Ministerie van VWS

30 Miljoen voor lokale breedtesport

Maandag 21 juni 1999, persbericht nummer 63

Gemeenten kunnen de komende jaren bij het ministerie van VWS plannen indienen ter versterking van de breedtesport. Voor deze plannen is een bedrag beschikbaar dat oploopt tot 30 miljoen gulden in 2002.

Dit staat in de beleidsbrief breedtesport die staatssecretaris Margo Vliegenthart van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Vliegenthart wil de positie van lokale sportsector versterken.

Sportverenigingen moeten zich meer en meer aanpassen aan de eisen die sporters vandaag de dag stellen. Daarnaast daalt bij bepaalde groepen (bijvoorbeeld 18 tot 24 jaar) de sportdeelname; andere groepen als ouderen en allochtonen zijn bij sportdeelname nog sterk ondervertegenwoordigd. Er doen wel steeds meer ouderen mee. Bovendien zijn er problemen met eisen op het terrein van bijvoorbeeld regelgeving, financieel beheer, milieu, kaderwerving, waarmee sportclubs geconfronteerd worden. De breedtesportimpuls is bedoeld om hen daarbij de helpende hand te bieden. Het geld wordt uitgezet via gemeenten vanwege hun rol bij de lokale sportinfrastructuur.

Voorwaarde bij de plannen van de gemeenten is dat ze betrekking hebben op een integrale verbetering van de breedtesport of van de positie van achterstandsgroepen in de betreffende gemeenten. Met de versterking kan de sport in de toekomst ook meer aangesproken worden op hun maatschappelijke functie in wijk en buurt.

Stimuleringsregeling

In het Regeerakkoord is fors extra geld uitgetrokken voor de sport: een verdubbeling van het sportbudget van het ministerie van VWS. Van dat extra geld komt ongeveer driekwart ten goede aan de breedtesport; de rest gaat naar de topsport.

De tijdelijke stimuleringsregeling die voor gemeenten van kracht wordt, heeft een looptijd van acht jaar. Gemeenten kunnen er drie tot zes jaar gebruik van maken. Voor 1999 kunnen alleen gemeenten met meer dan 50.000 inwoners en provinciale hoofdsteden plannen indienen. Vanaf 2000 geldt de regeling voor alle Nederlandse gemeenten. Het Rijk betaalt in beginsel de helft van de kosten van de plannen; de andere helft moeten gemeenten zelf betalen.

Versterken lokale samenhang breedtesport

Staatssecretaris Vliegenthart wil verder dat er meer wordt samengewerkt tussen de sportaanbieders en sectoren als onderwijs, recreatie, welzijnswerk en gezondheidszorg. Zij doet hiervoor suggesties. Zo kunnen zogenoemde verenigingsmanagers zowel sportverenigingen helpen als lokaal een bijdrage leveren aan werkgelegenheid. De aanstelling van bewegingsconsulenten zou zowel het onderwijs als de verenigingssport ten goede moeten komen. Ook kan worden gedacht aan verenigingstrainers als onderwijsassistent ter ondersteuning van de vakleerkracht. Er moet lokaal meer aandacht komen voor multifunctioneel gebruik van school- en wijkvoorzieningen.

Deel: ' 30 Miljoen voor lokale breedtesport '




Lees ook