Provincie Antwerpen


03/06/2013

58.000 jongeren in de provincie Antwerpen leven onder de armoedegrens

Provincie Antwerpen brengt studie uit over lokale verschillen in kinderarmoede

De Vlaamse overheid vraagt de lokale besturen om mee te werken aan haar beleid inzake armoedebestrijding, met bijzondere aandacht voor de jeugd. Eén op negen kinderen in Vlaanderen leeft immers in een gezin met een inkomen onder de Europese armoededrempel. Maar hoe groot zijn de verschillen tussen gemeenten? De Dienst Welzijn en Gezondheid van de Provincie Antwerpen zocht een antwoord op deze vraag met haar studie 'Kinderen in armoede. Lokale verschillen'.

Peter Bellens, gedeputeerde voor Welzijn en Gezondheid kadert de studie in de hernieuwde opdracht die de Vlaamse overheid inzake Welzijn toebedeelt aan de provincie: "Naast netwerkvorming en onze inzet op creatieve en innovatieve samenwerkingen is het onze taak om lokale besturen te ondersteunen in de ontwikkeling van hun sociaal beleid. We stellen onder andere de sociale kaart ter beschikking, maar daarnaast maken we op onze dienst Welzijn en Gezondheid analyses van statistische gegevens. Die resultaten gieten we in rapporten en stellen we beschikbaar aan de gemeentebesturen."

De statistieken van het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (RIZIV) geven een beeld van het aantal kinderen dat leeft in een gezin met laag inkomen. Dat zijn gezinnen die recht hebben op een verhoogde tegemoetkoming in de ziekteverzekering. Deze statistieken geven een goed idee van het aantal kinderen in een gezin onder de Europese armoedegrens. In Vlaanderen gaat het om 1 op 9 jongeren (0-19 jaar). Van die jongeren wonen er 58.000 in de provincie Antwerpen.

Omdat armoede niet alleen bepaald wordt door een laag inkomen gebruikt de studie voor haar synthese ook indicatoren uit andere bronnen, zoals cijfers van Kind en Gezin (geboortes in kansarme gezinnen), het Vlaams Ministerie van Onderwijs (leerlingen met grote leerachterstand, laaggeschoolde ouders, thuistaal, schooltoelage) en de VDAB (jongvolwassen werkzoekenden met lage scholing). Opvallend is dat de cijfers van Kind en Gezin voor de meeste gemeenten veel lager zijn dan de andere indicatoren.

Opvallend hoge armoedecijfers in Antwerpen en Mechelen De studie toont veel hogere armoedecijfers voor Antwerpen en Mechelen. In die steden lagen de cijfers minstens twee maal hoger dan voor Vlaanderen. Voor Boom en Turnhout lagen de cijfers minstens een derde hoger. Ook voor Lier en voor enkele gemeenten aan de Rupel (Hemiksem, Niel en Willebroek) of in de onmiddellijke rand van Antwerpen (Borsbeek en Zwijndrecht) zijn de armoedecijfers hoger dan voor Vlaanderen. Ook in Herentals, Geel, Mol, Mortsel en Schoten zijn de cijfers aan de hoge kant (top 25% in Vlaanderen).

De betekenis van armoedecijfers
Armoedecijfers alleen zijn niet bepalend voor beleid. We kunnen ons immers afvragen of enkel gemeentes met hoge armoedecijfers maatregelen moeten nemen, of dit een gedeelde verantwoordelijkheid moet zijn. De cijfers geven ook geen evaluatie van het gevoerde beleid. "De invloed van gemeenten op armoede is beperkt. Hogere cijfers kunnen zelfs het gevolg zijn van sociaal beleid, bijvoorbeeld gemeenten die sterk investeren in sociale huisvesting. Cijfers zijn wel belangrijk om de situatie te kennen en hier op in te spelen. Deze provinciale studie kan hiertoe bijdragen.", aldus gedeputeerde Bellens.

Vandaag zal de studie 'Kinderen in armoede. Lokale verschillen' op de provinciale inspiratiedag 'arm in arm tegen armoede' in primeur gepresenteerd worden aan de sector in aanwezigheid van minister Ingrid Lieten.

Benieuwd naar de volledige studie? Je kunt de studie downloaden via deze link.

Deel: ' 58.000 jongeren in de provincie Antwerpen leven onder de armoedegrens '




Lees ook