Waterschap Vallei & Eem
Drie informatieavonden over inspraak bij dijkverbetering
Waterschappen en rijkswaterstaat starten onderzoek dijkverbetering
Hoe kan de veiligheid van het gebied achter de dijken langs de
zuidelijke randmeren en de Eem voldoende worden gewaarborgd nu de
normen voor de veiligheid zijn aangescherpt? Die vraag staat centraal
bij het onderzoek dat Waterschap Vallei & Eem en hoogheemraadschap
Amstel, Gooi en Vecht in samenwerking met Rijkswaterstaat de komende
twee jaar gaan uitvoeren. Daarbij worden vier mogelijkheden bekeken:
* verbetering van de dijken langs randmeren en Eem;
* een beweegbare kering bij de Stichtse Brug met beperkte
dijkverbetering;
* een beweegbare kering bij de Hollandse Brug met beperkte
dijkverbetering;
* een beweegbare kering in de monding van de Eem met beperkte
dijkverbetering.
Dat staat in de startnotitie die van 13 april tot 10 mei ter inzage
ligt op een aantal plaatsen in het gebied.
Op drie informatieavonden geeft Waterschap Vallei & Eem informatie
over het project en is er gelegenheid tot het stellen van vragen:
* 19 april 2005 in Partycentrum 't Hoogh Landt, Kerklaan 1 in
Hoogland;
* 21 april 2005 in De Mandemaaker, Kerkstraat 103 in Bunschoten;
* 27 april 2005 in Zaal De Deel, Wakkerendijk 162 in Eemnes
Alle informatiebijeenkomsten beginnen om 20.00 uur. De zaal is open
vanaf 19.45 uur.
Strengere normen
De rijksoverheid heeft in 2002 strengere wettelijke normen vastgesteld
voor de dijken langs het Gooimeer, Eemmeer, Nijkerkernauw en de Eem.
Een aantal dijken in het Eemgebied voldoet niet aan de nieuwe eisen.
Vooral bij hevige regenval en een harde noordwestenwind kunnen
problemen ontstaan. De gebieden achter de dijken moeten in 2010
voldoende zijn beschermd tegen overstromingen.
Inspraak
Voor de te treffen maatregelen en de milieugevolgen hiervan moet een
milieueffectrapport (MER) worden opgesteld. De startnotitie is een
eerste stap in het proces om de veiligheid tegen overstromen te
verbeteren. In de startnotitie geven de verantwoordelijke
waterschappen op hoofdlijnen informatie over het probleem en vier
mogelijke oplossingen. Ook wordt in grote lijnen aangegeven welke
milieuaspecten daarbij naar verwachting relevant zullen zijn. Een
ieder kan reageren (inspreken) op de Startnotitie met als doel er voor
te zorgen dat alle relevante milieuaspecten worden meegenomen in het
milieueffectrapport.
Opmerkingen en reacties kan men tot 10 mei 2005 richten aan
gedeputeerde staten van de Provincie Utrecht, Dienst Water en Milieu
t.a.v. mw. T. Buurman, Postbus 80300, 3508 TH Utrecht.
Ter inzage
De startnotitie MER veiligheid Zuidelijke Randmeren ligt in de periode
van 13 april tot en
met 10 mei tijdens openingstijden ter inzage op de volgende plaatsen:
* de bibliotheek van het Provinciehuis van Utrecht, Pythagoraslaan
101 in Utrecht
* de bibliotheek van het Provinciehuis van Noord-Holland, Houtplein
33 in Haarlem
* bij de receptie van het Provinciehuis van Flevoland,
Visarenddreef 1 te Lelystad
* de bibliotheek van het Provinciehuis van Gelderland, Markt 11 in
Arnhem
* bij het kantoor Rijkswaterstaat directie IJsselmeergebied, Albert
Einsteinweg 4 in Lelystad;
* bij Waterschap Vallei & Eem, Fokkerstraat 16 in Leusden;
* bij het hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht, Larenseweg 30 in
Hilversum;
* bij de gemeenten Amersfoort, Bunschoten, Eemnes, Baarn, Soest,
Huizen, Naarden, Muiden, Blaricum, Diemen, Almere, Zeewolde,
Putten, Nijkerk en bij de gemeente Amsterdam (Dienst Milieu en
Bouwtoezicht, Weesperplein 4) en
* op deze internetsite
Milieueffectrapport
Na vaststelling van de startnotitie wordt een Milieueffectrapport
(MER) opgesteld. In dat rapport worden de mogelijke oplossingen om de
veiligheid van de binnendijkse gebieden te verbeteren uitgewerkt. Ook
de effecten van deze oplossingen op de veiligheid, de omgeving en de
kosten komen aan de orde. Met behulp van die rapportage beslissen de
besturen van de drie waterbeheerders uiteindelijk welke maatregelen
worden uitgevoerd. Het is de bedoeling dat het Milieueffectrapport
begin 2007 klaar is.
Belanghebbenden
De startnotitie en het MER worden opgesteld in overleg met de
belanghebbende gemeentes en de provincies Utrecht, Gelderland,
Noord-Holland en Flevoland en Rijkswaterstaat. Milieuorganisaties, het
recreatieschap en vertegenwoordigers van agrariërs hebben zitting in
een adviesgroep. De adviesgroep kan ideeën inbrengen en de
conceptplannen beoordelen. Als de plannen gereed zijn, krijgen alle
belanghebbenden de mogelijkheid te reageren.
Meer informatie
Voor meer informatie over de startnotitie en de
dijkverbeteringsplannen kan men terecht bij P. Neijenhuis,
beleidsmedewerker bij Waterschap Vallei & Eem (tel. 033 - 43 46 212 of
e-mail
pneijenhuis@wve.nl) of mw. T. Buurman van de provincie Utrecht
(tel. 030 - 258 31 68 of e-mail trix.buurman@provincie-utrecht.nl).
Om de Startnotitie opgestuurd te krijgen kan men contact opnemen met
mevr. Karssen van de Provincie Utrecht, tel. 030 - 258 22 28. Ook kan
men daar de nieuwsbrief van Waterschap Vallei & Eem over dit onderwerp
opvragen.
Persbericht 2005/05 d.d. 8 april 2005