendien zou dan geen recht worden gedaan aan het noodzakelijke evenwicht tussen belangstelling en gemeentelijke bijdrage.

De stichting geeft obligaties uit, ook aan individuele personen. De cda-fractie beveelt iedereen van harte aan van die mogelijkheid gebruik te maken. Een kunstijsbaan op relatief korte afstand van Enkhuizen is immers heel aantrekkelijk.

De heer De Geus
(rpf/sgp) betuigt adhesie aan de laatste opmerking van de heer Wiersma, maar kan zich niet vinden in de eerste. De rpf/sgp-fractie heeft eerder laten weten dat zij bereid is een soort waarderingssubsidie of iets dergelijks beschikbaar te stellen. Naar aanleiding daarvan is de fractie uitgenodigd tijdens de komende begrotingsbehandeling aan te geven waar dat geld vandaan moet komen. Dat zal zeker gebeuren, want een kunstijsbaan is voor West-Friesland belangrijk; op de kunstijsbanen in Alkmaar en Amsterdam is het veel te druk.

Ook vanuit een ander gezichtpunt zou het helemaal niet vreemd zijn als Enkhuizen een financiële bijdrage aan de beoogde kunstijsbaan in Hoorn gaf. Deze gemeente ondersteunt ook de schouwburg `Het Park', een feit waarmee de fractie van de rpf/sgp niet altijd even gelukkig is. Welnu, analoog daaraan kan best iets voor een kunstijsbaan - ook een regionale voorziening - worden gedaan.

Desgevraagd zegt spreker dat dit punt in de eerstvolgende commissievergadering kan worden behandeld, alhoewel het zeer waarschijnlijk niet gemakkelijk zal zijn tijdens het lopende begrotingsjaar een bedrag vrij te maken.

Wethouder Dol
(vl/gl) roept in herinnering dat eind november de raadscommissie hos het belang van een kunstijsbaan in West-Friesland niet onder stoelen of banken heeft gestoken. Helaas moest op grond van financiële overwegingen toch negatief worden geadviseerd. Namens de rpf/sgp-fractie stelde de heer Van Pijkeren toen voor een waarderingssubsidie te verstrekken. Spreker verzocht de heer Van Pijkeren in het kader van de komende begroting met een concreet voorstel te komen. Het is echter verstandig met dat voorstel niet tot de begrotingsvergadering zelf te wachten om te voorkomen dat de stichting te lang in onzekerheid verkeert. Hij heeft dan ook geen moeite met de gedachte dit onderwerp in de eerstvolgende vergadering van de commissie hos te bespreken. Aangezien het echter om een subsidie gaat, zou ook de raadscommissie rof haar licht over deze materie moeten laten schijnen.

De heer Lok
(vl/gl) geeft in overweging de beschikbare informatie over de volgende twee punten in de gedachtewisselingen te betrekken.


a. Het ijsbaancomité heeft een gesprek met een gedeputeerde over een mogelijke financiële ondersteuning door de provincie Noord-Holland gehad.

b. Een eventuele garantiestelling van de gemeente Hoorn voor eventuele nadelige exploitatiesaldi.

De voorzitter
: Akkoord.

Zonder hoofdelijke stemming wordt vervolgens, met inachtneming van de gemaakte opmerkingen, conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten.


9. Brief, de dato 27 februari 2001, van mevrouw N. Reder te Enkhuizen met betrekking tot de behandeling van hun opmerkingen omtrent de situatie bij de havendienst.

Burgemeester en wethouders stellen voor dit ingekomen stuk te behandelen in de raadscommissie voor havens, openbare werken en sociale voorzieningen.

De heer Hæntjens
(vvd) adviseert de raad het collegevoorstel níét te volgen. In de briefwisseling met burgemeester en wethouders gaat het voornamelijk om het beleid op het gebied van p&o, vandaar dat dit schrijven eerder in de commissie aboz dan de commissie hos dient te worden behandeld. Voorkomen moet worden dat een welles-nietesdiscussie ontstaat over de vraag of oud-wethouder Knukkel al dan niet bepaalde contacten heeft gehad. Het gaat om het beleid en hierbij kan vooral worden gedacht aan het antwoord dat de gemeente heeft gegeven. Daarin staat informatie waarbij vraagtekens kunnen worden geplaatst. Zo valt te lezen:

`. . . een rapportage van het bureau mede wel is verstrekt aan de raadsleden.'

Wanneer is dat gebeurd? Verder heeft de gemeente onder andere geschreven:

`. . . dat u als gebruiker van de haven uw stem laat horen. Maar dat u daarbij op basis van onvolledige en eenzijdige informatie zich mengt in personele aangelegenheden en de pers daarbij inschakelt, is noch in het belang van u als gebruiker en zeker niet in het belang van de betrokken personeelsleden.'

Dit gaat te ver. De raad maakt wel uit of informatie al dan niet eenzijdig en/of onvolledig is geweest. Ook het feit dat mensen naar de pers stappen, is hun goed recht. Bovendien maakt de pers zelf wel uit wat voor publicatie in aanmerking komt. Kort en goed: brief nummer 9 behoort voor de raadscommissie aboz te worden geagendeerd.

De voorzitter
repliceert dat hij zich niet tegen een discussie over het beleid zal verzetten, integendeel, maar zodra die de personele aangelegenheid raakt die momenteel onder de rechter is, zal spreker niet meer aan de gedachtewisseling deelnemen. Overigens zijn daarover heldere afspraken gemaakt.

De heer Hart
(eb) voert aan dat de heer Hæntjens feitelijk niet meer heeft gezegd dan dat deze kwestie door burgemeester en wethouders naar de verkeerde commissie wordt verwezen. Verder is het zo dat, wanneer een persoon of iemands privacy in het geding is, commissies en raad altijd de mogelijkheid hebben achter gesloten deuren te vergaderen.

De voorzitter
: Als ook maar één raadslid verzoekt de brief van mevrouw Reder in de commissie aboz te behandelen, zal dat zonder meer gebeuren. Mocht echter in die bespreking de bedoelde personele kwestie worden aangeraakt, dan heeft spreker niets meer aan de discussie toe te voegen.

De heer Wiersma
(cda): Eén raadslid heeft gevraagd dit ingekomen stuk in de raadscommissie aboz aan de orde te stellen. Voor dit moment is dat voldoende.

Zonder hoofdelijke stemming wordt vervolgens besloten ingekomen stuk nummer 9 voor de raadscommissie aboz te agenderen.


10. Brief, de dato 20 maart 2001, van de Raad voor het Openbaar Bestuur en de Raad voor de Financiële Verhoudingen met het advies getiteld `De cultuur van dualisering'.

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt, overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders, besloten dit ingekomen stuk te behandelen in de raadscommissie voor algemeen bestuurlijke en organisatorische zaken.


11. Brief, de dato 7 maart 2001, van gedeputeerde staten van Noord-Holland te Haarlem met betrekking tot de financiële positie en het financiële proces in de gemeente Enkhuizen.

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt, overeenkomstig het voorstel van burgemeester en wethouders, besloten dit ingekomen stuk te behandelen in de raadscommissie voor ruimtelijke ordening en financiën.

Mededelingen.

·
De secretaris meldt dat hedenmiddag een motie plus een begeleidend schrijven van de gemeente Alkemade zijn ontvangen. Gelet op het actuele karaker daarvan is het wellicht gewenst deze stukken vanavond te behandelen in plaats van de gebruikelijke procedure te volgen. De brief luidt als volgt.

`Geachte dames en heren,
Hierbij doen wij u toekomen een door de gemeenteraad van Alkemade op 28 maart 2001 unaniem aanvaarde motie, waarbij de minister van lnv wordt opgeroepen alles in het werk te stellen om het voorbehoedend enten tegen Mond- en Klauwzeer mogelijk te maken. Wij verzoeken u uw steun aan deze motie te betuigen en ook de minister van lnv en de vaste kamercommissie voor lnv van uw adhesiebetuiging te berichten.
Hoogachtend,
Burgemeester en wethouders van Alkemade,'

De voorzitter
ziet dat de fracties van de vvd en het cda zich positief tegenover het verzoek opstellen.

De heer De Geus
(rpf/sgp) kent de inhoud van de motie niet en kan daarom op dit moment geen gefundeerd oordeel over het verzoek van Alkemade geven. Overigens is voorbehoedend enten in gebieden waar mkz heerst een prima zaak, maar niet in de andere delen van het land, want dat heeft gigantische gevolgen voor de export.

De heer Hart
(eb) brengt naar voren dat hij persoonlijk met de geschetste problematiek heeft te maken. Hem is inmiddels duidelijk geworden dat vaccineren een heel aardige oplossing lijkt, maar in wezen zinloos is indien over de landsgrenzen niets gebeurt. Met andere woorden: het probleem moet op Europees niveau worden aangepakt.

De heer Boland
(d66) meet zich niet aan op dit vlak deskundig te zijn. Gevoed door allerlei emoties die krantenberichten en televisiebeelden oproepen, maar met onvoldoende kennis van alle feiten en achtergronden is het moeilijk een uitspraak over de motie van de gemeente Alkemade te doen.

De voorzitter
constateert vervolgens dat een ruime meerderheid de motie nog vanavond wenst te bespreken. Dat stuk en de begeleidende brief van de gemeente Alkemade zullen worden gekopieerd en als punt 13a aan de agenda worden toegevoegd.

Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad vervolgens dienovereenkomstig.

·
Mevrouw Dangermond-Hilderink (vvd) rapporteert dat nog niet alle raadsleden kenbaar hebben gemaakt of aan het op 18 april geplande raadsuitje zal worden deelgenomen. Hopelijk laten degenen die nog niet hebben gereageerd dat vanavond alsnog weten. ·
Van deze gelegenheid maakt spreekster gebruik om te vragen waarom raadsvoorstel nummer 039 niet op de raadsagenda is geplaatst. Wethouder Dol
(vl/gl) antwoordt dat het voorstel `Beleidsplan abw 2001' al tijdens de commissiebehandeling van de agenda is afgevoerd, omdat het stuk nog de inspraakprocedure moet volgen, waarbij aan met name het sbe moet worden gedacht.
·
De heer Lok (vl/gl) lijkt het gewenst te voorkomen dat de laatste brief van de schippers - dat schrijven is te laat binnengekomen om op de lijst van ingekomen stukken te worden vermeld - tot de volgende raadsvergadering moet blijven liggen. De brief handelt over rampbestrijding in relatie met de Gependam en het navisduct. Kan nu worden besloten dat stuk naar de daarvoor in aanmerking komende commissie te verwijzen?

De voorzitter
verkeert in de veronderstelling dat niemand bezwaar tegen dat verzoek heeft, maar desondanks is het goed de verantwoordelijke portefeuillehouder de gelegenheid te geven de actuele situatie te schetsen.

Wethouder Dol
(vl/gl) deelt mee dat morgen te 15.00 uur de havenadviesgroep zal worden geïnstalleerd. Eén van haar belangrijkste taken wordt het uitbrengen van adviezen over veiligheidsaspecten. In januari jongstleden is dit onderwerp al ter sprake geweest in een vergadering met de gebruikers van de Oosterhaven; tijdens die bijeenkomst is wel gebleken dat zij daarover veel kennis hebben. Deze materie zal over ongeveer een maand op de agenda van de havenadviesgroep staan.

Los daarvan worden op zowel gemeentelijk als regionaal niveau regelmatig gesprekken gevoerd over de veiligheid, óók in de havens. Bij de regionale brandweer wordt momenteel zelfs met voorrang aan de veiligheid in havens gewerkt. Daarbij zijn ook de medewerk(st)ers van de gemeente Enkhuizen betrokken, zodat alle suggesties en ideeën die op regionaal niveau naar voren komen op bruikbaarheid in de Enkhuizer havens kunnen worden beoordeeld. Eén en ander zal zeer spoedig op de agenda's prijken.

De voorzitter
voegt aan de mededelingen van de wethouder toe dat hij alle gesprekken over veiligheid samen met de heer Dol voert. Met alle daarvoor in aanmerking komende instanties is afgesproken dat vóór de start van het nieuwe seizoen, in ieder geval vóór de ingebruikname van de Gependam, nog eens goed op een rij zal worden gezet welke scenario's van toepassing zijn wanneer zich calamiteiten, incidenten et cetera voordoen. Hierbij dient ook aan het Krabbersgat te worden gedacht. Kort en goed; er zal nauwkeurig worden nagegaan of er al dan niet reden tot zorg is.

Spreker stelt voor, conform het verzoek van de heer Lok, de aangeduide brief van de schippers te agenderen voor zowel de commissie hos als de commissie aboz.

De heer Wiersma
(cda) verwijst naar de in de commissie besproken veiligheidsplannen voor de havens. Eén onderdeel daarvan betreft het aantal rijen schepen dat naast elkaar wordt afgemeerd. Zal ook dat in de meivergadering van de commissie nader worden geadstrueerd?

Wethouder Dol
(vl/gl) belooft dat ook dit facet zal worden meegenomen, maar er zijn veel maatregelen die van belang zijn.

De voorzitter
herhaalt dat wethouder Dol en hij vóór 1 mei een rapportage zullen krijgen die een inzicht geeft in de vigerende rampenplannen voor de havens. Die rapportage zal met het oog op het komende seizoen in de commissie van de heer Dol aan de orde komen. Voor de wat langere termijn wordt even gewacht op het advies van de regionale werkgroep.


5. Wijziging ruimtelijk bestuursrecht.

(Voorstel nummer 033, 2001.)

De heer Jans
(eb) betoogt dat de fractie van Enkhuizer Belang niet kan leven met het voorstel verzoeken om vrijstelling ex artikel 19, lid 1, wro aan de raadscommissie rof voor te leggen. Naar de mening van de fractie dienen dergelijke verzoeken door de gemeenteraad te worden beoordeeld. De raad is rechtstreeks door de burgers gekozen; een commissie heeft een adviserende stem.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda) stipt aan dat dit punt ook in de commissie is aangeroerd. Toen is aangegeven dat op grond van de gewijzigde wet een aanzienlijke tijdwinst kan worden gerealiseerd en dat is in het belang van de burgers. In de nieuwe situatie blijft het trouwens mogelijk dat de commissie een vrijstellingsverzoek om welke reden dan ook naar de raad verwijst.

De heer Jans
(eb) spreekt desondanks een voorkeur uit voor de eb-suggestie een verzoek in eerste instantie aan de raad voor te leggen. Ook dan wordt dezelfde tijdwinst geboekt, want de raad zal, indien er niets bijzonder aan de hand is, zeggen dat het college de procedure mag volgen. Mocht de raad een verzoek naar de commissie `duwen', dan wordt inderdaad geen tijdwinst geboekt. Dat is echter ook het geval wanneer een verzoek eerst door de commissie wordt bekeken en vervolgens naar de raad wordt doorgestuurd.

De heer Wiersma
(cda) ontgaat de bedoeling van het collegevoorstel. Zijns inziens behoeft de gebruikelijke volgorde - commissie (advies) raad (besluit)
- nauwelijks tot tijdverlies te leiden.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda) verduidelijkt dat de nieuwe situatie wel degelijk voordelen oplevert. Wanneer de commissie zich met een verzoek kan verenigen, komt dat niet meer in de raad en wordt de procedure direct in gang gezet. In het geval de commissie wordt geconfronteerd met, bijvoorbeeld, een bouwplan van enige omvang of een voornemen dat bepaalde gevoeligheden bevat waarover een meerderheid nader van gedachten wil wisselen, zal de raad alsnog in beeld komen. Met andere woorden: in dat geval blijft het aantal te zetten stappen gelijk, maar in alle andere situaties is sprake van een bekorting van de procedure.

De heer Hart
(eb) schildert dat de commissie, waarin sommige partijen met twee personen zijn vertegenwoordigd, geen bindende adviezen uitbrengt. De fractie van Enkhuizer Belang wil dan ook vasthouden aan een beoordeling door de gemeenteraad.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda) bespeurt een misverstand. In dit geval wordt de in het raadsvoorstel omschreven bevoegdheid niet aan de commissie rof maar aan het college gedelegeerd. Burgemeester en wethouders zullen van hun bevoegdheid echter alleen gebruik maken indien de commissie daaraan haar fiat heeft gegeven.

De heer Jans
(eb) vermag niet in te zien hoe op die manier meer tijdwinst wordt geboekt dan in het eb-voorstel het geval is. Het maakt niets uit welke instantie, in casu raad of commissie, als eerste een mening uitspreekt.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda) bestrijdt dat. Als een zaak eerst in de raad wordt besproken en daar om welke reden dan ook naar de commissie wordt verwezen, is wel degelijk sprake van tijdverlies. De commissie zal immers een advies moeten formuleren, waarna de raad alsnog een besluit dient nemen. Er wordt dan ten minste één stap te veel gezet.

De heer Jans
(eb) is niet overtuigd. Hij bepleit nogmaals vrijstellingsverzoeken niet aan de commissie maar aan de door de burgers gekozen gemeenteraad voor te leggen.

De heer Bode
(pvda) tekent aan dat de gemeenteraad weliswaar nu een bepaalde bevoegdheid aan het college delegeert, maar te allen tijde op dat besluit kan terugkomen. Met andere woorden: de raad houdt voldoende greep op de gang van zaken.

Los van de vraag hoeveel tijdwinst kan worden geboekt, is het van belang verzoeken zo spoedig mogelijk af te handelen. Welnu, de praktijk wijst uit dat een groot aantal zaken zonder meer in procedure kan worden gebracht, omdat die geen problemen of politieke verschillen van inzicht opleveren. De commissie toetst of dat al dan niet het geval is. Mocht dat wel zo zijn, dan wordt de normale weg gevolgd en moet de gemeenteraad een oordeel geven. Kortom: slim, efficiënt en klantgericht.

Hierna wordt het voorstel van de heer Jans cum suis bij handopsteken in stemming gebracht en met 12 tegen 3 stemmen verworpen.

Zonder hoofdelijke stemming wordt vervolgens het voorstel van burgemeester en wethouders overeenkomstig de aangeboden ontwerpbesluiten aanvaard.


6. Eerste wijziging Inspraakverordening Enkhuizen 1994.
(Voorstel nummer 034, 2001.)

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt het voorstel van burgemeester en wethouders overeenkomstig het aangeboden ontwerpbesluit aanvaard.


7. Fusie drie ggd'en Noord-Holland Noord.

(Voorstel nummer 034, 2001.)

De heer Tesselaar
(eb) kondigt aan dat de fractie van Enkhuizer Belang niet zal dwarsliggen, maar wel de aantekening wenst te maken dat zij beslist geen voorstandster van oneindige schaalvergroting is. Zij hoopt dat dit fusieproces niet dezelfde kant opgaat als met de alarmcentrales is gebeurd.

De heer Wiersma
(cda) koppelt aan het raadsvoorstel twee opmerkingen over de kosten.
* De desintegratie- en frictiekosten zijn geraamd op f 2,-- per inwoner. Vervolgens worden die kosten omgerekend per gewèst. Waarom niet per hoofd van de bevolking?

* De kosten van de procesmanager, te weten f 1,-- per inwoner voor één jaar, zijn net zo hoog als de aanpassingkosten van huisvesting, huisstijl en onvoorzien; een hoog bedrag!

De heer Bode
(pvda) haakt in op de eerste opmerking van de heer Wiersma. Ook in de commissie werd gezegd dat het wat eigenaardig zou zijn de kosten te verdelen over de regio's waar de klappen vallen. Het lijkt erop dat één nieuwe ggd met drie bloedgroepen ontstaat.

Mevrouw Dangermond-Hilderink
(vvd) wenst bekrachtigd te hebben dat bij de ambulancedienst op de locatie `Hoogkarspel' sprake zal zijn van een 24-uursbezetting.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda) hecht eraan te laten weten dat zij de opmerkingen van de heren Wiersma en Bode volledig onderschrijft. Het kan niet zo zijn dat afvloeiend personeel uitsluitend voor rekening van de `oude' ggd'en komt, die bestaan dan niet meer; op dat moment is sprake van één nieuwe organisatie. Dit punt zal in de fusieonderhandelingen zeker nog ter sprake komen en het resultaat daarvan zal, vanzelfsprekend, aan commissie of raad worden meegedeeld.

Spreekster kan aan de hand van nu bekende informatie niet toezeggen dat de ambulancedienst in Hoogkarspel 24 uur per dag bezet zal zijn.

De voorzitter
denkt dat het beter is dit aspect in de commissie aboz te bespreken. De heer Burema kan daar de ingewikkelde onderhandelingen met de ziektekostenverzekeraars en het ministerie uit de doeken doen. Er wordt echter wel degelijk op een 24-uursdienst in Hoogkarspel ingezet.

Zonder hoofdelijke stemming wordt, met inachtneming van de gedane toezegging, vervolgens het voorstel van burgemeester en wethouders overeenkomstig het aangeboden ontwerpbesluit aanvaard.


8. Notitie 400 jaar voc.

(Voorstel nummer 041, 2001.)

De heer Boland
(d66) krijgt het gevoel dat de raad nu net als in de 17e eeuw te werk gaat. Er is een plannetje bedacht en om dat te kunnen uitvoeren wordt geïnvesteerd. Alle betrokkenen hopen dat een goed resultaat zal worden behaald, maar niemand kan dat garanderen. Gelet op de voorgeschiedenis acht de d66-fractie het echter verantwoord in de goede traditie van de voc datgene ten uitvoer te brengen wat nu voorligt.

De heer De Geus
(rpf/sgp) behoeft weinig aan de warme woorden van de heer Boland toe te voegen. Hem is overigens gebleken dat deze materie ook in de ambtelijke organisatie de nodige belangstelling geniet.

Met betrekking tot dit project, dat veel geld kost, ligt een gewijzigd ontwerpbesluit op tafel. De fractie van de rpf/sgp is enthousiast over het pakket, inclusief het project `De Mossel', zoals dat nu aan de orde is. Hopelijk zal een mooie zomer bijdragen aan een goede uitvoering.

De heer Rieuwerts
(vl/gl) maakt van deze gelegenheid gebruik om eraan te herinneren dat in de commissie is toegezegd regelmatig naar de raadscommissie rof te zullen terugkoppelen.

De heer Wiersma
(cda) schaart zich achter de enthousiaste woorden van de vorige sprekers.

De heer Boland verwees naar de voc-reders die veel geld investeerden in ongewisse reizen naar verre oorden. Nu doet Enkhuizen iets dergelijks en gehoopt moet worden dat dit schip niet op de rede van Texel vergaat, zoals vroeger soms is gebeurd!

De bedoeling van dit project is mensen naar Enkhuizen te halen. Momenteel komen jaarlijks ongeveer 0,5 miljoen bezoekers naar deze stad; circa 300.000 naar het Zuiderzeemuseum en 200.000 naar het Sprookjeswonderland. Helaas worden die mensen te veel aan hun lot overgelaten. In overleg met de genoemde instellingen moet worden nagegaan hoe kan worden bereikt dat die bezoekers ook in de stad rondkijken. Spreker heeft in het verleden vaker op de volgende mogelijkheden gewezen.

* Voorzie alle bezoekers van museum en Sprookjeswonderland van een aantrekkelijk uitgevoerde folder, dus leuke plaatjes en een duidelijk plattegrond. De kosten daarvan zullen slechts een fractie belopen van het bedrag dat in dit raadsvoorstel aan de orde is.

* Denk aan een zogenaamde `avondontsluiting' van de stad. Geef de mensen die naar het parkeerterrein bij de sluis moeten een taxibon of maak het mogelijk dat het toegangskaartje van museum of Sprookjeswonderland recht geeft op vervoer naar dat parkeerterrein.

Samenvattend: mogelijkheden die veel geld kosten, zijn niet per definitie beter dan goedkope alternatieven. In dit geval geldt dat men het één moet doen en het ander zeker niet moet laten.

De heer Bode
(pvda) luisterde met instemming naar alle lovende woorden; zijn fractie onderschrijft die van harte.

De fractie van de pvda heeft veel vertrouwen in de werkgroepen, die zich met zowel commerciële als de historische kant van de voc zullen moeten bezighouden. Overigens wordt de heer Wiersma, gehoord diens suggesties, node in één van die groepen gemist!

In de commissie is de hoop uitgesproken dat in de toekomst de financiering van dit soort projecten meer vanuit de private sector zal geschieden, waarbij de overheid zich beperkt tot een subsidiërende rol. In dit verband is Enkhuizen 650 als voorbeeld genoemd.

Mevrouw Dangermond-Hilderink
(vvd) refereert aan de woorden van de heer Rieuwerts. Eén en ander zou inderdaad in de raadscommissie worden behandeld en de verschillende onderdelen zouden worden geoormerkt.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda) zou bijna stil worden van deze overweldigende steun!

Tijdens de commissievergadering waarin de Notitie 400 jaar voc is behandeld, is toegezegd dat de commissie in de aanloop naar het feestelijke begin van de viering - medio maart 2002 - regelmatig op de hoogte zal worden gehouden van de voortgang met de verschillende projecten. Deze toezegging is in de notulen van de commissie en straks ook in de raadsnotulen terug te vinden.

Het college van burgemeester en wethouders is ervan overtuigd dat een leuk jaar in het verschiet ligt en dat Enkhuizen door middel van gebruikmaking van de trap-reserve voor een wat langere termijn op de kaart wordt gezet.

Het langer vasthouden van de bezoekers van museum en Sprookjeswonderland, het avondbootmodel enzovoort zijn allemaal wensen die al langer op het verlanglijstje staan, maar nog niet zijn gerealiseerd. De huidige situatie zal al aanmerkelijk beter worden zodra de dit jaar geplande bewegwijzering gereed is en wandelroutes zijn aangegeven, bijvoorbeeld op de achterkant van de entreebiljetten. Het is de bedoeling die routes naar de bootopstapplaatsen door de stad te laten lopen.

De heer Lok
(vl/gl) interrumpeert de wethouder met de stelling dat het effect van een dergelijk evenement en de daarbij behorende publiciteit moet zijn dat mensen vaker naar Enkhuizen komen. Gechargeerd: het kan vanzelfsprekend niet zo zijn dat de gemeente aan de directies van het museum en Sprookjeswonderland vraagt hun poorten om, bijvoorbeeld, 13.00 uur te sluiten, zodat de bezoekers 's middags nog even door de stad kunnen wandelen.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda): Gebleken is dat, indien men weet dat er méér is, nieuwsgierigheid een drijfveer kan zijn om daarnaar toe te gaan. Overigens valt dit aspect niet zozeer binnen het kader van 400 jaar voc, maar hoort het eerder op het gebied van economische zaken en toerisme thuis, waarvoor collega Van Doornik verantwoordelijk is. Mede namens hem kan spreekster met enige trots melden dat de gewenste fraaie, wervende folder, inclusief een plattegrond en looproutes, vrijwel gereed is en binnenkort zal worden aangereikt.

Het college heeft goede hoop dat via de organisatie van 400 jaar voc een soort netwerk kan worden opgebouwd dat de viering van Enkhuizen 650 jaar, in 2005, kan organiseren. Hopelijk komt de financiering van dat evenement niet uitsluitend ten laste van de gemeentekas.

Tot slot. Jongstleden vrijdag is overleg gevoerd met de voorzitter van het nationale comité viering voc 2002. Hij is zo enthousiast over de plannen van Enkhuizen, Hoorn en Texel geworden dat hij naast veel steun ook heeft toegezegd de gemeenten als een `black box' te zullen financieren. Dit betekent dat niet elk project afzonderlijk moet worden voorgelegd, één aanvraag volstaat.

De heer Hæntjens
(vvd) hoorde de heer Wiersma over het belang van toeristische promotie en de `voc-wethouder' over het nationale comité spreken. Van dat comité is een e-mailtje ontvangen waarin onder meer staat:

`. . . dat de promotie van toeristische activiteiten wordt waargenomen door mevrouw Bos van de vvv Texel.'

Valt Enkhuizen uit de boot of ligt deze stad op de rede van Texel en dreigt zij daar ten onder te gaan?

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda) onthult dat de het-gemeenten in de projectgroep en de stuurgroep samenwerken. In de projectgroep hebben mensen van de vvv Texel zitting. Aangezien die vvv een uitstekende functionerende organisatie is, verzorgt die voor de het-gemeenten de contacten met het zogenaamde `toeristisch huis'. Enkhuizen valt dus niet uit de boot, integendeel.

Zonder hoofdelijke stemming wordt vervolgens het voorstel van burgemeester en wethouders overeenkomstig de aangeboden ontwerpbesluiten aanvaard.


9. Inrichting openbaar gebied Patrimoniumstraat.
(Voorstel nummer 042, 2001.)

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt het voorstel van burgemeester en wethouders overeenkomstig het aangeboden ontwerpbesluit aanvaard.


10. Doelstellingennotitie centrumgebied Enkhuizen.
(Voorstel nummer 043, 2001.)

Wethouder Van Doornik
(cda) licht het raadsvoorstel als volgt toe. In doelstelling nummer 6 is gesteld dat, alvorens de Melkmarkt definitief als promenadegebied kan worden aangewezen, een proefafsluiting nodig is. In dat kader zullen nulmetingen worden verricht. Met andere woorden: zowel verkeerstechnisch als economisch zal de bestaande situatie worden vastgelegd.

* Verkeerstechnisch. Bekeken zal worden hoe thans de verkeersstromen op en rondom de Melkmarkt verlopen.

* Economisch. Samen met het mkb is vastgesteld hoe de huidige omzetten het beste kunnen worden geregistreerd. De mkb-leden hebben zich hiermee akkoord verklaard.

Deze nulmetingen dienen nauwkeurig te worden uitgevoerd en vergen derhalve nogal wat tijd. Vandaar dat de proefafsluiting pas in het jaar 2002 daadwerkelijk zal kunnen plaatsvinden, want anders is het onmogelijk een goede vergelijking met de nulmetingen te maken. Een bijkomend voordeel hiervan is dat dan ook de afhechtingen aan de kant van de Westerkerk en de voormalige garage van Kornalijnslijper gereed zullen zijn.

Met deze opzet en de Doelstellingennotitie centrumgebied Enkhuizen hebben vrijwel alle leden van Winkelhart Enkhuizen en het mkb ingestemd.

De heer Lok
(vl/gl) verbaast zich over deze toelichting. Al in december is over een nulmeting gesproken, maar kennelijk heeft die een aanzienlijke vertraging opgelopen!

De heer Bode
(pvda) vestigt de aandacht op het feit dat de doelstellingennotitie méér omvat dan alleen de Melkmarkt, waarbij niet valt te ontkennen dat met name die locatie sterk in de politieke belangstelling staat. De pvda-fractie heeft al in de commissievergadering laten weten dat zij vóór de geplande proefafsluiting is, en wel zodanig dat de effecten goed zichtbaar worden. Bovendien moet de proef onder dusdanige condities plaatsvinden dat het project een redelijke kans van slagen heeft. Hiermee wordt bedoeld dat ongewenste nevenaffecten, bijvoorbeeld sluipverkeer in bepaalde straten, bij voorbaat zo veel mogelijk dienen te worden uitgesloten.

Spreker is het met de heer Lok eens dat de voorbereiding eerder had moeten plaatsvinden. Helaas is dat niet het geval, maar blijkbaar zal één en ander volgend jaar met instemming van de ondernemers gebeuren en dat geeft reden tot blijdschap.

In de doelstellingennotitie staan meer beleidsuitgangspunten die op het centrum van toepassing zijn. Het centrum vervult in Enkhuizen een rol van grote betekenis, want

* het is een servicecentrum voor bewoners;
* veel mensen verdienen daar hun brood;

* het bepaalt voor een aanzienlijk deel de identiteit van deze stad.
Vandaar dat over dat gebied specifieke afspraken met ondernemers en anderen moeten worden gemaakt. Overigens moet ook duidelijk zijn dat uiteindelijk het gemeentebestuur en niemand anders bepaalt wat er gebeurt.

De algehele indruk die de doelstellingennotitie oplevert, is wat magertjes. In de doelstellingen komt te weinig tot uitdrukking wat het gemeentebestuur met de binnenstad wil. Weliswaar wordt een aantal concrete zaken besproken, zoals afhechting, aanlichting en verkeerssituatie, maar veel verder gaat de notitie niet. Wel is het verheugend dat op basis van de notitie een structureel overleg tussen ondernemersorganisatie en gemeente tot stand zal komen.

Met de financiële gevolgen die in de doelstellingennotitie zijn genoemd, kan de fractie van de pvda akkoord gaan en dus ook met de zaken die daarmee zullen worden gefinancierd.

De heer Lok
(vl/gl) schetst in een korte terugblik wat aan de onderhavige Doelstellingennotitie centrumgebied Enkhuizen is voorafgegaan.

Het indertijd gesloten convenant - wel eens als `monstrum' betiteld - is heilloos gebleken. In ieder geval bevatte het afspraken die niet in praktijk konden worden gebracht. De fractie van Verenigd Links/groenlinks is dan ook gelukkig met het feit dat daarvan afstand wordt genomen.

De fractie heeft op zich waardering voor de aangeboden doelstellingennotitie. De gemeente en de plaatselijke ondernemers hebben zich ingezet om tot een compromis te komen. Weliswaar is hier en daar sprake van een zekere onevenwichtigheid, maar het is zeker in dit geval niet verstandig op alle slakken zout te strooien. Aan de andere kant mag niemand het wagen bouwstenen te verwijderen uit dit geheel dat na veel geven en nemen tot stand is gekomen.

In het oude convenant was opgenomen dat de proefafsluiting van de Melkmarkt in het jaar 2000 zou plaatsvinden. Vervolgens werd de proefafsluiting met het oog op toen nog in de maak zijnde onderhavige notitie naar 2001 verschoven. Nu is opnieuw sprake van uitstel en dat is een uitermate slechte start van het nieuwe beleid voor het kernwinkelgebied.

De twee aangekondigde nulmetingen worden nodeloos gecompliceerd gemaakt. Het is echt niet al te moeilijk een redelijk betrouwbare methode voor een economische peiling te verzinnen. Ook verkeerstechnisch is een meting vrij eenvoudig; volstaan kan worden met inventarisatie en rubricering van de nu bekende gegevens.

De gehele vl/gl-fractie tilt zwaar aan uitstel, omdat zij de proefafsluiting als een cruciaal onderdeel van het nieuwe beleid beschouwt. Nu opnieuw tot uitstel besluiten, moet worden gezien als een compromis op een compromis stapelen. Bovendien kunnen volgend jaar opnieuw allerlei redenen worden verzonnen om de proefafsluiting wederom uit te stellen. Een paar voorbeelden:

1. De weersomstandigheden in de afgelopen zomer waren (te) slecht.
2. De Bosmankade is afgesloten geweest.

De heer Wiersma
(cda): Moeten de nulmetingen achterwege blijven?

De heer Lok
(vl/gl): Nee, maar de wijze waarop die nu worden benaderd, maakt de zaak nodeloos gecompliceerd. Men kan veel eenvoudiger en sneller adequate nulmetingen doen.

De heer Wiersma
(cda): Misschien, maar 's winters een nulmeting doen en op basis daarvan maatregelen voor de zomermaanden nemen, is appelen met peren vergelijken. Met andere woorden: een tijdens een bepaalde periode gedane meting moet worden vergeleken met een meting die een jaar later in dezèlfde periode is verricht.

De heer Lok
(vl/gl): Economisch gezien gaat het om de gegevens uit een bepaalde periode in voorgaande jaren. Men kan vervolgens het gemiddelde berekenen en, desgewenst, met progressie rekening houden. Een prima manier om een nulmeting uit te voeren.

Samenvattend: een compromis op een compromis stapelen, leidt tot louter ellende. Vandaar dat de fractie van Verenigd Links/groenlinks zich ernstig op de nu ontstane situatie zal beraden.

De heer Boland
(d66) begint zijn betoog met de Melkmarkt. Hij is verwonderd over de discussie die zich nu heeft ontsponnen. In de doelstellingennotitie staat letterlijk:

`Voordat definitieve besluiten worden genomen om van de Melkmarkt promenadegebied te maken zal er een 0-meting worden gehouden en een proefperiode worden ingesteld.'

Een datum wordt niet genoemd, dus is de vrees van de heer Lok niet aan de orde. In het verleden is inderdaad het jaar 2001 genoemd, zij het onder de voorwaarde dat de gehele herinrichting gereed moet zijn. Aangezien die is uitgesteld, is voor de Melkmarkt een andere situatie ontstaan.

De heer Lok
(vl/gl): Volgens het nu voorliggende raadsstuk zal de herinrichting níét volgend jaar kunnen worden afgerond.

De heer Boland
(d66): Inderdaad, maar daarover zal worden gediscussieerd wanneer die zaak aan de orde is.

Een onderdeel van dit collegevoorstel behelst instemming met de doelstellingennotitie. De fractie van d66 vreest dat dan op een bestuurskundig monstrum wordt afgekoerst. Er wordt een instrument geïntroduceerd dat de indruk wekt dat daaruit moet worden afgeleid wat allang is besloten! Heel veel punten in het stuk vallen onder vigerend beleid of horen in een collegeprogramma thuis. De fractie kan zich wèl in de afsprakenlijst en de overige punten vinden, maar stemt niet in met de doelstellingennotitie als zodanig omdat volstrekt onduidelijk is wat dan wordt uitgesproken.

De doelstellingennotitie moet worden gezien in het licht van het samen met de ondernemers gemaakte plan voor de opwaardering van de Westerstraat. De totale kosten ad f 11 miljoen waren als volgt verdeeld.

* f 7,5 miljoen achterstallig onderhoud, te betalen door de gemeente;

* f 3,5 miljoen van de ondernemers.

De gemeente heeft haar aandeel betaald en draait nu ook nog eens voor de afhechtingskosten op. Vanwaar de euforie over het `goede' onderhandelingsresultaat? Alleen de ondernemers kunnen zeer tevreden zijn!

Ergens in de notitie wordt gezegd dat de doelstellingen over tien jaar eventueel zullen worden bijgesteld. Wil déze raad zaken voor tien jaar vastleggen?

De heer Lok
(vl/gl): Als déze raad besluit vòlgend jaar een proefafsluiting te houden, regeert deze ook over diens politieke graf heen!

De heer Boland
(d66) vervolgt zijn betoog.

In het stuk wordt opgemerkt dat de ondernemers bij het verkeersbeleid zullen worden betrokken. Het zou schandalig zijn indien dat níét gebeurde! Overigens mag uit de bewuste tekst niet worden afgeleid dat de ondernemers een speciale positie innemen. Gelukkig schudt de wethouder van verkeer het hoofd! Eigenlijk zouden ook doelstellingennotities moeten worden gemaakt voor de overige bewoners van het gebied en de ondernemers in, bijvoorbeeld, Schepenwijk en rond de haven.

Conclusie: de d66-fractie gaat akkoord met het ontwerpbesluit, zij het met uitzondering van de zinsnede `doelstellingennotitie, en de bijbehorende' in punt 1.

De heer Hart
(eb) komt terug op hetgeen hij bij de vaststelling van de raadsnotulen heeft gezegd. Volgens de heer Van der Veen zou de raad tot een proefafsluiting hebben besloten. Dat besluit heeft spreker echter niet kunnen vinden evenmin als het ambtelijk apparaat; vanuit die hoek is op 8 maart 2001 gemeld: `Er is geen specifiek advies geweest over het afsluiten van de Melkmarkt.'

In de meest recente vergadering van de raadscommissie rof heeft spreker gevraagd of de `verhuisde' provinciale subsidie ad f 700.000,--, oorspronkelijk bestemd voor verkeersmaatregelen op de Noorderweg, in het nu aan de orde zijnde krediet van f 1 miljoen is opgenomen. Op deze vraag is tot nu toe niet geantwoord, graag alsnog.

Het heeft de fractie van Enkhuizer Belang verbaasd dat na het fiasco met het convenant - de eb-fractie is daarvan altijd een fel tegenstandster geweest - het college opnieuw met een overeenkomst op de proppen is gekomen, zij het dat nu over `doelstellingennotitie' wordt gesproken. Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald, maar dit college stapelt dwaling op dwaling. Onbegrijpelijk dat eerst een klaagzang wordt aangeheven over de onuitvoerbaarheid van het convenant en de schuld daarvan bij de ondernemers wordt gelegd, waarna dit college voorstelt met diezelfde partners een nieuw akkoord te sluiten. De eb-fractie is en blijft tegen de invoering van baatbelasting. Zij heeft bij herhaling gesteld dat daarvoor geen draagvlak bestaat.

In dit raadsstuk wordt de afsluiting van de Melkmarkt besproken. De fractie van Enkhuizer Belang verzet zich daartegen en met goede redenen. De fractie heeft 110 mensen benaderd die direct met de voorgenomen afsluiting te maken hebben en gebleken is dat 102 tegen dat voornemen zijn. Overigens is het wel verstandig een nulmeting te houden; die zal aantonen dat afsluiting onmogelijk is.

Verder wordt in dit raadsvoorstel ook iets over betaald parkeren gezegd. Ook daarvan is de fractie van Enkhuizer Belang geen voorstandster. Verkeers- en parkeerregulering is uiteraard prima, maar betaald parkeren heeft slechts als effect dat de gemeentekas enigermate wordt gespekt.

Zoals gezegd, de fractie van Enkhuizer Belang zal niet met een nieuw convenant of iets dergelijks instemmen. Burgemeester en wethouders schrijven op bladzijde 31 letterlijk:

`Naar onze mening is er namelijk geen weg terug, indien uw raad instemt met de doelstellingennotitie.'

Dat het college afziet van de inning van baatbelasting beschouwen de fractieleden als een persoonlijke overwinning. Zij hebben zich immers altijd tegen dat onzalige idee gekeerd, dat slechts in een pure verspilling van tijd, geld en energie heeft geresulteerd. Bovendien heeft het veel ergernis en onrust bij ondernemers en bewoners opgeroepen.

De heer Bode
(pvda): Gevreesd moet worden dat de heer Hart over een verkeerd voorstel spreekt. Aan de orde is het gewijzigde raadsvoorstel waarin de zojuist geciteerde zin níét meer voorkomt.

De voorzitter
: Inderdaad, in het na de commissievergadering aangepast voorstel zijn onder het kopje `E. Planning uitvoering doelstellingen' ruim zeven regels geschrapt. De desbetreffende tekst begon met de woorden `Wij zijn ons bewust van de risico's . . .' en eindigde met de zinsnede `. . . en daarmee een goed financieel overzicht te kunnen voorleggen over de kosten die daarmee gemoeid zijn.'

De heer Hart
(eb): Veel verschil maakt dat niet. Hoe dan ook, als de eb-fractie deel van het college had uitgemaakt, zou dat nooit zijn gebeurd.

Met de punten 3 en 4 in het ontwerpbesluit kan de fractie instemmen, zij het met de aantekening dat als gevolg van het falend collegebeleid geen andere weg openstaat, de centen zijn immers op. Van deze affaire heeft Enkhuizen mooie goten overgehouden, maar de eb-fractie is met een nare smaak in de mond blijven zitten.

Via punt 6 in het ontwerpbesluit - bepaalde jaarlasten bij het beleidsprogramma 2002 betrekken - probeert het college over diens politieke graf heen te regeren. Hopelijk zal na de komende verkiezing een ander college aan het roer komen dat niet met een dergelijk beleid mag worden opgescheept.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda): Tijdens de komende begrotingsbehandeling zal déze raad keuzes moeten maken die bepalend zijn voor het jaar 2002, dus vóór de eerstvolgende gemeenteraadsverkiezingen.

De heer Hart
(eb): Het college stelt nu al voor bepaalde bedragen ten laste van 2002 te brengen.

De voorzitter
: Ondernemers en burgers mogen dat verwachten. Het zou bijzonder vreemd zijn als het gemeentebestuur niet verder keek dan medio april 2002! Overigens heeft het college begrepen dat de eb-fractie met het bedrag als zodanig geen moeite heeft.

De heer Hart
(eb): Ja, maar dat mag niet op de begroting voor 2002 drukken.

De voorzitter
: In welke begroting moet dat bedrag dan wèl worden opgenomen?

De heer Hart
(eb): In de begroting voor dit jaar, want anders wordt het nieuwe college opgezadeld met de schuld die dit college heeft veroorzaakt.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda): Als in de komende begrotingsvergadering wordt besloten de bedoelde bedragen in het beleidsplan voor 2002 op te nemen, wordt niemand met `een oude schuld' opgezadeld, want dan is die immers ìn de begroting verwerkt. Verder is het goed te bedenken dat wel vaker wordt voorgesteld bepaalde zaken nu aan te pakken en de lasten daarvan geheel of gedeeltelijk bij het beleidsprogramma voor 2002 te betrekken.

De voorzitter
: De heer Hart wil blijkbaar dat in september een begroting wordt gepresenteerd die niet verder reikt dan medio april 2002 en dat is bijzonder lastig!

De heer Hart
(eb): U moet het góéd doen, dus níét op de voorgestelde wijze!

De heer De Geus
(rpf/sgp) distilleert uit het betoog van de heer Hart dat de eb-fractie kennelijk nog mogelijkheden ziet om de nodige dekking in de begroting 2001 te vinden.

De heer Hart
(eb): De fractie van Enkhuizer Belang voelt zich niet geroepen om de ramp ongedaan te maken die het vorige college over deze gemeente heeft afgeroepen!

De heer De Geus
(rpf/sgp): Wat wordt met het vòrige college bedoeld?

De heer Lok
(vl/gl): Los daarvan wil de fractie van de heer Hart kennelijk graag iets uitvoeren, maar weigert zij categorisch aan te geven waar het benodigde geld vandaan moet komen. Een weinig constructieve wijze van politiek bedrijven!

De heer De Geus
(rpf/sgp) gaat vervolgens op het raadsvoorstel in.

Evenals de heer Boland heeft de rpf/sgp-fractie moeite met de aanduiding `doelstellingennotitie'. Spreker stelt voor het eerste punt in het ontwerpbesluit als volgt te veranderen.

`1. In te stemmen met de notitie en de bijbehorende afsprakenlijst van het overleg d.d. 12 december 2000;'

Feitelijk gaat het immers om een werklijstje van allerlei zaken die al eerder min of meer zijn afgesproken en nu ten uitvoer worden gebracht.

Belangrijk is dat de gemeente weer met de ondernemers, verenigd in Winkelhart Enkhuizen en mkb, aan tafel zit. Het overleg met die categorie burgers raakte nogal vertroebeld door de voorgenomen baatbelasting en alles wat daarmee annex was. Volgens de wethouder gaan de zojuist genoemde ondernemersorganisaties vrijwel unaniem met de voorliggende stukken akkoord. Dat doet de vraag rijzen wie nog wèl problemen hebben.

Wethouder Van Doornik
(cda): Vernam vanmiddag van de heer Hetteling, voorzitter van mkb Enkhuizen, dat slechts één lid bezwaar maakt tegen de proefafsluiting van de Melkmarkt. Alle overige leden van diens organisatie staan achter de notitie en dit geldt ook voor Winkelhart Enkhuizen.

De heer Tesselaar
(eb): De eb-fractie heeft afgelopen zaterdag aan 110 winkeliers de vraag gesteld of zij vóór dan wel tégen afsluiting van de Melkmarkt zijn. Tégen afsluiting zijn 102 winkeliers en 4 hebben nog geen mening; zie de gele biljetten die overal achter de ramen hangen!

De heer Lok
(vl/gl): De heer Tesselaar doet er goed in plaats van de verantwoordelijke portefeuillehouder de door de eb-fractie geïnterviewde ondernemers ter verantwoording te roepen!

De heer Boland
(d66): De wethouder heeft zoals het hoort met verantwoordelijke bestuurders van bepaalde organisaties gesproken. Als de heer Tesselaar merkt dat leden van die organisaties àndere standpunten hebben, is het verstandig die leden te vragen met hun besturen te communiceren. Bovendien is een discussie over de afsluiting van de Melkmarkt nu níét aan de orde.

De heer De Geus
(rpf/sgp): De rpf/sgp-fractie snapt de commotie niet, want de vraagstelling die de eb-fractie fractie aan de winkeliers heeft voorgelegd is volslagen onbekend.

In de raadscommissie rof is naar voren gebracht dat het niet opvoeren van de Zuiderzeedagen als een omissie moet worden aangemerkt. Ook in het gewijzigde raadsvoorstel wordt over dat evenement met geen woord gerept.

Evenals de heer Lok verkeerde de fractie van de rpf/sgp in de veronderstelling dat de nulmeting in de afgelopen zomer zou hebben plaatsgevonden. Achteraf is wel enigszins begrijpelijk waarom dat niet is gebeurd. De Noorderweg en de Dreef zijn immers wegens wegwerkzaamheden enige tijd afgesloten geweest. Momenteel is de Bosmankade voor het verkeer gesloten. Toch moet eerst een nulmeting plaatsvinden om tot afsluiting van de Melkmarkt te kunnen overgaan. Daarover bestond in de commissie geen verschil van mening; de heer Van der Veen refereerde daaraan. Dat de nulmeting niet eerder plaatsvond, hield misschien ook verband met het ontbreken van draagvlak bij de ondernemers en/of de wethouderswisseling.

De heer Wiersma
(cda) vangt zijn spreekbeurt aan met de opmerking dat indertijd een ruime raadsmeerderheid zich achter het meermaals genoemde convenant met de ondernemers heeft geschaard. Nu hebben sommigen die overeenkomst als `monstrum' betiteld, terwijl anderen er triomfantelijk aan hebben herinnerd dat zij altijd tegen het convenant zijn geweest. Met de heer Ratelband sprekend: `Applaus voor jezelf is nooit weg!'

Gelukkig is bij de middenstand, een belangrijke partner, opnieuw draagvlak gevonden voor een inrichting van de stad zoals deze raad die voor ogen heeft. In het raadsstuk staat helder verwoord dat de gemeente afziet van baatbelasting.

De voorgenomen proefafsluiting van de Melkmarkt is één van de meest in het oog springende onderdelen, naast de meer algemene vormgeving van de stad waaraan de doelstellingennotitie wat meer gestalte had kunnen geven. Wellicht is het beter te spreken over `een notitie inzake overeenstemming met de middenstand betreffend'. Hoe dan ook, bij de afsluiting van de Melkmarkt hoort niet alleen een verkeersplan, maar ook een nulmeting, zodat dezelfde periodes met elkaar kunnen worden vergeleken, zowel economisch als verkeerstechnisch.

Een ander belangrijk punt wordt gevormd door parkeermogelijkheden, verwijzing daarnaar, parkeertarieven en -zones, afsluiten van straten/wegen et cetera. Kortom: een compleet pakket maatregelen om voldoende draagvlak te creëren en sluiproutes te voorkomen. In dit verband moet eraan worden herinnerd dat de fracties van pvda, vvd en vl/gl verkeersplannen hebben ingediend. In ieder geval dient tot een samenhangend, met burgers, middenstand en gemeenteraad besproken geheel te worden gekomen, alvorens de Melkmarkt kan worden afgesloten.

Mevrouw Dangermond-Hilderink
(vvd) vreest dat zij het spoor bijster is geraakt. Zij heeft begrepen dat nog f 1 miljoen resteert, welk bedrag niet toereikend is om de totale kosten, geraamd op f 1,7 miljoen, te kunnen betalen. Hieruit mag worden geconcludeerd dat de afsprakenlijst, gedateerd 12 december 2000, achterhaald is. Ook zijn afspraken niet nagekomen, zo bestaat nog geen duidelijkheid over de rijrichting in de Pijp. Voorts bestaat nog geen overeenstemming over de Melkmarkt en de nulmeting. Kortom: de raadscommissie wev is in verwarring naar huis gegaan. Wel was iedereen het erover eens dat eerst een nulmeting zou moeten worden gedaan, voordat sprake zou kunnen zijn van een eventuele proefafsluiting.

Nulmeting en proefafsluiting dienen in dezelfde periode plaats te vinden. Tijdens de nulmeting kunnen alle verkeers(circulatie)plannen, inclusief die van de pvda en de vvd, in alle rust worden beoordeeld. De proefafsluiting kan in de visie van de vvd-fractie trouwens niet eerder plaatsvinden dan in het jaar 2003, want in april van dat jaar zal het navisduct gereedkomen. Een proefafsluiting op een eerder moment zal tot gevolg hebben dat de inwoners telkenmale in de file staan.

Overige punten.

* Het bevreemdt spreeksters fractie dat het college blijkbaar eerst naar overeenstemming met de ondernemers streeft en pas daarna de raad wil laten besluiten. Overigens is niet duidelijk of het vanavond meerdere keren aangeduide convenant werkelijk van de baan is.

* De in de stukken genoemde parkeerplaatsen zijn nog niet aangelegd of slecht dan wel onbereikbaar; zie de Clarissenplaats.
* Aanlichting van de klokkentoren van de Westerkerk en andere panden is een leuk idee, maar hoort niet in dit stuk thuis. Hetzelfde geldt voor de zogenaamde `evenementenpot'. Het daaraan verboden kostenplaatje beloopt ruim f 100.000,--.

* Voor de vervanging van de riolering dient een apart raadsvoorstel te worden aangeboden waarin ook de kosten zijn opgenomen.
* De vvd-fractie is tegen dit collegevoorstel en gaat ervan uit dat het reeds gevoteerde krediet ad f 11 miljoen niet zal worden overschreden.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda): Dit is een misverstand. Weliswaar beliep het totale krediet een bedrag van f 11 miljoen, maar dat was inclusief de bijdrage van de ondernemers. Aangezien die bijdrage - baatbelasting - is vervallen, gaat het alleen om het gemeentelijke aandeel in dat bedrag; binnen dat krediet wordt geopereerd. Over de voorgestelde aanvulling wordt uiteindelijk beslist tijdens de komende begrotingsbehandeling.

Mevrouw Dangermond-Hilderink
(vvd): De vvd-fractie zal dan op deze zaak terugkomen.
* Verder is gesteld dat de doelstellingennotitie over tien jaar kan worden bijgesteld. Dat tijdpad is veel te lang.

De voorzitter
schorst vervolgens de beraadslagingen voor collegeberaad.

(Schorsing.)

De voorzitter
heropent de beraadslagingen.

Wethouder Van Doornik
(cda) beantwoordt de gestelde vragen en gemaakte opmerkingen als volgt.

De voorliggende notitie is tot stand gekomen na uitvoerig overleg tussen vertegenwoordigers van enerzijds de ondernemersorganisaties Winkelhart en mkb en anderzijds de gemeente. Alle partijen zijn akkoord gegaan met de naam van het stuk, te weten Doelstellingennotitie centrumgebied Enkhuizen, maar als de raad de voorkeur geeft aan een andere aanduiding, bijvoorbeeld Notitie centrumgebied, heeft het college daarmee geen enkele moeite.

In het stuk zijn de intenties van alle betrokken partijen verwoord. Eén en ander heeft veel tijd gekost, mede als gevolg van de gewijzigde samenstelling van het college van burgemeester en wethouders en de standpuntbepaling binnen de ondernemersorganisaties. Uiteindelijk is een aantal afspraken vastgelegd, waarbij duidelijk moet zijn dat de gemeenteraad het laatste woord heeft.

De heer Lok vreest dat de proefafsluiting steeds opnieuw zal worden verschoven, maar die angst is ongegrond. De vertegenwoordiging van de ondernemersorganisaties heeft uitdrukkelijk verklaard dat de leden wel degelijk bereid zijn hun medewerking te verlenen. Het college gaat er dan ook vanuit dat de proefafsluiting zonder problemen kan worden verwezenlijkt. In de verdere uitwerking zal uiteraard niet alleen met ondernemers maar ook met bewoners worden gesproken. Voorts zal, vanzelfsprekend, ook de raadscommissie steeds over alle stappen worden geïnformeerd.

Het feit dat nu wat meer tijd is genomen dan oorspronkelijk in de bedoeling heeft gelegen, stoelt op de bewuste keus de nulmeting zo nauwkeurig en succesvol mogelijk te doen plaatsvinden. Daarvoor was het nodig eerst tot overeenstemming met de ondernemers te komen.

Met name de heer Wiersma heeft in verband met de proefafsluiting op het mogelijk ontstaan van sluiproutes gewezen. Aangezien nu meer tijd beschikbaar is, kan vooraf veel aandacht aan dat soort effecten worden besteed.

Wat voorligt wordt door alle betrokken partijen als een voor Enkhuizen belangrijke stap aangemerkt en hopelijk wordt deze opvatting ook door de raad gedeeld. Nogmaals zij opgemerkt dat burgers en commissie bij de uitwerking van de plannen en de vervolgstappen zullen worden betrokken.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda) signaleert dat zij twee vragen moet beantwoorden.

De heer Hart heeft gevraagd of de voor de Noorderweg bestemde provinciale subsidie, groot f 700.000,--, in het onderhavige krediet is verwerkt. Spreekster heeft deze vraag aan het ambtelijk apparaat voorgelegd en daarop nog geen reactie gekregen.

Wethouder Dol
(vl/gl) herinnert zich dat oorspronkelijk een subsidie voor de Westerstraat werd aangevraagd, maar de provincie wees die af. In Haarlem ging men wel akkoord met een financiële bijdrage ten behoeve van het verkeerstraject vanaf het Sijbrandsplein tot en met het kruispunt bij de benzinepomp. Het restant van die bijdrage, te weten f 700.000,--, is aan de Westerstraat besteed.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda): Dank u wel.

De kosten van de Zuiderzeedagen worden níét geheel of gedeeltelijk uit de evenementenpot, groot f 25.000,--, bekostigd; dat zou een sigaar uit eigen doos zijn. Voor de Zuiderzeedagen is f 25.000,-- beschikbaar, waarbij moet worden aangetekend dat dit bedrag bij lange na niet voldoende is, zodat ook derden daaraan een bijdrage zullen moeten leveren. De evenementenpot is bestemd voor alle andere activiteiten zoals paasmarkt, voorjaarsmarkt, intocht van sinterklaas et cetera.

De heer Wiersma
(cda): In het gewijzigde raadsvoorstel wordt niets over de evenementenpot gezegd.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda): In een berichtje van de afdeling economische zaken wordt gemeld dat het verstrekken van een financiële bijdrage aan de evenementenpot ten onrechte uit het gewijzigde ontwerpbesluit is gehaald. Met andere woorden: punt 6 van het gewijzigde ontwerpbesluit moet worden vervangen door de oorsprònkelijke tekst luidende:

`6. De aanvullende lasten voor het afhechten van het gebied Kornalijnslijper (jaarlast f 70.000,--), en de overige lasten voor het aanlichten van de Westerkerk (jaarlast f 20.000,--) en het verstrekken van een financiële bijdrage aan de evenementenpot (jaarlast f 25.000,--), te betrekken bij het beleidsprogramma 2002.'

De heer Boland
(d66): Waarom meent de afdeling dat de zinsnede `en het verstrekken van een financiële bijdrage aan de evenementenpot (jaarlast f 25.000,--)' ten onrechte is geschrapt?

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda): Het is per ongeluk gebeurd.

De heer Boland
(d66): Nee hoor, in de commissie is daarover een duidelijke uitspraak gedaan.

De heer Lok
(vl/gl): De heer Boland heeft gelijk. Na een opmerking van de vl/gl-fractie werd toegezegd dat de aangeduide zinsnede uit het voorstel zou verdwijnen.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda): In de commissie werd gevraagd of de evenementenpot ter grootte van de voorgestelde f 25.000,-- eveneens de nu reeds in de begroting opgenomen bijdrage aan de Zuiderzeedagen behelsde. Welaan, dat was niet het geval en dus moest op de oorspronkelijke tekst worden teruggevallen.

De heer Boland
(d66): Lees doelstelling nummer 12 zoals die in het raadsvoorstel staat.

`Doelstelling 12 luidt: Het college zal de raad voorstellen om structureel een bedrag beschikbaar te stellen voor de instelling van een evenementenpot.'

De commissie heeft gezegd dat voorstel te zullen afwachten en dus is de gewraakte zinsnede uit het gewijzigde ontwerpbesluit gehaald.

De voorzitter
: Het college heeft met die zinsnede willen aangeven dat het uitdrukkelijk de intentie heeft f 25.000,-- beschikbaar te stellen, maar dat zal pas gebeuren in het kader van het beleidsprogramma voor 2002. Op dit moment wordt daartoe nog niet besloten.

De heer Boland
(d66): Als dat de bedoeling is, wordt in feite wel gezegd dat de raad diens uiterste best zal doen om de in punt 6 opgevoerde bedragen in de begroting te verwerken, terwijl de commissie met betrekking tot evenementenpot juist een slag om de arm heeft willen houden.

De heer Bode
(pvda): Ten aanzien van de evenementenpot, jaarlast f 25.000,--, is in de commissie een aantal vragen gesteld, zoals wat met dat bedrag zal worden gedaan, aan welke activiteiten moet worden gedacht, welke bijdrage de ondernemers zullen leveren, of bepaalde bestaande subsidies - bijvoorbeeld ten behoeve van de Zuiderzeedagen - ook ten laste van de evenementenpot komen enzovoort. De antwoorden op al die vragen moeten nog worden gegeven, en wel in het nog aan te bieden raadsvoorstel.

De heer Rieuwerts
(vl/gl): Nee, het voorstel dat in de commissie aan de orde was, schiep verwarring. Weliswaar werd met betrekking tot de evenementenpot het jaar 2002 genoemd, maar de eerste bijdrage zou in 2001 beschikbaar moeten komen. De begroting 2001 voorziet daarin echter niet, vandaar dat werd voorgesteld dit punt in het kader van de voorjaarsnota te bespreken. Vanuit de commissie werd daarop gereageerd met de uitspraak dat het bedrag bij de beleidsbegroting voor 2002 zou moeten worden betrokken en niet in dit raadsvoorstel moest worden opgenomen.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda): Goed. Het college stelt voor de tekst over de evenementenpot als volgt te lezen.

`Inzake het verstrekken van een financiële bijdrage aan de evenementenpot zal het college in het kader van het beleidsprogramma een apart voorstel aan de gemeenteraad voorleggen.'

De heer Boland
(d66): Vreemd dat de gemeenteraad moet besluiten dat het college een dergelijk voorstel zal doen.

De voorzitter
: Feitelijk kondigt het college slechts aan dat zo'n voorstel ter tafel zal komen.

De heer Boland
(d66): Dat staat al in doelstelling 12, maar de d66-fractie zal zich niet tegen het collegevoorstel verzetten.

De voorzitter
: Akkoord. Het college stelt voor ook punt 1 aan te passen, en wel als volgt.

`1. In te stemmen met de afsprakenlijst van het overleg d.d. 12 december 2000;'

De heer Bode
(pvda) zal niet meer op de afsluiting van de Melkmarkt ingaan, omdat uit het raadsvoorstel blijkt dat is afgesproken met medewerking van de ondernemers een proefafsluiting op basis van een nulmeting te doen plaatsvinden. De pvda-fractie had graag gezien dat de proef dit jaar zou zijn genomen, maar blijkbaar lukt dat niet.

Dit soort notities, convenants enzovoort kan soms moeilijk worden verwezenlijkt, omdat de vertegenwoordig(st)ers van particuliere organisaties lang niet altijd weten of en, zo ja, in hoeverre de gemaakte afspraken door hun achterban zullen worden nagekomen. Een college heeft een vergelijkbaar probleem, want burgemeester en wethouders moeten afwachten wat de raad uiteindelijk besluit. Bovendoen heeft het gemeentebestuur met kiezers te maken; na een gemeenteraadsverkiezing kan een geheel andere situatie ontstaan. Toch gaat sprekers fractie ervan uit dat met de ondernemersorganisaties vruchtbaar overleg kan worden gevoerd.

De grootste winst van de notitie is dat de verstoorde verhoudingen via een nieuwe start kunnen worden hersteld. Gelukkig is het woord `doelstellingen' inmiddels geschrapt, want het stuk bindt de partijen naast bepaalde bedragen eigenlijk vooral op intenties. De raad moet deze kans niet voorbij laten gaan, want die vormt een goede basis voor samenwerking met de ondernemersorganisaties.

De stellingname van de vvd-fractie is wat verrassend - misschien heeft zij zich wat al te veel door Melkmarktdiscussie laten leiden -, want juist die fractie heeft in de afgelopen jaren regelmatig bepleit tot goede afspraken met het bedrijfsleven te komen. Welnu, wat voorligt voldoet daaraan. Spreker kan zich dan ook niet voorstellen dat de vvd deze kans wil laten lopen.

Mevrouw Dangermond-Hilderink
(vvd): De vvd-fractie heeft ervoor gepleit allereerst een nulmeting uit te voeren en vervolgens onder verwijzing naar de bouw van het navisduct voor een mogelijke proefafsluiting het jaar 2003 genoemd. Vooralsnog heeft de fractie niet de indruk dat de ondernemers op een afsluiting zitten te wachten.

De heer Bode
(pvda): Hieruit mag worden afgeleid dat de vvd-fractie op basis van een nulmeting met een proefafsluiting van de Melkmarkt instemt.

Mevrouw Dangermond-Hilderink
(vvd): Eerst afwachten hoe de nulmeting uitvalt.

De heer Lok
(vl/gl) betitelt de nieuwe aanduiding van het stuk als `niet zo interessant', maar hij heeft daar geen bezwaar tegen. Veel belangrijker is het antwoord op de vraag of de gemaakte afspraken bindend, boterzacht of zelfs geheel vrijblijvend zijn. Spreker is daar helemaal niet gerust op. Het optimisme van de wethouder valt alleszins te respecteren, maar soms is een optimist een slecht geïnformeerde pessimist! Gelet op de in het verleden opgedane ervaringen leeft in de fractie van Verenigd Links/groenlinks nogal wat scepsis.

Wat nu aan de orde is, moet als een integraal geheel worden gezien, zij het dat sprake is van afzonderlijke bouwstenen. Eén van die bouwstenen betreft de Melkmarkt, die voor de vl/gl-fractie van cruciale betekenis is. Deze kwestie ligt in de plaatselijke verhoudingen zeer gevoelig, daarvoor is spreker beslist niet blind, maar zo langzamerhand wordt die een hete, voortdurend vooruitgeschoven aardappel waaraan niemand zich wil branden. Ook de woorden van de heer Bode gaan in die richting. Het is zelfs de vraag of de proefafsluiting volgend jaar zal kunnen plaatsvinden. Deze onzekerheid maakt dat de fractie van Verenigd Links/groenlinks zich nog eens duchtig wil beraden alvorens een definitief oordeel uit te spreken.

De heer Bode
(pvda): De pvda-fractie is vóór een proefafsluiting, maar die moet ten minste een kans op succes in zich bergen. De fractie betreurt het dat tot nu toe niet die onderzoekingen hebben plaatsgevonden en/of maatregelen zijn genomen die een proefafsluiting in dìt jaar mogelijk maken. Overigens heeft de heer Van der Veen in de commissie duidelijk kenbaar gemaakt dat, indien volgend jaar als gevolg van het achterwege blijven van adequaat vooronderzoek wederom geen proefafsluiting zal kunnen plaatsvinden, de pvda-fractie daaraan politieke betekenis zal hechten.

De heer Lok
(vl/gl): Deze kwestie moet niet te veel worden uitgemolken en daarom wil de fractie volstaan met te herhalen dat volgens haar, indien `een tandje wordt bijgezet', de proef versneld, dus dit jaar, kan worden uitgevoerd.

De heer Boland
(d66) voelt zich geroepen eraan te herinneren dat de d66-fractie de vorige keer heeft gezegd vóór een spoedige proefafsluiting van de Melkmarkt te zijn, mits die zorgvuldig en integraal - denk aan alle bekende verkeersplannen - kan plaatsvinden. Als de proef niet in dit jaar kan worden gehouden, is dat bijzonder jammer. Toch is dat beter dan nu even snel besluiten te nemen en over, pakweg, een halfjaar met allerlei sores te worden geconfronteerd. Als de proef volgend jaar nog niet kon worden genomen, zou de d66-fractie dat in hoge mate betreuren.

Fijn dat het college een andere redactie voor punt 1 in het ontwerpbesluit heeft gevonden. Het college heeft namens de raad onderhandeld en dan is het ook alleszins fair in te stemmen met de in dat kader gemaakte afspraken. Wel moet er nogmaals op worden gewezen dat de ondernemers zeer succesvol hebben onderhandeld, want zij hebben eigenlijk niets toegezegd; feitelijk moet de gemeente alles doen. Bovendien is het zeer de vraag of de achterban van degenen die namens de ondernemersorganisaties hebben onderhandeld zich aan het gepresenteerde onderhandelingsresultaat zal conformeren. Vooralsnog kiest de d66-fractie een positieve insteek, maar wanneer blijkt dat de andere partijen zich niet aan de afspraken houden, kan van de gemeente niet worden verlangd dat zij haar aandeel toch onverkort zal uitvoeren.

De heer Hart
(eb) haalt naar voren dat de fractie van Enkhuizer Belang al eerder heeft laten weten dat zij het convenant en alles wat daarmee annex is als een zwarte bladzijde in het gemeentelijke beleid beschouwt. Nu wordt een gewijzigd afsprakenlijstje aangeboden. In wezen is dat het opnieuw verpakken van gemaakte fouten, want een andere naam aan de doelstellingennotitie geven, levert geen inhoudelijke verbeteringen op, integendeel.

De eb-fractie stoort zich aan het feit dat dit college wel steeds met ondernemers overleg voert, maar niet met de omwonenden spreekt. Ook de vorige keer is vergeten contact op te nemen met de bewoners van het betrokken gebied. Volgens wethouder Van Doornik zullen ondernemers, middenstanders en burgers bij de plannenmakerij en de uitvoering daarvan worden betrokken, maar niet aangegeven is op welke wijze de burgers bij één en ander worden ingeschakeld.

Volgens mevrouw Dekker blijft de gemeente binnen het indertijd door de raad beschikbaar gestelde krediet. Als het subsidiebedrag van f 700.000,-- niet naar het kernwinkelgebied zou zijn overgeheveld, was een aanzienlijk tekort ontstaan.

Tot slot. Het is een ernstige zaak dat de bewoners van Enkhuizen straks met een afgesloten Melkmarkt zullen worden opgescheept.

De heer De Geus
(rpf/sgp) had graag gezien dat nu alles in gang kon worden gezet om tot de proefafsluiting van de Melkmarkt te komen. Helaas is dat onmogelijk, want eerst moet, zoals is afgesproken, de nulmeting worden uitgevoerd. De plannen van de fracties van de pvda en de vvd beginnen zo langzamerhand aardig stoffig te worden! Jammer dat het allemaal zo lang moet duren, het zij zo. Voor het overige wil spreker omwille van de tijd volstaan met naar de opmerkingen van de heer Boland te verwijzen.

Samenvattend: de fractie van de rpf/sgp stemt in met de stukken zoals die nu op tafel liggen.

De heer Wiersma
(cda) toont zich ingenomen met het feit dat weer afspraken met ondernemers kunnen worden gemaakt, hoe die worden genoemd is van minder belang. Het overleg met ondernemers dient trouwens op een structurele basis plaats te vinden, dus niet alleen wanneer zaken scheef dreigen te lopen.

Ten aanzien van de proefafsluiting moet het gemeentebestuur goed in de gaten houden wat daarmee ooit is beoogd en welke randvoorwaarden daarbij van toepassing zijn.

De afsluiting moet voor

* de ondernemers/bedrijven voordeel opleveren;
* zowel toeristen als inwoners aantrekkelijk zijn;
* omwonenden/inwoners geen al te nadelige effecten tot gevolg hebben.

Aan de hand hiervan is het betrekkelijk eenvoudig een nulmeting op te zetten en daarover met ondernemers en raad tot overeenstemming te komen. Eén en ander zal heel snel op de agenda van een raadscommissie moeten komen.

Mevrouw Dangermond-Hilderink
(vvd) roert de volgende punten aan.

* Op de vraag of het convenant nog steeds van kracht is, heeft de wethouder niet geantwoord.

* De uitspraak over het bedrag van f 700.000,-- is prima weerlegd.
* Met betrekking tot de gewijzigde naam van het stuk en de afsprakenlijst geldt dat de verschillende onderdelen in de commissie aan de orde moeten komen.

* Als (wijzigings)voorstellen worden gedaan, moeten die vooraf duidelijk worden aangegeven. Vermeden dient te worden dat tijdens een vergadering allerlei veranderingen in beeld komen.
* De vvd-fractie is vóór een nulmeting. Bij de waarschijnlijk in het najaar te houden evaluatie moeten de al of niet stoffige plannen van de fracties van de pvda en de vvd worden betrokken.
* De heer Lok vreest dat de proef zelfs niet in het jaar 2002 zal kunnen worden genomen. De fractie van de vvd deelt die opvatting.

Wethouder Van Doornik
(cda) ondersteunt de door meerderen gedane uitspraak dat wat nu voorligt een goede basis is om aan de slag te gaan. Uiteraard zullen de burgers bij de uitvoering worden betrokken, maar hoe dat in het vat zal worden gegoten, is een punt van overleg in de raadscommissie; de commissie zal immers ook regelmatig worden geconsulteerd en geïnformeerd. Het gaat er om dat een zo groot mogelijk draagvlak voor de beoogde maatregelen wordt gecreëerd.

De heer Lok heeft zich wat sceptisch uitgelaten en daarbij naar het verleden verwezen. Spreker kan niet anders dan herhalen dat uit de gesprekken met de ondernemersorganisaties duidelijk is gebleken dat ook die de intentie hebben om gezamenlijk met de gemeente de zaken succesvol te laten verlopen. Dat zal wel veel overleg kosten, zowel tussen de besturen van de ondernemersorganisaties en hun achterban alsook tussen het college en de raadscommissies.

De voorzitter
: Aan het adres van mevrouw Dangermond kan worden gemeld dat na de aanvaarding van dit raadsvoorstel het convenant van tafel is.

Voor de goede orde wijst spreker erop dat het voorliggende ontwerpbesluit inmiddels is gewijzigd.


- De punten 2 tot en met 5 zijn gehandhaafd.
- De punten 1 en 6 zijn nu als volgt geredigeerd.

1. In te stemmen met de afsprakenlijst van het overleg d.d. 12 december 2000;
6. De aanvullende lasten voor het afhechten van het gebied Kornalijnslijper (jaarlast f 70.000,--), en de overige lasten voor het aanlichten van de Westerkerk (jaarlast f 20.000,--), te betrekken bij het beleidsprogramma 2002;


- Toegevoegd is een punt 7 luidende:

7. Inzake het verstrekken van een financiële bijdrage aan de evenementenpot zal het college in het kader van het beleidsprogramma een apart voorstel aan de gemeenteraad voorleggen.

Zonder hoofdelijke stemming wordt vervolgens het voorstel van burgemeester en wethouders overeenkomstig het gewijzigde ontwerpbesluit aanvaard, onder aantekening dat de fractie van Enkhuizer Belang geacht wil worden tegen de punten 1, 6 en 7 te hebben gestemd en onder aantekening dat de fractie van Verenigd Links/groenlinks geacht wil worden tegen punt 1 te hebben gestemd.


11. Verkoop Kade 25.

(Voorstel nummer 046, 2001.)

De heer Tesselaar
(eb) beargumenteert waarom de fractie van Enkhuizer Belang tégen het onderhavige raadsvoorstel is.

* De gewenste openbare toiletgelegenheid wordt niet gerealiseerd.
* In de toekomst zullen de havens hetzij intern hetzij extern worden verzelfstandigd.

* Niet bekend is wat met de Oosterhaven zal gebeuren.
Allemaal goede redenen om de loods voorlopig niet van de hand te doen.

Mevrouw Dangermond-Hilderink
(vvd) beklemtoont dat ook de fractie van de vvd niet met dit collegevoorstel instemt, en wel op grond van de overwegingen die burgemeester en wethouders zèlf hebben opgeschreven, te weten de strategische waarde van de loods, de preferente positie als koper en de mogelijkheid tot het realiseren van toiletvoorzieningen. Ook zouden fietsen in de loods kunnen worden gestald. Tevens moet worden gedacht aan de op handen zijnde privatisering/verzelfstandiging van de havens.

De heer Lok
(vl/gl) stemt wèl met het raadsstuk in. De fractie van Verenigd Links/groenlinks maakt hierbij de kanttekening dat zij teleurgesteld is over het feit dat geen publieke toiletvoorziening is gerealiseerd; die gold bij de aankoop van de loods nota bene als randvoorwaarde. In aansluiting hierop vraagt de fractie of op korte termijn een inventarisatie kan worden gemaakt van de in de binnenstad aanwezige openbare toiletvoorzieningen die toegankelijk zijn voor met name vrouwen, ouderen en minder validen. De indruk bestaat dat voor deze categorieën veel ontbreekt.

De heer Boland
(d66) vermeldt dat dit agendapunt in de op 6 december 2000 gehouden vergadering werd teruggenomen, omdat onduidelijkheid bestond over de fietsenberging voor de bewoners van de huisjes van de Enkhuizer Zeevaartschool. Over de gevonden oplossing hebben hem twee verschillende signalen bereikt. Kennelijk heeft de wethouder op enig moment gezegd dat de steeg aan de Enkhuizer Zeevaartschool zal worden verkocht en met dit voornemen heeft het schoolbestuur ingestemd. Nadien zou tijdens een informeel contact met de Enkhuizer Zeevaartschool zijn gezegd dat in plaats van verkoop misschien voor verhuur zal worden gekozen. Dan ontstaat echter een geheel andere, onzekere situatie.

De heer De Geus
(rpf/sgp) volstaat met de mededeling dat de heer Boland reeds het heikele punt verwoordde dat ook de rpf/sgp-fractie onder de aandacht had willen brengen.

Wethouder Van Doornik
(cda) belicht dat met betrekking tot de steeg is afgesproken dat die een openbare functie krijgt en dus door de Zeevaartschool kan worden gebruikt. De steeg wordt niet verkocht, wel zal met de Zeevaartschool een gebruiksovereenkomst worden gesloten.

De heer Boland
(d66) bevreemdt dat, hij heeft geheel àndere informatie gekregen. Overigens is het merkwaardig dat in de stukken niets over een te sluiten gebruiksovereenkomst is te vinden. Wel is duidelijk geworden dat de Compagnieshaven wil beslissen wat de Zeevaartschool al dan niet mag toekomen met de uitdrukkelijke claim dat in de toekomst te kunnen overnemen!

De voorzitter
: Het college neemt raadsvoorstel nummer 046 terug!


12. Kredietaanvraag bezwarenafhandeling tweede tijdvak Waardering Onroerende Zaken.

(Voorstel nummer 052, 2001.)

De heer Boland
(d66) bepleit in de te sluiten overeenkomst een kwaliteitseis op te nemen. Het is te gek voor woorden dat, wanneer onvoldoende taxaties worden verricht, een aanvullend krediet moet worden verstrekt om de zaak recht te trekken. Daarbij komt nog dat in de binnenstad veel onrust is ontstaan met als mogelijk gevolg dat wel eens heel veel bezwaarschriften kunnen binnenkomen. Kort en goed: de d66-fractie wil voorkomen dat later opnieuw een krediet moet worden gevoteerd, omdat in eerste instantie te veel fouten zijn gemaakt.

Wethouder mevrouw Dekker
(pvda): Toegezegd.

Zonder hoofdelijke stemming wordt, met inachtneming van de gedane toezegging, vervolgens het voorstel van burgemeester en wethouders overeenkomstig het aangeboden ontwerpbesluit aanvaard.


13. Aankoop gedeelte van het wijkgebouw `De Witte Duif'.
(Voorstel nummer 057, 2001.)

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt het voorstel van burgemeester en wethouders overeenkomstig het aangeboden ontwerpbesluit aanvaard.

13a. Motie gemeente Alkemade (mond- en klauwzeer).

De heer Bode
(pvda) onderstreept de zorg die uit de motie van de gemeenteraad van Alkemade spreekt. Het stuk wekt de indruk het beleid van de minister van lnv te ondersteunen, te weten op eu-niveau een discussie openen over maatregelen die preventief enten mogelijk moeten maken. Los daarvan meent de pvda-fractie dat het enten van niet voor de export bestemde dieren in wildparken, dierentuinen enzovoort op grond van de huidige regels tot de mogelijkheden moet behoren. Mocht de motie de bedoeling hebben onmiddellijk tot preventief enten over te gaan om mond- en klauwzeer te voorkomen, dan kan de fractie haar steun niet geven.

De voorzitter
: Dat wordt lastig, zeker als àlle Nederlandse gemeenten dergelijke genuanceerde standpunten innemen. Steunt de pvda-fractie de motie of niet?

De heer Van der Veen
(pvda) vertolkt het volgende standpunt. Alhoewel de motie sympathiek overkomt, zal zijn fractie daaraan geen adhesie betuigen. Minister Brinkhorst is immers al met een bepaalde boodschap naar Brussel gegaan.

De heer Rieuwerts
(vl/gl) zet uiteen dat de fractie van Verenigd Links/groenlinks de motie kan steunen, indien die de intentie heeft adhesie te betuigen aan de pogingen van de minister in overleg met Brussel tot een Europees inentingsbeleid te komen. Als achter de motie de gedachte zit Nederland in een bijzondere positie te plaatsen of te isoleren door als enig Europees land tot preventief enten over te gaan om de mkz-crisis onder controle te krijgen, zal sprekers fractie daaraan geen steun geven.

De voorzitter
betwijfelt of de motie anders kan worden uitgelegd dan een oproep nu tot preventief enten te besluiten. De fractie van de pvda heeft weliswaar sympathie voor die gedachte, maar wijst erop dat alleen maatregelen op Europees niveau succesvol kunnen zijn. Daarover wordt in de motie niet gesproken en daarom steunt zij die niet.

De heer Rieuwerts
(vl/gl): Deze opvatting wordt door de vl/gl-fractie onderschreven.

De heer Boland
(d66) onthoudt eveneens zijn steun aan de motie. Het kabinet, met minister Brinkhorst voorop, doet diens uiterste best en pakt op een uitstekende wijze alle signalen uit de samenleving op. Daarop behoeft deze raad geen invloed uit te oefenen.

De heer Hart
(eb) ontkent niet dat de motie hem zeker aanspreekt, maar aangezien die zich tot maatregelen in Nederland beperkt en niet met het standpunt van de bewindsman in overeenstemming is, wijst de fractie van Enkhuizer Belang haar af.

De heer De Geus
(rpf/sgp) beperkt zich tot de mededeling dat ook zijn fractie de motie niet kan steunen. De motie is gericht op de situatie in de gemeente Alkemade. Mocht daar preventief worden geënt, dan zou dat voor geheel Nederland gelden met alle gevolgen van dien.

De heer Wiersma
(cda): Idem.

Mevrouw Dangermond-Hilderink
(vvd) baseert haar afwijzing van de motie op het overleg van minister Brinkhorst met dienst Duitse collega Renate Künast.

De voorzitter
concludeert dat de motie veel sympathie ontmoet, maar volgens deze raad niet de goede weg aangeeft om de mkz-problematiek tot een oplossing te brengen. In deze zin zal een antwoordbrief naar de gemeenteraad van Alkemade worden gestuurd.

15. Rondvraag.

·
De heer Bode (pvda) verlangt dat degenen die bezwaar hebben gemaakt tegen een opgelegde ozb-aanslag binnen zes weken bericht van ontvangst krijgen, want ná die termijn worden bezwaarschriften niet ontvankelijk verklaard. Met andere woorden: de betrokkenen moeten bìnnen die termijn de zekerheid hebben verkregen dat hun bezwaarschrift bij de gemeente is ontvangen. Wethouder mevrouw Dekker
(pvda) noteert deze opmerking en belooft dit punt morgen onder de aandacht van de betrokken afdeling te zullen brengen. ·
De heer Jans (eb) grijpt de rondvraag aan om te melden dat in de afgelopen week bij het Koperwiekplein een oudere dame van haar tasje is beroofd. De in die omgeving wonende ouderen en ook jongeren voelen zich niet meer helemaal veilig vanwege de aanwezigheid van een hanggroep. Welke maatregelen zijn of worden genomen om de situatie te verbeteren?

De voorzitter
noemt de volgende maatregelen.

* De jongerenwerker, de heer Severijns, is bezig met het in kaart brengen van de problematiek en geeft daaraan een hoge prioriteit.
* De firma Deen heeft in overleg met de andere winkeliers voor bewaking gezorgd. Daarover heeft een afstemming met de politie plaatsgevonden.

* In goed overleg met de heer Severijns bekijkt een politieagent alle meldingen en incidenten. Spreker wordt hierover wekelijks gerapporteerd.

* Met de ambtelijke medewerk(st)ers is afgesproken dat ten aanzien van de hanggroepenproblematiek in algemene zin een scenario/protocol zal worden opgesteld dat in voorkomende gevallen onmiddellijk kan worden toegepast. Met betrekking tot deze materie zal een collegevoorstel worden geformuleerd.

Tot slot moet erop worden gewezen dat het wat vervallen winkelcentrum aan het Koperwiekplein momenteel een slechte uitstraling heeft. De voorgenomen opwaardering zal er hopelijk mede aan bijdragen dat een aanzienlijk betere situatie ontstaat.

·
De heer Hæntjens (vvd) benut deze gelegenheid om eraan te herinneren dat de brief van mevrouw Reder over de veiligheid in de havens is doorgeschoven naar de havenadviesgroep. Hopelijk kan wethouder Dol iets over taak, functie en werkwijze van die instantie vertellen. Ook hoort de vvd-fractie graag of en, zo ja, hoe de havenadviesgroep en haar werkzaamheden in het procedurele traject worden ingepast en of raadsleden welkom zijn bij de installatievergadering die morgen zal plaatsvinden.

De voorzitter
reageert met eraan te herinneren dat over de bedoelde brief aan het begin van deze vergadering een afspraak is gemaakt.

Wethouder Dol
(vl/gl) plaatst de opmerking dat raadsleden vanzelfsprekend welkom zijn bij de installatie van de havenadviesgroep. Overigens is de positie van de havenadviesgroep in de raadscommissie uitvoerig toegelicht. De havenadviesgroep adviseert niet aan de raad maar de wethouder die met havenzaken is belast. In dezen kan een vergelijking worden gemaakt met de wijze waarop de milieuadviesgroep opereert.

·
De voorzitter ontving van de huishoudelijke dienst het verzoek de grijze mappen die voor elke raadsvergadering op ieders plaats aan de raadstafel worden gelegd niet meer te gebruiken. Spreker stelt voor aan dit verzoek gehoor te geven, omdat vrijwel niemand zijn/haar map gebruikt; hoogstens wordt daaruit een stembriefje gepakt.

Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad vervolgens dienovereenkomstig.

De rondvraag wordt gesloten.

De voorzitter
schorst hierna de openbare vergadering.

(Tijdens de schorsing behandelt de raad in besloten zitting de agendapunten 14, 14a en 14b.)

De voorzitter
heropent de openbare vergadering en stelt agendapunt 14 aan de orde.


14. Bezwaarschrift H.R. Bontekoe.

(Voorstel nummer 26, 2001.)

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt het voorstel van burgemeester en wethouders overeenkomstig het aangeboden ontwerpbesluit aanvaard.

16. Sluiting.

De voorzitter
sluit onder dankzegging voor ieders aanwezigheid de vergadering en wenst eenieder wel thuis toe (23.55 uur).

Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad

der gemeente Enkhuizen op dinsdag 8 mei 2001.

De secretaris, De voorzitter,

(J.J.J. van Huffelen) (drs. S.P.M. de Vreeze)

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie