Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Trilaterale Regeringsconferentie over de Waddenzee

Datum nieuwsfeit: 31-10-2001
Vindplaats van dit bericht
Bron: Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018
2500 EA Den Haag
uw brief van

uw kenmerk

ons kenmerk
DNO. 2001/3992
datum
25-09-2001

onderwerp
Trilaterale Regeringsconferentie over de Waddenzee te Esbjerg, oktober 2001
TRC 2001/9475 doorkiesnummer

bijlagen
2

Geachte Voorzitter,

Op 31 oktober 2001 wordt in Esbjerg, onder Deens voorzitterschap, de negende Regeringsconferentie over de Waddenzee gehouden. Omdat reeds eerder een dergelijke conferentie plaats vond in Esbjerg (1991) wordt de komende conferentie wel aangeduid als Esbjerg II. In mijn brief van 27 maart 2001 heb ik u op de hoogte gebracht van de voor-bereiding ervan en u mededeling gedaan van de voortgang in de uitvoering van de op de achtste conferentie te Stade gemaakte afspraken. In genoemde brief kondigde ik aan u het concept van de ministeriële verklaring tijdig toe te zullen zenden, hetgeen ik bij deze doe (concept 6). De in de verklaring genoemde bijlagen zijn nog niet beschikbaar. Tevens is bijgevoegd de executive summary van het Beleidsevaluatierapport (in het Engels, Policy Assessment Report). In dit rapport is een integrale analyse gemaakt van de status van de Waddenzee en de implementatie van de Stade Verklaring respectievelijk het Trilaterale Waddenzee Plan. Het rapport maakt gebruik van de trilaterale voortgangsrapportage (Joint Progress Report) en van het Quality Status Report 1999. U zult begrijpen dat de ministeriële verklaring en het Beleidsevaluatierapport de komende weken nog aan veranderingen onderhevig zullen zijn.

datum
25-09-2001

kenmerk
DNO. 2001/3992

bijlage

Consultaties en bestuurlijk overleg
Om bouwstenen voor de Nederlandse inbreng te verzamelen en om hier draagvlak voor te verkrijgen hebben - in drie rondes - ruim 30 consultaties plaatsgevonden in de regio. Hierbij werd overlegd met bewoners op de eilanden en met vele belangenorganisaties. Ook in september vindt nog een consultatieronde plaats om duidelijk te maken waarmee Nederland naar Esbjerg gaat. Daarnaast vonden enkele (bestuurlijke) overleggen over de Nederlandse inbreng plaats met de Waddenprovincies en -gemeenten. Van die zijde is instemming betuigd met de thans voorliggende conceptverklaring, met uitzondering van hetgeen is opgenomen over de nominatie van de Waddenzee als Wereld Erfgoed. Later in mijn brief ga ik in op dit voorbehoud.

Concept ministeriële verklaring
Over een groot aantal paragrafen bestaat blijkens het zesde concept inmiddels ambtelijk overeenstemming tussen de drie landen. Paragrafen waar alle drie landen een voorbehoud hebben gemaakt, zijn het resultaat van recent bereikte compromissen, waar men nu in de hoofdsteden formele instemming voor zoekt. Ten aanzien van de paragrafen waarover de drie landen het nog niet eens zijn, wordt de komende weken ambtelijk verder gewerkt. De voornaamste punten voor Esbjerg II zijn de volgende (de paragrafen verwijzen naar de conceptverklaring):

Zeezoogdieren (§26 t/m 30)
In Esbjerg zal het gewijzigde 'Beheersplan voor de zeehond 2002-2006' worden aangenomen. Hiermee wordt het bestaande plan geactualiseerd. Ten behoeve van de Nederlandse inbreng in het plan is een advies benut van het Nederlandse Wetenschappelijk Zeehondenplatform. De hoofdlijn van het zeehondenbeleid blijft dat terughoudend moet worden omgegaan met het opvangen van zieke of verzwakte zeehonden. In het nieuwe beheersplan is aandacht besteed aan ecologische en ethische aspecten verbonden aan de opvang van zeehonden. De meningsverschillen hierover tussen de drie landen zijn opgelost.

Wereld Erfgoed-nominatie van de Waddenzee (§31 t/m 34) In de conceptverklaring staat nu dat zal worden genomineerd. Uit de consultaties en het overleg met provincies en gemeenten blijkt echter dat er nu te weinig draagvlak is om de nominatie door te zetten en tegelijkertijd dat er 'teveel' draagvlak is om de aanmelding volledig af te blazen. De Nederlandse inzet voor de conferentie van Esbjerg is dan ook om niet nu al over de nominatie te beslissen maar na Esbjerg met alle belanghebbenden eerst een beschrijving te maken van het Wereld Erfgoed Waddenzee, waarbij al het plaats-vindend gebruik van de Waddenzee wordt beschreven. Door een dergelijke participatieve aanpak zal het voor iedereen duidelijk worden dat de huidige gebruiksfuncties passen binnen het Wereld Erfgoed, waardoor alsnog meer draagvlak voor de nominatie kan worden verkregen, zodat over enkele jaren nominatie kan volgen. In het overleg met de bestuurlijke partners in het Waddengebied werd deze denklijn ondersteund.

Project Lancewad (§35 t/m 39)
LanceWad staat voor Landschap en cultureel erfgoed van het Waddengebied. In Stade werd afgesproken om hoge prioriteit te geven aan het behouden en ontwikkelen van het cultuurlandschap van het Waddengebied. Dit is uitgewerkt in het project Lancewad door: * het inventariseren en waarderen van het landschap en het cultureel erfgoed;
* het verrichten van onderzoek naar de belevingswaarde van het gebied;
* het doen van voorstellen voor duurzaam behoud, benutting en beheer.

Na overleg met alle relevante belanghebbenden is het project afgesloten. In de concept-verklaring zijn de volgende aanbevelingen van het project overgenomen:
* het beheerst ontwikkelen van het erfgoed;
* het benutten van het erfgoed als kans;
* het betrekken van belanghebbenden in het beheer; * het integreren van beleid en beheer van de natuurlijke en culturele omgeving;
* het vergroten van de bewustwording van het landschap en het culturele erfgoed.

Verdere uitwerking van de aanbevelingen vindt plaats op nationaal niveau.

Scheepsafvalstoffen (§52)
Tijdens vrijwel alle door mij gehouden consultaties is voorgesteld de inzameling van scheepsafvalstoffen gratis te maken en de kosten te verdisconteren in het liggeld in de betreffende haven. In een aantal Waddenzeehavens moet nu nog apart betaald worden wanneer men scheepsafval aanlevert bij de havenontvangstinstallatie. Hierdoor is het verleidelijk het afval op zee te lozen.
Met de inwerkingtreding van een nieuwe EU-richtlijn (directive EU 200/59/EC) over havenontvangstinstallaties zal elk schip in de toekomst een vast bedrag voor de inzameling van afvalstoffen en ladingresten moeten betalen, ongeacht de hoeveelheid aangeboden materiaal. Hiermee wordt het gesignaleerde probleem ondervangen. Het nog in bijgevoegde conceptverklaring staande Nederlandse voorbehoud bij het voorstel is inmiddels vervallen.

Scheepsveiligheid (§53 t/m 58)
Uit de gehouden consultaties komt als grote zorg naar voren de scheepsveiligheid in de Waddenzee. In de conceptverklaring staat als voorstel het vervroegd instellen (uiterlijk per 01-07-2005) van een op land gestationeerd monitoringssysteem voor zeeschepen in de Waddenzee en de aangrenzende Noordzeekustzone op basis van het Automatic Identification System (AIS). De financiële consequenties worden momenteel doorgerekend.

Aanmelding Waddenzee als Particularly Sensitive Sea Area (PSSA) (§59 t/m 62)
De aanmelding als PSSA leidt ertoe dat de Waddenzee op alle zeekaarten als bijzonder gevoelig zeegebied wordt aangeduid. Zeevarenden zullen hiermee terdege rekening houden, mede omdat aanwijzing een strenger vervolgingsbeleid mogelijk maakt. In principe bestaat er ambtelijk overeenstemming met Denemarken en Duitsland over een aanmelding als PSSA. Er is nog geen overeenstemming over de concrete begrenzing van het aan te melden gebied. Ik ga ervan uit dat in ieder geval (delen van) het pkb gebied Waddenzee als PSSA aangemeld gaat/gaan worden.

Communicatie, informatie en inspraak (§63 t/m 69) De conceptverklaring besteedt veel aandacht aan deze aspecten ('public participation') vanuit het besef dat draagvlak essentieel is voor het slagen van het trilaterale Waddenzeebeleid. Belangenorganisaties en bewoners en gebruikers van het gebied worden uitgenodigd actief mee te werken aan de uitvoering van de gemaakte afspraken en hun ervaring en kennis daarbij in te zetten. Dankzij de gevolgde interactieve wijze van voorbereiding van Esbjerg is hiervoor in Nederland reeds een goede basis aanwezig.

Trilateraal monitorings- en evaluatieprogramma (§74 t/m 78) In Stade is een trilateraal monitorings- en evaluatieprogramma overeengekomen. De voortgang van het programma is essentieel voor de beleidsevaluatie. In de concept-verklaring staat dat een operationeel gegevensverwerkingssysteem wordt gecompleteerd en dat het programma verder geoptimaliseerd dient te worden. Bij dit laatste bestaat vanuit Nederland de wens het programma tussentijds te laten evalueren door een onafhankelijke instantie. Duitsland heeft hiermee nog niet ingestemd.

Uitwisseling met Benin (§90)
In het kader van de 'Duurzame ontwikkelingsovereenkomst' tussen Nederland, Benin, Bhutan en Costa Rica heeft Nederland een voorstel ingediend om ervaringen in duurzame ontwikkeling en beheer van wetlands uit te wisselen tussen Benin en de trilaterale samenwerking. Denemarken en Duitsland stemden daarmee in.

Waddenzeeforum (§94)
In de concepttekst van de verklaring wordt de instelling van een Waddenzeeforum aangekondigd, dat zich bezig houdt met het - binnen de randvoorwaarden van het overeengekomen trilaterale Waddenzeebeleid - ontwikkelen van scenario's voor duurzame sociaal-economische ontwikkeling en strategieën voor de uitvoering ervan. Dit voorstel is echter nog volop in discussie, met name ten aanzien van de taak, positie en samenstelling van het forum.

Toekomstige samenwerking (§97)
In het Algemeen Overleg op 20 juni 2001 heeft de Kamer de wens geuit in Esbjerg een stap te zetten in de richting van een conventie of verdrag. De Nederlandse delegatie heeft een voorstel ingediend gericht op versterking van de toekomstige samenwerking. In de voorgestelde tekst van de verklaring worden een conventie respectievelijk de instelling van een Internationaal Park als een mogelijk middel genoemd om die samenwerking te versterken. Denemarken en Duitsland beraden zich op het voorstel.

Relatie met pkb Derde Nota Waddenzee
Naar verwachting ontvangt u in de eerste helft van november 2001 deel 3 van de pkb Derde Nota Waddenzee. Daarin zullen, vanwege het te korte tijdsbestek, de op 31 oktober 2001 gemaakte afspraken in Esbjerg nog niet zijn opgenomen. Daarom zal ik u over die afspraken gelijktijdig met het aanbieden van deel 3 informeren en daarbij aangeven welke afspraken naar de mening van het kabinet alsnog in het aan de Eerste Kamer aan te bieden deel 3A opgenomen dienen te worden.

De staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer
en Visserij,

G.H. Faber

Bijlage:
Ministeriële verklaring (PDF-formaat, 121 Kb)

ZIE HET ORIGINELE BERICHT VOOR OPHALEN VAN PDF-BESTANDEN

Beleidsevaluatierapport (Policy assessment report) (PDF-formaat, 69 Kb)

Reageren

---

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie