Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Staten zijn verantwoordelijk voor bescherming mensenrechten

Datum nieuwsfeit: 29-05-2001
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Amnesty International

Persbericht Amsterdam, 29-05-2001

Nederland
Staten zijn de eerst verantwoordelijken voor de bescherming van mensenrechten. - Amnesty International Jaarboek 2001 belicht schendingen van mensenrechten in 149 landen.

Hoe kunnen staten verantwoordelijk worden gehouden voor hun handelwijze op mensenrechtengebied? Dat is de centrale vraag die Amnesty International dagelijks moet beantwoorden, in een wereld waarin globalisering veel natiestaten lijkt te ondermijnen en armoede boven aan de mensenrechtenagenda plaatst. Aldus Amnesty International vandaag bij het verschijnen van haar Jaarboek 2001, in de week dat de organisatie 40 jaar bestaat.

De uitdaging voor Amnesty International blijft om staten aan te spreken op hun verantwoordelijkheid om mensenrechten te beschermen. Het debat concentreren op de macht en verplichtingen van regeringen betekent niet dat Amnesty International de verantwoordelijkheid van anderen veronachtzaamt. Amnesty International vindt dat regeringen de macht hebben om mensenrechten te beschermen, indien de politieke wil aanwezig is.

Veel staten beweren ten onrechte dat ze gedwongen zijn om een economisch beleid uit te voeren dat sociale, economische en culturele rechten ondermijnt. Amnesty International stelt dat regeringen veel meer kunnen doen en zouden moeten doen: zij kunnen er voor zorgen dat werknemers beschermd worden tegen de ergste vormen van uitbuiting; zij kunnen corruptie die de democratische rechtsorde uitholt, aanpakken; zij kunnen straffeloosheid bestrijden; zij kunnen aanvallen op mensenrechtenactivisten aanpakken en zij moeten hun mensenrechtenverplichtingen nakomen.

Naast de voortdurende gerichtheid op aansprakelijkheid van regeringen levert globalisering nieuwe uitdagingen op. Deze hebben Amnesty International gestimuleerd haar werk uit te breiden, met het opstellen van een mensenrechtenagenda binnen het bedrijfsleven. Door multinationale bedrijven hiermee te confronteren en er op aan te dringen dat bedrijven de mensenrechten moeten beschermen, speciaal die bedrijven die actief zijn in landen waar de mensenrechten massaal geschonden worden. Ook veel Nederlandse bedrijven hebben inmiddels de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens als norm in hun gedragscodes opgenomen, aldus directeur Adri Kemps van Amnesty International Nederland.

Het afgelopen jaar heeft Amnesty International wereldwijd intensief gelobbyd voor effectieve maatregelen om te voorkomen dat conflictdiamanten uit Sierra Leone de internationale markten bereiken. Daarnaast riep de organisatie oliemaatschappijen die actief zijn in Soedan op om de mensenrechten aan te kaarten bij de Soedanese regering en maatregelen te nemen om de mensenrechten te beschermen tijdens hun werkzaamheden.

Mensenrechtenschendingen wereldwijd

In het Jaarboek 2001 documenteert Amnesty International mensenrechtenschendingen die in het jaar 2000 in 149 landen plaats vonden. Deze mensenrechtenschendingen worden niet alleen begaan door overheidsvertegenwoordigers, gewapende oppositiegroepen en paramilitairen, maar ook door werkgevers, familieleden en gewone burgers


- Buitengerechtelijke executies kwamen voor in 61 landen;

- De doodstraf werd ten minste 1457 keer voltrokken en 3058 keer uitgesproken in 28 landen;


- Er zijn gewetensgevangenen in tenminste 63 landen;

- Marteling en mishandeling komt voor in 125 landen;

-Verdwijningen vinden plaats in 30 landen;


- In 72 landen werden mensen willekeurig gearresteerd of gevangen gehouden of

gevangen gehouden zonder aanklacht of proces;

Waarschijnlijk zijn de werkelijke aantallen nog veel hoger.

Regionale aandachtspunten

Afrika- Voortdurende gewapende en etnische conflicten zorgen in veel landen voor grootschalige mensenrechtenschendingen. In Burundi, Guinee, Liberia, Sierra Leone, Angola, de Democratische Republiek Congo (DRC) en Soedan, resulteerde oorlog in het op grote schaal vermoorden, verkrachten, martelen en laten verdwijnen van burgers en een massale vluchtelingenstromen. Zowel regeringen als oppositiegroepen waren verantwoordelijk voor de buitengerechtelijke executie van tegenstanders en burgers.

Gedurende het jaar 2000 ontving Amnesty International veel informatie over marteling en mishandeling uit ten minste 32 landen. Het patroon dat naar voren komt is er een van martelen als routine door veiligheidspersoneel, waarbij regeringen zich afzijdig houden. In landen als Kameroen, Liberia en Soedan werden criminele verdachten gemarteld, vaak gedurende langere periodes en vaak resulterend in dood in gevangenschap.

Het om politieke redenen lastigvallen van tegenstanders vond plaats in Kenia, Tanzania, Kameroen, Togo, Liberia, Burkina Faso en Zimbabwe. Vertegenwoordigers van de overheid gebruikten hun positie om de vrijheid van meningsuiting en van vereniging ernstig te ondermijnen.

In Nigeria leidde de introductie van de Sharia in veel noordelijke staten tot lijfstraffen voor overtredingen als diefstal, de consumptie van alcohol, gokken en seksuele misdrijven.

Hoewel veel daders van mensenrechtenschendingen nog steeds aan gerechtelijke vervolging ontsnappen, stelde de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties een speciaal Hof voor Sierra Leone in. Amnesty International ziet dergelijke maatregel als een belangrijke stap om straffeloosheid tijdens gewapende conflicten te beëindigen.

Amerika- De mensenrechtensituatie blijft zorgelijk in veel landen. Straffeloosheid is wijdverbreid op het hele continent.

In Colombia leidde het voortdurende gewapende conflict tot een verdieping van de mensenrechtencrisis, met meer dan 4000 politieke moorden, ruim 300 verdwijningen en ongeveer 300.000 binnenlandse vluchtelingen. De meeste slachtoffers zijn burgers.

In Brazilië, Mexico, de Bahamas, Jamaica, Saint Lucia, Trinidad and Tobago, Guyana, Venezuela, Ecuador, Chili, Peru, Paraguay en Belize kwam marteling en mishandeling door leger en politie en gevangenisbewakers veelvuldig voor.

Schietpartijen door het veiligheidsapparaat in verdachte omstandigheden en het gebruik van buitensporig geweld in de dood resulterend, kwamen voor in Jamaica, Argentinië, Brazilië, de Dominicaanse Republiek, de Verenigde Staten, Bolivia en Venezuela.

Hoewel de meeste landen in de regio de doodstraf afgeschaft hebben, vonden er executies plaats op de Bahamas, in Guatemala en de Verenigde Staten. In de Verenigde Staten werden in het afgelopen jaar 85 mensen ter dood gebracht, waaronder mensen onder de 18 jaar en mensen met een heel laag IQ. In Barbados, Belize, Cuba, Grenada, Guatemala, Guyana, Jamaica, St. Lucia en Trinidad en Tobago wachten mensen op voltrekking van hun doodvonnis.

Azië- De toenemende intolerantie ten opzichte van religieuze en etnische minderheden heeft geleid tot ernstige
mensenrechtenschendingen in Azië. Deze intolerantie uitte zich het duidelijkst via de voortdurende burgeroorlogen, coups, religieuze onderdrukking, etnische onrust, martelingen en de wrede behandeling van asielzoekers.

In China ging de campagne tegen religieuze groepen en etnische minderheden door. Honderden volgelingen van religieuze of spirituele bewegingen werden gearresteerd en gemarteld. Ten minste 93 Falan Gong volgelingen zijn waarschijnlijk omgekomen in gevangenschap, terwijl honderden monniken en nonnen in detentie in Tibet zitten. Tevens werden meer dan 1000 mensen geëxecuteerd.

Het eerste volledige jaar van de democratisch gekozen regering in Indonesië zag een achteruitgang in de mensenrechtensituatie, terwijl de hervormingen vrijwel tot stilstand zijn gekomen. Onderdrukking van de pro-onafhankelijkheidsbewegingen in Atjeh en Papua leidde tot een toename van verdwijningen, marteling en politieke moorden. De Indonesische regering slaagde er niet in honderden doden op de Molukken te voorkomen, tijdens de gevechten tussen Christenen en Moslims.

Speciaal vrouwen zijn in Zuid-Azie kwetsbaar gebleken voor marteling, waaronder verkrachting, zowel thuis als in hun directe omgeving en in gevangenschap. In Pakistan vonden opnieuw eremoorden plaats, terwijl in India vrouwen gedood werden in verband met de betaling van hun bruidschat.

Europa- Marteling en mishandeling door de politie blijft de meest voorkomende vorm van mensenrechtenschending in Europa.

Slachtoffers, meestal afkomstig uit minderheidsgroepen, rapporteerden dat mishandeling en marteling meestal gepaard ging met racistisch taalgebruik. Mishandeling met racistisch taalgebruik door overheidsvertegenwoordigers kwam voor in België, Bosnië, Bulgarije, Frankrijk, Duitsland, Italië, Spanje, Zwitserland en Slowakije. Daarnaast kwam mishandeling voor in Albanië, Wit Rusland, Tsjechië de Russische Federatie en Kazakstan.

Vluchtelingen en asielzoekers blijven een doelwit van misbruik. In België en Zwitserland werden asielzoekers mishandeld tijdens hun gedwongen uitzetting. In België gebeurde dit tevens in detentiecentra voor vreemdelingen

In Kosovo werden minderheidsgroepen als Serven, Roma en Slavische moslims het slachtoffer van geweld. UNMIK en KFOR slaagden er niet in ervoor te zorgen dat internationale mensenrechtenstandaarden gerespecteerd werden. In Tsjetsjenië waren burgers, waaronder medisch personeel, het slachtoffer van de Russische strijdkrachten, hoewel de Russische autoriteiten claimden dat de situatie zich gestabiliseerd heeft. In Moskou werden Tsjetsjenen gemarteld en mishandeld.

Een positieve ontwikkeling is dat Georgië, Albanië, Polen en de Oekraïne de doodstraf afgeschaft hebben. Rusland, Joegoslavië en Turkije deden dat helaas nog niet, maar handhaafden hun moratorium op de uitvoering.

Midden Oosten- Gedurende 2000 vonden wijdverbreide mensenrechtenschendingen plaats in een groot deel van het Midden Oosten en Noord Afrika, waaronder buitengerechtelijke executies, marteling en oneerlijke processen. Vrijheid van meningsuiting en van vereniging staan nog steeds onder druk. Slachtoffers van mensenrechtenschendingen wachten nog steeds op stappen om de verantwoordelijken voor mensenrechtenschendingen uit het verleden voor de rechter te brengen.

Meer dan 350 Palestijnen, waaronder bijna 100 kinderen werden gedood, veelal door buitensporig dodelijk geweld door de Israëlische veiligheidstroepen. Meer dan 60 Israëlis, waaronder meer dan 30 burgers, werden gedood door gewapende Palestijnse groepen en individuen. Honderden mensen, voornamelijk Palestijnen uit Israël en de Bezette Gebieden, werden om politieke redenen gearresteerd, meestal in verband met het gooien van stenen tijdens demonstraties. Onder de Palestijnse Autoriteit werden ten minste 25 gewetensgevangenen kort gedetineerd, meestal wegens kritiek op de Palestijnse Autoriteit. Meer dan 200 mensen zitten nog steeds gevangen zonder aanklacht of proces, op beschuldiging van collaboratie met Israël.

In Iran werden tenminste 75 mensen geëxecuteerd. Vrijheid van meningsuiting en van vereniging staan erg onder druk, met als gevolg willekeurige arrestaties en gevangen neming van journalisten en intellectuelen. Grote groepen politieke gevangen, veroordeeld na oneerlijke processen in voorgaande jaren en studenten gevangengenomen na demonstraties, bleven gevangen.,

Amnesty International afdeling Nederland

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie