Productschap Zuivel


persbericht nieuwjaarsrede 1999


1998: melkveehoudersinkomen op goed niveau in industrie minder collectiviteit

De ontwikkelingen op de zuivelmarkt in 1998 hebben ertoe geleid, dat het gemiddelde inkomen in de melkveehouderij op een goed niveau is gebleven, constateert de heer ir. Gerrit van den Berg, voorzitter van het Productschap Zuivel, in zijn nieuwjaarsrede uitgesproken op 5 januari 1999 in het Kurhaus te Scheveningen.

Voorts constateert hij dat het accent bij de industrie minder gelegd wordt bij de collectiviteit en meer bij de merken. Dit heeft in het afgelopen jaar geleid tot het afschaffen van de Leeuwarder kaasnotering en het afslanken van het Nederlands Zuivelbureau.

In de kaassector is sprake van een trendbreuk. Zowel de productie als de export van kaas zijn het afgelopen jaar duidelijk gedaald. Hierbij speelden met name de economische problemen in Rusland een belangrijke rol. Het resultaat is uiteindelijk een lagere productieomvang en een totale geldopbrengst die ongeveer gelijk is gebleven.

De melkveehouderij blijft investeren in de toekomst. Dit blijkt uit de collectief gefinancierde activiteiten op het gebied van kennis, innovatie en gezondheidszorg alsmede uit de snelle wijze waarop de resultaten hiervan in de dagelijkse praktijk worden toegepast. 1998 is het jaar van de definitieve doorbraak van de melkrobot. Er is constant aandacht voor de gezondheid en het welzijn van de koeien en voor de kwaliteit van de melk.

Op het gebied van milieu en landschap heeft de melkveehouderij veel te bieden. Meer dan 60% van de Nederlandse oppervlakte aan cultuurgrond staat ter beschikking van de melkveehouderij. Het landschap in ons land wordt dus in belangrijke mate vormgegeven door melkveehouders. Dat zij daarbij serieus met het milieu omgaan blijkt uit diverse metingen: bij de mineralenboekhouding blijven de meeste deelnemers onder de verliesnorm, de stikstofuitscheiding is gedaald en de melkveehouderij loopt voorop bij de verlaging van de fosfaatverliezen.

De komst van de Euro is een belangrijke mijlpaal in de ontwikkeling op monetair gebied in de EU, ook voor de landbouw. Sinds het begin van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid zijn er voor de landbouw speciale voorzieningen getroffen op monetair gebied, zoals de groene koersen en de monetaire compenserende bedragen (mcb’s). Per 1 januari jl. zijn de groene koersen bij gelegenheid van de invoering van de Euro afgeschaft. Daardoor is voor de 11 deelnemende lidstaten de zo lang nagestreefde eenheid van prijzen op de gemeenschappelijke markt een feit. Voor de niet-deelnemende lidstaten blijft het omrekeningsprobleem van de gemeenschappelijk prijzen naar nationale valuta vooralsnog bestaan, met dien verstande dat deze omrekening voortaan geschiedt op basis van de marktkoersen.

Hiermee is een belangrijke uitzonderingspositie van de landbouw verdwenen.

In de zuivelsector zijn de grote lijnen in het proces van fusies en herschikking in industrie en handel uitgezet. Twee van de grootste zuivelbedrijven ter wereld hebben ons land als thuisbasis, onze groothandel is dominant op vele markten en onze melkveehouderij blijft tot de absolute top behoren. Ik zie de toekomst voor de ca. 77.000 in de zuivelsector werkzame personen daarom met vertrouwen tegemoet, aldus de voorzitter van het Productschap Zuivel.

Rijswijk, 5 januari 1999

Deel: ' 1998 Melkveehoudersinkomen op goed niveau '




Lees ook